Wet van 3 maart 1881
- 1º. elk van de misdrijven omschreven in de artikelen 92 tot en met 96, 108, tweede lid, 115, tweede lid, 117, tweede lid, 121, 122, 157, onderdeel 3°, 161quater, onderdeel 2°, 164, tweede lid, 166, onderdeel 3°, 168, onderdeel 2°, 170, onderdeel 3°, 174, tweede lid, en 289, alsmede in artikel 80, tweede lid, Kernenergiewet, indien het misdrijf is begaan met een terroristisch oogmerk;
- 2º. elk van de misdrijven waarop ingevolge de artikelen 114a, 114b, 120a, 120b, 130a, 138b, vijfde lid, 176a, 176b, 282c, 289a, 304a, 304b, 354a, tweede lid,415a en 415b, alsmede artikel 80, derde lid, van de Kernenergiewet gevangenisstraf is gesteld;
- 3º. elk van de misdrijven omschreven in de artikelen 140a, 282b, 285, derde lid, en 288a, alsmede in artikel 55, vijfde lid, van de Wet wapens en munitie, artikel 6, vierde lid, van de Wet op de economische delicten, artikel 33b van de Wet explosieven voor civiel gebruik en artikel 79 van de Kernenergiewet.
Boek Tweede. Misdrijven
Slotbepaling
Slotbepaling
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel VI. Tweegevecht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel IX. Meineed
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel IX. Meineed
Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVI. Belediging
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XX. Mishandeling
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Boek Derde. Overtredingen
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXXA. Witwassen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 77hh
Vervallen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VI. Tweegevecht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VI. Tweegevecht
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel IX. Meineed
Titel IX. Meineed
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel IX. Meineed
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Artikel 273a
De persoon werkzaam bij enige openbare instelling van vervoer die een aan zodanige instelling toevertrouwde brief, gesloten stuk of pakket opzettelijk en wederrechtelijk opent, daarvan inzage neemt of de inhoud aan een ander bekendmaakt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie.
Titel XVI. Belediging
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel V. Deelneming aan strafbare feiten
Titel VIII. Verval van het recht tot strafvordering en van de straf
Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdigen en jongvolwassenen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VI. Tweegevecht
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XIV. Misdrijven tegen de zeden
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XIV. Misdrijven tegen de zeden
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XXII. Diefstal en stroperij
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 78a
Waar in dit wetboek de bevoegdheid wordt gegeven tot het horen, verhoren of ondervragen van personen, wordt daaronder, met uitzondering van bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen, mede begrepen horen, verhoren of ondervragen per videoconferentie, waarbij een directe beeld- en geluidsverbinding totstandkomt tussen de betrokken personen.
De voorzitter van het college, de rechter, de rechter-commissaris of ambtenaar die met de leiding over het horen is belast, beslist of van videoconferentie gebruik gemaakt wordt, waarbij het belang van het onderzoek in aanmerking wordt genomen. Alvorens te beslissen wordt de te horen persoon of diens raadsman en in voorkomende gevallen de officier van justitie, in de gelegenheid gesteld hun mening kenbaar te maken over de toepassing van videoconferentie. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen hierover nadere regels worden gesteld.
Tegen de beslissing om van videoconferentie gebruik te maken staat geen afzonderlijk rechtsmiddel open.
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent:
- a. de eisen waaraan de techniek van videoconferentie dient te voldoen, onder meer met het oog op de onschendbaarheid van vastgelegde waarnemingen;
- b. de controle op de naleving van de eisen, bedoeld onder a.
Boek Tweede. Misdrijven
Slotbepaling
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 43a
De op een misdrijf gestelde tijdelijke gevangenisstraf of hechtenis kan, onverminderd artikel 10, met een derde worden verhoogd indien tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige tot gevangenisstraf wegens een daaraan soortgelijk misdrijf in kracht van gewijsde is gegaan. De termijn van vijf jaren wordt verlengd met de tijd waarin de veroordeelde rechtens zijn vrijheid is ontnomen.
Artikel 43b
Als misdrijven welke soortgelijk zijn aan elkaar worden in elk geval aangemerkt:
- 1°. de misdrijven omschreven in de artikelen 105, 174, 208 tot en met 210, 213, 214, 216 tot en met 222bis, 225 tot en met 232, 310, 311, 312, 315, 317, 318, 321 tot en met 323a, 326 tot en met 332, 341, 343, 344, 359, 361, 366, 373, laatste lid, 402, 416, 417, 420bis, 420bis.1 en 420ter;
- 2°. de misdrijven omschreven in de artikelen 92, 108, 109, 110, 115, 116, 117 tot en met 117b, 141, 181, 182, 287 tot en met 291, 293, eerste lid, 296, 300 tot en met 303, 381, 382, 395 en 396;
- 3°. de misdrijven omschreven in de artikelen 261 tot en met 271, 418 en 419;
- 4°. de misdrijven omschreven in de Opiumwet;
- 5°. de misdrijven omschreven in de Wet wapens en munitie;
- 6°. de misdrijven omschreven in de Wegenverkeerswet 1994.
Artikel 43c
Vervallen
Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel VI. Samenloop van strafbare feiten
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Slotbepaling
Artikel 121a
Hij die door geweld of bedreiging met geweld een vergadering van een commissie uit de beide kamers der Staten-Generaal of uit een van deze uiteenjaagt of tot het nemen of niet nemen van enig besluit dwingt of een lid, een minister of een staatssecretaris uit die vergadering verwijdert of opzettelijk verhindert die bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervullen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 123a
Hij die door geweld of bedreiging met geweld een vergadering van een door de staten van een provincie ingestelde commissie uiteenjaagt of tot het nemen of niet nemen van enig besluit dwingt of een lid, een gedeputeerde of de commissaris van de Koning uit die vergadering verwijdert of opzettelijk verhindert die bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervullen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
Artikel 124a
Hij die door geweld of bedreiging met geweld een vergadering van een door de raad van een gemeente ingestelde commissie uiteenjaagt of tot het nemen of niet nemen van enig besluit dwingt of een lid, een wethouder of de burgemeester uit die vergadering verwijdert of opzettelijk verhindert die bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervullen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Artikel 142a
Hij die een voorwerp verzendt of op een al dan niet voor het publiek toegankelijke plaats achterlaat of plaatst, met het oogmerk een ander ten onrechte te doen geloven dat daardoor een ontploffing kan worden teweeggebracht, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
Met dezelfde straf wordt gestraft hij die gegevens doorgeeft met het oogmerk een ander ten onrechte te doen geloven dat op een al dan niet voor het publiek toegankelijke plaats een voorwerp aanwezig is waardoor een ontploffing kan worden teweeggebracht.
Titel VI. Tweegevecht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel IX. Meineed
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXIII. Afpersing en afdreiging
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 44a
Op vordering van de officier van justitie kan de rechter na een op grond van artikel 226h, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering gemaakte afspraak de straf verminderen die hij overwoog op te leggen op de in het tweede lid bepaalde wijze. Bij de strafvermindering houdt de rechter ermee rekening dat door het afleggen van een getuigenverklaring een belangrijke bijdrage is of kan worden geleverd aan de opsporing of vervolging van misdrijven.
Bij toepassing van het eerste lid kan de strafvermindering bestaan in:
- a. maximaal de helft bij een onvoorwaardelijke tijdelijke vrijheidsstraf, taakstraf of geldboete, of
- b. de omzetting van maximaal de helft van het onvoorwaardelijke gedeelte van een vrijheidsstraf, taakstraf of van een geldboete in een voorwaardelijk gedeelte, of
- c. de vervanging van maximaal een derde gedeelte van een vrijheidsstraf door taakstraf of een onvoorwaardelijke geldboete.
Bij toepassing van het tweede lid, onder b, blijft artikel 14a, eerste en tweede lid, buiten toepassing.
Titel V. Deelneming aan strafbare feiten
Titel VI. Samenloop van strafbare feiten
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel VI. Samenloop van strafbare feiten
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Slotbepaling
Slotbepaling
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel VI. Tweegevecht
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VI. Tweegevecht
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel IX. Meineed
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XXIII. Afpersing en afdreiging
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 78b
Waar van veroordeling wordt gesproken wordt daaronder een strafbeschikking begrepen, voorzover niet uit enige bepaling het tegendeel volgt.
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Slotbepaling
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Artikel 138b
Met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft hij die opzettelijk en wederrechtelijk de toegang tot of het gebruik van een geautomatiseerd werk belemmert door daaraan gegevens aan te bieden of toe te zenden.
Indien het feit wordt gepleegd:
- a. met behulp van een aanzienlijk aantal geautomatiseerde werken die getroffen zijn door het gebruik van een middel als bedoeld in artikel 139d, tweede lid, dat hoofdzakelijk daarvoor geschikt is gemaakt of ontworpen; of
- b. met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen,
wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van de vierde categorie.
Indien het feit ernstige schade veroorzaakt, of is gepleegd tegen een geautomatiseerd werk behorende tot de vitale infrastructuur, wordt de schuldige gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren of geldboete van de vierde categorie.
Indien het feit is gepleegd ten behoeve van een buitenlandse mogendheid wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.
Indien het feit wordt gepleegd met het oogmerk om een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.
Indien een feit is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met de helft verhoogd.
Titel VI. Tweegevecht
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel IX. Meineed
Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXIII. Afpersing en afdreiging
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXX. Begunstiging
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXXA. Witwassen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 273b
De persoon werkzaam bij enige openbare instelling van vervoer die een aan zodanige instelling toevertrouwde brief, briefkaart, stuk of pakket opzettelijk aan een ander dan de rechthebbende afgeeft, vernietigt, wegmaakt, zich toe-eigent, of de inhoud wijzigt of enig daarin gesloten voorwerp zich toe-eigent, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
Indien zodanig stuk of voorwerp geldswaarde heeft, wordt de toe-eigening gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie.
Artikel 273c
De persoon belast met de dienst van een ten algemenen nutte gebezigde telegraafinrichting wordt gestraft:
- a. met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie, indien hij de inhoud van een aan zodanige inrichting toevertrouwd bericht opzettelijk en wederrechtelijk aan een ander bekendmaakt of een telegram opzettelijk en wederrechtelijk opent, daarvan inzage neemt of de inhoud aan een ander bekendmaakt;
- b. met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie, indien hij een aan zodanige inrichting toevertrouwd bericht of een telegram opzettelijk aan een ander dan de rechthebbende afgeeft, vernietigt, wegmaakt, zich toe-eigent of de inhoud wijzigt.
Artikel 273d
Met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft de persoon werkzaam bij een aanbieder van een openbaar communicatienetwerk of een openbare communicatiedienst:
- a. die opzettelijk en wederrechtelijk van gegevens kennisneemt die door tussenkomst van zodanig netwerk of zodanige dienst zijn opgeslagen, worden verwerkt of overgedragen en die niet voor hem zijn bestemd, zodanige gegevens voor zichzelf of een ander overneemt, aftapt of opneemt;
- b. die de beschikking heeft over een voorwerp waaraan, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, een gegeven kan worden ontleend, dat door wederrechtelijk overnemen, aftappen of opnemen van zodanige gegevens is verkregen;
- c. die opzettelijk en wederrechtelijk de inhoud van zodanige gegevens aan een ander bekendmaakt;
- d. die opzettelijk en wederrechtelijk een voorwerp waaraan een gegeven omtrent de inhoud van zodanige gegevens kan worden ontleend, ter beschikking stelt van een ander.
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de persoon werkzaam bij een aanbieder van een niet-openbaar communicatienetwerk of een niet-openbare communicatiedienst.
Artikel 273e
Enig in de artikelen 273a tot en met 273d bedoeld persoon die opzettelijk toelaat dat een ander een der in deze artikelen vermelde feiten pleegt, of die ander daarbij als medeplichtige ter zijde staat, wordt gestraft met de straffen en naar de onderscheidingen in die bepalingen vastgesteld.
Artikel 273f
Als schuldig aan mensenhandel wordt met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie gestraft:
- 1°. degene die een ander door dwang, geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met geweld of een andere feitelijkheid, door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die ander heeft, werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen;
- 2°. degene die een ander werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
- 3°. degene die een ander aanwerft, medeneemt of ontvoert met het oogmerk die ander in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling;
- 4°. degene die een ander met een van de onder 1° genoemde middelen dwingt of beweegt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten of zijn organen beschikbaar te stellen dan wel onder de onder 1° genoemde omstandigheden enige handeling onderneemt waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor beschikbaar stelt tot het verrichten van arbeid of diensten of zijn organen beschikbaar stelt;
- 5°. degene die een ander ertoe brengt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling of zijn organen tegen betaling beschikbaar te stellen dan wel ten aanzien van een ander enige handeling onderneemt waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor beschikbaar stelt tot het verrichten van die handelingen of zijn organen tegen betaling beschikbaar stelt, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
- 6°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit de uitbuiting van een ander;
- 7°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit de verwijdering van organen van een ander, terwijl hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat diens organen onder de onder 1° bedoelde omstandigheden zijn verwijderd;
- 8°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit seksuele handelingen van een ander met of voor een derde tegen betaling of de verwijdering van diens organen tegen betaling, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
- 9°. degene die een ander met een van de onder 1° genoemde middelen dwingt dan wel beweegt hem te bevoordelen uit de opbrengst van diens seksuele handelingen met of voor een derde of van de verwijdering van diens organen.
Uitbuiting omvat ten minste uitbuiting van een ander in de prostitutie, andere vormen van seksuele uitbuiting, gedwongen of verplichte arbeid of diensten, met inbegrip van bedelarij, slavernij en met slavernij te vergelijken praktijken, dienstbaarheid en uitbuiting van strafbare activiteiten.
De schuldige wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie, indien:
- 1°. de feiten, omschreven in het eerste lid, worden gepleegd door twee of meer verenigde personen;
- 2°. degene ten aanzien van wie de in het eerste lid omschreven feiten worden gepleegd een persoon is die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt dan wel een ander persoon is bij wie misbruik van een kwetsbare positie wordt gemaakt;
- 3°. de feiten, omschreven in het eerste lid, zijn voorafgegaan, vergezeld of gevolgd van geweld.
Indien een van de in het eerste lid omschreven feiten zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft of daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is, wordt gevangenisstraf van ten hoogste achttien jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.
Indien een van de in het eerste lid omschreven feiten de dood ten gevolge heeft, wordt levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.
Onder kwetsbare positie wordt mede begrepen een situatie waarin een persoon geen andere werkelijke of aanvaardbare keuze heeft dan het misbruik te ondergaan.
Artikel 254a is van overeenkomstige toepassing.
Titel XVI. Belediging
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XXV. Bedrog
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Boek Derde. Overtredingen
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXXA. Witwassen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 15i
Vervallen
Artikel 15j
Vervallen
Artikel 15k
Vervallen
Artikel 15l
Vervallen
Titel IIA. Maatregelen
afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding
afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding
afdeling Derde. Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel V. Deelneming aan strafbare feiten
Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdige personen
Artikel 77wa
De rechter kan bepalen dat het in artikel 77w, derde lid, bedoelde programma geheel of ten dele komt te bestaan uit een vorm van jeugdhulp als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.
Indien de rechter toepassing heeft gegeven aan het bepaalde in het eerste lid, doet de raad daarvan onverwijld mededeling aan de gecertificeerde instelling, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.
Artikel 77wb
In het vonnis waarbij de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige wordt opgelegd, beveelt de rechter voor het geval dat de veroordeelde niet naar behoren aan de tenuitvoerlegging van de maatregel heeft meegewerkt, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast.
De duur van de vervangende jeugddetentie wordt in gehele dagen, weken of maanden vastgesteld. Voor elke maand waarvoor de maatregel is opgelegd beloopt de vervangende jeugddetentie maximaal een maand.
Artikel 77wc
In het vonnis waarbij de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige wordt opgelegd, beveelt de rechter voor het geval dat de veroordeelde niet naar behoren aan de tenuitvoerlegging van de maatregel heeft meegewerkt, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast.
De duur van de vervangende jeugddetentie wordt in gehele dagen, weken of maanden vastgesteld. Voor elke maand waarvoor de maatregel is opgelegd beloopt de vervangende jeugddetentie maximaal een maand.
Artikel 77wd
Vervallen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel IX. Meineed
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Titel XX. Mishandeling
Titel XX. Mishandeling
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 77w
De maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige kan slechts worden opgelegd, indien:
- a. de ernst van het begane misdrijf of de veelvuldigheid van de begane misdrijven of voorafgegane veroordelingen wegens misdrijf hiertoe aanleiding geven, en
- b. de maatregel in het belang is van een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling van de verdachte.
De rechter legt de maatregel slechts op, nadat hij zich een met redenen omkleed, gedagtekend en ondertekend advies heeft doen overleggen van de raad voor de kinderbescherming, dat wordt ondersteund door ten minste een gedragsdeskundige. Indien dit advies eerder dan een jaar voor de aanvang van de terechtzitting is gedagtekend kan de rechter hier slechts gebruik van maken met instemming van het openbaar ministerie en de verdachte. Indien de maatregel met toepassing van artikel 77c wordt opgelegd aan een jongvolwassene die ten tijde van het misdrijf of de misdrijven die voor het opleggen van de maatregel aanleiding geeft of geven, de leeftijd van achttien jaren maar nog niet de leeftijd van drieëntwintig jaren heeft bereikt, kan een advies van de raad voor de kinderbescherming achterwege blijven en wordt met een advies van een gedragsdeskundige volstaan.
De rechter geeft in zijn uitspraak aan waar de maatregel uit bestaat. De maatregel kan inhouden dat de veroordeelde aan een programma deelneemt in een door de rechter aan te wijzen instelling of dat de veroordeelde een ambulant programma zal volgen onder begeleiding van een door de rechter aan te wijzen organisatie.
De rechter kan, ter ondersteuning van het programma, bedoeld in het derde lid, bevelen dat de veroordeelde gedurende de nacht in een inrichting als bedoeld in de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen verblijft.
Aan het programma kan elektronisch toezicht worden verbonden.
De rechter kan bij zijn uitspraak, ambtshalve of op vordering van het openbaar ministerie, bevelen dat het programma dadelijk uitvoerbaar is, indien er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de veroordeelde opnieuw een strafbaar feit zal plegen of zich belastend zal gedragen en de dadelijke uitvoerbaarheid in het belang van de jeugdige is.
Het bevel, bedoeld in het zesde lid, kan door de rechter die kennisneemt van het hoger beroep, ambtshalve, op verzoek van de veroordeelde of op vordering van het openbaar ministerie, worden opgeheven.
De maatregel wordt opgelegd voor de tijd van ten minste zes maanden en ten hoogste een jaar.
De maatregel eindigt van rechtswege bij het onherroepelijk worden van een rechterlijke uitspraak waarbij de verdachte opnieuw de maatregel of de maatregel plaatsing in een inrichting voor jeugdigen wordt opgelegd.
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Slotbepaling
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel VI. Tweegevecht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel IX. Meineed
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XXIV. Verduistering
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Boek Derde. Overtredingen
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 192b
Hij die opzettelijk niet voldoet aan een vordering van een parlementaire enquêtecommissie tot het verstrekken van schriftelijke inlichtingen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie.
Artikel 192c
Hij die opzettelijk een parlementaire enquêtecommissie of door haar aangewezen personen belet, belemmert of verhindert een plaats te betreden, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie.
Artikel 192d
De misdrijven genoemd in de artikelen 192 tot en met 192c worden niet vervolgd, indien zij zijn begaan door een lid van de Staten-Generaal, een minister of een staatssecretaris.
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XX. Mishandeling
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Titel XXX. Begunstiging
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 15e
Vervallen
Artikel 15f
Vervallen
Artikel 15g
Vervallen
Artikel 15h
Vervallen
Titel IIA. Maatregelen
afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding
afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding
afdeling Derde. Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders
Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel VI. Samenloop van strafbare feiten
Titel VII. Indiening en intrekking van de klacht bij misdrijven alleen op klacht vervolgbaar
Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdige personen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Slotbepaling
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VI. Tweegevecht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel XII. Valsheid in geschriften, opgave van onware gegevens en schending van de verplichting gegevens te verstrekken
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Titel XXII. Diefstal en stroperij
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXXA. Witwassen
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel II. Overtredingen betreffende de openbare orde
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 83b
Onder misdrijf ter voorbereiding of vergemakkelijking van een terroristisch misdrijf wordt verstaan elk van de misdrijven omschreven in de artikelen 131, tweede lid, 132, derde lid, 134a, 138b, vierde lid, 197a, zevende lid, 205, derde lid, 225, derde lid, 285, vierde lid, 311, eerste lid, onderdeel 6°, 312, tweede lid, onderdeel 5°, 317, derde lid, jo. 312, tweede lid, onder 5°, 318, tweede lid, 322a, 326, tweede lid, 354a en 421.
Slotbepaling
Boek Tweede. Misdrijven
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Artikel 134a
Hij die zich of een ander opzettelijk gelegenheid, middelen of inlichtingen verschaft of tracht te verschaffen tot het plegen van een terroristisch misdrijf dan wel een misdrijf ter voorbereiding of vergemakkelijking van een terroristisch misdrijf, dan wel zich kennis of vaardigheden daartoe verwerft of een ander bijbrengt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 137h
Indien de schuldige een van de strafbare feiten, omschreven in de artikelen 131 tot en met 134 en 137c tot en met 137g, in zijn beroep begaat, kan hij van de uitoefening van dat beroep worden ontzet.
Titel VI. Tweegevecht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel IX. Meineed
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XXII. Diefstal en stroperij
Artikel 322a
Indien een der in de artikelen 321 en 322 omschreven feiten wordt gepleegd met het oogmerk om een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Artikel 354a
Boek Derde. Overtredingen
Titel II. Overtredingen betreffende de openbare orde
Titel IV. Overtredingen betreffende de burgerlijke staat
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 5b
De Nederlandse strafwet is toepasselijk op ieder die zich schuldig maakt:
- 1°. aan een der misdrijven omschreven in artikel 273f en in de artikelen 231, 321, 350 en 416 tot en met 417bis, voor zover het feit valt onder de omschrijvingen van artikel 20 van het op 16 mei 2005 te Warschau totstandgekomen Verdrag inzake bestrijding van mensenhandel, indien het feit is gepleegd tegen een Nederlander;
- 2°. aan een der misdrijven omschreven in de artikelen 240b, 242 tot en met 250 en 273f, indien het feit is gepleegd tegen een Nederlander of een vreemdeling die in Nederland een vaste woon- of verblijfplaats heeft en die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
- 3°. aan een der misdrijven omschreven in de artikelen 300 tot en met 303, voor zover het feit oplevert genitale verminking van een persoon van het vrouwelijke geslacht die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, indien het feit is gepleegd tegen een Nederlander of een vreemdeling die in Nederland een vaste woon- of verblijfplaats heeft;
- 4°. aan het misdrijf omschreven in artikel 284, eerste lid, indien het feit is gepleegd tegen een Nederlander of een vreemdeling die in Nederland een vaste woon- of verblijfplaats heeft.
Titel II. Straffen
Titel IIA. Maatregelen
afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding
afdeling Tweede. Plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis en terbeschikkingstelling
afdeling Derde. Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf
Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdige personen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Slotbepaling
Boek Tweede. Misdrijven
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel IX. Meineed
Artikel 248d
Hij die een persoon van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, met ontuchtig oogmerk ertoe beweegt getuige te zijn van seksuele handelingen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie.
Artikel 248e
Hij die door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst aan een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt of iemand die zich, al dan niet met een technisch hulpmiddel, waaronder een virtuele creatie van een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, voordoet als een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt een ontmoeting voorstelt met het oogmerk ontuchtige handelingen met een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt te plegen of een afbeelding van een seksuele gedraging waarbij een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt is betrokken te vervaardigen, wordt, indien hij enige handeling onderneemt tot het verwezenlijken van die ontmoeting, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of een geldboete van de vierde categorie.
Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel II. Overtredingen betreffende de openbare orde
Titel IV. Overtredingen betreffende de burgerlijke staat
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 254a
Bij veroordeling wegens een van de in de artikelen 240 tot en met 253 omschreven misdrijven, kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, vermelde rechten worden uitgesproken.
Indien degene die zich schuldig maakt aan één van de misdrijven omschreven in de artikelen 240 tot en met 253 het misdrijf in de uitoefening van een beroep begaat, kan diegene van de uitoefening van dat beroep worden ontzet.
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXA. Witwassen
Titel II. Overtredingen betreffende de openbare orde
Titel VI. Overtredingen betreffende de zeden
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 38la
Vervallen
Artikel 38lb
Vervallen
afdeling Derde. Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders
Titel V. Deelneming aan strafbare feiten
Titel VI. Samenloop van strafbare feiten
Titel VII. Indiening en intrekking van de klacht bij misdrijven alleen op klacht vervolgbaar
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Artikel 78c
Waar van een voorafgegane of vroegere veroordeling wegens een strafbaar feit wordt gesproken, wordt daaronder mede verstaan een voorafgegane of vroegere onherroepelijke veroordeling door een strafrechter in een andere lidstaat van de Europese Unie wegens soortgelijke feiten.
Boek Tweede. Misdrijven
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VI. Tweegevecht
Titel IX. Meineed
Titel IX. Meineed
Artikel 254
De op het misdrijf gestelde gevangenisstraf kan met drie jaren worden verhoogd in de onder a tot en met e omschreven gevallen:
- a. indien een in de artikelen 240 tot en met 253 omschreven feit wordt begaan door twee of meer verenigde personen; of
- b. in geval van de artikelen 240 tot en met 243:
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)