Instelling Gemeenschappelijke Raadgevende Commissie

Type Ministeriële regeling
Publication 2004-07-15
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Handelende in overeenstemming met de directeur-generaal van het Europees Ruimte Agentschap;

Overwegende, dat het wenselijk is het functioneren van de Gemeenschappelijke Raadgevende Commissie, bedoeld in artikel 12 van de op 2 februari 1967 gesloten overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Europese Organisatie voor Ruimteonderzoek, van een formele grondslag te voorzien;

Besluit:

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

Artikel 2

Er is een commissie ten behoeve van overleg tussen ESTEC en de Nederlandse overheid, genaamd Gemeenschappelijke Raadgevende Commissie.

Artikel 3

De commissie heeft tot taak:

Artikel 4
1.

Lid van de commissie zijn:

2.

De leden van de commissie bedoeld in het eerste lid, onder a en onder c tot en met g, worden benoemd en ontslagen door de Minister van Economische Zaken.

3.

Ter gelegenheid van de instelling worden tot lid van de commissie benoemd:

4.

De Minister van Economische Zaken en de directeur-generaal ESA voorzien gezamenlijk in het secretariaat.

Artikel 5
1.

De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.

2.

Bij de uitvoering van haar taak dient de commissie nauw samen te werken met de bevoegde Nederlandse autoriteiten.

3.

Zo nodig bevordert de commissie dat rechtstreeks overleg plaatsvindt tussen ESTEC en de betrokken Nederlandse autoriteiten.

Artikel 6

Ter uitvoering van haar taak kan de commissie onder meer:

Artikel 7

De commissie komt ten minste tweemaal per jaar bijeen.

Artikel 8

De commissie brengt ten minste eenmaal per jaar verslag uit over de betrekkingen tussen ESTEC en de Nederlandse overheid aan de Minister van Economische Zaken, in diens hoedanigheid van coördinerend minister voor de ruimtevaart.

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de commissie geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de commissie opgeborgen in het archief van dat ministerie.

Artikel 11
1.

Dit besluit wordt bekendgemaakt in de Staatscourant.

2.

Het treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Afschrift van dit besluit zal worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.