← Geldende tekst · Geschiedenis

Besluit van 26 maart 1996 houdende regels inzake de veiligheid van verpakkingen onder druk (Warenwetbesluit drukverpakkingen)

Geldende tekst a fecha 2000-11-15

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 18 juli 1995, nr. DGVgz/VVP/P 951612, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken;

Gelet op Richtlijn nr. 94/1/EG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6 januari 1994, houdende technische aanpassing van richtlijn 75/324/EEG van de Raad inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten betreffende aërosols (PbEG L 23), op de artikelen 1, vierde lid, 4, eerste lid, 6, onder d, 8, onder d, 11, 12, 13 en 14 van de Warenwet, op artikel II, eerste lid, van de Wijzigingswet 1988 Warenwet, alsmede op de artikelen 34, derde lid, 36, tweede lid, 37, 39, tweede, derde en vierde lid, en 60, derde lid, van de Wet milieugevaarlijke stoffen;

Gezien het advies van de Adviescommissie Warenwet van 30 maart 1995, no. 14854/(32)5;

De Raad van State gehoord (advies van 17 januari 1996, nr. W13.95.0470);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 13 maart 1996, nr. DGVgz/VVP/P 96182, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

§ 1. Algemeen

Artikel 1
1.

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

2.

Dit besluit is niet van toepassing op aërosols met een totale capaciteit van de houder van minder dan 50 ml.

§ 2. Aërosols

Artikel 2
1.

Het is verboden houders of aërosols te verhandelen die niet voldoen aan de veiligheidseisen bij dit besluit gesteld.

2.

Het is verboden aërosols te verhandelen anders dan met inachtneming van de voorschriften bij dit besluit gesteld met betrekking tot het bezigen van vermeldingen of aanduidingen.

3.

Het is verboden koolzuur houdende drinkwaar te verhandelen anders dan in een verpakking die voldoet aan de veiligheidseisen bij of krachtens dit besluit gesteld.

Artikel 3

Een houder of een aërosol is zodanig samengesteld dat bij redelijkerwijs te verwachten gebruik en opslag onder normale omstandigheden, geen gevaar voor scheuren, uiteenspringen, beschadiging of spontane opening bestaat. Een houder of een aërosol voldoet hiertoe aan de desbetreffende voorschriften zoals deze neergelegd zijn in de bijlage bij de richtlijn.

Artikel 4
1.

Op een aërosol, verpakking daarvan of op een daarop bevestigd etiket wordt duidelijk zichtbaar, gemakkelijk leesbaar, onuitwisbaar en in de Nederlandse taal, vermeld:

2.

Voor de in het eerste lid, onder d, bedoelde aanduidingen en aanbevelingen wordt gebruik gemaakt van de bijlage bij de richtlijn.

3.

In afwijking van het eerste lid mogen de in dat lid bedoelde vermeldingen en aanduidingen zijn aangebracht op een aan de aërosol gehecht label, indien de houder van de aërosol een totale capaciteit heeft van 150 ml of minder.

4.

Indien de persoon, bedoeld in het eerste lid, onder a, kan aantonen dat een aërosol, hoewel het ontvlambare bestanddelen bevat, in normale of redelijkerwijs voorzienbare gebruiksomstandigheden geen gevaar voor ontbranding oplevert, mag hij in plaats van de in het eerste lid, onder d, genoemde aanduidingen, het percentage ontvlambare bestanddelen vermelden als volgt: «Bevat «x» gewichtsprocent ontvlambare bestanddelen».

5.

Dit lid is nog niet in werking getreden.

6.

Een afschrift van de in het vierde lid bedoelde onderzoeksgegevens wordt ter beschikking gehouden van de Algemeen Directeur van de Keuringsdienst van Waren.

Artikel 5

Indien een aërosol bestemd is om te worden gebruikt in een laboratorium en tevens de nominale inhoud niet meer bedraagt dan één liter, mogen de in artikel 4, eerste en vierde lid, bedoelde aanduidingen in plaats van in de Nederlandse taal worden gesteld in de Franse, Duitse of Engelse.

Artikel 6

Op een aërosol, verpakking daarvan of op een daarop bevestigd etiket of op labels gehecht aan aërosols, worden vermeldingen en aanduidingen die verward kunnen worden met teken «3» (omgekeerde epsilon) zoals in artikel 4, eerste lid, onder b, bedoeld, niet gebezigd.

Artikel 7

Als methoden van onderzoek welke bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of met betrekking tot houders of aërosols is voldaan aan artikel 3, worden aangewezen de onderzoeksmethoden, opgenomen in de bijlage bij de richtlijn.

§ 3. Frisdrankflessen

Artikel 8
1.

Een verpakking die een koolzuur houdende drinkwaar als bedoeld in het Warenwetbesluit Frisdranken bevat dan wel daarvoor is bestemd, moet:

2.

Onze Minister kan ten aanzien van het eerste lid nadere regelen stellen.

§ 4. Slotbepalingen

Artikel 9

Het Aërosolenbesluit (Warenwet) wordt ingetrokken.

Artikel 10
1.

Wijzigt het Besluit verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparatenCaret .

2.

Wijzigt de nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten.

Artikel 11
1.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, met uitzondering van artikel 4, vijfde lid dat in werking treedt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

2.

Bestrijdingsmiddelen in de vorm van aërosols, die vóór de datum van inwerkingtreding van dit besluit voor het eerst zijn verhandeld, mogen nog tot 24 maanden na die inwerkingtreding worden verhandeld.

3.

Een wijziging van de bijlage bij de richtlijn, voor de toepassing van de artikelen 3, 4, tweede en vijfde lid, en 7, maakt Onze Minister bekend in de Staatscourant; hij vermeldt daarbij met ingang van welke datum de wijziging moet worden toegepast.

Artikel 12

Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit drukverpakkingen.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.