Besluit van 25 oktober 1994, houdende vaststelling van regels ten aanzien van de rangen van de politie

Type AMvB
Publication 2025-04-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 1 juni 1994, directoraat-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid, directie Politie, hoofdafdeling Personeel, Onderwijs en Informatievoorziening, afdeling Arbeidsvoorwaardenbeleid, nummer EA94/U1612, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Justitie, nummer 439825/594/GBJ;

Gelet op artikel 51 van de Politiewet 1993;

De Raad van State gehoord (advies van 27 juni 1994, nummer W04.94.0339);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 10 oktober 1994, directoraat-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid, directie Politie, hoofdafdeling Personeel, Onderwijs en Informatievoorziening, afdeling Arbeidsvoorwaardenbeleid, nummer EA94/2256;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1
1.

Voor de ambtenaren, bedoeld in artikel 2 van de Politiewet 2012, die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak of zijn belast met de opsporing van alle strafbare feiten, gelden de volgende rangen:

2.

Een in het eerste lid eerdergenoemde rang is hoger dan een later genoemde rang.

Artikel 2
1.

De volgende rangen zijn verbonden aan de volgende functies:

2.

De functies, bedoeld in het eerste lid, onder b tot en met j, zijn de functies die zijn beschreven en gewaardeerd op grond van de regeling, bedoeld in artikel 6, tweede lid, van het Besluit bezoldiging politie.

Artikel 2a

Vervallen

Artikel 3
1.

De ambtenaar die in een reorganisatie als bedoeld in artikel 55i Besluit algemene rechtspositie politie, negatief verticaal geplaatst is, behoudt, indien hij daartoe een aanvraag heeft gedaan, de rang die is verbonden aan de functie waaraan dezelfde salarisschaal is verbonden als de salarisschaal die is opgenomen in bijlage I van het Besluit bezoldiging politie en die voor hem gold voor het tijdstip waarop de negatieve verticale plaatsing plaatsvond.

2.

Indien de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, na de termijn van vijf jaren niet in een functie is geplaatst waaraan dezelfde salarisschaal is verbonden als de salarisschaal die is opgenomen in bijlage I van het Bezoldigingsreglement politie 1958 en die voor hem gold voor het tijdstip waarop de negatieve verticale plaatsing plaatsvond, wordt, indien de ambtenaar daartoe de aanvraag heeft gedaan, de termijn van vijf jaren verlengd.

Artikel 4

Dit besluit berust op de artikelen 48 en 81, vierde lid, van de Politiewet 2012.

Artikel 5
1.

De ambtenaar die ten gevolge van het LFNP, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Besluit bezoldiging politie, overgaat naar een functie waaraan een lagere salarisschaal is verbonden, behoudt, indien hij daartoe de wens te kennen heeft gegeven, de rang die is verbonden aan de functie die voor hem gold direct voorafgaand aan het tijdstip waarop de overgang naar een functie plaatsvond.

2.

De ambtenaar die op grond van een uitgangspositie, zijnde de functie en in samenhang daarmee de functiebeschrijving en de overige opgedragen werkzaamheden of bijzondere situaties op enig moment vanaf 31 december 2009 tot en met 31 december 2011, dan wel een toegekende functie op grond van die functie recht had op een rang, behoudt deze rang, indien hij daartoe de wens te kennen heeft gegeven.

Artikel 6

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 1994.

Artikel 7

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit rangen politie.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 2b

Aan de directeur van de Politieacademie en zijn plaatsvervanger kan op voordracht van Onze Minister bij koninklijk besluit de titulaire rang van hoofdcommissaris worden toegekend.

Artikel 2c

Aan de ambtenaar die is aangesteld als ambtenaar als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van de Politiewet 2012 voor wie de rang van hoofdcommissaris heeft gegolden, kan voor de resterende duur van deze aanstelling op voordracht van Onze Minister bij koninklijk besluit de titulaire rang van hoofdcommissaris worden toegekend.

Artikel 2d

Aan de ambtenaar, bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van de Politiewet 2012, die is aangesteld in een functie waaraan de rang van commissaris is verbonden en die op uitzonderlijke wijze heeft bijgedragen tot de behartiging van de belangen van de Nederlandse politie, kan voor de resterende duur van deze aanstelling op voordracht van Onze Minister bij koninklijk besluit de titulaire rang van hoofdcommissaris worden toegekend.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 3a

In afwijking van artikel 2, eerste lid, behoudt de ambtenaar:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.