← Geldende tekst · Geschiedenis

Besluit van 17 juni 1971, houdende toepassing van artikel 68 van de Kernenergiewet

Geldende tekst a fecha 2014-01-01

Op de voordracht van Onze Ministers van Economische Zaken en van Defensie van 28 april 1971, no. 671/222 W.J.A., gedaan in overeenstemming met Onze Ministers van Buitenlandse Zaken, van Binnenlandse Zaken, van Verkeer en Waterstaat en van Justitie, de Centrale Raad voor de Kernenergie gehoord;

Gelet op de artikelen 68 en 76 van de Kernenergiewet (Stb. 1963, 82);

De Raad van State gehoord (advies van 26 mei 1971, no. 14);

Gezien het nader rapport van Onze Ministers van Economische Zaken en van Defensie van 11 juni 1971, no. 671/326 W.J.A., uitgebracht in overeenstemming met Onze Ministers van Buitenlandse Zaken, van Binnenlandse Zaken, van Verkeer en Waterstaat en van Justitie;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1
1.

Dit besluit geldt ten aanzien van:

2.

Onze in het eerste lid bedoelde Ministers zijn:

3.

Een verplichting tot geheimhouding als in het eerste lid, onder a, bedoeld kan slechts worden opgelegd en gegevens, hulpmiddelen, materialen, onderzoekingen en werkmethoden kunnen slechts ingevolge het eerste lid, onder a of b, worden aangewezen, indien dit in het belang van de staat wordt geboden.

4.

Indien een aanwijzing op grond van het eerste lid, onder a of b, niet uitdrukkelijk tot een of meer bepaalde personen is gericht, wordt zij in de Staatscourant bekend gemaakt.

Artikel 2
1.

Degene, die beschikt over gegevens, hulpmiddelen of materialen, dan wel onderzoekingen verricht of werkmethoden toepast, ten aanzien waarvan dit besluit geldt, is verplicht ervoor zorg te dragen, dat de maatregelen worden getroffen, welke redelijkerwijs nodig zijn om ten aanzien van de betrokken gegevens, hulpmiddelen, materialen, onderzoekingen of werkmethoden de geheimhouding te verzekeren.

2.

Deze maatregelen houden onder meer in, dat:

3.

Voorts dient degene, die beschikt over gegevens, hulpmiddelen of materialen, dan wel onderzoekingen verricht of werkmethoden toepast, ten aanzien waarvan dit besluit geldt, ervoor zorg te dragen, dat:

4.

In het tweede en derde lid wordt onder Onze Ministers verstaan Onze Ministers, van wie of met wier instemming de betrokken gegevens, hulpmiddelen of materialen onder verplichting tot geheimhouding zijn verkregen, dan wel Onze Ministers, die de betrokken gegevens, hulpmiddelen, materialen, onderzoekingen of werkmethoden op grond van artikel 1, eerste lid, onder a of b, hebben aangewezen.

Artikel 3
1.

Dit besluit kan worden aangehaald als: Geheimhoudingsbesluit Kernenergiewet.

2.

Het treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin het wordt geplaatst.

Onze Ministers van Economische Zaken en van Defensie zijn belast met de uitvoering van dit besluit, dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.