Regeling, houdende aanwijzing militaire gezagsdragers en vaststelling hiërarchische verhoudingen met betrekking tot de uitoefening van buitengewone bevoegdheden

Type Ministeriële regeling
Publication 2006-07-23
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 4 van de Oorlogswet voor Nederland;

Besluit:

Artikel 1

Als militaire gezagsdragers als bedoeld in artikel 4 van de Oorlogswet voor Nederland worden aangewezen:

ieder in het in deze regeling toegewezen gezagsgebied.

Artikel 2

Bij ontstentenis van een militaire gezagsdrager, genoemd in artikel 1, treedt voor de uitoefening van het militair gezag in de plaats degene die de functie van die militaire gezagsdrager waarneemt.

Artikel 3
1.

Wanneer voor de uitoefening van het militair gezag tijdens de beperkte of de algemene noodtoestand meer dan één militaire gezagsdrager is aangewezen, is elk van die gezagsdragers gehouden bij de uitoefening van dat gezag de bevelen en aanwijzingen te volgen van de in het betrokken gebied mede voor de uitoefening van het militair gezag aangewezen gezagsdragers voor zover deze hiërarchisch boven hem zijn gesteld.

2.

Militaire gezagsdragers die bevoegd zijn tot uitoefening van het militair gezag in een gedeelte van het grondgebied van Nederland, zijn steeds gehouden de bevelen en aanwijzingen ter zake van de uitoefening van het militair gezag te volgen van de hoogste militaire gezagsdrager die in het gehele grondgebied bevoegd is.

Artikel 4

De gezagsgebieden, bedoeld in artikel 1, omvatten:

Artikel 5

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 mei 1997.

Artikel 6

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing militaire gezagsdragers.

Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.