Wet van 3 maart 1881

Type Wet
Publication 2026-01-01
Laatst bijgewerkt 2026-04-18
State In force
Source BWB
artikelen 824
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Boek Tweede. Misdrijven

Slotbepaling

Slotbepaling

Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid

Titel VI. Tweegevecht

Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht

Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel IX. Meineed

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat

Titel IX. Meineed

Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken

Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat

Titel XVII. Schending van geheimen

Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden

Titel XVI. Belediging

Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid

Titel XX. Mishandeling

Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht

Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld

Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden

Boek Derde. Overtredingen

Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen

Titel XXVII. Vernieling of beschadiging

Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen

Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXXI. Financieren van terrorisme

Titel XXXA. Witwassen

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 77hh

Vervallen

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Boek Tweede. Misdrijven

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen

Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel VI. Tweegevecht

Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht

Titel VI. Tweegevecht

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel IX. Meineed

Titel IX. Meineed

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel IX. Meineed

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Artikel 273a

De persoon werkzaam bij enige openbare instelling van vervoer die een aan zodanige instelling toevertrouwde brief, gesloten stuk of pakket opzettelijk en wederrechtelijk opent, daarvan inzage neemt of de inhoud aan een ander bekendmaakt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie.

Titel XVI. Belediging

Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden

Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden

Titel XVII. Schending van geheimen

Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid

Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht

Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht

Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden

Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXVII. Vernieling of beschadiging

Titel XXVII. Vernieling of beschadiging

Titel XXXA. Witwassen

Titel XXXA. Witwassen

Titel XXXI. Financieren van terrorisme

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXX. Begunstiging

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid

Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid

Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf

Titel IV. Poging en voorbereiding

Titel V. Deelneming aan strafbare feiten

Titel VIII. Verval van het recht tot strafvordering en van de straf

Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdigen en jongvolwassenen

Boek Tweede. Misdrijven

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid

Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen

Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel VI. Tweegevecht

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat

Titel XIV. Misdrijven tegen de zeden

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden

Titel XIV. Misdrijven tegen de zeden

Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat

Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden

Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden

Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht

Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht

Titel XXII. Diefstal en stroperij

Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven

Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden

Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXVII. Vernieling of beschadiging

Titel XXVII. Vernieling of beschadiging

Titel XXXA. Witwassen

Titel XXXI. Financieren van terrorisme

Titel XXX. Begunstiging

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 78a

1.

Waar in dit wetboek de bevoegdheid wordt gegeven tot het horen, verhoren of ondervragen van personen, wordt daaronder, met uitzondering van bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen, mede begrepen horen, verhoren of ondervragen per videoconferentie, waarbij een directe beeld- en geluidsverbinding totstandkomt tussen de betrokken personen.

2.

De voorzitter van het college, de rechter, de rechter-commissaris of ambtenaar die met de leiding over het horen is belast, beslist of van videoconferentie gebruik gemaakt wordt, waarbij het belang van het onderzoek in aanmerking wordt genomen. Alvorens te beslissen wordt de te horen persoon of diens raadsman en in voorkomende gevallen de officier van justitie, in de gelegenheid gesteld hun mening kenbaar te maken over de toepassing van videoconferentie. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen hierover nadere regels worden gesteld.

3.

Tegen de beslissing om van videoconferentie gebruik te maken staat geen afzonderlijk rechtsmiddel open.

4.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent:

  • a. de eisen waaraan de techniek van videoconferentie dient te voldoen, onder meer met het oog op de onschendbaarheid van vastgelegde waarnemingen;
  • b. de controle op de naleving van de eisen, bedoeld onder a.

Boek Tweede. Misdrijven

Slotbepaling

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen

Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel XI. Valsheid in zegels en merken

Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden

Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht

Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap

Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht

Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXVII. Vernieling of beschadiging

Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven

Titel XXXA. Witwassen

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXX. Begunstiging

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 43a

De op een misdrijf gestelde tijdelijke gevangenisstraf of hechtenis kan, onverminderd artikel 10, met een derde worden verhoogd indien tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige tot gevangenisstraf wegens een daaraan soortgelijk misdrijf in kracht van gewijsde is gegaan. De termijn van vijf jaren wordt verlengd met de tijd waarin de veroordeelde rechtens zijn vrijheid is ontnomen.

Artikel 43b

Als misdrijven welke soortgelijk zijn aan elkaar worden in elk geval aangemerkt:

  • 4°. de misdrijven omschreven in de Opiumwet;

Artikel 43c

Vervallen

Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf

Titel IV. Poging en voorbereiding

Titel IV. Poging en voorbereiding

Titel IV. Poging en voorbereiding

Titel VI. Samenloop van strafbare feiten

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Boek Tweede. Misdrijven

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid

Slotbepaling

Artikel 121a

Hij die door geweld of bedreiging met geweld een vergadering van een commissie uit de beide kamers der Staten-Generaal of uit een van deze uiteenjaagt of tot het nemen of niet nemen van enig besluit dwingt of een lid, een minister of een staatssecretaris uit die vergadering verwijdert of opzettelijk verhindert die bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervullen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie.

Artikel 123a

Hij die door geweld of bedreiging met geweld een vergadering van een door de staten van een provincie ingestelde commissie uiteenjaagt of tot het nemen of niet nemen van enig besluit dwingt of een lid, een gedeputeerde of de commissaris van de Koning uit die vergadering verwijdert of opzettelijk verhindert die bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervullen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.

Artikel 124a

Hij die door geweld of bedreiging met geweld een vergadering van een door de raad van een gemeente ingestelde commissie uiteenjaagt of tot het nemen of niet nemen van enig besluit dwingt of een lid, een wethouder of de burgemeester uit die vergadering verwijdert of opzettelijk verhindert die bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervullen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.

Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid

Artikel 142a

1.

Hij die een voorwerp verzendt of op een al dan niet voor het publiek toegankelijke plaats achterlaat of plaatst, met het oogmerk een ander ten onrechte te doen geloven dat daardoor een ontploffing kan worden teweeggebracht, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.

2.

Met dezelfde straf wordt gestraft hij die gegevens doorgeeft met het oogmerk een ander ten onrechte te doen geloven dat op een al dan niet voor het publiek toegankelijke plaats een voorwerp aanwezig is waardoor een ontploffing kan worden teweeggebracht.

Titel VI. Tweegevecht

Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht

Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag

Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag

Titel IX. Meineed

Titel XI. Valsheid in zegels en merken

Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap

Titel XXIII. Afpersing en afdreiging

Titel XXVII. Vernieling of beschadiging

Titel XXVII. Vernieling of beschadiging

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven

Titel XXXA. Witwassen

Titel XXXI. Financieren van terrorisme

Titel XXX. Begunstiging

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 44a

1.

Op vordering van de officier van justitie kan de rechter na een op grond van artikel 226h, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering gemaakte afspraak de straf verminderen die hij overwoog op te leggen op de in het tweede lid bepaalde wijze. Bij de strafvermindering houdt de rechter ermee rekening dat door het afleggen van een getuigenverklaring een belangrijke bijdrage is of kan worden geleverd aan de opsporing of vervolging van misdrijven.

2.

Bij toepassing van het eerste lid kan de strafvermindering bestaan in:

  • a. maximaal de helft bij een onvoorwaardelijke tijdelijke vrijheidsstraf, taakstraf of geldboete, of
  • b. de omzetting van maximaal de helft van het onvoorwaardelijke gedeelte van een vrijheidsstraf, taakstraf of van een geldboete in een voorwaardelijk gedeelte, of
  • c. de vervanging van maximaal een derde gedeelte van een vrijheidsstraf door taakstraf of een onvoorwaardelijke geldboete.
3.

Bij toepassing van het tweede lid, onder b, blijft artikel 14a, eerste en tweede lid, buiten toepassing.

Titel V. Deelneming aan strafbare feiten

Titel VI. Samenloop van strafbare feiten

Titel IV. Poging en voorbereiding

Titel VI. Samenloop van strafbare feiten

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Boek Tweede. Misdrijven

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Slotbepaling

Slotbepaling

Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen

Titel VI. Tweegevecht

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel VI. Tweegevecht

Titel XI. Valsheid in zegels en merken

Titel IX. Meineed

Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid

Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid

Titel XXIII. Afpersing en afdreiging

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven

Titel XXXI. Financieren van terrorisme

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXX. Begunstiging

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 78b

Waar van veroordeling wordt gesproken wordt daaronder een strafbeschikking begrepen, voorzover niet uit enige bepaling het tegendeel volgt.

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Boek Tweede. Misdrijven

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Slotbepaling

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten

Artikel 138b

1.

Met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft hij die opzettelijk en wederrechtelijk de toegang tot of het gebruik van een geautomatiseerd werk belemmert door daaraan gegevens aan te bieden of toe te zenden.

2.

Indien het feit wordt gepleegd:

  • a. met behulp van een aanzienlijk aantal geautomatiseerde werken die getroffen zijn door het gebruik van een middel als bedoeld in artikel 139d, tweede lid, dat hoofdzakelijk daarvoor geschikt is gemaakt of ontworpen; of
  • b. met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen,

wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van de vierde categorie.

3.

Indien het feit ernstige schade veroorzaakt, of is gepleegd tegen een geautomatiseerd werk behorende tot de vitale infrastructuur, wordt de schuldige gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren of geldboete van de vierde categorie.

4.

Indien het feit is gepleegd ten behoeve van een buitenlandse mogendheid wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.

5.

Indien het feit wordt gepleegd met het oogmerk om een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.

6.

Indien een feit is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met de helft verhoogd.

Titel VI. Tweegevecht

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag

Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten

Titel XI. Valsheid in zegels en merken

Titel IX. Meineed

Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken

Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden

Titel XVII. Schending van geheimen

Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap

Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap

Titel XXIII. Afpersing en afdreiging

Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven

Titel XXX. Begunstiging

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven

Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen

Titel XXXA. Witwassen

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 273b

1.

De persoon werkzaam bij enige openbare instelling van vervoer die een aan zodanige instelling toevertrouwde brief, briefkaart, stuk of pakket opzettelijk aan een ander dan de rechthebbende afgeeft, vernietigt, wegmaakt, zich toe-eigent, of de inhoud wijzigt of enig daarin gesloten voorwerp zich toe-eigent, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.

2.

Indien zodanig stuk of voorwerp geldswaarde heeft, wordt de toe-eigening gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie.

Artikel 273c

De persoon belast met de dienst van een ten algemenen nutte gebezigde telegraafinrichting wordt gestraft:

  • a. met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie, indien hij de inhoud van een aan zodanige inrichting toevertrouwd bericht opzettelijk en wederrechtelijk aan een ander bekendmaakt of een telegram opzettelijk en wederrechtelijk opent, daarvan inzage neemt of de inhoud aan een ander bekendmaakt;
  • b. met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie, indien hij een aan zodanige inrichting toevertrouwd bericht of een telegram opzettelijk aan een ander dan de rechthebbende afgeeft, vernietigt, wegmaakt, zich toe-eigent of de inhoud wijzigt.

Artikel 273d

1.

Met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft de persoon werkzaam bij een aanbieder van een openbaar communicatienetwerk of een openbare communicatiedienst:

  • a. die opzettelijk en wederrechtelijk van gegevens kennisneemt die door tussenkomst van zodanig netwerk of zodanige dienst zijn opgeslagen, worden verwerkt of overgedragen en die niet voor hem zijn bestemd, zodanige gegevens voor zichzelf of een ander overneemt, aftapt of opneemt;
  • b. die de beschikking heeft over een voorwerp waaraan, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, een gegeven kan worden ontleend, dat door wederrechtelijk overnemen, aftappen of opnemen van zodanige gegevens is verkregen;
  • c. die opzettelijk en wederrechtelijk de inhoud van zodanige gegevens aan een ander bekendmaakt;
  • d. die opzettelijk en wederrechtelijk een voorwerp waaraan een gegeven omtrent de inhoud van zodanige gegevens kan worden ontleend, ter beschikking stelt van een ander.
2.

Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de persoon werkzaam bij een aanbieder van een niet-openbaar communicatienetwerk of een niet-openbare communicatiedienst.

Artikel 273e

Enig in de artikelen 273a tot en met 273d bedoeld persoon die opzettelijk toelaat dat een ander een der in deze artikelen vermelde feiten pleegt, of die ander daarbij als medeplichtige ter zijde staat, wordt gestraft met de straffen en naar de onderscheidingen in die bepalingen vastgesteld.

Artikel 273f

1.

Als schuldig aan mensenhandel wordt met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie gestraft:

  • 1°. degene die een ander door dwang, geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met geweld of een andere feitelijkheid, door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die ander heeft, werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen;
  • 2°. degene die een ander werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
  • 3°. degene die een ander aanwerft, medeneemt of ontvoert met het oogmerk die ander in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling;
  • 4°. degene die een ander met een van de onder 1° genoemde middelen dwingt of beweegt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten of zijn organen beschikbaar te stellen dan wel onder de onder 1° genoemde omstandigheden enige handeling onderneemt waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor beschikbaar stelt tot het verrichten van arbeid of diensten of zijn organen beschikbaar stelt;
  • 5°. degene die een ander ertoe brengt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling of zijn organen tegen betaling beschikbaar te stellen dan wel ten aanzien van een ander enige handeling onderneemt waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor beschikbaar stelt tot het verrichten van die handelingen of zijn organen tegen betaling beschikbaar stelt, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
  • 6°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit de uitbuiting van een ander;
  • 7°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit de verwijdering van organen van een ander, terwijl hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat diens organen onder de onder 1° bedoelde omstandigheden zijn verwijderd;
  • 8°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit seksuele handelingen van een ander met of voor een derde tegen betaling of de verwijdering van diens organen tegen betaling, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
  • 9°. degene die een ander met een van de onder 1° genoemde middelen dwingt dan wel beweegt hem te bevoordelen uit de opbrengst van diens seksuele handelingen met of voor een derde of van de verwijdering van diens organen.
2.

Uitbuiting omvat ten minste uitbuiting van een ander in de prostitutie, andere vormen van seksuele uitbuiting, gedwongen of verplichte arbeid of diensten, met inbegrip van bedelarij, slavernij en met slavernij te vergelijken praktijken, dienstbaarheid en uitbuiting van strafbare activiteiten.

3.

De schuldige wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie, indien:

  • 1°. de feiten, omschreven in het eerste lid, worden gepleegd door twee of meer verenigde personen;
  • 2°. degene ten aanzien van wie de in het eerste lid omschreven feiten worden gepleegd een persoon is die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt dan wel een ander persoon is bij wie misbruik van een kwetsbare positie wordt gemaakt;
  • 3°. de feiten, omschreven in het eerste lid, zijn voorafgegaan, vergezeld of gevolgd van geweld.
4.

Indien een van de in het eerste lid omschreven feiten zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft of daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is, wordt gevangenisstraf van ten hoogste achttien jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.

5.

Indien een van de in het eerste lid omschreven feiten de dood ten gevolge heeft, wordt levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.

6.

Onder kwetsbare positie wordt mede begrepen een situatie waarin een persoon geen andere werkelijke of aanvaardbare keuze heeft dan het misbruik te ondergaan.

7.

Artikel 254a is van overeenkomstige toepassing.

Titel XVI. Belediging

Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid

Titel XXV. Bedrog

Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap

Boek Derde. Overtredingen

Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXXA. Witwassen

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 15i

Vervallen

Artikel 15j

Vervallen

Artikel 15k

Vervallen

Artikel 15l

Vervallen

Titel IIA. Maatregelen

afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding

afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding

afdeling Derde. Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders

Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid

Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid

Titel V. Deelneming aan strafbare feiten

Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdige personen

Artikel 77wa

1.

De rechter kan bepalen dat het in artikel 77w, derde lid, bedoelde programma geheel of ten dele komt te bestaan uit een vorm van jeugdhulp als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.

2.

Indien de rechter toepassing heeft gegeven aan het bepaalde in het eerste lid, doet de raad daarvan onverwijld mededeling aan de gecertificeerde instelling, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.

Artikel 77wb

1.

In het vonnis waarbij de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige wordt opgelegd, beveelt de rechter voor het geval dat de veroordeelde niet naar behoren aan de tenuitvoerlegging van de maatregel heeft meegewerkt, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast.

2.

De duur van de vervangende jeugddetentie wordt in gehele dagen, weken of maanden vastgesteld. Voor elke maand waarvoor de maatregel is opgelegd beloopt de vervangende jeugddetentie maximaal een maand.

Artikel 77wc

1.

In het vonnis waarbij de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige wordt opgelegd, beveelt de rechter voor het geval dat de veroordeelde niet naar behoren aan de tenuitvoerlegging van de maatregel heeft meegewerkt, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast.

2.

De duur van de vervangende jeugddetentie wordt in gehele dagen, weken of maanden vastgesteld. Voor elke maand waarvoor de maatregel is opgelegd beloopt de vervangende jeugddetentie maximaal een maand.

Artikel 77wd

Vervallen

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Boek Tweede. Misdrijven

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten

Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht

Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht

Titel IX. Meineed

Titel XI. Valsheid in zegels en merken

Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld

Titel XX. Mishandeling

Titel XX. Mishandeling

Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXXA. Witwassen

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXXA. Witwassen

Titel XXXI. Financieren van terrorisme

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 77w

1.

De maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige kan slechts worden opgelegd, indien:

  • a. de ernst van het begane misdrijf of de veelvuldigheid van de begane misdrijven of voorafgegane veroordelingen wegens misdrijf hiertoe aanleiding geven, en
  • b. de maatregel in het belang is van een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling van de verdachte.
2.

De rechter legt de maatregel slechts op, nadat hij zich een met redenen omkleed, gedagtekend en ondertekend advies heeft doen overleggen van de raad voor de kinderbescherming, dat wordt ondersteund door ten minste een gedragsdeskundige. Indien dit advies eerder dan een jaar voor de aanvang van de terechtzitting is gedagtekend kan de rechter hier slechts gebruik van maken met instemming van het openbaar ministerie en de verdachte. Indien de maatregel met toepassing van artikel 77c wordt opgelegd aan een jongvolwassene die ten tijde van het misdrijf of de misdrijven die voor het opleggen van de maatregel aanleiding geeft of geven, de leeftijd van achttien jaren maar nog niet de leeftijd van drieëntwintig jaren heeft bereikt, kan een advies van de raad voor de kinderbescherming achterwege blijven en wordt met een advies van een gedragsdeskundige volstaan.

3.

De rechter geeft in zijn uitspraak aan waar de maatregel uit bestaat. De maatregel kan inhouden dat de veroordeelde aan een programma deelneemt in een door de rechter aan te wijzen instelling of dat de veroordeelde een ambulant programma zal volgen onder begeleiding van een door de rechter aan te wijzen organisatie.

4.

De rechter kan, ter ondersteuning van het programma, bedoeld in het derde lid, bevelen dat de veroordeelde gedurende de nacht in een inrichting als bedoeld in de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen verblijft.

5.

Aan het programma kan elektronisch toezicht worden verbonden.

6.

De rechter kan bij zijn uitspraak, ambtshalve of op vordering van het openbaar ministerie, bevelen dat het programma dadelijk uitvoerbaar is, indien er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de veroordeelde opnieuw een strafbaar feit zal plegen of zich belastend zal gedragen en de dadelijke uitvoerbaarheid in het belang van de jeugdige is.

7.

Het bevel, bedoeld in het zesde lid, kan door de rechter die kennisneemt van het hoger beroep, ambtshalve, op verzoek van de veroordeelde of op vordering van het openbaar ministerie, worden opgeheven.

8.

De maatregel wordt opgelegd voor de tijd van ten minste zes maanden en ten hoogste een jaar.

9.

De maatregel eindigt van rechtswege bij het onherroepelijk worden van een rechterlijke uitspraak waarbij de verdachte opnieuw de maatregel of de maatregel plaatsing in een inrichting voor jeugdigen wordt opgelegd.

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Slotbepaling

Boek Tweede. Misdrijven

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen

Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten

Titel VI. Tweegevecht

Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag

Titel IX. Meineed

Titel XI. Valsheid in zegels en merken

Titel XVII. Schending van geheimen

Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid

Titel XXIV. Verduistering

Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven

Boek Derde. Overtredingen

Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen

Titel XXXI. Financieren van terrorisme

Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 192b

Hij die opzettelijk niet voldoet aan een vordering van een parlementaire enquêtecommissie tot het verstrekken van schriftelijke inlichtingen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie.

Artikel 192c

Hij die opzettelijk een parlementaire enquêtecommissie of door haar aangewezen personen belet, belemmert of verhindert een plaats te betreden, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie.

Artikel 192d

De misdrijven genoemd in de artikelen 192 tot en met 192c worden niet vervolgd, indien zij zijn begaan door een lid van de Staten-Generaal, een minister of een staatssecretaris.

Titel XI. Valsheid in zegels en merken

Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat

Titel XI. Valsheid in zegels en merken

Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden

Titel XX. Mishandeling

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven

Titel XXX. Begunstiging

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXX. Begunstiging

Titel XXXI. Financieren van terrorisme

Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 15e

Vervallen

Artikel 15f

Vervallen

Artikel 15g

Vervallen

Artikel 15h

Vervallen

Titel IIA. Maatregelen

afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding

afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding

afdeling Derde. Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders

Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf

Titel IV. Poging en voorbereiding

Titel VI. Samenloop van strafbare feiten

Titel VII. Indiening en intrekking van de klacht bij misdrijven alleen op klacht vervolgbaar

Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdige personen

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Slotbepaling

Boek Tweede. Misdrijven

Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel VI. Tweegevecht

Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht

Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag

Titel XII. Valsheid in geschriften, opgave van onware gegevens en schending van de verplichting gegevens te verstrekken

Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap

Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld

Titel XXII. Diefstal en stroperij

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven

Titel XXXA. Witwassen

Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen

Titel II. Overtredingen betreffende de openbare orde

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 83b

Onder misdrijf ter voorbereiding of vergemakkelijking van een terroristisch misdrijf wordt verstaan elk van de misdrijven omschreven in de artikelen 131, tweede lid, 132, derde lid, 134a, 138b, vierde lid, 197a, zevende lid, 205, derde lid, 225, derde lid, 285, vierde lid, 311, eerste lid, onderdeel 6°, 312, tweede lid, onderdeel 5°, 317, derde lid, jo. 312, tweede lid, onder 5°, 318, tweede lid, 322a, 326, tweede lid, 354a en 421.

Slotbepaling

Boek Tweede. Misdrijven

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Artikel 134a

Hij die zich of een ander opzettelijk gelegenheid, middelen of inlichtingen verschaft of tracht te verschaffen tot het plegen van een terroristisch misdrijf dan wel een misdrijf ter voorbereiding of vergemakkelijking van een terroristisch misdrijf, dan wel zich kennis of vaardigheden daartoe verwerft of een ander bijbrengt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren of geldboete van de vijfde categorie.

Artikel 137h

Indien de schuldige een van de strafbare feiten, omschreven in de artikelen 131 tot en met 134 en 137c tot en met 137g, in zijn beroep begaat, kan hij van de uitoefening van dat beroep worden ontzet.

Titel VI. Tweegevecht

Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag

Titel IX. Meineed

Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat

Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid

Titel XXII. Diefstal en stroperij

Artikel 322a

Indien een der in de artikelen 321 en 322 omschreven feiten wordt gepleegd met het oogmerk om een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.

Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap

Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld

Artikel 354a

1.

Indien een der in de artikelen 350, 350a, 350c, 351, 352 en 354 omschreven feiten wordt gepleegd met het oogmerk om een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.

2.

Indien een feit strafbaar gesteld in de artikelen 350, 350a, 350c, 351, 352 of 354 is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met de helft verhoogd.

Boek Derde. Overtredingen

Titel II. Overtredingen betreffende de openbare orde

Titel IV. Overtredingen betreffende de burgerlijke staat

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 5b

De Nederlandse strafwet is toepasselijk op ieder die zich schuldig maakt:

  • 1°. aan een der misdrijven omschreven in artikel 273f en in de artikelen 231, 321, 350 en 416 tot en met 417bis, voor zover het feit valt onder de omschrijvingen van artikel 20 van het op 16 mei 2005 te Warschau totstandgekomen Verdrag inzake bestrijding van mensenhandel, indien het feit is gepleegd tegen een Nederlander;
  • 2°. aan een der misdrijven omschreven in de artikelen 240b, 242 tot en met 250 en 273f, indien het feit is gepleegd tegen een Nederlander of een vreemdeling die in Nederland een vaste woon- of verblijfplaats heeft en die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
  • 3°. aan een der misdrijven omschreven in de artikelen 300 tot en met 303, voor zover het feit oplevert genitale verminking van een persoon van het vrouwelijke geslacht die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, indien het feit is gepleegd tegen een Nederlander of een vreemdeling die in Nederland een vaste woon- of verblijfplaats heeft;
  • 4°. aan het misdrijf omschreven in artikel 284, eerste lid, indien het feit is gepleegd tegen een Nederlander of een vreemdeling die in Nederland een vaste woon- of verblijfplaats heeft.

Titel II. Straffen

Titel IIA. Maatregelen

afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding

afdeling Tweede. Plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis en terbeschikkingstelling

afdeling Derde. Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders

Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid

Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf

Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdige personen

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Slotbepaling

Boek Tweede. Misdrijven

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht

Titel IX. Meineed

Artikel 248d

Hij die een persoon van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, met ontuchtig oogmerk ertoe beweegt getuige te zijn van seksuele handelingen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie.

Artikel 248e

Hij die door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst aan een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt of iemand die zich, al dan niet met een technisch hulpmiddel, waaronder een virtuele creatie van een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, voordoet als een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt een ontmoeting voorstelt met het oogmerk ontuchtige handelingen met een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt te plegen of een afbeelding van een seksuele gedraging waarbij een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt is betrokken te vervaardigen, wordt, indien hij enige handeling onderneemt tot het verwezenlijken van die ontmoeting, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of een geldboete van de vierde categorie.

Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken

Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid

Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap

Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXXA. Witwassen

Titel XXXI. Financieren van terrorisme

Titel II. Overtredingen betreffende de openbare orde

Titel IV. Overtredingen betreffende de burgerlijke staat

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 254a

1.

Bij veroordeling wegens een van de in de artikelen 240 tot en met 253 omschreven misdrijven, kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, vermelde rechten worden uitgesproken.

2.

Indien degene die zich schuldig maakt aan één van de misdrijven omschreven in de artikelen 240 tot en met 253 het misdrijf in de uitoefening van een beroep begaat, kan diegene van de uitoefening van dat beroep worden ontzet.

Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap

Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld

Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld

Boek Derde. Overtredingen

Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven

Titel XXXA. Witwassen

Titel XXXA. Witwassen

Titel II. Overtredingen betreffende de openbare orde

Titel VI. Overtredingen betreffende de zeden

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 38la

Vervallen

Artikel 38lb

Vervallen

afdeling Derde. Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders

Titel V. Deelneming aan strafbare feiten

Titel VI. Samenloop van strafbare feiten

Titel VII. Indiening en intrekking van de klacht bij misdrijven alleen op klacht vervolgbaar

Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen

Artikel 78c

Waar van een voorafgegane of vroegere veroordeling wegens een strafbaar feit wordt gesproken, wordt daaronder mede verstaan een voorafgegane of vroegere onherroepelijke veroordeling door een strafrechter in een andere lidstaat van de Europese Unie wegens soortgelijke feiten.

Boek Tweede. Misdrijven

Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten

Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde

Titel VI. Tweegevecht

Titel IX. Meineed

Titel IX. Meineed

Artikel 254

1.

De op het misdrijf gestelde gevangenisstraf kan met drie jaren worden verhoogd in de onder a tot en met e omschreven gevallen:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)