Besluit van 8 juni 1998, houdende het Warenwetbesluit Vlees, gehakt en vleesproducten

Type AMvB
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 3 oktober 1997, nr. GZB/VVB/975553, gedaan in overeenstemming met Onze Ministers van Economische Zaken en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Gelet op beschikking nr. 97/534/EG van de Commissie van 30 juli 1997 houdende verbod, in verband met overdraagbare spongiforme encefalopathieën, op het gebruik van risicomateriaal (PbEG L 216), op artikel 11, eerste lid, van de Wijzigingswet 1988 Warenwet, alsmede op artikel 4, eerste lid, onder a, artikel 8, onder b en c, artikel 12 en artikel 14 van de Warenwet;

De Raad van State gehoord (advies van 18 december 1997, no. W13.97.0642);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 2 juni 1998 met nummer GZB/VVB/982331, uitgebracht in overeenstemming met Onze Ministers van Economische Zaken en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Hebben goedgevonden en verstaan:

§ 1:. algemene bepalingen

Artikel 1
1.

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

2.

De darm of het darmvervangend omhulsel van in dit besluit bedoelde waren is geen verpakkingsmateriaal als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder e, van verordening (EU) 1169/2011.

3.

Voor vlees, gehakt en vleesproducten wordt een startercultuur aangemerkt als technisch hulpmiddel, bedoeld in artikel 20, onderdeel b, onder ii, van Verordening (EU) nr. 1169/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de verstrekking van voedselinformatie aan consumenten, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1924/2006 en (EG) nr. 1925/2006 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 87/250/EEG van de Commissie, Richtlijn 90/496/EEG van de Raad, Richtlijn 1999/10/EG van de Commissie, Richtlijn 2000/13/EG van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijnen 2002/67/EG en 2008/5/EG van de Commissie, en Verordening (EG) nr. 608/2004 van de Commissie (PbEU 2011, L 304).

Artikel 2
1.

Het is verboden vlees, wilde zwijnenvlees, separatorvlees, gehakt vlees, vleesbereidingen, gehakt en vleesproducten te bereiden, te behandelen, te bewerken, te verwerken, te verpakken, te bewaren, te vervoeren of te verhandelen anders dan met inachtneming van de bij of krachtens dit besluit gestelde voorschriften.

2.

Het is verboden met gebruikmaking van de bij dit besluit aangegeven aanduidingen en vermeldingen andere waren te verhandelen dan die waaraan die aanduidingen en vermeldingen bij dit besluit zijn voorbehouden.

3.

Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 11, 13, eerste, tweede en vijfde lid, 14, 15 en 15bis van verordening (EG) 1760/2000 en met de artikelen 1, 2, tweede lid, 4, eerste en tweede lid, 5bis, eerste lid, 5ter, 5quater, eerste en tweede lid, en 7, eerste en vierde lid, van verordening (EG) 1825/2000.

§ 2a:. implementatie richtlijn 94/65/EG – voorschriften inzake de productie en het in de handel brengen van vleesbereidingen en gehakt vlees

Artikel 2a

Vervallen

§ 2b:. aanvullende voorschriften inzake bereiding en samenstelling

Artikel 3

Bij de bereiding van eetwaren wordt geen gebruik gemaakt van:

Artikel 3a

Separatorvlees van:

wordt niet bereid, verhandeld of verwerkt in eet- of drinkwaren.

Artikel 3b

Trichinella is niet aantoonbaar in 10,0 gram wildezwijnenvlees.

Artikel 4
1.

Het zetmeelgehalte van een op de voet van artikel 6, 7, 8,9 of 10 aangeduide, gepaneerde waar bedraagt ten hoogste 6%.

2.

Het eerste lid is niet van toepassing op:

Artikel 5
1.

Het Federgetal van gehakt, en van een andere eetwaar met ten minste 80% vlees, is ten hoogste 4,0.

2.

Het eerste lid is niet van toepassing indien de daar bedoelde waar:

3.

Het eerste lid is niet van toepassing op een als bloedworst, balkenbrij, bakleverworst, hoofdkaas, beuling, preskop of zure zult aangeduide eetwaar.

4.

In afwijking van het eerste lid mag gehakt, of een andere eetwaar met ten minste 80% vlees, een hoger Federgetal dan 4,0 hebben, voor zover de aanduiding van die waar vergezeld gaat van beschrijvende vermeldingen waardoor de consument in staat is die waar te onderscheiden van een in het eerste lid bedoelde waar met een Federgetal van ten hoogste 4,0.

§ 3:. gereserveerde aanduidingen

Artikel 6

De aanduiding vlees mag uitsluitend worden gebezigd voor vlees, niet zijnde bloed, voor zover die aanduiding vergezeld gaat van de naam van het soort slachtdier waarvan het vlees afkomstig is.

Artikel 7

De aanduiding gehakt mag uitsluitend worden gebezigd voor gehakt met een vetgehalte van ten hoogste 25%, voor zover die aanduiding vergezeld gaat van:

Artikel 8

De aanduiding half om half mag uitsluitend worden gebezigd voor gehakt dat voor de ene helft van runderen en voor de andere helft van varkens afkomstig is, waarbij in de onderlinge verhouding een afwijking van 10% absoluut is toegestaan.

Artikel 9

De aanduiding tartaar mag uitsluitend worden gebezigd voor gehakt dat afkomstig is van runderen, met een vetgehalte van ten hoogste 10%.

Artikel 10

De aanduiding gehakte biefstuk mag uitsluitend worden gebezigd voor gehakt dat afkomstig is van runderen, met een vetgehalte van ten hoogste 6%.

Artikel 11

Vervallen

§ 4:. vermeldingen

Artikel 12

De vermelding mager of magere mag worden gebezigd bij:

§ 5:. slotbepalingen

Artikel 13
1.

Als methoden van onderzoek welke bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of al dan niet is voldaan aan de bij dit besluit gestelde regels, worden aangewezen chromatografische, fysische, chemische en andere scheidingsmethoden, organoleptische bepalingsmethoden en detectiemethoden, alsmede de daartoe door een andere lid-staat van de Europese Unie aangewezen methoden.

2.

Onze Minister kan nadere regels vaststellen inzake het eerste lid.

Artikel 14

Onze Minister is de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 22bis van verordening (EG) 1760/2000, en in artikel 11, onderdeel a, van verordening (EG) 1825/2000.

Artikel 15

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 1998, met dien verstande dat voorverpakte eetwaren die zijn aangeduid op de voet van artikel 6, tweede lid, van het Vlees- en vleeswarenbesluit (Warenwet) 1987 zoals dat luidde onmiddellijk vóór 1 juli 1998, nog verhandeld mogen worden tot 14 februari 2000.

Artikel 16

Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit Vlees, gehakt en vleesproducten.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.