Wet van 23 juli 1957, houdende egalisatie en aanpassing van Indonesische pensioenen en daarmede in aard overeenkomende uitkeringen

Type Wet
Publication 2015-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is door het toekennen van toeslagen de Indonesische pensioenen en daarmede in aard overeenkomende uitkeringen ten laste van Nederland te egaliseren en, mede door het treffen van een nadere regeling met betrekking tot het verlenen van kindertoelage, aan te passen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

Op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet worden buiten werking gesteld:

Artikel 2
1.

In deze wet wordt verstaan onder:

2.

Naar de in artikel 32 gemaakte onderscheiding is Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onderscheidenlijk Onze Minister van Buitenlandse Zaken bevoegd andere periodieke uitkeringen dan die, omschreven in het eerste lid, onder c of d, voor de toepassing van deze wet gelijk te stellen met pensioenen, weduwenpensioenen of wezenonderstanden dan wel met overige uitkeringen.

3.

Tenzij anders blijkt, worden voor de toepassing van deze wet pensioenen, weduwenpensioenen, wezenonderstanden en overige uitkeringen geacht in euro's te luiden.

Artikel 2a

Vervallen

Artikel 3

Vervallen

Hoofdstuk I-A. Vervallen

Artikel 3a

Vervallen

Artikel 3b

Vervallen

Artikel 3c

Vervallen

Artikel 3d

Vervallen

Artikel 3e

Vervallen

Hoofdstuk II. Vervallen

Artikel 4

Vervallen

Artikel 5

Vervallen

Artikel 6

Vervallen

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Vervallen

Artikel 11

Vervallen

Artikel 12

Vervallen

Artikel 13

Vervallen

Hoofdstuk III. Vervallen

Artikel 14

Vervallen

Artikel 15

Vervallen

Artikel 16

Vervallen

Artikel 17

Vervallen

Artikel 18

Vervallen

Artikel 19

Vervallen

Artikel 20

Vervallen

Artikel 21

Vervallen

Artikel 22

Vervallen

Artikel 23

Vervallen

Artikel 24

Vervallen

Artikel 25

Vervallen

Artikel 26

Vervallen

Artikel 27

Vervallen

Hoofdstuk IV. Vervallen

Artikel 28

Vervallen

Artikel 29

Vervallen

Hoofdstuk V. Vervallen

Artikel 30

Vervallen

Hoofdstuk V-A. Vervallen

Artikel 30a

Vervallen

Artikel 30b

Vervallen

Artikel 30c

Vervallen

Artikel 30d

Vervallen

Artikel 30e

Vervallen

Artikel 30f

Vervallen

Artikel 30g

Vervallen

Hoofdstuk VI. Slotbepalingen

Artikel 31
1.

Indien een persoon, die recht heeft op pensioen, weduwenpensioen, wezenonderstand of overige uitkering ingevolge het bepaalde bij of krachtens de Wet langdurige zorg een bijdrage verschuldigd is in de kosten van zorg, is het orgaan, dat belast is met de uitbetaling van het pensioen, het weduwenpensioen, de wezenonderstand of de overige uitkering en toeslagen krachtens deze wet, bevoegd het pensioen, het weduwenpensioen, de wezenonderstand, de overige uitkering en de toeslagen tot ten hoogste het bedrag van die bijdrage in plaats van aan die persoon zonder diens machtiging uit te betalen aan het Zorginstituut Nederland, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet.

2.

Het in het voorgaande lid bepaalde is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van uitbetaling van pensioenen als bedoeld in de Bijzondere Ongevallenregeling Dienst- en Reserveplichtigen (Ind. Stb. 1947, 154) en daarop verleende toeslagen.

Artikel 32
1.

In de gevallen, waarin deze wet niet of niet naar billijkheid voorziet en welke betrekking hebben op weduwenpensioenen en wezenonderstanden, is Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bevoegd in overeenstemming met Onze Minister van Financiën voorzieningen te treffen.

2.

In alle overige gevallen, waarin deze wet niet of niet naar billijkheid voorziet, is Onze Minister van Buitenlandse Zaken bevoegd in overeenstemming met Onze Minister van Financiën voorzieningen te treffen.

Artikel 33
1.

De kosten van deze wet komen ten laste van Hoofdstuk VII der Rijksbegroting.

2.

Onze Ministers van Buitenlandse Zaken en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wijzen de organen aan, welke de toeslagen en toelagen verlenen en/of uitbetalen.

Artikel 34

Deze wet kan worden aangehaald als "Toeslagwet Indonesische pensioenen 1956".

Artikel 35

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin zij wordt geplaatst.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministeriële Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.