Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968
Gelet op de artikelen 3, vierde lid, 7, derde lid, 8, derde lid, 11, eerste lid, letters a, 2°, b, 5°, en p 15, eerste lid, letter b, 1°, en vijfde lid, 23, eerste lid, 24, tweede lid, 25, tweede en derde lid, 26, 27, zevende lid, 31, 33, tweede en zesde lid, 34, 35, vijfde lid, 50, vijfde, twaalfde en vijftiende lid, en 50a, vierde lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968 (Stb. 329), letter a, posten 29, letter d en 32, van de bij die wet behorende tabel I, de bijzondere bepaling op letter a, post 2, van de bij die wet behorende tabel II, artikel 62 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Stb. 1959, 301), alsmede de artikelen 4, letter c, 9, derde lid, 12, derde lid, 13, 23 en 24b, achtste lid, en 24ba, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 (Stb. 423);
Besluit:
Begripsbepalingen
Artikel 1
Deze regeling geeft uitvoering aan de artikelen 1a, derde lid, 2a, eerste lid, onderdelen l en m, en tweede lid, 6k, vierde lid, 7, derde en vierde lid, 8, zevende lid, 11, eerste lid, onderdelen a, onder 2°, b, onder 5°, p, en zesde lid, 15, eerste lid, onderdeel c, onder 1°, derde en zesde lid, 17e, 21, 23, eerste lid, 24, tweede lid, 25b, eerste lid, onderdeel a, 26, 28d, 28i, 28p, 28zb, vierde lid, 29, tiende lid, 31, zevende lid, 32f, tweede lid, 32g, 32h, 32i, 34, eerste, tweede, derde en vierde lid, 34c, tweede lid, 34e, 35a, zesde lid, en 37d, van de Wet op de omzetbelasting 1968, onderdeel a, posten 31 en 35, van de bij die wet behorende tabel I, onderdeel a, posten 7 en 8, van de bij die wet behorende tabel II, artikel 62 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, alsmede de artikelen 4, eerste lid, onderdeel c, 12, vijfde lid, 13, 24b, achtste lid, 24ba, tweede lid, en 24c, derde lid, onderdeel c, van het Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968.
Deze regeling verstaat onder:
- a. wet: Wet op de omzetbelasting 1968;
- b. besluit: Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968;
- c. belasting: omzetbelasting.
Inleidende bepalingen
Artikel 1a
De inspecteur stelt de datum met ingang waarvan ingevolge artikel 1a, derde lid, eerste volzin, van de wet, het tweede lid van dat artikel niet van toepassing is, vast:
- a. op de datum van dagtekening van de beschikking bedoeld in het derde lid van dat artikel; dan wel
- b. indien degene die het verzoek indient zulks wenst, op een in het verzoek aangegeven latere datum.
De wederopzegging als bedoeld in artikel 1a, derde lid, tweede volzin, van de wet, dient schriftelijk te geschieden.
De inspecteur stelt de datum met ingang waarvan na de wederopzegging artikel 1a, tweede lid, van de wet, wederom van toepassing is, vast, met inachtneming van het derde lid, tweede volzin, van dat artikel, op 1 januari van het jaar volgend op dat waarin de wederopzegging is ontvangen.
Artikel 1b
In geval moet worden aangetoond dat een vervoermiddel een nieuw vervoermiddel is, dienen zodanig deugdelijke gegevens te worden overgelegd dat aan de hand daarvan kan worden vastgesteld dat het vervoermiddel een nieuw vervoermiddel is. In ieder geval moeten worden overgelegd:
- a. de gegevens als bedoeld in artikel 2a, eerste lid, onderdeel f, van de wet;
- b. de gegevens omtrent het gebruik op het moment van aankoop;
- c. naam en adres van degene van wie het vervoermiddel is verkregen.
Hoofdstuk I. Veilingen
Artikel 2
Vervallen
Hoofdstuk I A. Verkopen op afstand
Artikel 2a
Vervallen
Artikel 2b
Vervallen
Hoofdstuk II. Publiekrechtelijke lichamen en fiscale eenheid
Artikel 3
Publiekrechtelijke lichamen worden als ondernemer aangemerkt met betrekking tot het geven van gelegenheid tot parkeren waarbij een fysieke barrière of een registratie bij de in- of uitrit ter verzekering van de betaling van het parkeergeld dient.
Artikel 3a
Bij vorming van een fiscale eenheid als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de wet, wordt de fiscale eenheid voor het berekenen van de door haar verschuldigde belasting geacht in de plaats te zijn getreden van de natuurlijke personen en lichamen in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, die de fiscale eenheid vormen.
Bij beëindiging van een fiscale eenheid als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de wet, worden de natuurlijke personen en lichamen in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, die de fiscale eenheid vormden, voor het berekenen van de door hen verschuldigde belasting geacht in de plaats te zijn getreden van de fiscale eenheid, voor het deel dat tot hun bedrijfsvermogen behoort.
Bij wijziging van een fiscale eenheid als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de wet:
- a. is bij toetreding van een natuurlijk persoon of lichaam in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen tot de fiscale eenheid, het eerste lid van overeenkomstige toepassing; en
- b. is bij uittreding van een natuurlijk persoon of lichaam in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen uit de fiscale eenheid, het tweede lid van overeenkomstige toepassing.
De voorgaande leden gelden niet voor de toepassing van artikel 4c, derde en vierde lid.
Hoofdstuk III. Regeling voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten
Artikel 4
Als edele metalen en edelstenen als bedoeld in artikel 2a, eerste lid, onderdeel 1, van de wet, worden aangewezen onbewerkte edele metalen (GN-code 7106, 7108, 7110 en 7112) en onbewerkte edelstenen (GN-code 7102, 7103).
Als kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten als bedoeld in artikel 2a, eerste lid, onderdeel m, van de wet, worden aangewezen de in bijlage J bedoelde goederen.
Artikel 4a
De wederverkoper is verplicht aan zijn leverancier als bedoeld in artikel 28b, tweede lid, van de wet, een door laatstbedoelde te ondertekenen inkoopverklaring uit te reiken waarin op duidelijke en overzichtelijke wijze zijn vermeld:
- a. de dag waarop de levering wordt verricht;
- b. naam en adres van de wederverkoper;
- c. naam en adres van de leverancier;
- d. een duidelijke omschrijving van het geleverde goed en, voor zover het een motorrijtuig betreft, tevens het kenteken;
- e. de hoeveelheid van de geleverde goederen;
- f. het bedrag dat aan de leverancier ter zake van de levering is of moet worden voldaan;
- g. een verklaring van de leverancier dat hij ter zake van de levering aan hem van het goed in het geheel geen belasting in aftrek heeft gebracht.
De wederverkoper is verplicht een dubbel van de uitgereikte inkoopverklaring te bewaren.
Het eerste lid is niet van toepassing:
- a. ingeval het bedrag dat aan de leverancier moet worden voldaan minder dan € 500 bedraagt;
- b. ingeval de leverancier ingevolge artikel 34c van de wet een factuur uitreikt;
- c. ingeval de inkoop van een goed door de wederverkoper gelijktijdig plaatsvindt met de levering door hem van een ander goed aan de leverancier en de wederverkoper een factuur uitreikt die voldoet aan de in de wet gestelde voorwaarden, mits de factuur tevens voldoet aan het bepaalde in het eerste lid.
Artikel 4b
Ingeval van inwilliging van het in artikel 28c, eerste lid, van de wet bedoelde verzoek, is de wederverkoper de belasting die hij in aftrek heeft gebracht:
- a. ter zake van de levering en invoer van goederen als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, van dat artikel; of
- b. met toepassing van het tweede lid van dit artikel;
alsnog verschuldigd in het eerste belastingtijdvak waarin artikel 28c van de wet toepassing vindt.
Ingeval van een wederopzegging als bedoeld in artikel 28c, tweede lid, van de wet, kan de ondernemer de belasting die hij:
- a. ingevolge artikel 28e, onderdeel b, van de wet niet in aftrek heeft gebracht; of
- b. met toepassing van het eerste lid van dit artikel verschuldigd is geworden;
alsnog in aftrek brengen in het eerste belastingtijdvak waarin die wederopzegging toepassing vindt.
Artikel 4c
Artikel 28d van de wet is van toepassing:
- a. ter zake van leveringen door wederverkopers van de volgende goederen alsmede van de gebruikte onderdelen, toebehoren en benodigdheden terzake:
- 1°. vervoermiddelen, daaronder begrepen caravans, fietsen en bromfietsen;
- 2°. kleding;
- 3°. meubels;
- 4°. boeken en tijdschriften;
- 5°. foto-, film- en video-apparatuur alsmede beeld- en geluiddragers zoals grammofoonplaten, video- en muziekcassettes en compact-discs;
- 6°. muziekinstrumenten;
- 7°. huishoudelijke, elektrische en elektronische apparaten;
- 8°. huisdieren;
- 9°. kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten;
- b. ter zake van leveringen door wederverkopers van andere goederen dan die bedoeld in onderdeel a, ingeval het onmogelijk of ongebruikelijk is om de goederen administratief van inkoop tot verkoop te volgen of om de aankoopprijs van een partij goederen te splitsen in aankoopprijzen voor elk afzonderlijk goed, mits de wederverkoper op een daartoe gedaan verzoek door de inspecteur is aangewezen.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.