Wet van 7 juli 1994, houdende vaststelling van de Wet explosieven voor civiel gebruik
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is uitvoering te geven aan richtlijn nr. 93/15/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 5 april 1993 betreffende de harmonisatie van de bepalingen inzake het in de handel brengen van en de controle op explosieven voor civiel gebruik (PbEG L 121);
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Hoofdstuk I. Algemeen
Artikel 1
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- aanbieder van diensten van de informatiemaatschappij: aanbieder van diensten van de informatiemaatschappij als bedoeld in artikel 3, onderdeel 14, van verordening 2019/1020;
- accreditatie: accreditatie zoals gedefinieerd in artikel 2, tiende lid, van verordening (EG) nr. 765/2008;
- beveiliging: voorkoming van het illegale gebruik van explosieven;
- bijzondere explosieven: explosieven die onverpakt of in pompwagens worden vervoerd en geleverd om rechtstreeks in het schietgat te worden gelost en explosieven die worden vervaardigd op de plaats waar zij tot ontploffing worden gebracht en die, nadat zij geproduceerd zijn, onmiddellijk worden geladen;
- CE-markering: markering waarmee de fabrikant aangeeft dat het desbetreffende explosief in overeenstemming is met alle toepasselijke eisen van de harmonisatiewetgeving van de Europese Unie die in het aanbrengen ervan voorziet;
- distributeur: natuurlijk of rechtspersoon in de toeleveringsketen, anders dan de fabrikant of importeur, die een explosief op de markt aanbiedt;
- essentiële veiligheidseisen: essentiële veiligheidseisen als bedoeld in bijlage II bij richtlijn 2014/28/EU;
- EU-conformiteitsverklaring: verklaring als bedoeld in artikel 21 van richtlijn 2014/28/EU, waaruit blijkt dat een explosief voldoet aan de eisen van die richtlijn;
- explosieven: alle stoffen en voorwerpen die in de «United Nations Recommendations on the transport of dangerous goods» – dat wil zeggen: de door de Commissie van Deskundigen inzake het Vervoer van Gevaarlijke Stoffen van de Verenigde Naties vastgestelde aanbevelingen – als dusdanig kunnen worden omschreven en aldaar zijn ingedeeld in klasse 1;
- fabrikant: natuurlijk of rechtspersoon die een explosief vervaardigt of laat ontwerpen of vervaardigen en desbetreffend explosief onder zijn naam of handelsmerk verhandelt of gebruikt voor eigen doeleinden;
- geharmoniseerde norm: geharmoniseerde norm als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c, van Verordening (EU) nr. 1025/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende Europese normalisatie, tot wijziging van de Richtlijnen 89/686/EEG en 93/15/EEG van de Raad alsmede de Richtlijnen 94/9/EG, 94/25/EG, 95/16/EG 97/23/EG, 98/34/EG, 2004/22/EG, 2007/23/EG, 2009/23/EG en 2009/105/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Beschikking 87/95/EEG van de Raad en Besluit 1673/2006/EG van het Europees Parlement en de Raad (PbEU 2012, L 316);
- harmonisatiewetgeving van de Europese Unie: alle wetgeving van de Europese Unie die de voorwaarden voor het verhandelen van producten harmoniseert;
- importeur: in de Europese Unie gevestigde natuurlijk of rechtspersoon die een explosief uit een derde land in de Europese Unie in de handel brengt;
- in de handel brengen: het voor het eerst in de Europese Unie of een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte op de markt aanbieden van een explosief;
- korpschef: korpschef als bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012;
- keuring: het proces waarmee wordt aangetoond of voldaan is aan de essentiële veiligheidseisen;
- keuringsinstelling: instelling die keuringsactiviteiten op de explosieven verricht zoals het ijken, testen, certificeren en inspecteren;
- keuringsprocedure: het proces als bedoeld in bijlage III bij richtlijn 2014/28/EU waarmee wordt beoordeeld of voldaan is aan de essentiële veiligheidseisen;
- marktdeelnemer: fabrikant, vertegenwoordiger, importeur, distributeur en elke natuurlijk of rechtspersoon die de explosieven opslaat, gebruikt, overbrengt, invoert, uitvoert of verhandelt;
- nationale accreditatie-instantie: nationale accreditatie-instantie zoals gedefinieerd in artikel 2, elfde lid, van verordening (EG) nr. 765/2008;
- ontstekingsmiddelen: middelen als bedoeld om explosieven tot ontsteking te brengen;
- Onze Minister: Onze Minister van Infrastructuur en Milieu;
- op de markt aanbieden: het in het kader van een handelsactiviteit, al dan niet tegen betaling, verstrekken van een explosief met het oog op distributie of gebruik op de markt van de Europese Unie;
- overbrenging: materiële verplaatsing van explosieven binnen de gebieden waarop het Verdrag betreffende de Europese Unie van toepassing is of andere gebieden waarop de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van toepassing is, met uitzondering van verplaatsingen die binnen dezelfde inrichting worden uitgevoerd;
- richtlijn 2014/28/EU: Richtlijn 2014/28/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende de harmonisatie van wetgevingen van de lidstaten inzake het op de markt aanbieden van en de controle op explosieven voor civiel gebruik (herschikking) (PbEU 2014, L 96);
- technische specificatie: document dat de technische eisen voorschrijft waaraan een explosief moet voldoen;
- terugroepen: maatregel waarmee wordt beoogd een explosief te doen terugkeren dat al aan de eindgebruiker ter beschikking is gesteld;
- uit de handel nemen: maatregel waarmee wordt beoogd te voorkomen dat een explosief dat zich in de toeleveringsketen bevindt, op de markt wordt aangeboden;
- veiligheid: voorkoming van ongevallen of, indien zulks onmogelijk is, beperken van de gevolgen daarvan;
- verordening 2019/1020: Verordening (EU) nr. 2019/1020 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende markttoezicht en conformiteit van producten en tot wijziging van Richtlijn 2004/42/EG en Verordeningen (EG) nr. 765/2008 en (EU) nr. 305/2011 (PbEU 2019, L 169);
- verordening (EG) nr. 765/2008: Verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het verhandelen van producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/9 (PbEG 2008, L 218);
- vertegenwoordiger in de Europese Unie gevestigde natuurlijk of rechtspersoon die bij schriftelijke overeenkomst door een fabrikant is aangesteld om namens hem specifieke taken als bedoeld in artikel 2h, derde lid, te vervullen.
Voor de toepassing van deze wet wordt, voor zover dat voor de toepassing van verordening 2019/1020 noodzakelijk is, onder «marktdeelnemer» verstaan, hetgeen daaronder in artikel 3, onder 13, van die verordening wordt verstaan.
Artikel 2
Deze wet is niet van toepassing op:
- a. explosieven die bestemd zijn om te worden gebruikt door de krijgsmacht of de politie;
- b. pyrotechnische artikelen, die onder het toepassingsgebied van Richtlijn 2013/29/EU van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake het op de markt aanbieden van pyrotechnische artikelen (herschikking) (PbEU 2013, L 178) vallen; en
- c. munitie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder 4°, van de Wet wapens en munitie;
De artikelen 3, eerste lid, onderdeel d, en derde lid, en 21, tweede lid, onderdeel a tot en met f, derde en vierde lid, zijn niet van toepassing op bijzondere explosieven.
Een wijziging van de in het eerste lid genoemde richtlijn met gevolgen voor de daarbij als zodanig aangewezen pyrotechnische artikelen gaat voor de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen gelden met ingang van de dag waarop aan de desbetreffende wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld.
Hoofdstuk Ia. Verplichtingen voor marktdeelnemers en aanbieders van diensten van de informatiemaatschappij
§ 1. Verplichtingen van de fabrikant en diens vertegenwoordiger
Artikel 3
Het is verboden explosieven in de handel te brengen en, voor de onder d bedoelde markering, in strijd te handelen met het derde lid, een en ander voor wat betreft explosieven:
- a. die niet voldoen aan de in bijlage I bij richtlijn 2014/28/EU gestelde fundamentele veiligheidseisen;
- b. die niet zijn voorzien van de CE-markering;
- c. die niet overeenkomstig de procedures, bedoeld in artikel 7, eerste lid, op hun conformiteit zijn beoordeeld,en
- d. die niet zijn gemarkeerd met een unieke identificatie als bedoeld in de bijlage van richtlijn 2008/43/EG van de Commissie van 4 april 2008 tot instelling van een systeem voor de identificatie en de traceerbaarheid van explosieven voor civiel gebruik overeenkomstig richtlijn 93/15/EEG van de Raad (PbEG L 94).
Het is verboden op explosieven een andere aanduiding dan de CE-markering aan te brengen, die verwarring zou kunnen stichten met betrekking tot de betekenis en de grafische vormgeving van de CE-markering.
Ondernemingen uit de sector explosieven die explosieven produceren, invoeren of ontstekers monteren en distributeurs die explosieven opnieuw verpakken, bevestigen of brengen de unieke identificatie op duurzame wijze en duidelijk leesbaar aan op de explosieven, onderdelen en elke kleinste verpakkingseenheid daarvan, en ontstekingsmiddelen.
Onze Minister stelt, in overeenstemming met Onze Minister wie het mede aangaat, nadere regels over de wijze waarop de unieke identificatie wordt aangebracht of bevestigd.
Onze Minister stelt, in overeenstemming met Onze Minister wie het mede aangaat, regels over het toewijzen van een productlocatiecode als element van de unieke identificatie en bepaalt in welke gevallen van het eerste lid, onder d, en derde lid kan worden afgeweken, mits de explosieven traceerbaar blijven.
Artikel 4
Explosieven die in overeenstemming zijn met geharmoniseerde normen of delen daarvan en waarvan de referentienummers in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt, worden geacht in overeenstemming te zijn met de essentiële veiligheidseisen die door die normen of delen daarvan worden bestreken.
§ 2. Keuringsinstellingen
Artikel 5
Onze Minister kan een of meer keuringsinstellingen aanwijzen die bevoegd zijn tot het verrichten van keuringsprocedures. Onze Minister meldt de aangewezen keuringsinstelling aan overeenkomstig artikel 24 van richtlijn 2014/28/EU.
Alvorens te worden aangewezen voldoet een keuringsinstelling aan de artikelen 5b tot en met 5j.
Aan een aanwijzing kunnen voorschriften worden verbonden ter uitvoering van de artikelen 5b tot en met 5j.
Artikel 6
Als instellingen die bevoegd zijn tot het verrichten van onderzoek, controles en beoordelingen, zoals omschreven in de in artikel 7, eerste lid, bedoelde procedures, worden mede aangemerkt instellingen die in het kader van richtlijn 2014/28/EU door andere lid-staten van de Europese Unie of andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte zijn aangemeld en waarvan de namen door de Commissie van de Europese Unie zijn bekendgemaakt.
§ 3. Typekeuring alsmede controle op explosieven en fabricageprocessen
Artikel 7
De fabrikant kiest een van de navolgende keuringsprocedures uit bijlage III bij richtlijn 2014/28/EU, volgens welke de door hem gekozen keuringsinstelling de keuring uitvoert:
- a. EU-typeonderzoek (module B) en naar keuze van de fabrikant een van de volgende procedures:
- 1°. conformiteit met het type op basis van interne productiecontrole plus productcontroles onder toezicht met willekeurige tussenpozen (module C2);
- 2°. conformiteit met het type op basis van de kwaliteitsborging van het productieproces (module D);
- 3°. conformiteit met het type op basis van productkwaliteitsborging (module E); of
- 4°. conformiteit met het type of basis van productkeuring (module F); of
- b. conformiteit op basis van eenheidskeuring (module G).
§ 4. Explosieven met conformiteitsgebrek
Artikel 8
Onverminderd artikel 31, is Onze Minister bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van de voorschriften, bedoeld in de artikelen 7 en 7a, jegens de fabrikant, diens in de gebieden waarop het Verdrag betreffende de Europese Unie van toepassing is of andere gebieden waarop de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van toepassing is gevestigde gemachtigde dan wel de persoon die verantwoordelijk is voor het in de handel brengen van de desbetreffende explosieven.
Tot de bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang behoort:
- a. het geheel of gedeeltelijk stopzetten van het vervaardigen, in Nederland in de handel brengen of aan een ander ter beschikking stellen van de explosieven;
- b. het vernietigen van de explosieven;
- c. het in beslag nemen van de explosieven.
Artikel 9
Onze Minister neemt eveneens maatregelen als bedoeld in artikel 8 met betrekking tot explosieven waarop de CE-markering is aangebracht en die overeenkomstig hun bestemming worden gebruikt, indien deze explosieven naar zijn oordeel de veiligheid in gevaar kunnen brengen.
Hoofdstuk III. Overbrenging van explosieven
§ 1. Vergunning en toestemming
Artikel 10
Het is verboden explosieven over te brengen, indien de desbetreffende overbrenging in Nederland eindigt zonder dat:
- a. aan de verkrijger van deze explosieven daartoe vergunning is verleend, en
- b. voor zover de explosieven afkomstig zijn uit een andere lidstaat van de Europese Unie, voor het deel van die overbrenging dat binnen Nederland plaatsvindt toestemming is verleend.
Het is verboden explosieven over te brengen, indien de desbetreffende overbrenging in een ander land dan Nederland eindigt, zonder dat voor het deel van die overbrenging dat binnen Nederland plaatsvindt toestemming is verleend.
Artikel 11
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.