Wet van 23 september 1912, houdende nieuwe regeling van het auteursrecht

Type Wet
Publication 2026-01-01
Laatst bijgewerkt 2026-04-18
State In force
Source BWB
artikelen 186
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Artikel 6 , eerste lid, van [verordening (EU) 2022/2065](32022R2065) van het Europees Parlement en de Raad van 19 oktober 2022 betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten en tot wijziging van [Richtlijn 2000/31/EG](32000L0031) (digitaledienstenverordening) (PbEU 2022, L 277) is niet van toepassing, voor zover een aanbieder van een onlinedienst voor het delen van inhoud de door de gebruikers van zijn dienst aangeboden werken van letterkunde, wetenschap of kunst openbaar maakt onder de in de [artikelen 29c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001886&hoofdstuk=II&artikel=29c&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [29d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001886&hoofdstuk=II&artikel=29d&z=2026-01-01&g=2026-01-01) gestelde voorwaarden.

Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen betreffende filmwerken

Artikel 45ga

Indien partijen over de beschikbaarstelling voor het publiek van een filmwerk op een video-on-demanddienst geen overeenstemming kunnen bereiken, kunnen zij beroep doen op één of meer bemiddelaars. De bemiddelaars helpen de partijen bij de onderhandelingen en het sluiten van overeenkomsten. In voorkomend geval kunnen de bemiddelaars daartoe voorstellen aan partijen doen.

Hoofdstuk VI. Bijzondere bepalingen betreffende computerprogramma's

Hoofdstuk VIII. Overgangs- en slotbepalingen

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 12c

Wanneer een omroeporganisatie de programmadragende signalen rechtstreeks aanlevert bij degene die de uitzending van een werk via de kabel of langs andere weg verzorgt zonder dat de omroeporganisatie de signalen zelf gelijktijdig uitzendt, is er sprake van een enkele openbaarmaking van een in een radio- of televisieprogramma opgenomen werk waarvoor de omroeporganisatie en degene die de programmadragende signalen uitzendt ieder voor zijn eigen bijdrage aan die openbaarmaking verantwoordelijk is.

§ 5. Het verveelvoudigen

§ 6. De beperkingen van het auteursrecht

Hoofdstuk Ia. De exploitatieovereenkomst

Hoofdstuk IV. Bijzondere bepalingen betreffende het volgrecht

Hoofdstuk IVa. Bijzondere bepalingen betreffende verruimde licenties

§ 1. Verruimde licenties met betrekking tot werken die niet in de handel verkrijgbaar zijn

Artikel 44a

Een overeenkomstig artikel 44 verleende licentie kan betrekking hebben op het gebruik door een cultureel erfgoedinstelling van niet in de handel verkrijgbare werken van letterkunde, wetenschap of kunst in alle lidstaten van de Europese Unie en Europese Economische Ruimte.

Artikel 44b

1.

Een collectieve beheersorganisatie die licenties verstrekt als bedoeld in deze paragraaf, zorgt ervoor dat informatie met het oog op:

  • 1°. de identificatie van de werken;
  • 2°. de mogelijkheden van de makers of zijn rechtverkrijgenden als bedoeld in artikel 44, derde lid; en
  • 3°. de partijen bij de verleende licenties, de gedekte grondgebieden en de toegestane gebruikswijzen;

ten minste zes maanden voordat de werken openbaar worden gemaakt door de cultureel erfgoedinstelling, te raadplegen is in het portaal dat is ingesteld en wordt beheerd door het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie als bedoeld in Verordening (EU) nr. 386/2012.

2.

Een collectieve beheersorganisaties die licenties verstrekt als bedoeld in dit hoofdstuk, treft aanvullende passende publicitaire maatregelen in het Rijk in Europa als dat noodzakelijk is om de algemene bekendheid van de makers of zijn rechtverkrijgenden met de regeling te vergroten. Indien er aanwijzingen zijn, zoals de oorsprong van de werken van letterkunde, wetenschap of kunst, om aan te nemen dat het bewustzijn van de makers of zijn rechtverkrijgenden doeltreffender elders zou kunnen worden verhoogd, dan strekken de in de eerste volzin bedoelde maatregelen zich ook daartoe uit.

§ 2. Verruimde licenties in het algemeen

Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen betreffende filmwerken

Hoofdstuk VI. Bijzondere bepalingen betreffende computerprogramma's

Hoofdstuk VII. Bescherming van na het verstrijken van de beschermingsduur openbaar gemaakte werken

Hoofdstuk VII. Bescherming van na het verstrijken van de beschermingsduur openbaar gemaakte werken

Artikel 47c

1.

Iedere openbaarmaking van een werk van letterkunde, wetenschap of kunst in:

  • a. radioprogramma’s;
  • b. televisieprogramma’s die:
  • i. nieuws- en actualiteitenprogramma’s betreffen; of

door middel van een ondersteunende onlinedienst die door of onder controle en verantwoordelijkheid van de omroeporganisatie wordt uitgevoerd, alsmede de reproductie die noodzakelijk is voor het aanbieden van deze dienst of voor de toegang tot of het gebruik van deze dienst, wordt geacht enkel plaats te vinden in Nederland, indien de omroeporganisatie hier haar hoofdvestiging heeft. Het vorenstaande is niet van toepassing op televisie-uitzendingen van sportevenementen en de daarin vervatte werken van letterkunde, wetenschap of kunst.

2.

Bij het vaststellen van de hoogte van de verschuldigde vergoeding voor een in het eerste lid bedoelde openbaarmaking van een werk wordt rekening gehouden met alle aspecten van de ondersteunende onlinedienst, zoals kenmerken van die dienst, waaronder de duur van de online beschikbaarheid van de programma's, het luisteraars- of kijkerspubliek en de aangeboden taalversies. Het vorenstaande staat er niet aan de in de weg dat de vergoeding wordt gebaseerd op de inkomsten van de omroeporganisatie.

3.

Het in het eerste lid bedoelde vermoeden doet geen afbreuk aan de contractuele vrijheid van de maker van een werk van letterkunde, wetenschap of kunst, of zijn rechtverkrijgenden, en omroeporganisaties om, in overeenstemming met het Unierecht, de exploitatie van het auteursrecht te beperken.

4.

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder een ondersteunende onlinedienst verstaan het online aanbieden van radio- of televisieprogramma’s gelijktijdig met of voor een bepaalde periode na de uitzending ervan door de omroeporganisatie, alsmede van materiaal dat een ondersteuning vormt van die uitzending.

Artikel 47d

1.

Het gebruik van een werk van letterkunde, wetenschap of kunst dat uitsluitend dient ter toelichting bij het onderwijs op grond van de artikelen 12, vijfde lid, en 16 door middel van een beveiligde elektronische omgeving wordt geacht uitsluitend plaats te vinden in de lidstaat van de Europese Unie en de Europese Economische Ruimte waar de onderwijsinstelling is gevestigd.

2.

Het gebruik van een werk dat niet in de handel verkrijgbaar is door een cultureel erfgoedinstelling overeenkomstig het in artikel 18c bepaalde wordt geacht uitsluitend plaats te vinden in de lidstaat van de Europese Unie en de Europese Economische Ruimte waar die cultureel erfgoedinstelling is gevestigd.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 45da

1.

Onverminderd artikel 26a is eenieder die het filmwerk openbaar maakt als bedoeld in artikel 12, eerste lid, onder 6°, aan de makers van het filmwerk die deze rechten aan de producent hebben overgedragen, een proportionele billijke vergoeding verschuldigd. Bij een openbaarmaking als bedoeld in artikel 12c is enkel degene die het filmwerk uitzendt aan de makers van het filmwerk die deze rechten aan de producent hebben overgedragen, een proportionele billijke vergoeding verschuldigd. Eenieder die het filmwerk op andere wijze dan vorenbedoeld mededeelt aan het publiek, met uitzondering van een beschikbaarstelling voor het publiek als bedoeld in artikel 12, eerste lid, onder 7° behoudens het in artikel 45db bepaalde, is aan de makers van het filmwerk die deze rechten aan de producent hebben overgedragen, een proportionele billijke vergoeding verschuldigd. Van het recht op een proportionele billijke vergoeding kan geen afstand worden gedaan.

2.

Het recht op de vergoeding, bedoeld in het eerste lid, wordt uitgeoefend door een collectieve beheersorganisatie als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten. Artikel 26a, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

3.

Degene die de in het eerste lid bedoelde vergoeding verschuldigd is, is gehouden aan de collectieve beheersorganisaties, bedoeld in het tweede lid, de bescheiden of andere informatiedragers ter inzage te geven, waarvan de kennisneming noodzakelijk is voor de vaststelling van de verschuldigdheid, de hoogte en de verdeling van de vergoeding.

4.

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gegeven over de uitoefening van het recht bedoeld in het eerste lid.

5.

Het recht op een proportionele billijke vergoeding, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op een filmwerk waarvan de exploitatie als zodanig niet het doel is.

Artikel 45db

Bij algemene maatregel van bestuur kan artikel 45da van toepassing worden verklaard op de beschikbaarstelling voor het publiek van het filmwerk. Artikel 45d, tweede lid, tweede zin is alsdan niet van toepassing.

Hoofdstuk VIII. Overgangs- en slotbepalingen

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)