Burgerlijk Wetboek Boek 4, Erfrecht

Type Wet
Publication 2025-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Boek 4. Erfrecht

Titel 1. Algemene bepalingen

afdeeling Eerste. Algemeene bepalingen

Artikel 877

Erfopvolging heeft alleen door den dood plaats.

Artikel 878
1.

Wanneer de volgorde waarin twee of meer personen zijn overleden niet kan worden bepaald, worden die personen geacht gelijktijdig te zijn overleden en valt aan de ene persoon geen voordeel uit de nalatenschap van de andere ten deel.

2.

Indien een belanghebbende ten gevolge van omstandigheden die hem niet kunnen worden toegerekend, moeilijkheden ondervindt bij het bewijs van de volgorde van overlijden, kan de rechter hem een of meer malen uitstel verlenen, zulks voor zover redelijkerwijs mag worden aangenomen dat het bewijs binnen de termijn van het uitstel kan worden geleverd.

3.

De bepalingen van dit boek met betrekking tot vooroverlijden zijn van overeenkomstige toepassing bij gelijktijdig overlijden.

Artikel 879
1.

Tot de erfenis worden door de wet geroepen zij die tot de overledene in familierechtelijke betrekking stonden, en de langstlevende echtgenoot, volgens de hierna vastgestelde regelen.

2.

Bij gebreke van zodanige personen als bedoeld in het vorige lid, vervallen de goederen aan den staat, onder den last om de schulden te voldoen, voor zoo ver de waarde dier goederen toereikende is.

Artikel 879a

In dit boek worden met echtgenoten gelijkgesteld geregistreerde partners.

Artikel 880
1.

De erfgenamen treden van regtswege in het bezit der goederen en regtsvorderingen van den overledene.

2.

Indien er geschil ontstaat wie erfgenaam, en alzoo tot dat bezit bevoegd is, kan de regter bevelen dat de goederen onder geregtelijke bewaring zullen worden gesteld.

3.

De staat moet zich door den regter doen in het bezit stellen, en is, op straffe van schadevergoeding, gehouden de nalatenschap te laten verzegelen, en eene boedelbeschrijving te doen opmaken, in den vorm, voor de aanvaarding van nalatenschappen onder het voorregt van boedelbeschrijving vastgesteld.

Artikel 881
1.

De erfgenaam heeft eene regtsvordering tot verkrijging der erfenis tegen alle degenen die, het zij onder dien titel of zonder titel, in het bezit zijn van de geheele nalatenschap, of van een gedeelte daarvan, mitsgaders tegen degenen, die met arglist hebben opgehouden te bezitten.

2.

Hij kan deze regtsvordering instellen voor het geheel, indien hij alleen erfgenaam is, en voor zijn aandeel, zoo er meerdere erfgenamen zijn.

3.

Die regtsvordering strekt tot afgifte van al hetgeen zich, onder welken titel ook, in de nalatenschap bevindt, met de vruchten, inkomsten en schadeloosstelling, volgens de regelen welke ten aanzien van de opvordering van eigendom zijn voorgeschreven.

Artikel 883

Ten einde als erfgenamen te kunnen optreden, moet men bestaan op het oogenblik dat de erfenis is opengevallen.

Artikel 885

Als onwaardig om erfgenamen te zijn, worden beschouwd en als zoodanig van de erfenis uitgesloten:

Artikel 886

De erfgenaam, die uit hoofde van onwaardigheid van de erfenis is uitgesloten, is gehouden tot de teruggave van alle vruchten en inkomsten, waarvan hij sedert het openvallen der erfenis genot heeft gehad.

Artikel 887

Kinderen van eenen onwaardig verklaarden persoon, uit eigen hoofde tot de erfenis komende, zijn niet uitgesloten door de schuld van hunne ouders; doch deze zijn in geen geval bevoegd om van de goederen dier nalatenschap het vruchtgenot te vorderen, hetwelk de wet aan ouders op de goederen van hunne kinderen toekent.

Artikel 888

Plaatsvervulling geeft aan den vertegenwoordigenden persoon het regt om te treden in de plaats, in den graad en in de regten van dengenen die vertegenwoordigd wordt.

Artikel 889
1.

Plaatsvervulling heeft in de regte nedergaande linie in het oneindige plaats.

2.

Dezelve wordt in alle gevallen toegelaten, het zij de kinderen van den overledene te zamen tot de erfenis komen met de nakomelingen van een vooroverleden kind, het zij, alle de kinderen van den overledene vóór hem gestorven zijnde, de nakomelingen dier vooroverledene kinderen zich onderling in gelijke of ongelijke graden bestaan.

Artikel 890

Er bestaat geene plaatsvervulling ten opzigte van naastbestaanden in de opgaande linie. De naaste in ieder der beide linien sluit ten allen tijde dengenen uit, die in eenen verderen graad is.

Artikel 891

In de zijdlinie wordt de plaatsvervulling toegelaten ten voordeele van kinderen en nakomelingen van des overledenens broeders en zusters, het zij die gezamenlijk met hunne ooms of moeijen tot de nalatenschap komen, het zij dat, na het vooroverlijden der broeders en zusters van den overledene, de erfenis overga tot dezelver nakomelingen, aan elkander in gelijke of in ongelijke graden bestaande.

Artikel 892

Plaatsvervulling wordt ook toegelaten in de erfopvolging van zijdmagen, wanneer nevens dengenen, die den erflater het naast in den bloede bestaat, er nog kinderen of afkomelingen aanwezig zijn van vooroverleden broeders of zusters van eerstgemelden.

Artikel 893

In alle de gevallen, waarin plaatsvervulling wordt toegelaten, heeft de verdeeling bij staken plaats; indien dezelfde staak verscheidene takken heeft voortgebragt, geschiedt de onderverdeeling in iederen tak wederom bij staken, en onder de personen in denzelfden tak geschiedt de verdeeling bij hoofden.

Artikel 894

Niemand kan voor eenen levenden persoon bij plaatsvervulling optreden.

Artikel 895

Een kind ontleent niet van zijne ouders het regt om hen te vertegenwoordigen, en men kan zelfs dengenen vertegenwoordigen wiens boedel men niet heeft willen aanvaarden.

Artikel 896

De wet slaat geen acht, noch op den aard, noch op den oorsprong der goederen, om de erfopvolging in dezelve te regelen.

Artikel 897
1.

Alle erfenissen welke, het zij geheellijk, het zij voor een gedeelte, aan bloedverwanten in de opgaande of zijdlinie te beurt vallen, worden in twee gelijke deelen gekloofd, waarvan het eene aan de nabestaanden in de vaderlijke, en het andere aan die in de moederlijke linie, te beurt valt, behoudens de bepalingen in artikel 901, 902 en 906 voorkomende.

2.

De erfenis kan nimmer uit de eene linie tot de andere overgaan, dan wanneer er in ééne der beide linien, noch bloedverwant in de opgaande linie, noch zijdmaag gevonden wordt.

Artikel 898

Deze eerste verdeeling tusschen de vaderlijke en de moederlijke linien daargesteld zijnde, heeft er geene verdere kloving tusschen de onderscheidene takken plaats; maar de helft, aan iedere linie te beurt gevallen, behoort aan den erfgenaam, of de erfgenamen, welke den overledene het naast in graad bestaan, behoudens het geval van plaatsvervulling.

afdeeling Tweede. Van de orde der erfopvolging

Artikel 899
1.

De kinderen of hunne afstammelingen erven van hunne ouders, grootouders, of verdere bloedverwanten in de opgaande linie, zonder onderscheid van kunne of eerstgeboorte, en zelfs wanneer zij uit verschillende huwelijken verwekt zijn.

2.

Zij erven voor gelijke deelen bij hoofden, wanneer zij allen in den eersten graad zijn en uit eigen hoofde geroepen worden; zij erven bij staken, wanneer zij allen, of een gedeelte hunner, bij plaatsvervulling opkomen.

Artikel 899a

Voor zoveel betreft de nalatenschap van de vooroverleden echtgenoot wordt de langstlevende echtgenoot voor de toepassing der bepalingen van deze titel met een kind van de overledene gelijkgesteld.

Artikel 899b
1.

De langstlevende echtgenoot mag de inboedel tot zich nemen, tenzij hij tezamen erft met nakomelingen van de erflater die niet zijn eigen nakomelingen zijn.

2.

Voor zoover deze inboedel behoort tot de nalatenschap van den erflater, komt de waarde daarvan alsdan in mindering van het erfdeel van dien echtgenoot.

3.

Overtreft die waarde die van het erfdeel, dan moet het verschil aan de mede- erfgenamen vooraf worden vergoed.

4.

In dit artikel wordt onder inboedel begrepen: alle roerende zaken, met uitzondering van geld, geldswaardige papieren, schepen, luchtvaartuigen en zaken die in de uitoefening van een beroep of bedrijf worden gebruikt.

Artikel 900
1.

Indien de overledene noch nakomelingen, noch echtgenoot, noch broeders of zusters achtergelaten heeft, wordt de nalatenschap in twee gelijke deelen tusschen de bloedverwanten in de vaderlijke, en die in de moederlijke opgaande linie verdeeld, behoudens de bepaling van artikel 906.

2.

De naaste in graad in de opgaande linie bekomt de helft aan zijne linie behoorende, met uitsluiting van alle anderen.

3.

Bloedverwanten in de opgaande linie, van denzelfden graad, erven bij hoofde.

Artikel 901
1.

Wanneer de vader en de moeder van eenen persoon, welke overleden is zonder nakomelingen en zonder echtgenoot na te laten, hem overleven, bekomt ieder hunner een derde gedeelte der nalatenschap, indien de verstorvene slechts éénen broeder, of ééne zuster heeft achtergelaten, welke het overige derde gedeelte bekomt.

2.

De vader en de moeder erven ieder voor een vierde gedeelte, indien de overledene meerdere broeders of zusters heeft achtergelaten, en in dat geval, vallen aan deze laatstgemelde de twee overige vierde gedeelten te beurt.

Artikel 902

Wanneer de vader of de moeder van iemand, overleden zonder nakomelingen en zonder echtgenoot na te laten, vóór hem gestorven is, zal de langstlevende de helft der nalatenschap bekomen, indien de overledene slechts éénen broeder of ééne zuster achterlaat; één derde, indien hij er twee achtergelaten heeft; en één vierde gedeelte, indien er meerdere broeders of zusters achtergebleven zijn. De overige deelen vallen aan de broeders en zusters te beurt.

Artikel 903

Indien vader en moeder van eenen persoon, welke gestorven is zonder nakomelingen en zonder echtgenoot na te laten, vooroverleden zijn, worden de broeders en zusters tot de geheele erfenis geroepen.

Artikel 904

De verdeeling van al hetgeen, volgens de bepalingen der hier- bovenstaande artikelen, aan de broeders en de zusters toekomt, geschiedt onder hen in gelijke deelen, indien zij allen van hetzelfde bed zijn; indien dat niet het geval is, wordt hetgeen zij erven in twee gelijke deelen tusschen de vaderlijke en de moederlijke linien des overledenen verdeeld; de volle broeders en zusters bekomen hun deel in beide de linien, en die van halven bedde slechts in de linie tot welke zij behooren. Indien er niet dan halve broeders of zusters, van éénen kant slechts, zijn achtergebleven, bekomen zij de geheele nalatenschap, met uitsluiting van alle andere bloedverwanten in de andere linie.

Artikel 905
1.

Bij gebreke van broeders en zusters, en tevens van nabestaanden in eene der beide opgaande linien, komt de nalatenschap voor de eene helft aan de in leven zijnde bloedverwanten in de opgaande linie, en voor de wederhelft aan de zijdmagen in de andere linie, met uitzondering van het geval bij het volgende artikel vermeld.

2.

Bij gebreke van broeders en zusters en van nabestaanden in de beide opgaande linien, worden in iedere zijdlinie de naaste bloedverwanten, ieder voor de helft, tot de erfenis geroepen.

3.

Indien er in dezelfde zijdlinie bloedverwanten van denzelfden graad gevonden worden, deelen zij onder elkander bij hoofden, behoudens de bepaling van artikel 892.

Artikel 906

De langstlevende vader of moeder erft alleen de geheele nalatenschap van zijn kind, hetwelk zonder nakomelingen, echtgenoot, broeders of zusters na te laten, overleden is.

Artikel 907

Onder de benaming van broeders en zusters, in deze afdeeling voorkomende, worden steeds de afstammelingen van ieder hunner begrepen.

Artikel 908
1.

Bloedverwanten welke den overledene verder dan in den zesden graad in de zijdlinie bestaan erven niet.

2.

Indien in de eene linie geene bloedverwanten van den graad, waarin men erven kan, gevonden worden, bekomen de bloedverwanten in de andere linie de geheele erfenis.

titel Twaalfde. Van uiterste willen

afdeeling Eerste. Algemeene bepalingen

Artikel 921
1.

De goederen, welke iemand bij zijn overlijden nalaat, behooren aan zijne wettelijke erfgenamen, voor zoo verre hij daarover niet bij uitersten wil wettiglijk mogt hebben beschikt.

2.

Men kan geen afstand doen van een erfenis die nog niet opengevallen is, noch over een zodanige nalatenschap enig beding aangaan, zelfs niet met toestemming van degene over wiens nalatenschap gehandeld wordt, behoudens de bepalingen van artikel 146 van Boek 1.

Artikel 922

Een testament of uiterste wil is eene akte, houdende de verklaring van hetgeen iemand wil dat na zijnen dood zal geschieden, en welke akte door hem kan worden herroepen.

Artikel 923
1.

Uiterste wilsbeschikkingen ten aanzien van goederen zijn, of algemeen, of onder eenen algemeenen titel, of onder eenen bijzonderen titel.

2.

Elke dezer beschikkingen, het zij dezelve gedaan zij onder de benaming van erfstelling, het zij onder de benaming van legaat, of onder elke andere benaming, zal kracht hebben, volgens de regelen bij dezen titel voorgeschreven.

Artikel 924

Eene uiterste wilsbeschikking ten voordeele van de naaste bloedverwanten, of het naaste bloed van den erflater, zonder verdere aanduiding, wordt geacht te zijn gemaakt ten voordeele van zijne door de wet geroepen erfgenamen.

Artikel 925

De uiterste wilsbeschikking ten voordeele van de armen, zonder andere aanduiding, wordt geacht gemaakt te zijn ten behoeve van alle de noodlijdenden, zonder onderscheid naar godsdienst of levensovertuiging, welke in de plaats alwaar de erfenis is opengevallen, door armen-inrigtingen bedeeld worden.

Artikel 926
1.

De erfstellingen over de hand of fidei-commissaire substitutien zijn verboden.

2.

Dienvolgens is, zelfs ten aanzien van den benoemden erfgenaam of legataris, nietig en van onwaarde elke beschikking, waarbij dezelve belast wordt de erfenis of het legaat te bewaren, en aan eenen derde, voor het geheel, of voor een gedeelte, uit te keeren.

Artikel 927

Van de bij het vorige artikel verboden erfstellingen over de hand zijn uitgezonderd die welke bij de zevende en achtste afdeelingen van dezen titel zijn toegelaten.

Artikel 928

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.