Regeling stimuliering multimodaal en intermodaal transport 1998

Type Ministeriële regeling
Publication 1998-06-21
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 3 en 4 van de Kaderwet subsidies Verkeer en Waterstaat;

Besluit:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

De Minister kan aan haalbaarheidsprojecten, onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten, praktijkexperimenten, demonstratie- en kennisoverdracht-projecten subsidie verlenen indien deze:

2.

De mate waarin wordt bijgedragen aan de in de eerste lid bedoelde bevordering van de modal shift wordt bepaald aan de hand van de volgende criteria:

Artikel 3

Een project behoort tot de categorie Nieuwe toetreders tot het spoor indien:

Artikel 4

Een project behoort tot de categorie Promit algemeen indien het gericht is op de ontwikkeling van technische of organisatorische maatregelen die modal shift bevorderen en niet behoort tot de in artikel 3 bedoelde categorie.

Artikel 5

Het subsidieplafond dat aan het toekennen van subsidies ingevolge deze regeling wordt gesteld, bedraagt:

Artikel 6
1.

Onverminderd het bepaalde in het tweede, derde, vierde en zevende lid, bedraagt de subsidie:

2.

De in het eerste lid genoemde percentages voor een onderzoeks- of ontwikkelingsproject, een praktijkexperiment of een demonstratieproject kunnen worden verhoogd met:

3.

Indien sprake is van een combinatie van projecten die betrekking hebben op hetzelfde logistiek systeem of dezelfde verkeers- en vervoerstechniek, dan bedraagt de subsidie ten hoogste het gewogen gemiddelde van de voor de afzonderlijke projecten op grond van het eerste en tweede lid geldende percentages.

4.

Tot de projectkosten, bedoeld in het eerste lid, behoren:

5.

De in het vierde lid genoemde kosten worden in aanmerking genomen:

6.

Indien ten behoeve van het project subsidie is verleend uit anderen hoofde dan deze regeling dan wel daarop aanspraak bestaat, wordt de subsidie die is vastgesteld op grond van de voorgaande leden zodanig verlaagd dat de totale subsidie niet meer bedraagt dan het ingevolge de voorgaande leden voor het desbetreffende project maximaal geldende percentage.

7.

De subsidie bedraagt maximaal f 500.000,- per project.

Artikel 7
1.

De in artikel 2, eerste lid, sub c genoemde partijen kunnen ter verkrijging van subsidie een aanvraag indienen, waarbij wordt aangegeven op welke van de in de artikelen 3 en 4 genoemde categorieën de aanvraag betrekking heeft.

2.

Indien de aanvraag betrekking heeft op de in artikel 3 genoemde project-categorie, wordt bij de aanvraag het in artikel 3, onderdeel b, onder 3), bedoelde businessplan overgelegd.

3.

Aanvragen kunnen uitsluitend vanaf de datum van inwerkingtreding van deze regeling tot en met 2 november 1998 worden ingediend bij de programmabeheerder, zijnde:

NOVEM

Postbus 8242 3502 RE Utrecht tel. 030 - 2393493

4.

Een aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van een bij de programmabeheerder verkrijgbaar aanvraagformulier en gaat vergezeld van de in het formulier aangegeven bewijsstukken en gegevens.

Artikel 8
1.

De aanvragen worden behandeld in volgorde van ontvangst met dien verstande dat wanneer een aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid wordt gesteld zijn aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvullende gegevens zijn ontvangen geldt als datum van ontvangst.

2.

De Minister neemt binnen zes weken na de datum van ontvangst van de aanvraag een beslissing.

3.

Indien meer tot dezelfde projectcategorie behorende aanvragen op dezelfde dag zijn ontvangen die betrekking hebben op een totaalbedrag aan subsidie dat hoger is dan het resterende gedeelte van het voor die categorie beschikbare subsidieplafond, dan wordt het resterende gedeelte naar evenredigheid over die aanvragen verdeeld.

4.

Behalve de in de Algemene wet bestuursrecht geregelde gevallen wordt de aanvraag ook afgewezen indien:

Artikel 9
1.

De beschikking tot subsidieverlening vermeldt in elk geval:

2.

Van het bedrag, bedoeld in het eerste lid onder c, wordt maximaal 80% bij wijze van voorschot op declaratiebasis uitbetaald.

Artikel 10

De subsidie kan worden verleend onder de voorwaarde:

Artikel 11
1.

De subsidie-ontvanger is verplicht:

2.

Aan de subsidie-ontvanger kunnen nadere verplichtingen worden opgelegd met betrekking tot de inrichting van zijn administratie.

Artikel 12

Behalve de in de Algemene wet bestuursrecht geregelde gevallen kan de subsidie, zolang deze nog niet definitief is vastgesteld, worden ingetrokken indien de subsidie-ontvanger failliet is verklaard, aan hem surseance van betaling is verleend of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend.

Artikel 13
1.

Aanvragen tot subsidievaststelling kunnen binnen 13 weken na beëindiging van het project worden ingediend bij de programmabeheerder.

2.

De aanvraag vindt plaats door indiening van een bij de programmabeheerder verkrijgbaar aanvraagformulier en gaat in ieder geval vergezeld van:

3.

De verklaring van een in artikel 2:393, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek bedoelde accountant kan ook worden verlangd indien de Minister een redelijk vermoeden heeft dat de subsidie-ontvanger niet heeft voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie zijn verbonden of dat op andere wijze sprake is van het bestaan van onregelmatigheden.

4.

De Minister neemt binnen zes weken na ontvangst van de aanvraag tot subsidievaststelling een beslissing op de aanvraag.

5.

Indien het definitieve subsidiebedrag hoger is dan hetgeen reeds ingevolge artikel 9, tweede lid, als voorschot is uitbetaald, wordt het restant binnen twee weken na dagtekening van de beschikking tot subsidievaststelling uitbetaald.

Artikel 14

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.