Wet van 15 december 1993, houdende maatregelen in verband met de financiële positie van het Spoorwegpensioenfonds
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is maatregelen te nemen in verband met de toenemende algemene reserve van het Spoorwegpensioenfonds, zulks mede in het kader van matiging van de ontwikkeling van de collectieve uitgaven;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel I
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Artikel II
De pensioenbijdrage bedoeld in artikel C 3, eerste lid, van de Spoorwegpensioenwet wordt, behoudens vermindering uit anderen hoofde, verminderd met een en zestiende procent van de som der bijdragegrondslagen.
Artikel III
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Artikel IV
Deze wet treedt in werking met ingang van de twintigste dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.
Artikel I werkt terug tot en met 1 januari 1987, met dien verstande dat over de aanwending van het bedrag dat is gemoeid met de intrekking van de annuïteiten, voor zover deze betrekking heeft over de jaren 1987 tot en met 1989, nader zal worden besloten indien de Spoorwegpensioenwet zal worden ingetrokken dan wel enig ander besluit terzake van de positie van het Spoorwegpensioenfonds zal worden genomen.
Artikel II werkt terug tot en met 1 januari 1986.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.