Wijziging Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990
Gelet op artikel 26 van de Invorderingswet 1990;
Besluit:
Artikel I
Wijzigt de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990.
Artikel II
De kosten van bestaan, bedoeld in de artikelen 12, tweede lid, onderdeel d, van de Uitvoeringsregeling Invorde-ringswet 1990 en 13, eerste lid, van die regeling bedragen, in afwijking van artikel 16 van die regeling, voor het tijdvak dat aanvangt op 1 januari 1998 en eindigt op de dag voorafgaand aan de dag van inwerkingtreding van artikel I van deze regeling, voor belastingschuldigen die worden aangemerkt als:
- a. echtgenoten als bedoeld in artikel 3 van de Algemene bijstandswet die 65 jaar of ouder zijn, onderscheidenlijk waarvan een echtgenoot 65 jaar of ouder is: 90 percent van f 2106,42, onderscheidenlijk van f 2061,42;
- b. een alleenstaande en een alleenstaande ouder als bedoeld in artikel 4, onderdeel a, onderscheidenlijk onderdeel b, van de Algemene bijstandswet die 65 jaar of ouder zijn: 90 percent van f 1495,76, onderscheidenlijk van f 1902,43.
Artikel III
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, met dien verstande dat:
- a. artikel I in werking treedt op het tijdstip waarop artikel I van de wet tot Wijziging van de Algemene bijstandswet in verband met de voortgang van de bestrijding van armoede en sociale uitsluiting in werking treedt;
- b. artikel II in werking treedt met ingang van 1 januari 1998.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.