Besluit van 3 september 1975, tot uitvoering van enige artikelen van de Wet voorlopige regeling schadefonds geweldsmisdrijven

Type AMvB
Publication 2013-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 22 april 1975, Stafafdeling Wetgeving Publiekrecht, nr. 267/675;

Overwegende, dat het noodzakelijk is ter uitvoering van enige artikelen van de Wet voorlopige regeling schadefonds geweldsmisdrijven nadere regels te stellen, onder meer met betrekking tot de bedragen die ten hoogste kunnen worden uitgekeerd en de inrichting en werkwijze van de commissie tot beheer van het fonds;

Gelet op de artikelen 4, tweede en derde lid, 11, 12 en 22 van de Wet voorlopige regeling schadefonds geweldsmisdrijven;

De Raad van State gehoord (advies van 14 mei 1975, nr.5);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 26 augustus 1975, Stafafdeling Wetgeving Publiekrecht, nr. 494/675;

Hebben goedgevonden en verstaan:

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

het fonds: het schadefonds geweldsmisdrijven;

Onze Minister: Onze Minister van Justitie;

de commissie: de commissie tot beheer van het fonds;

lidstaat: een lidstaat van de Europese Unie.

Artikel 2

Vervallen

Artikel 3

Vervallen

§ 2. Inrichting en werkwijze van de commissie tot beheer van het fonds

Artikel 4

Vervallen

Artikel 5

Vervallen

Artikel 6
1.

De meervoudige kamer van de commissie houdt ten minste drie vergaderingen per jaar; zij beslist bij meerderheid van stemmen.

2.

De beslissing tot het al dan niet toekennen van een uitkering wordt genomen door de enkelvoudige kamer indien:

3.

In alle gevallen kan een beslissing tot het al dan niet toekennen van een voorlopige uitkering door de enkelvoudige kamer worden genomen.

Artikel 7

De commissie stelt een bestuursreglement vast, waarin onder andere wordt opgenomen een regeling betreffende de werkzaamheden van de meervoudige kamer en de enkelvoudige kamers, alsmede van de secretaris.

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9
1.

De secretaris bereidt de door de commissie te behandelen en te beslissen zaken voor. Hij wordt daartoe bijgestaan door ambtenaren, die door Onze Minister zijn aangewezen.

2.

De secretaris is bij de plenaire bijeenkomsten van de commissie tegenwoordig en heeft bij de beraadslagingen een adviserende stem.

3.

De secretaris is belast met de uitvoering van de besluiten van de commissie.

Artikel 10
1.

De secretaris bereidt het jaarverslag, bedoeld in artikel 18 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, voor.

2.

In het jaarverslag wordt onder meer vermeld hoeveel aanvragen om een uitkering de commissie in de verslagperiode hebben bereikt, de aan deze aanvragen gegeven afdoening, de uitgekeerde bedragen, alsmede de bijzondere omstandigheden die de hoogte van de uitkeringen hebben bepaald.

Artikel 11

Vervallen

Artikel 12

Een ieder die door de commissie wordt opgeroepen tot het verstrekken van inlichtingen, ontvangt, voor zover hij aan die oproeping gevolg geeft, vergoeding voor reis- en verblijfkosten, alsmede vergoeding voor tijdverzuim, op de voet van het bij en krachtens de Wet tarieven in strafzaken bepaalde.

§ 2a. Werkwijze van het fonds bij verzoeken tot uitkering en de procedure van afhandeling daarvan bij grensoverschrijdende situaties binnen de Europese Unie

Artikel 13

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waarop de Wet voorlopige regeling schadefonds geweldsmisdrijven in werking treedt.

Artikel 14

Dit besluit kan worden aangehaald als "Besluit schadefonds geweldsmisdrijven".

Lasten en bevelen, dat dit besluit, met de nota van toelichting, in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.

Artikel 12a
1.

Op verzoek van de aanvrager draagt het fonds zorg voor:

2.

Het fonds verstrekt de aanvraag, de stukken en informatie, bedoeld in het eerste lid, onder c en d, in de officiële taal of een van de talen van de lidstaat van de instantie tot welke de aanvraag, de stukken en informatie zijn gericht, die een taal van de instellingen van de Unie is, of in een andere taal van de instellingen van de Unie waarvan die lidstaat heeft aangegeven dat hij deze kan aanvaarden.

Artikel 12b
1.

Na ontvangst door het fonds van een aanvraag tot uitkering van de bevoegde instantie uit een andere lidstaat, zendt het fonds die instantie en de aanvrager zo spoedig mogelijk de volgende informatie:

2.

Op de in het eerste lid bedoelde informatie is artikel 12a, tweede lid, van overeenkomstige toepassing.

3.

Het fonds zendt de beslissing op de aanvraag zo spoedig mogelijk aan de aanvrager en aan de bevoegde instantie bedoeld in het eerste lid.

Artikel 12c
1.

Indien de bevoegde instantie van een lidstaat, de aanvrager of een derde, zoals een getuige of een deskundige, wenst te horen, stelt het fonds de desbetreffende bevoegde instantie in staat de aanvrager of derde rechtstreeks te horen per telefoon- of videoverbinding, of hoort het fonds de aanvrager of derde zelf en zendt zij hiervan proces-verbaal van verhoor naar de bevoegde instantie. De aanvrager en de derden zijn niet verplicht tot medewerking aan rechtstreeks verhoor.

2.

Indien het fonds de aanvrager of een derde, zoals een getuige of deskundige, wenst te horen, stelt zij de bevoegde instantie in de desbetreffende lidstaat hiervan in kennis.

§ 3. Slotbepalingen

Lasten en bevelen, dat dit besluit, met de nota van toelichting, in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.