Besluit van 3 oktober 1997, houdende regels inzake de opleiding tot tandarts (Besluit opleidingseisen tandarts)

Type AMvB
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 1 oktober 1996, CSZ/BenO-9610517);

Gelet op artikel 20 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg;

Gezien het advies van de Raad voor de beroepen in de individuele gezondheidszorg (advies van 16 februari 1996, B1/'96);

De Raad van State gehoord (advies van 3 februari 1997, No. W13.96.0461);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 29 september 1997, CSZ/BO 9715396;

Hebben goedgevonden en verstaan:

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder «wet»: de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg.

Artikel 2

Om in het krachtens artikel 3 van de wet ingestelde register van tandartsen te kunnen worden ingeschreven, is vereist het bezit van een door een universiteit als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek uitgereikt getuigschrift waaruit blijkt dat de betrokkene met goed gevolg het examen heeft afgelegd ter afsluiting van een opleiding tot tandarts die voldoet aan de artikelen 2a tot en met 10 van dit besluit.

§ 2. Opleidingseisen

Artikel 3
1.

De opleiding tot tandarts is gericht op het verwerven van kennis, inzicht en vaardigheid voor alle werkzaamheden die verband houden met de preventie, de diagnose en de behandeling van afwijkingen en ziekten van tanden, mond, kaken en omliggende weefsels en meer in het bijzonder de volgende aspecten van de tandheelkundige beroepsuitoefening:

2.

De betrokkene wordt geleerd bij de toepassing van vaardigheden als bedoeld in het eerste lid onderscheid te maken tussen de volgende categorieën van patiënten:

Artikel 4

Het aspect professionele tandheelkundige vorming is zodanig ingericht dat de betrokkene voldoende kennis verwerft van de wetenschappen waarop de tandheelkunde berust, alsmede een goed inzicht in de wetenschappelijke methoden en met name de beginselen van de meting van biologische functies, in de beoordeling van wetenschappelijk vastgestelde feiten alsmede in de analyse van gegevens en in staat is tot:

Artikel 5

Het aspect communicatie en voorlichting is zodanig ingericht dat de betrokkene in staat is tot:

Artikel 6
1.

Het aspect onderzoek en diagnose van tandheelkundige problemen is zodanig ingericht dat de betrokkene:

2.

De in het eerste lid genoemde kennis en bekwaamheden dienen als basis voor het opstellen van een behandelplan en leiden ertoe dat de betrokkene is in staat tot:

Artikel 7
1.

Het aspect instellen en handhaven van een optimale mondgezondheid is zodanig ingericht dat de betrokkene in staat is tot:

2.

Tijdens de opleiding tot tandarts wordt voldoende klinische ervaring onder deskundig toezicht opgedaan.

Artikel 8

Het aspect beginselen van de tandheelkundige gezondheidszorg is zodanig ingericht dat de betrokkene:

Artikel 9

Het aspect medische noodsituaties is zodanig ingericht dat de betrokkene in staat is tot zodanig handelen in medische noodsituaties dat de patiënt in een stabiele toestand komt en kan blijven totdat adequate hulp beschikbaar is.

Artikel 10

Het aspect praktijkvoering is zodanig ingericht dat de betrokkene in staat is tot:

§ 3. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 11

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Artikel 12

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit opleidingseisen tandarts.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 2a
1.

De opleiding tot tandarts duurt ten minste vijf jaar en omvat ten minste 5.000 uur voltijds theoretisch en praktisch onderwijs.

2.

Het theoretisch en praktisch onderwijs voldoen ten minste aan de eisen, gesteld in punt 5.3.1 van Bijlage V van Richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (PbEU 2005, L 255).

3.

Een wijziging van punt 5.3.1 van Bijlage V, bedoeld in het tweede lid, gaat voor de toepassing van het tweede lid gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven.

§ 3. Overgangs- en slotbepalingen

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.