Regeling identiteitsbewijs geprivilegieerden
Gelet op het op 18 april 1961 te Wenen tot stand gekomen Verdrag van Wenen inzake diplomatiek verkeer, met twee protocollen (Trb. 1962, 159);
Gelet op het op 24 april 1963 te Wenen tot stand gekomen Verdrag van Wenen inzake consulaire betrekkingen (Trb. 1981, 143);
Gelet op de zetelovereenkomsten met in Nederland gevestigde internationale organisaties opgesomd in bijlage 1;
Gelet op overige in Nederland gevestigde internationale organisaties zonder zetelovereenkomst opgesomd in bijlage 1;
Besluit:
Artikel 1
De Minister van Buitenlandse Zaken verstrekt identiteitsbewijzen aan geprivilegieerden, welke groep omvat de personeels- en gezinsleden van het Corps Diplomatique en het Corps Consulaire, de personeels- en gezinsleden van de in Nederland gevestigde Internationale Organisaties die ingevolge een zetelovereenkomst aanspraak maken op een dergelijke status, de personeels- en gezinsleden van de in Nederland gevestigde organisaties, genoemd in bijlage 1 bij deze regeling, en personen in de openbare dienst van een vreemde staat die aanspraak maken op een geprivilegieerde status op grond van een verdrag, genoemd in die bijlage, alsmede hun gezinsleden voor zover die eveneens aanspraak kunnen maken op een geprivilegieerde status op grond van datzelfde verdrag.
Vervallen.
Het vóór de inwerkingtreding van deze regeling uitgegeven identiteitsbewijs tezamen geldig met het geldig nationaal paspoort van de geprivilegieerden, wordt vervangen door een nieuw document: het identiteitsbewijs geprivilegieerden.
Het identiteitsbewijs geprivilegieerden kan tevens gebruikt worden als legitimatiebewijs in die gevallen dat geprivilegieerden zich dienen te legitimeren.
Artikel 2
Het identiteitsbewijs geprivilegieerden blijft na uitgifte eigendom van de Staat der Nederlanden.
Artikel 3
Het identiteitsbewijs geprivilegieerden voldoet aan specifieke kenmerken, zoals vermeld in bijlage 2 van deze regeling. Deze bijlage bevat eveneens het model van dit bewijs.
Het model van het identiteitsbewijs geprivilegieerden is tevens opgenomen in de Vreemdelingencirculaire.
Artikel 4
Legitimatiebewijzen voor personeel van ambassades en consulaten, hun gezinsleden en hun personeelsleden die voor inwerkingtreding van deze regeling door de Minister van Buitenlandse Zaken zijn uitgegeven, verliezen hun geldigheid met ingang van 1 januari 1999.
Legitimatiebewijzen van personeel van internationale organisaties, hun gezinsleden en hun personeelsleden, die door de Minister van Buitenlandse Zaken zijn gewaarmerkt, blijven geldig totdat aan betrokkenen een identiteitsbewijs op grond van deze regeling is uitgereikt, doch uiterlijk tot en met 30 juni 2002.
Artikel 5
Deze regeling treedt in werking op 11 augustus 1997.
Artikel 6
Deze regeling wordt aangehaald als Regeling identiteitsbewijs geprivilegieerden.
Bijlage 1. Organisaties zonder zetelovereenkomst en/of Internationale rechtspersoonlijkheid en personen in de openbare dienst van een vreemde staat
Organisaties zonder zetelovereenkomst doch met internationale rechtspersoonlijkheid:
- –. Het Bureau van de Hoge Commissaris van de Verenigde Naties voor vluchtelingen, UNHCR, opgericht bij Resolutie 428 van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties van 14 december 1950.
Organisaties zonder zetelovereenkomst:
- –. Iran-United States Claims Tribunal, opgericht ingevolge artikel II van de Verklaring van de Regering van de Demokratische Volksrepubliek Algerije van 19 januari 1981 (Trb. 1981, 155, p. 11 e.v.);
- –. De Hoge Commissaris inzake Nationale Minderheden, HCNM, van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (Stb. 2002, 580).
Personen in de openbare dienst van een vreemde staat:
- –. De ambtenaren van de UK Border Force als bedoeld in bijlage B bij de op 10 juli 2020 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen Overeenkomst tussen de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland en de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden met betrekking tot grenscontroles op het treinverkeer tussen Nederland en het Verenigd Koninkrijk via de vaste kanaalverbinding (Trb. 2020, 69).
I. Internationale organisaties met zetelovereenkomsten
Statuut van het International Gerechtshof, San Francisco, 26 juni 1945. In werking getreden op 24-10-1945.
Staatsblad. F 321 (Ne, En); Trb. 1951, 90; 1952, 9; 1953, 57; 1956, 45; 1956, 119; 1957, 235; 1959, 38; 1965, 171; 1971, 55 (En.Fr.); 1979, 36; 1987, 114 (herziene Ned. vert.).
Statuut van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht,
’s-Gravenhage, 31 oktober 1951.
In werking getreden op 15-7-1955.
Trb. 1953, 80 (Fr, vert. Ne); 1955, 150; 1959, 181; 1960, 31, 170; 1963, 22; 1965, 169; 1967, 32; 1968, 117, 1969, 94; 1973, 66, 1978, 2; 1984, 141; 1994, 87.
Notawisseling tussen de Nederlandse en de Amerikaanse Regering, houdende een overeenkomst betreffende de oprichting van een Technisch Studie-centrum voor de luchtverdediging,
’s-Gravenhage, 14 december 1954. In werking getreden op 14 december 1954.
Trb. 1955, 1; 1955, 36; 1956, 42; 1959, 210.
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Algemeen Hoofdkwartier van de geallieerde Mogendheden in Europa inzake de bijzondere voorwaarden, die toepasselijk zijn op de vestiging en het functioneren van internationale militaire hoofdkwartieren binnen het Europese grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden, (Technisch Centrum van Shape),
Parijs, 25 mei 1964. In werking getreden op 13-4-1965.
Trb. 1964, 131 (Ne, En, Fr); 1965, 63; 1969, 60; 1969, 165.
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (EURATOM) betreffende de vestiging te Petten van een inrichting van het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek op het gebied van de kernenergie,
Brussel, 25 juli 1961. In werking getreden op 25-7-1961.
Zie Trb. 1961, 142 en Trb. 1961, 143.
Benelux-Verdrag inzake de warenmerken, met Bijlage (te weten de Eenvormige Beneluxwet op de warenmerken),
Brussel, 19 maart 1962. In werking getreden (verdrag) op 1-7-1969; in werking getreden (bijlage) op 1-1-1971.
Trb. 1962, 58 (Ne, Fr); 1969, 116; 1970, 205; 1974, 216, 1978, 176; 1989, 89.
Benelux-Verdrag inzake Tekeningen of Modellen,
Brussel, 25 oktober 1966. In werking getreden op 1-1-1974.
Trb. 1966, 292 (Ne, Fr), 1974, 66; 1974, 217; 1986, 177; 1989, 90.
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Europese organisatie voor ruimteonderzoek inzake de oprichtingen het functioneren van het Europese Centrum voor
ruimtevaarttechniek, ’s-Gravenhage, 2 februari 1967.
In werking getreden op 31-7-1967.
Trb. 1967, 9 (Ne, En, Fr); 1967, 105; 1976, 59.
Briefwisseling tussen de Nederlandse Regering en het Algemeen Hoofd-kwartier van de Geallieerde Mogend-heden in Europa (SHAPE) betreffende het functioneren in Nederland van het Hoofdkwartier van de Geallieerde strijdkrachten in Centraal-Europa (AFCENT),
Casteau/Brussel, 26 mei 1969/17 juni 1969
In werking getreden op 7-6-1971 met terugwerkende kracht vanaf 15-3-1967.
Trb. 1969, 166 (En, vert. Ne); 1970, 44; 1971, 119.
Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Raad van Bestuur ingesteld bij het Statuut van de Europese School, betreffende het functioneren van de Europese School in Nederland,
’s-Gravenhage, 29 april 1970.
In werking getreden op 14-10-1970.
Trb. 1970, 95 (Ne); 1970, 177.
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Europese Octrooiorganisatie betreffende het onderdeel van het Europees Octrooibureau in ’s-Gravenhage,
M¼nchen, 19 oktober 1977.
In werking getreden op 19-10-1977.
Trb. 1978, 16 (Ne, En, Fr.).
Briefwisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Europese Organisatie voor de veiligheid van de luchtvaart ’EUROCONTROL’ inzake de vestiging van ’EUROCONTROL’ te Beek (Limburg),
’s-Gravenhage/Brussel, 10 oktober 1975/31 oktober 1975. In werking getreden op 25-6-1976 met terugwerkende kracht tot 1-1-1974 voor wat betreft het gestelde onder 1, 2 en 3.
Trb. 1975, 161 (Ne); 1976, 93.
Briefwisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Organisatie der Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur houdende een overeenkomst betreffende het ITC-UNESCO-Centrum voor ge¯ntegreerde kartering,
Parijs, 5 september 1977/1 juni 1978.
In werking getreden op 1-7-1979.
Trb. 1978, 144 (En, vert. Ne); 1979, 88.
Briefwisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie houdende een overeenkomst inzake het functioneren in Nederland van het NATO Airborne Early Warning and Control Programme Management Agency (NAPMA),
Brussel/’s-Gravenhage, 31 augustus 1979/11 september 1979. In werking getreden op 11-9-1979 met terugwerkende kracht vanaf 1-7-1979.
Trb. 1979, 159 (En); 1982, 62.
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Internationale Thee Promotie Associatie (ITPA) betreffende de zetel van de Organisatie,
’s-Gravenhage, 30 januari 1980. In werking getreden op 30-1-1980.
Overeenkomst opgeschort van 30-9-1987 tot en met 30-6-1989.
Trb. 1980, 49 (En); 1987, 173.
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Internationale Dienst voor nationaal landbouwkundig onderzoek (ISNAR) betreffende de zetel van de Organisatie,
’s-Gravenhage, 2 juni 1980. In werking getreden op 2-6-1980.
Trb. 1980, 110 (En).
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Technisch Centrum voor landbouwsamenwerking en plattelandsontwikkeling,
’s-Gravenhage, 7 augustus 1984.
In werking getreden op 7-8-1984.
Trb. 1984, 99 (En.).
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Internationale Financieringsmaatchappij (IFC) inzake het African Training and Management Services (ATMS) Project van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties,
Amsterdam, 13 april 1989. In werking getreden op 13-5-1989.
Trb. 1989, 61 (En).
Briefwisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Secretaris-Generaal van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht inzake de verlening van belastingvrijstelling,
’s-Gravenhage, 8 mei 1989/10 mei 1989. In werking getreden op 10-5-1989.
Trb. 1989, 73 (Fr).
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Universiteit van de Verenigde Naties inzake het Instituut voor nieuwe technologie«n van de Universiteit van de Verenigde Naties,
’s-Gravenhage, 11 mei 1989. In werking getreden op 17-12-1989.
Trb. 1989, 74 (En); 1990, 9.
Memorandum van Overeenstemming tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Universiteit van de Verenigde Naties,
’s-Gravenhage, 11 mei 1989. In werking getreden op 17-12-1989.
Trb. 1989, 75 (En); 1989, 106 (vert.Ne); 1990, 8.
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Internationale Organisatie voor Migratie inzake de uitvoerende activiteiten van de Organisatie in Nederland
’s-Gravenhage, 1 mei 1990. In werking getreden op 18-4-1991.
Trb. 1990, 80 (En); 1990, 110 (vert.Ne); 1991, 72.
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Internationale Organisatie voor Migratie betreffende de juridische status, de voorrechten en immuniteiten van de Organisatie in Nederland,
’s-Gravenhage, 1 mei 1990. In werking getreden op 1-5-1990.
Trb. 1990, 81.
Protocol tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Belgi« inzake voorrechten en immuniteiten van de Nederlandse Taalunie,
’s-Gravenhage, 13 juli 1990. In werking getreden op 17-1-1994.
Trb. 1990, 124 (Ne).
Zetelovereenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Internationale Nikkel Studie Groep,
’s-Gravenhage, 28 mei 1991. In werking getreden op 11-7-1991.
Trb. 1991, 96 (En); 1991, 130.
Zetelovereenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Gemeenschappelijk Fonds voor Grondstoffen,
’s-Gravenhage, 19 december 1991.
In werking getreden op 19-2-1992.
Trb. 1992, 8 (En); 1992, 27; 1993, 169.
Besluit in onderlinge overeenstemming genomen door de Vertegenwoordigers van de Regeringen der Lid-Staten, op het niveau van de Staatshoofden en de Regeringsleiders bijeen, inzake de vaststelling van de zetels van bepaalde organisaties en diensten van de Europese Gemeenschappen en Europol,
Brussel, 29 oktober 1993. In werking getreden op 29-10-1993.
Trb.1994, 266 (rubr.J:Ne).
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Voorbereidende Commissie voor de Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens betreffende de zetel van de Commissie,
’s-Gravenhage, 8 december 1993. In werking getreden op 23-2-1994.
Trb. 1994, 22 (Ne, En, Fr); 1994, 67.
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende de zetel van het International Tribunaal voor de vervolging van personen verantwoordelijk voor ernstige schendingen van het internationaal humanitair recht op
het grondgebied van het voormalig Joegoslavi« sedert 1991,
New York, 29 juli 1994. In werking getreden op 17-11-1994.
Trb. 1994, 189 (En).
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Wereldgezond-heidsorganisatie inzake de Eenheid
in Bilthoven van het Regionaal Bureau voor Europa van de Wereldgezond-heidsorganisatie,
Kopenhagen, 12 september 1994. In werking getreden op 22-12-1994.
Trb. 1994, 219 (En).
Briefwisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties houdende een verdrag inzake de toepassing van het tussen Partijen gesloten Verdrag betreffende de zetel van het Internationaal Tribunaal voor het voormalig Joegoslavi«, op de werkzaamheden en handelingen van het Internationaal Tribunaal voor Ruanda,
New York, 22/24 april 1996. In werking getreden op 1-6-1996.
Trb. 1996, 143 (En.).
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens (OVCW) betreffende de zetel van de OVCW, met Afzonderlijke Regeling,
’s-Gravenhage, 22 mei 1997. In werking getreden op 7-6-1997.
Trb.1997, 144 (Ne).
II. Internationale organisaties zonder zetelovereenkomst
Het Bureau van de Hoge Commisssaris van de VN voor vluchtelingen, UNHCR, opgericht bij resolutie 428 (V) van de Algemene Vergadering van de Ver-enigde Naties van 14 december 1950.
Het Permanent Hof van Arbitrage, zie art. 43 van het Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen, ’s-Gravenhage 18 oktober 1907, Stb. 1910, 73.
Bureau van de Hoge Commissaris voor de mensenrechten van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (verdrag in ontwerpfase).
Iran-United States Claims Tribunal, ingesteld bij art. 11 van de Verklaring van de Regering van de Demokratische Volksrepubliek Algerije van 19 januari 1981, Trb. 1981, 155, p. 11 e.v.
Bijlage 2. Regeling identiteitsbewijs geprivilegieerden
1. Beschrijving van kenmerken
De bewijzen komen in afmeting overeen met ISO 7810 (formaat ID 1, 54 x 85,6 mm), voor de dikte wordt het bovenste gebied in de tolerantie aangehouden.
Materiaal:
- De kaarten zijn opgebouwd uit 4 lagen wit pvc die in een lamineerproces worden verbonden.
- Het witte pvc materiaal is fluorescerend overeenkomstig de specimen exemplaren.
- De afzonderlijke lagen zijn ruim 200 um dik om de juiste dikte in de bovenste helft van de tolerantie in dikte te krijgen.
- De bovenste laag en de onderste laag zijn voorzien van een bedrukking overeenkomstig het grafische security-ontwerp.
- Over de bedrukking is een laag aangebracht van een pvc-lak, die de fluorescentie van het pvc in geringe mate afschermt.
- De laklaag is bedoeld voor het evenwichtig functioneren van het personali-seringsproces.
Bedrukking:
Beide zijde krijgen een bedrukking in vijf kleuren offset als volgt:
- Groen PMS 347
- Blauw PMS 2995
- Cool grey 8
- Iris PMS 116 / PMS 178, het hart van de iris overgang op 30 mm van de rechter zijde
- Groen PMS 3298 voor de tekst
- Aan de achterzijde als extra een bedrukking in zeeefdruk, (een leeuw links beneden en een tekst links boven), met de in de kleuren groen en blauw variërende OV-inkt 9 Z 5050 A.
- De laklaag aan beide zijde is in zeefdruk aangebracht.
Aan beide zijde wordt de informatie afgeschermd door een transparante kinegrafische overlay. In de overlay is een speciaal gevormde ruimte uitgespaard aan de linkerzijde.
Op de kaart worden de volgende gegevens aangebracht:
naam
geboortedatum
nationaliteit
functie
Het bewijs zal worden voorzien van een elektronisch overgebrachte handtekening en kleurenfoto van de houder. Het geheel zal aan beide zijden worden voorzien van een kinegrafisch folie dat de volgende kenmerken bezit:
2. Coderingen
Ter onderscheiding van de status van de houder wordt een van de volgende coderingen op het bewijs aangebracht:
Voor personeel van Ambassades:
AD Diplomatiek Personeel
BD Administratief en Technisch Personeel
ED Bedienend Personeel in dienst van de Ambassade
PD Bedienend Personeel in dienst van Personeel van de Ambassade
TD Lid van de huishouding van Personeel van de Ambassade
Voor personeel van Consulaten:
AC Consulair Personeel
BC Administratief en Technisch Personeel
EC Bedienend Personeel in dienst van het Consulaat
PC Bedienend Personeel in dienst van Personeel van het Consulaat
TC Lid van de huishouding van Personeel van het Consulaat
Voor personeel van Internationale Organisaties:
AO Personeel van Internationale Organisaties gelijkgesteld met Diplomatiek Personeel
BO Administratief en Technisch Personeel
EO Bedienend Personeel in dienst van de Internationale Organisatie
PO Bedienend Personeel in dienst van Personeel van de Internationale Organisatie
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.