Wet van 24 oktober 1973, houdende regelen inzake wettelijke aansprakelijkheid van exploitanten van nucleaire schepen

Type Wet
Publication 2025-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is regelen vast te stellen inzake wettelijke aansprakelijkheid van exploitanten van nucleaire schepen, welke mede strekken ter uitvoering van het Verdrag van Brussel van 25 mei 1962 inzake de aansprakelijkheid van exploitanten van nucleaire schepen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

De exploitant van een nucleair schip is objectief aansprakelijk voor iedere kernschade, indien bewezen is, dat die schade is veroorzaakt door een kernongeval, waarbij de splijtstoffen van of de radioactieve produkten of afvalstoffen, voortgebracht op dat schip, zijn betrokken.

2.

Niemand anders dan de exploitant is aansprakelijk voor zodanige kernschade, tenzij in deze wet anders is bepaald. Voor de schade, waarvoor de exploitant overeenkomstig deze wet aansprakelijk is, kan hij niet uit anderen hoofde worden aangesproken.

3.

Kernschade, die wordt geleden door het nucleaire schip zelf, zijn uitrusting, brandstof of scheepsvoorraden, valt niet onder de aansprakelijkheid van de exploitant krachtens deze wet.

4.

De exploitant is niet aansprakelijk voor kernongevallen, die plaatsvinden, voordat de splijtstoffen door hem zijn overgenomen, of nadat de splijtstoffen of radioactieve produkten of afvalstoffen zijn overgenomen door een andere persoon, die daartoe wettelijk bevoegd is en die aansprakelijk is voor iedere door die stoffen of produkten veroorzaakte kernschade.

5.

Indien de exploitant bewijst, dat de kernschade geheel of gedeeltelijk het gevolg is van een handelen of nalaten, met het opzet schade te veroorzaken, van de natuurlijke persoon, die schade heeft geleden, kan de rechter de exploitant geheel of gedeeltelijk ontheffen van zijn aansprakelijkheid tegenover die persoon.

6.

Niettegenstaande het bepaalde in het eerste lid heeft de exploitant recht van verhaal:

Artikel 3
1.

De aansprakelijkheid van de exploitant met betrekking tot een enkel nucleair schip is per kernongeval beperkt tot een bedrag, gelijk aan de tegenwaarde in guldens van 1500 miljoen franken, zelfs indien het kernongeval het gevolg is geweest van een persoonlijke fout van die exploitant; onder het bedrag, waartoe de aansprakelijkheid is beperkt, zijn niet begrepen interesten of kosten, die door de rechter zijn toegewezen in een krachtens deze wet ingestelde rechtsvordering tot schadevergoeding.

2.

Een frank, als bedoeld in het eerste lid, is een rekeneenheid, bestaande uit 65,5 milligram goud op basis van 900 duizendsten fijn.

Artikel 4

De exploitant is gehouden overeenkomstig de artikelen 5, 6 of 7 dekking van zijn aansprakelijkheid te hebben en in stand te houden tot het in artikel 3, eerste lid, bedoelde bedrag.

Artikel 5
1.

De exploitant van een nucleair schip dat op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd is de vlag van het Koninkrijk te voeren is gehouden een verzekering of andere financiële zekerheid te hebben en in stand te houden van de aard en op de voorwaarden, als door Onze Minister van Financiën is vastgesteld, tot een bij algemene maatregel van bestuur, gelet op de mogelijkheden tot het verkrijgen van dekking, vast te stellen bedrag. Bij zodanige maatregel kunnen andere voorschriften worden gegeven met betrekking tot die financiële zekerheid.

2.

Indien een exploitant, als bedoeld in het eerste lid, naar het oordeel van Onze Minister van Financiën geen of geen voldoende zekerheid, als daar bedoeld, kan verkrijgen of indien deze financiële zekerheid naar het oordeel van Onze Minister van Financiën slechts tegen een onredelijke premie of vergoeding te verkrijgen is, is Onze voornoemde Minister gemachtigd op voorwaarden en tegen premies of vergoedingen, als door hem te bepalen, voor de Staat als verzekeraar verzekeringsovereenkomsten terzake aan te gaan of namens de Staat andere garanties terzake te verstrekken.

3.

Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing ten aanzien van een schip, dat door de Staat wordt geëxploiteerd.

Artikel 6
1.

Voor zover de overeenkomstig artikel 5 beschikbaar komende middelen ontoereikend zijn voor vergoeding van de kernschade, stelt de Staat aan de exploitant openbare middelen beschikbaar tot het in artikel 3, eerste lid, bedoelde bedrag.

2.

Voor zover het ontbreken van de financiële zekerheid, bedoeld in artikel 5, aan schuld van de exploitant te wijten is, heeft de Staat voor de in verband daarmede beschikbaar gestelde openbare middelen recht van verhaal op de exploitant.

3.

De in artikel 3 bedoelde interesten en kosten, verschuldigd door een exploitant, als bedoeld in artikel 5, zijn voor rekening van die exploitant en de Staat naar verhouding van de middelen, die ingevolge artikel 5, onderscheidenlijk het eerste lid van het onderhavige artikel, beschikbaar worden gesteld.

4.

Indien en voorzover de Staat ingevolge het eerste lid openbare middelen aan de exploitant beschikbaar heeft gesteld, heeft hij het recht van verhaal van de exploitant, bedoeld in artikel 2, zesde lid. Bij de uitoefening van dit recht heeft de Staat voorrang boven de verzekeraars of andere personen, die financiële zekerheid, als bedoeld in artikel 5, eerste lid, hebben gesteld.

Artikel 7

Voor wat een exploitant van een onder vreemde vlag varend nucleair schip betreft dient de in artikel 4 bedoelde dekking voor zijn aansprakelijkheid naar het oordeel van Onze Minister van Financiën genoegzaam te zijn.

Artikel 8

In gevallen, waarin zowel kernschade als andere schade is veroorzaakt door een kernongeval of door een kernongeval en een of meer andere feiten tezamen, en deze andere schade redelijkerwijs niet valt te scheiden van de kernschade, wordt voor de toepassing van deze wet de gehele schade beschouwd als kernschade, uitsluitend veroorzaakt door het kernongeval. In gevallen echter, waarin schade wordt veroorzaakt zowel door een onder deze wet vallend kernongeval als door het vrijkomen van ioniserende straling of het vrijkomen van ioniserende straling in combinatie met de giftige, explosieve of andere gevaarlijke eigenschappen van een niet onder deze wet vallende stralingsbron, laat deze wet onverlet de aansprakelijkheid van de persoon, die op grond van het vrijkomen van ioniserende straling of van de giftige, explosieve of andere gevaarlijke eigenschappen van die stralingsbron aansprakelijk kan worden gesteld hetzij ten aanzien van de slachtoffers hetzij in de vorm van verhaal of van een bijdrage.

Artikel 9
1.

Het recht op schadevergoeding krachtens deze wet vervalt, indien niet binnen tien jaar te rekenen van de datum van het kernongeval een rechtsvordering is ingesteld of het recht op schadevergoeding is erkend.

2.

Ingeval kernschade is veroorzaakt door splijtstoffen of door radio-actieve produkten of afvalstoffen, die waren gestolen, verloren, geworpen of verlaten, wordt de in het eerste lid genoemde vervaltermijn gerekend van de datum, waarop het kernongeval, dat de kernschade heeft veroorzaakt, plaatsvond, doch deze termijn zal in geen geval langer zijn dan twintig jaar, te rekenen van de datum van de diefstal, het verlies, de werping of het verlaten.

3.

Onverminderd de vervaltermijn, gesteld in het eerste of tweede lid, verjaart een rechtsvordering tot vergoeding van schade krachtens deze wet door verloop van drie jaar na de dag, waarop de betrokkene of, indien hij een wettelijke vertegenwoordiger heeft, deze laatste kennis draagt of redelijkerwijs geacht kan worden kennis te dragen van de schade en van de aansprakelijke exploitant.

Artikel 10

Indien en voorzover ter vergoeding van kernschade recht bestaat op uitkering krachtens Nederlandse sociale wetten, komt het recht op vergoeding van die schade ingevolge deze wet toe aan degenen, te wier laste die uitkeringen komen, met dien verstande, dat bij periodieke uitkeringen als schade zal worden aangemerkt de gekapitaliseerde waarde van de verschuldigde uitkeringen.

Overigens blijven de bepalingen van bedoelde wetten van kracht.

Artikel 11
1.

In gevallen, waarin kernschade aanleiding geeft tot aansprakelijkheid van meer dan één exploitant en het redelijkerwijs niet mogelijk is te bepalen, welk deel van de schade aan ieder hunner dient te worden toegerekend, zijn de betrokken exploitanten hoofdelijk aansprakelijk. Niettemin zal de aansprakelijkheid van ieder der exploitanten het in artikel 3, eerste lid, bedoelde bedrag niet te boven gaan.

2.

In het geval van een kernongeval, waarbij de kernschade wordt veroorzaakt door of het gevolg is van splijtstoffen of radioactieve produkten of afvalstoffen van meer dan één nucleair schip van eenzelfde exploitant, is die exploitant ten aanzien van elk dier schepen aansprakelijk tot het in artikel 3, eerste lid, bedoelde bedrag.

3.

Ingeval exploitanten hoofdelijk aansprakelijk zijn en met inachtneming van het eerste lid:

Artikel 12

Een exploitant is niet aansprakelijk krachtens deze wet voor kernschade, veroorzaakt door een kernongeval, dat rechtstreeks te wijten is aan een oorlogshandeling, vijandelijkheden, burgeroorlog of opstand.

Artikel 13

De ingevolge artikel 4 ter beschikking komende middelen mogen uitsluitend worden aangewend voor de betaling van krachtens deze wet verschuldigde schadevergoeding.

Artikel 14
1.

Het recht op vergoeding van kernschade kan slechts worden uitgeoefend tegen de exploitant, die ingevolge deze wet aansprakelijk is.

2.

Iedere persoon, die krachtens het recht van een andere staat of krachtens een internationale overeenkomst kernschade heeft vergoed, verkrijgt bij subrogatie de rechten, die de persoon aan wie hij schadevergoeding heeft betaald, ingevolge deze wet zou hebben gehad, tot het bedrag, dat hij heeft betaald. Niemand verkrijgt evenwel op deze wijze rechten, indien en voor zover de exploitant krachtens deze wet een recht van verhaal of op een bijdrage jegens hem heeft.

Artikel 15

Rechtsvorderingen ingevolge deze wet en verzoeken overeenkomstig artikel 18, eerste lid, en artikel 21, eerste lid, kunnen in eerste aanleg uitsluitend worden ingesteld bij de rechtbank Den Haag.

Artikel 16
1.

Een exploitant van een nucleair schip dat op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd is de vlag van het Koninkrijk te voeren is gehouden onverwijld mededeling te doen aan Onze Minister van Financiën:

2.

Voorzover de Staat openbare middelen, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van deze wet, beschikbaar stelt voor vergoeding van kernschade, met betrekking waartoe een van de in het eerste lid bedoelde mededelingen niet is gedaan, heeft de Staat voor het aldus betaalde bedrag recht van verhaal op de exploitant.

Artikel 17
1.

Erkenning van en voldoening aan schadevorderingen zomede het aangaan van dadingen en schikkingen betreffende zodanige vorderingen kunnen door een exploitant van een nucleair schip dat op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd is de vlag van het Koninkrijk te voeren slechts met goedkeuring van Onze Minister van Financiën geschieden.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.