← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling verstrekkingen bepaalde categorieën vreemdelingen

Geldende tekst a fecha 2020-04-17

Gelet op artikel 3, tweede lid, van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers;

Overwegende:

dat er ingevolge de inwerkingtreding van de Koppelingswet een noodzaak is ontstaan te voorzien in de noodzakelijke bestaansvoorwaarden voor een drietal categorieën vreemdelingen;

Besluit:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

Het COA is belast met het voorzien in de noodzakelijke bestaansvoorwaarden voor de volgende categorieën vreemdelingen gedurende de daarbij aangegeven termijn:

2.

De schriftelijke verklaring, bedoeld in het eerste lid, houdt in dat de vreemdeling behoort tot één van de in het eerste lid bedoelde categorieën vreemdelingen.

3.

Het COA is ten aanzien van vreemdelingen die rechtmatig verblijf hebben in verband met eergerelateerd of huiselijk geweld uitsluitend belast met het voorzien in de noodzakelijke bestaansvoorwaarden indien zij verblijven in een instelling voor vrouwenopvang.

Artikel 2a

De regeling is uitsluitend van toepassing op de in artikel 2, eerste lid, onderdeel c, bedoelde vreemdeling:

Artikel 3
1.

Het voorzien in de noodzakelijke bestaansvoorwaarden voor vreemdelingen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdelen a tot en met d en f tot en met h, houdt in het voorzien in de volgende verstrekkingen:

2.

Het voorzien in de noodzakelijke bestaansvoorwaarden voor vreemdelingen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder e, houdt in het verstrekken van een financiële toelage.

3.

De in artikel 2, eerste lid, bedoelde categorieën vreemdelingen wordt geen onderdak in een opvangvoorziening als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de Wet, geboden.

4.

De in artikel 2, eerste lid, bedoelde categorieën vreemdelingen wordt geen financiële toelage of dekking van kosten van medische verstrekkingen geboden indien anderszins in de noodzakelijke bestaansvoorwaarden voor de vreemdeling wordt of is voorzien.

Artikel 4

In het kader van deze regeling worden de volgende categorieën vreemdelingen onderscheiden:

Artikel 5

Geen recht op de financiële toelage bestaat indien:

Artikel 6
1.

De berekeningsbasis is het bedrag, bedoeld in artikel 21, onder b, van de Participatiewet.

2.

De financiële toelage bedraagt:

Artikel 7
1.

Het treffen van een ziektekostenregeling als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, houdt in het afsluiten van een ziektekostencontract ter dekking van de kosten van het door de Minister vastgestelde pakket medische verstrekkingen.

2.

In de verstrekking als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, wordt ten behoeve van de vreemdeling uitsluitend voorzien indien een toelage als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a wordt toegekend.

Artikel 8
1.

Op het in aanmerking te nemen inkomen en vermogen zijn de artikelen 3 en 4, in verbinding met de artikelen 31 tot en met 34 van de Participatiewet van overeenkomstige toepassing.

2.

Tot het in aanmerking te nemen inkomen wordt tevens gerekend het recht op algemene bijstand op grond van de Participatiewet.

3.

Niet tot het in aanmerking te nemen inkomen wordt gerekend de bijzondere bijstand op grond van de Participatiewet.

Artikel 9
1.

De toelage wordt binnen twee weken nadat aanspraak van de vreemdeling op de toelage is ontstaan, door de vreemdeling, diens wettelijke vertegenwoordiger of bloedverwant in de eerste of tweede graad, dan wel door de persoon die door één van hen daartoe is gemachtigd, aangevraagd.

2.

Het COA kan in bijzondere gevallen afwijken van het eerste lid.

3.

De vreemdeling, diens wettelijke vertegenwoordiger of bloedverwant in de eerste of tweede graad, doet aan het COA op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op de toelage, het geldend maken van het recht op de toelage, de hoogte of de duur van de toelage, of op het bedrag dat aan hem wordt uitbetaald.

4.

Voor de aanvraag van de toelage en de verstrekking van gegevens wordt gebruik gemaakt van een door het COA verstrekt formulier.

5.

De vreemdeling, diens wettelijke vertegenwoordiger of bloedverwant in de eerste of tweede graad, is verplicht aan het COA desgevraagd de medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van deze regeling.

6.

Het COA bepaalt welke gegevens ten behoeve van de verlening van de toelage, dan wel de voortzetting daarvan, door de vreemdeling, diens wettelijke vertegenwoordiger of bloedverwant in de eerste of tweede graad, in ieder geval dienen te worden verstrekt, welke bewijsstukken dienen te worden overlegd en de wijze en het tijdstip waarop de verstrekking van de gegevens dient plaats te vinden.

7.

De toelage wordt maandelijks vastgesteld over dat deel van de kalendermaand waarover recht op de toelage bestaat.

8.

De financiële toelage, bedoeld in artikel 3, tweede lid, wordt niet toegekend over de periode voorafgaand aan 1 januari 2007.

Artikel 10
1.

De toelage wordt uitbetaald aan de vreemdeling, diens wettelijk vertegenwoordiger of bloedverwant in de eerste of tweede graad, of aan een door één van hen, blijkens een schriftelijke verklaring, aangewezen persoon of instantie.

2.

Het COA betaalt de toelage maandelijks achteraf.

3.

Het COA is bevoegd de toelage over een kortere of langere periode te betalen, indien dit gelet op de omstandigheden van de vreemdeling wenselijk is.

Artikel 11

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de Koppelingswet in werking treedt.

Artikel 12

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 13

Deze regeling wordt aangehaald als Regeling verstrekkingen bepaalde categorieën vreemdelingen, afgekort als Rvb.