Regeling houdende nadere regels ten aanzien van machines
Gelet op de artikelen 4, vijfde en zesde lid, 5, derde lid, 12, eerste lid, eerste zin, en 16, tweede lid, van de Wet op de gevaarlijke werktuigen, de artikelen 3 en 12, derde lid, van het Besluit machines, artikel 25, eerste lid, onderdeel a, van de Warenwet en artikel 1, tweede lid, onderdeel 3°, van het Warenwetbesluit machines;
Besluiten:
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder Besluit: het Warenwetbesluit machines.
Artikel 2
Als categorie mobiele kranen als bedoeld in artikel 6d, eerste lid, tweede zin, van het besluit worden aangewezen:
hijskranen voor haakbedrijf op rupsen of banden alsmede torenvormige hijskranen voor haakbedrijf op rupsen of banden met een bedrijfslastmoment van tenminste 10 tonmeter, met uitzondering van:
- a. op een voertuig bevestigde laadkranen die uitsluitend bestemd zijn of worden gebruikt voor het laden en lossen van de laadbak van het voertuig;
- b. grondverzetmachines die ontgravingen maken en daarop aansluitend leidingwerk in die ontgravingen leggen of ten behoeve van het uitvoeren van grondverzetwerkzaamheden ondersteuningsschotten plaatsen.
Als categorie torenkranen als bedoeld in artikel 6d, eerste lid, tweede zin, van het besluit worden aangewezen:
torenvormige hijskranen, die vast zijn opgesteld of die verrijdbaar zijn op rails, met een bedrijfslastmoment van ten minste 10 tonmeter.
Artikel 3
Vervallen
Artikel 4
Vervallen
Artikel 5. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Warenwetregeling machines.
Artikel 6
Vervallen
Artikel 7
Vervallen
Artikel 8
Vervallen
Artikel 2a. Eisen voor aanwijzing en (blijven) functioneren als aangewezen instelling en aangewezen aangemelde instelling
Vervallen
Artikel 2b
Vervallen
Artikel 2c
Vervallen
Bijlage 1. behorend bij Artikel 2a
Vervallen
Schema voor Aanwijzing en Toezicht op de instellingen voor overeenstemmings- beoordelingsprocedures voor het Warenwetbesluit Machines
Document: WDA&T-EU-Machines
Onder beheer van:
Ministerie van SZW
Postbus 90801
2509 LV Den Haag
www.minszw.nl
Inhoud
1. Inleiding
Voor machines zijn er wettelijk verplichte conformiteit beoordelingsprocedures vastgesteld. De procedures zijn ontleend aan de Europese Machinerichtlijn 2006/42/EG1Richtlijn 2006/42/EG van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2006 betreffende machines en tot wijziging van Richtlijn 95/16/EG (herschikking).. Deze Richtlijn is geïmplementeerd in het Warenwetbesluit machines. Voor elk product dat onder de richtlijn valt moet een EG-verklaring van overeenstemming worden opgesteld. Hierin verklaart de fabrikant dat zijn product voldoet aan alle essentiële veiligheids- en gezondheidseisen uit de richtlijn. Een gemachtigde persoon van de fabrikant, of de fabrikant zelf, ondertekent de verklaring en deze wordt meegestuurd met het product. Ook brengt de fabrikant de CE markering op het product aan. Voor bepaalde categorieën machines zijn er wettelijke verplichte overeenstemmingsbeoordelingsprocedures die door onafhankelijke keuringsinstellingen worden verricht. Verklaringen van EG-typeonderzoek of goedkeuringen van kwaliteitsborgingssystemen worden in dat verband verstrekt door aangewezen (aangemelde) keuringsinstellingen. Om verklaringen of goedkeuringen te mogen verstrekken dient een aangewezen (aangemelde) keuringsinstelling hiertoe te worden aangewezen door de minister van SZW. Dit gebeurt door een toetsing aan dit werkveldspecifieke document voor aanwijzing en toezicht (WDA&T). De aangewezen aangemelde keuringsinstellingen worden bij de Europese Commissie aangemeld, als zogenaamde Notified Bodies (NoBo).
In dit document is aangegeven aan welke eisen de betreffende aangewezen (aangemelde) keuringsinstellingen moeten voldoen, alvorens de aanwijzing voor een werkveld gebaseerd op het Warenwetbesluit machines kan plaatsvinden. Dit WDA&T is mede gebaseerd op het Warenwetbesluit machines. Dit WDA&T wordt beheerd door het ministerie van SZW.
2. Definities
Zie de definities in de Richtlijn 2006/42/EG, de verordening (EG) Nr. 764/20082Verordening (EG) Nr. 764/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van procedures voor de toepassing van bepaalde nationale technische voorschriften op goederen die in een andere lidstaat rechtmatig in de handel zijn gebracht, en tot intrekking van Beschikking nr. 3052/95/EG, de verordening (EG) Nr. 765/20083Verordening (EG) Nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het verhandelen van producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/93.en het besluit Nr. 768/2008/EG4Het Europees Parlement en de Raad gezamenlijk aangenomen besluiten Besluit Nr. 768/2008/EG van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 betreffende een gemeenschappelijk kader voor het verhandelen van producten en tot intrekking van Besluit 93/465/EEG van de Raad.van 9 juli 2008.
Binnen dit document gelden verder de volgende definities:
3. Werkveldspecifieke kenmerken
Conform de Richtlijn, het Warenwetbesluit machines en het ‘goederenpakket’.
3.1. Beschrijving document
Dit werkveldspecifieke document voor aanwijzing en toezicht binnen de werkvelden voor machines in de ontwerp- en productiefase (handelsfase) is door de minister van SZW vastgesteld. De minister van SZW kan na overleg met het veld wijzigingen aanbrengen in de vastgestelde documenten. Dit vastgestelde document vervangt eerdere versies. Op- en/of aanmerkingen over dit document kunnen worden ingediend bij het ministerie van SZW.
3.2. Risicoanalyse
De keuringsinstelling dient in alle gevallen haar werkzaamheden op integere, onpartijdige en onafhankelijke wijze uit te voeren en zal daarbij rekening houden met de mogelijke risico’s in de volgende gebieden:
Enkele voor de hand liggende risico’s voor keuringsinstellingen zijn:
4. Eisen ten behoeve van de aanwijzing
Voor de beoordeling door de Raad voor Accreditatie van keuringsinstellingen die zijn of willen worden aangewezen door de minister van SZW, hanteert de Raad voor Accreditatie de eisen uit dit schema voor aanwijzing en toezicht. Voor zover in dit schema voor aanwijzing en toezicht geen nadere invulling wordt gegeven, zijn de eisen uit de betreffende accreditatienormen, te weten:
4.1. Algemeen kader
Het beoordelen en aanwijzen van een aangewezen (aangemelde) keuringsinstelling gebeurt op grond van de volgende normstelsel:
4.2. Soorten instellingen met de aanwijzingskavels
Keurings- of certificerende instelling voor Machines volgens de Richtlijn, bijlage IV.
4.3. Eisen aan de instelling
4.3.1. Voor productcertificatie:
4.3.2. Voor systeemcertificatie:
Naast de hiervoor opgesomde eisen dienen de keuringsinstellingen in samenhang met de gekozen aanwijzingskavels de daarop van toepassing zijnde procedures van de richtlijn in hun kwaliteitssysteem op te nemen.
4.4. Functies en vakbekwaamheidseisen
Voor deze vakbekwaamheidseisen geldt in algemene zin MBO/HBO ‘of gelijkwaardig’, waarbij die gelijkwaardigheid per geval door de instelling gemotiveerd moet zijn vastgelegd en door de Raad voor Accreditatie zal worden getoetst. In zijn algemeenheid geldt dat de (kandidaat) instelling over een gedegen kennis van 'nieuwe aanpak' richtlijnen beschikt, in het bijzonder op de onderhavige Warenwet.
4.5. Aanwijzingskavels Machine Richtlijn (2006/42/EG)
4.6. Aanwijzingscriteria
De aangewezen (aangemelde) keuringsinstelling wordt in het kader van haar aanwijzing op grond van Hoofdstuk 5 van het Warenwetbesluit machines getoetst. Onderstaande aanvullende criteria komen voort uit nationale regels omdat de aangewezen aangemelde instelling als een zelfstandig bestuursorgaan wordt aangemerkt.
5. Toezicht
In verband met de verplichtingen in het kader van toezicht zijn de volgende artikelen van toepassing; artikelen 6g en 6i Warenwetbesluit machines en artikel 2c Warenwetregeling machines, alsmede de artikelen 1.5b en 1.5c Arbeidsomstandighedenbesluit en artikel 1.1a Arbeidsomstandighedenregeling. De CKI dient ten behoeve van de informatieverzameling kosteloos de navolgende zaken te realiseren:
In aanvulling hierop wordt ten behoeve van het toezicht op de aangewezen aangemelde keuringsinstelling geëist:
6. Maatregelen
Indien de aangewezen instelling niet meer voldoet aan de eisen in dit schema kan dit gevolgen hebben voor de aanwijzing. Zie beleidsmaatregel maatregelenbeleid certificering Arbeidsomstandighedenwet en Warenwet, Stcrt. 2010, nr. 10839 van 14 juli 2010.
Bijlage 2
Werkveldspecifiek document voor aanwijzing en toezicht (WDA&T) op de certificatie- en keuringsinstellingen die: mobiele kranen, torenkranen en/of hijs- en hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer en/of tijdelijke personen(bouw)liften periodiek keuren in het kader van verticaal transport
Onder beheer van:
Stichting TCVT
Postbus 154
3990 DD Houten
www.TCVT.nl
INHOUD
INHOUD
1. Inleiding
Om certificaten voor een specifiek werkveld te mogen verstrekken dient een CKI hiertoe te worden aangewezen door de minister. Dit gebeurt door een toetsing aan dit WDA&T. In dit document is aangegeven aan welke regels en procedures de betreffende CKI’s zich dienen te houden.
Om certificaten voor een specifiek werkveld te mogen verstrekken dient een CKI hiertoe te worden aangewezen door de minister. Dit gebeurt door een toetsing aan dit WDA&T. In dit document is aangegeven aan welke regels en procedures de betreffende CKI’s zich dienen te houden.
3. Werkveldspecifieke kenmerken
3.1. Beschrijving document
3.1. Beschrijving document
Dit werkveldspecifieke document voor aanwijzing en toezicht periodieke keuring van mobiele kranen, torenkranen en/of van hijs- en hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer en/of personen (bouw)liften is door het CCvD voorgesteld en door de minister van SZW vastgesteld. Dit vastgestelde document vervangt daarmee eerdere versies. Op- en/of aanmerkingen over dit document kunnen worden ingediend bij het CCvD.
3.2. Actieve partijen
Binnen het kader van dit document voor aanwijzing en toezicht zijn bij de opstelling betrokken geweest:
3.3. Risicoanalyse
Het verstrekken c.q. onderhouden van een certificaat op onterechte gronden wordt als de centrale gebeurtenis gedefinieerd. Om het verstrekken c.q. onderhouden van een certificaat op onterechte gronden te voorkomen is het noodzakelijk om maatregelen te nemen om zodoende de oorzaken van de optredende risico’s uit te bannen.
4.1. Productcertificatie
4.1. Productcertificatie
Het beoordelen en aanwijzen van CKI’s voor het keuren van hijskranen en/of hijs- en hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer en/of personen(bouw)liften vindt plaats op basis van de NEN-EN-ISO/IEC 17020: 2004 en de IAF/ILAC-A4(hierna te noemen NEN-EN-ISO/IEC 17020: 2004) en de eisen die gesteld worden aan de CKI op grond van aanwijzing (4.5). Hieronder volgt een werkveldspecifieke invulling van eventuele paragrafen uit de NEN-EN-ISO/IEC 17020: 2004.
4.1.1. Onafhankelijkheid
Aanvullend:
Aanvullend:
4.1.2. Personeel
Het personeel moet integer zijn en worden beloond, los van eventuele targets.
Keurmeester:
De keurmeester moet voldoende competent zijn voor het uitvoeren van zijn functie voor het keuren van één of meerdere type(n) mobiele kraan, torenkraan, en/of hijs- of hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer en/of tijdelijke personen(bouw)liften uit dit schema. De aangewezen instelling moet dit aantoonbaar maken.
De onderstaande competentie criteria zijn opgesteld om aan deze doelstelling te voldoen voor het uitvoeren van keuringen van mobiele kraan, torenkraan en/of hijs- en hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer en/of personen(bouw)liften.
Keurmeester:
Keurmeester:
4.1.3. Voorzieningen en uitrustingen
De CKI moet een reglement hebben waarin wordt vastgelegd:
De CKI moet een reglement hebben waarin wordt vastgelegd:
4.1.4. Keuringsmethoden en -procedures
De CKI is gehouden te keuren aan de hand van de beoordelingsformulieren van het WSCS-VT Periodiek keuring hijskranen en/of het WSCS Opstellings- en periodiek keuring hijs- en hefwerktuigen voor beroepsmatig personenvervoer en/of personen(bouw)liften. In voorkomende gevallen kan informatief een nadere uitleg van een eis in een TSJ zijn vastgelegd. Van de keuringen worden protocollen opgesteld en bewaard.
4.1.5. Keuringsrapport
Bij goedkeur volgt afgifte van een uniek TCVT certificaat, waarop is aangegeven:
Bij goedkeur volgt afgifte van een uniek TCVT certificaat, waarop is aangegeven:
4.2. Aanwijzingscriteria
De CKI wordt in het kader van haar aanwijzing op grond van de artikelen 1.5a t/m 1.5d Arbobesluit op de volgende criteria getoetst:
5. Toezicht
In verband met de verplichtingen in het kader van toezicht zijn de volgende artikelen van toepassing; artikelen 6G en 6I Warenwetbesluit machines en artikel 2C Warenwetregeling machines, alsmede de artikelen 1.5b en 1.5c Arbobesluit en artikel 1.1a Arboregeling. De CKI dient ten behoeve van de informatieverzameling kosteloos de navolgende zaken te realiseren:
6. Maatregelen
Indien de aangewezen instelling niet meer voldoet aan de eisen in dit schema kan dit gevolgen hebben voor de aanwijzing. Zie beleidsmaatregel maatregelenbeleid certificering Arbeidsomstandighedenwet en Warenwet, Stcrt. 2010, nr. 10839 van 14 juli 2010.
Inleiding
Inleiding
Een actueel overzicht van de operationele certificatieschema’s en uitvoerende instellingen is beschikbaar op www.tcvt.nl. De certificatieschema’s worden gehanteerd door certificatie-instellingen, welke door de RvA zijn geaccrediteerd en in geval van verplichte certificatie door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid op verzoek daartoe zijn aangewezen. De certificaten worden geleverd als een dienst aan werkgevers, werknemers, afnemers en overheid teneinde duidelijk te stellen dat men er op mag vertrouwen dat de aangeboden vakbekwaamheid, producten, materieel, systemen en diensten in het kader van verticaal transport voldoen aan de eisen conform de Arbeidsomstandighedenwet etc. Door het uitgeven van een TCVT Certificaat van Vakbekwaamheid wordt aangegeven welke personen zijn gecertificeerd in het kader van Verticaal Transport. Door het zichtbaar aanbrengen van het TCVT Goedkeuringssticker op het materieel wordt duidelijk gemaakt dat het materieel is gecertificeerd in het kader van Verticaal Transport. Met een uniek nummer op het TCVT Goedkeuringssticker in combinatie met een daaraan gerelateerde en in het beoordelingsrapport opgenomen TCVT Certificaat van (Periodieke) Goedkeuring is de registratie van de keuring en de certificatiebeslissing door de keuringsinstelling terugvindbaar.
De voorwaarden voor het gebruik van het TCVT-Certificaat van Vakbekwaamheid en Goedkeuring en het TCVT Goedkeuringssticker zijn in de volgende artikelen verwoord.
De voorwaarden voor het gebruik van het TCVT-Certificaat van Vakbekwaamheid en Goedkeuring en het TCVT Goedkeuringssticker zijn in de volgende artikelen verwoord.
1. Het TCVT Beelmerk
1. Het TCVT Beelmerk
De kleur van het beeldmerk is als volgt:
in Pantone 3415 CV (groen);
in Pantone Black (zwart).
Het beeldmerk is verkrijgbaar bij Bureau TCVT in de vorm van software.
In de desbetreffende certificatieschema’s is de positie van het schema als volgt aangegeven.
Dit wordt in het certificaat gecodeerd aangegeven met de onderstaande toevoeging aan het logo.
Dit wordt in het certificaat gecodeerd aangegeven met de onderstaande toevoeging aan het logo.
2. Het TCVT Certificaat van Goedkeuring en TCVT Goedkeuringssticker
De certificatie-instelling verleent een certificaat van goedkeuring (A-4 formaat) met een unieke identificatiecode volgens haar eigen systematiek.
In het aangegeven gebied D1 wordt het TCVT-Beeldmerk aangebracht tezamen met het certificaatnummer en de datum van uitgifte. Het TCVT Certificaat van Goedkeuring wordt opgenomen in het keuringsrapport.
In combinatie met het TCVT Certificaat van Goedkeuring wordt er op de machine een TCVT Goedkeuringssticker aangebracht. Het TCVT Goedkeuringssticker bestaat uit:
De overige gegevens dienen door de CI met een door haar te verstrekken TCVT Goedkeuringssticker te worden aangebracht.
Voor materieel en hijsmiddelen geldt dat het TCVT Goedkeuringssticker op een voor derden duidelijk zichtbare plaats is aangebracht.
Door keuringsinstelling te verzorgen.
Op de keuringslocatie handmatig invullen van datum, wettelijk verplicht (A) of vrijwillig (B), de identificatie van de machine en door aankruisen aangeven jaar/ maand van de volgende TCVT keuring wettelijk verplicht (A) of vrijwillig (B). Stickers bij Bureau TCVT te bestellen.
Op de keuringslocatie handmatig invullen van datum, wettelijk verplicht (A) of vrijwillig (B), de identificatie van de machine en door aankruisen aangeven jaar/ maand van de volgende TCVT keuring wettelijk verplicht (A) of vrijwillig (B). Stickers bij Bureau TCVT te bestellen.
3. Het TCVT-Certificaat van Vakbekwaamheid
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.