Regeling Open oproep Cultuureducatie en digitale technologie
gelet op artikel 10, vierde lid, van de Wet op het specifiek cultuurbeleid;
gelet op artikel 4:23, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht;
gelet op het Algemeen Subsidiereglement van het Fonds voor Cultuurparticipatie;
met goedkeuring van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 26 augustus 2026.
besluit:
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1.1. Gebruikte begrippen
In deze open oproep worden onderstaande begrippen gebruikt:
- a. Adviescommissie: Een interne of externe adviescommissie zoals bedoeld in het Huishoudelijk Reglement van het Fonds 2019.
- b. Caribisch deel van het Koninkrijk: De landen Aruba, Curaçao, Sint Maarten en de drie openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
- c. Caribisch Nederland: De drie openbare lichamen van Nederland: Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
- d. Culturele instelling: Een rechtspersoon die zich inzet binnen de cultuursector en ook zo staat ingeschreven bij de desbetreffende Kamer van Koophandel.
- e. Cultuur: Het dynamische geheel van onder andere normen, waarden, tradities, regels, kunst, erfgoed en identiteiten van een volk, gemeenschap of groep. Cultuur ontstaat door sociale en artistieke processen.
- f. Cultuureducatie: Het doelbewust leren over en door middel van cultuur binnen schooltijd.
- g. Programma Cultuureducatie met Kwaliteit: Het programma dat de landelijke kwaliteit van cultuureducatie in het onderwijs waarborgt.
- h. Culturele codes: Code Diversiteit & Inclusie, Fair Practice Code en Governance Code Cultuur.
- i. (Cultureel) erfgoed: Dat wat onze (voor)ouders overgedragen hebben, waarmee wij nu leven en wat we (willen) doorgeven voor toekomstige generaties. Dit kunnen bijvoorbeeld plekken, objecten of tradities zijn. Cultureel erfgoed is meestal onderverdeeld in de vijf domeinen: monumenten, collecties, cultuurlandschap, archeologie en immaterieel erfgoed.
- j. Digitale technologie: het geheel van elektronische systemen, apparaten en toepassingen die informatie verwerken, opslaan en uitwisselen met behulp van digitale (binaire) gegevens. In de context van cultuureducatie is het een creatief en maakbaar middel waarmee leerlingen door experiment en ontwerp de wereld onderzoeken, beïnvloeden en kritisch leren begrijpen.
- k. Digitale geletterdheid: kennis hebben van digitale technologie en digitale media en beschikken over vaardigheden om deze te gebruiken.
- l. Europees deel van Nederland: Nederland, zonder het Caribisch deel van het Koninkrijk.
- m. Fonds: Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie.
- n. Koninkrijk der Nederlanden: Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland, inclusief de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
- o. Materiaalkosten: Kosten voor de aanschaf van materialen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het project.
- p. Materiële investeringen: Kosten voor de aanschaf van materialen voor een project die de aanvrager na dat project nog langere tijd kan gebruiken.
- q. Onderwijs: Het primair onderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs, hoger onderwijs, gespecialiseerd onderwijs en wetenschappelijk onderwijs.
- r. Open oproep: Een subsidie-instrument met een beperkte looptijd, specifiek doel, thema of een specifieke doelgroep.
- s. Penvoerder: Een culturele instelling die voor zichzelf, en in samenwerking met andere (culturele) partners, een subsidieaanvraag indient. Als penvoerder is deze culturele instelling de projectleider en intermediair van het project Cultuureducatie met Kwaliteit.
- t. Professional: Een natuurlijk persoon die (1) ten minste een parttime aanstelling bij een organisatie heeft, (2) vakbekwaam is door afgestudeerd te zijn aan een erkende opleiding, (3) als zelfstandige minimaal drie jaar als ondernemer wordt beschouwd door de Belastingdienst en inschreven staat bij de Kamer van Koophandel of een vergelijkbare organisatie en/of (4) financiering ontvangt van op professionals gerichte instanties zoals rijkscultuurfondsen.
- u. Website van het Fonds: www.cultuurparticipatie.nl
Artikel 1.2. Doel van de regeling
Met deze open oproep stimuleert het Fonds de ontwikkeling van cultuureducatie waarin digitale technologie wordt ingezet als creatief instrument in het onderwijs (PO, VO, GO). De open oproep richt zich op het versterken van de lokale of regionale Cultuureducatie met Kwaliteit (hierna: CmK) infrastructuur door scholen, culturele instellingen en makers te ondersteunen in het gezamenlijk ontwikkelen van cultuureducatie met en over digitale technologie. De projecten vinden plaats in Amsterdam, Caribisch Nederland, Friesland en Noord-Brabant.
Artikel 1.3. Subsidieplafond en indieningstermijn aanvraag
Het subsidieplafond voor deze open oproep is € 500.000,–.
Door middel van een besluit kan het Fonds het subsidieplafond wijzigen.
Door middel van een besluit kan het Fonds het tijdvak voor het indienen van aanvragen en de subsidiehoogte wijzigen.
Een besluit over lid 2 of 3 van dit artikel wordt gepubliceerd in de Staatscourant en op de website van het Fonds.
Aanvragen kunnen worden gedaan vanaf maandag 19 oktober 2026, 15.00 uur tot woensdag 16 december 2026, 15.00 uur. De tijdsaanduiding betreft de tijd die geldt in het Europees deel van Nederland.
Het Fonds kan de in artikel 1.3 vijfde lid genoemde indieningstermijn voortijdig sluiten als het totaalbedrag van de ingediende aanvragen het subsidieplafond ruimschoots overschrijdt.
Artikel 1.4. Drempelcriteria en algemene weigeringsgronden
Op grond van deze regeling wordt alleen subsidie verstrekt als aan de volgende drempelcriteria is voldaan:
- a. De aanvrager is gevestigd in het Koninkrijk der Nederlanden en beschikt over een bankrekening in een van de landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden of de Europese Unie.
- b. De aanvrager verklaart kennis te hebben genomen van de culturele codes en deze te onderschrijven.
- c. Het project of de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd:
- i. wordt op het moment van de aanvraag niet al uitgevoerd;
- ii. start tussen 10 maart 2027 en 10 mei 2027;
- iii. heeft een looptijd van maximaal een jaar.
- d. De aanvraag is voorzien van een getekende intentieverklaring tussen de aanvrager, de penvoerder van de betreffende regio en de samenwerkende school of scholen is ingediend door aanvragers uit Amsterdam, Friesland en Noord-Brabant;
- e. De aanvraag is voorzien van een getekende intentieverklaring tussen de aanvrager en de samenwerkende school of scholen is ingediend door aanvragers uit Caribisch Nederland.
Het Fonds weigert subsidie als:
- a. voor dezelfde activiteiten al subsidie is of zal worden verleend:
- i. door het Fonds;
- ii. door een van de andere Rijkscultuurfondsen;
- iii. op grond van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid; of
- iv. op grond van de Erfgoedwet.
- b. de aanvraag wordt ingediend door een uitgeverij of omroeporganisatie;
- c. de aanvraag wordt ingediend namens een overheidslichaam of semi-overheidslichaam;
- d. de aanvrager al een project heeft gefinancierd door middel van de open oproep.
Het Fonds weigert subsidie aan derden als die werken in opdracht van natuurlijke personen of rechtspersonen die niet in aanmerking komen voor subsidie.
Het Fonds kan subsidie weigeren als de aanvraag niet aansluit bij het doel van de regeling of de doelstellingen van het Fonds.
Artikel 1.5. Subsidiabele kostenposten
Alleen kosten die direct verband houden met de activiteiten of het project komen in aanmerking voor subsidiëring.
Naast de in lid 1 genoemde kosten kan op grond van deze regeling ook subsidie worden verleend aan of voor:
- a. materiële investeringskosten met een maximale hoogte van 10% van het totaal aangevraagde subsidiebedrag voor aanvragers in het Europees deel van Nederland en 20% voor aanvragers in het Caribisch deel van het Koninkrijk van het totaal aangevraagde subsidiebedrag;
- b. kosten voor het omwisselen van valuta die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het project door aanvragers die gevestigd zijn in het Caribisch deel van het Koninkrijk;
- c. kosten voor fondsenwerving met een maximale hoogte van 5% van het totaal aangevraagde subsidiebedrag;
- d. vertaalkosten die de subsidieaanvrager heeft gemaakt voor het opstellen van de aanvraag tot maximaal 5% van het totaal aangevraagde subsidiebedrag;
- e. vacatiegelden voor de leden van de raad van toezicht of de toezichthoudende bestuurders; en
- f. kosten voor deelname aan het kennisdelingstraject zoals bedoeld in artikel 1.8.
Op grond van deze regeling kan geen subsidie worden verleend aan of voor:
- a. een onvoorziene kostenpost op de begroting;
- b. kosten voor leden van de raad van toezicht of de toezichthoudende bestuurders die uitvoerend betrokken zijn bij de activiteit of het project.
Het Fonds verstrekt alleen subsidie als de aanvrager:
- a. aantoont dat er een begrotingstekort is en dat ondersteuning van het Fonds nodig is voor een sluitende begroting;
- b. aannemelijk maakt dat de financiële middelen, samen met de subsidie van het Fonds, voldoende zijn om het project uit te voeren.
Artikel 1.6. Indieningsvereisten voor aanvragen
Aanvragen worden ingediend via een digitaal aanvraagformulier in de online aanvraagomgeving Mijn Fonds, op de website van het Fonds.
Een aanvraag wordt pas in behandeling genomen als het volledig ingevulde aanvraagformulier is ontvangen. Onderdelen van het aanvraagformulier zijn:
- a. informatie over het project;
- b. een planning;
- c. een sluitende begroting. De begroting mag geen tekort of overschot bevatten; en
- d. een intentieverklaring volgens het format zoals aangeboden door het Fonds.
Het Fonds neemt onvolledige aanvragen niet in behandeling totdat de aanvraag volledig is aangevuld. Als het Fonds aanvragers volgens artikel 4:5 Awb in de gelegenheid stelt om onvolledige aanvragen aan te vullen, geldt de datum en het tijdstip waarop de aanvraag compleet is als het moment van ontvangst.
Als aanvragers ervoor kiezen om uit eigen beweging de aanvraag aan te vullen of te wijzigen, geldt de datum en het tijdstip waarop de aanvraag is aangevuld of gewijzigd als het moment van ontvangst.
Artikel 1.7. Beoordeling van aanvragen
Het Fonds:
- a. neemt aanvragen die na de indieningstermijn zijn ingediend niet in behandeling;
- b. beoordeelt de aanvragen op volgorde van ontvangst, met dien verstande dat eerst per aangewezen gebied drie aanvragen worden gehonoreerd. Nadat per gebied drie aanvragen zijn gehonoreerd, worden de overige aanvragen zonder onderscheid naar gebied behandeld op volgorde van binnenkomst, totdat het subsidieplafond is bereikt. Het moment van ontvangst is de datum en het tijdstip waarop de aanvraag voor het laatst is bewerkt; en
- c. beoordeelt de aanvragen overeenkomstig deze regeling. De beoordelingscriteria zijn uitgewerkt in hoofdstuk 2 van deze regeling. De aanvraag moet op alle beoordelingscriteria voldoende scoren om voor subsidieverstrekking in aanmerking te komen.
Aanvragen voor een subsidie tot en met € 25.000 die voldoen aan de drempelcriteria en niet onder de weigeringsgronden vallen, worden door een interne adviescommissie beoordeeld.
Beslist uiterlijk 13 weken na het sluiten van de indieningstermijn op de aanvraag.
Artikel 1.8. Subsidieverplichtingen
Het Fonds verplicht aanvragers deel te nemen aan evaluaties, bijeenkomsten of begeleidingstrajecten die samenhangen met de doelstellingen van de regeling. Door deel te nemen aan deze regeling is de aanvrager zich ervan bewust dat het Fonds gegevens uit de aanvraag en de (eventuele) verantwoording kan gebruiken voor de volgende doeleinden: (i) de beoordeling en uitvoering van de subsidieregeling, (ii) de verantwoording van publieke middelen en (iii) beleidsontwikkeling, kennisdeling en onderzoek naar de werking van de regeling.
Artikel 1.9. Verantwoording en vaststelling
De verantwoording en vaststelling van de subsidie vinden plaats volgens de eisen van de artikelen 25, 26 en 27 van het Algemeen Subsidiereglement.
Bij een subsidie tot en met € 25.000 kan het Fonds subsidieontvangers steekproefsgewijs verzoeken om aan te tonen dat aan de activiteiten en verplichtingen van de subsidie is voldaan.
Subsidie wordt direct vastgesteld.
Hoofdstuk 2. Cultuureducatie en digitale technologie
Artikel 2.1. Wie kan aanvragen
Subsidie op grond van deze open oproep kan alleen worden aangevraagd door een in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigde culturele instelling of professional, niet zijnde een penvoerder voor het programma Cultuureducatie met Kwaliteit. De aanvrager werkt altijd samen met een school of meerdere scholen en de betreffende penvoerder. De aanvrager is gevestigd in Amsterdam, Caribisch Nederland, Friesland of Noord-Brabant.
Artikel 2.2. Waarvoor kan worden aangevraagd?
Subsidie kan worden aangevraagd voor het ontwikkelen en uitvoeren van cultuureducatieve projecten gericht op creatieve en digitale maakprocessen die elkaar wederzijds versterken. Met deze projecten ontwikkelen kinderen en jongeren zich digitaal kritisch en kundig, en artistiek onderzoekend en verbeeldend. De projecten vinden plaats binnen het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en gespecialiseerd onderwijs.
De projecten zijn gekoppeld aan de definitieve conceptkerndoelen kunst & cultuur en digitale geletterdheid. Eventuele benodigde deskundigheidsbevordering van leerkrachten of culturele partners kan ook onderdeel zijn van de aanvraag.
Artikel 2.3. Hoogte van de subsidie
Voor een project in deze open oproep:
- a. kan minimaal € 10.000,– en maximaal € 25.000,– worden aangevraagd; en
- b. bedraagt de subsidie maximaal 100% van de totale projectkosten.
Artikel 2.4. Beoordelingscriteria
Aanvragen worden beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:
- a. inhoudelijke kwaliteit: Het Fonds toetst de inhoudelijke kwaliteit op hoe de inhoud van het plan zich richt op het doel van deze open oproep. Daarnaast beoordeelt het Fonds in hoeverre de activiteiten bijdragen aan zowel ethische, inclusieve, veilige als duurzame vormen van cultuureducatie en digitale technologie. Onder deze vier aspecten wordt verstaan dat in het project sprake is van:
- i. een bewuste en verantwoorde omgang met digitale technologie en de effecten daarvan (ethisch);
- ii. toegankelijkheid voor alle doelgroepen en herkenbare vertegenwoordiging van diverse perspectieven (inclusief);
- iii. een vertrouwde en verantwoorde leeromgeving, zowel sociaal als digitaal (veilig); en
- iv. een gerichtheid op langdurig effect en een verantwoord gebruik van middelen (duurzaam).
- b. organisatorische kwaliteit: Bij de beoordeling van de organisatorische kwaliteit beoordeelt het Fonds
- i. of de aanvraag een plan van aanpak bevat waaruit blijkt hoe de projectdoelstelling(en) worden gerealiseerd.
- ii. of de samenwerkingspartners een samenwerkingsverband hebben gevormd met voldoende slagkracht om het project uit te voeren.
- iii. hoe de uitvoering van het project wordt gemonitord en geëvalueerd.
- iv. of de begroting inzichtelijk, redelijk en realistisch is, en of deze goed aansluit bij de geplande activiteiten.
De aanvraag moet op beide beoordelingscriteria voldoende scoren om voor subsidieverstrekking in aanmerking te komen.
Hoofdstuk 3. Slotbepalingen
Artikel 3.1. Hardheidsclausule
In alle gevallen waarin deze subsidieregeling niet of niet voldoende voorziet, beslist het bestuur van het Fonds.
Het Fonds kan de bepalingen van deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing daarvan voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met die bepalingen te dienen doelen. Afwijking kan alleen in het voordeel van de aanvrager en is slechts mogelijk in bijzondere gevallen waarmee bij het opstellen van deze regeling geen rekening is gehouden.
Artikel 3.2. Inwerkingtreding en vervaldatum
Deze regeling treedt in werking op de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt gepubliceerd.
Deze regeling vervalt met ingang van 31 december 2028. Deze regeling blijft van toepassing op bezwaar- en beroepsprocedures die op dat moment nog niet zijn afgerond.
Artikel 3.3. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: regeling Open oproep Cultuureducatie en digitale technologie
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)