Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen
Gelet op artikel 26, eerste lid, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, en op de artikelen 2 en 5, derde lid, van het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen;
Besluit:
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. Minister: Minister van Verkeer en Waterstaat; b. bevoegde autoriteit: 1º. Minister, of 2º. een in bijlage 4 bij deze regeling erkende instantie.
Artikel 2
Bij deze regeling behoren vier bijlagen:
a. bijlage 1: voorschriften betreffende het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Nederlandse binnenwateren, zijnde de Nederlandse vertaling van het ADNR en de daarvan deel uitmakende bijlagen; b. bijlage 2: Regeling vervoer gevaarlijke stoffen met zeeschepen; c. bijlage 3: voorschriften in afwijking van of in aanvulling op bijlage 1; d. bijlage 4: erkende instanties, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, 2°.
De bijlagen 1 en 2 zijn niet van toepassing op handelingen, genoemd in artikel 3.3.2, eerste lid, van het Vuurwerkbesluit.
Artikel 3
Met voorwaardelijk tot het vervoer over de binnenwateren toegelaten gevaarlijke stoffen als bedoeld in bijlage 1 mogen de handelingen, bedoeld in artikel 2 van het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen, worden verricht, mits de in deze regeling gestelde voorschriften in acht worden genomen.
Artikel 4
Indien de Minister ingevolge artikel 3, eerste lid, van het ADNR, tijdelijke voorschriften vaststelt, gelden deze voorschriften eveneens voor de overige Nederlandse binnenwateren.
Artikel 5
Met de in de bij deze regeling behorende bijlagen 1 tot en met 3 vastgestelde technische normen of technische eisen worden gelijkgesteld daaraan gelijkwaardige technische normen of technische eisen, vastgesteld door of vanwege een andere lid-staat van de Europese Unie dan wel door of vanwege een staat die partij is bij de overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte.
Met de in de bij deze regeling behorende bijlagen 1 tot en met 3 geëiste typegoedkeuringen worden gelijkgesteld daaraan gelijkwaardige typegoedkeuringen, geëist door of vanwege een andere lid-staat van de Europese Unie dan wel door of vanwege een staat die partij is bij de overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte.
Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing met betrekking tot de Rijn, de Waal en de Lek.
Artikel 6
Vervallen
Artikel 7
Deze regeling treedt in werking op 1 januari 1999.
Artikel 8
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen.
Bijlage 1
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Verkeer en Waterstaat te Den Haag.
Bijlage 2
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Verkeer en Waterstaat.
Bijlage 3. bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c, van de Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen
Artikel 1. Toepasbaarheid
De bepalingen van deze bijlage zijn van toepassing op elk vervoer van gevaarlijke stoffen over de Nederlandse binnenwateren en hebben voorrang boven de bepalingen van bijlage 1.
Artikel 2. N-bepaling
De volgende N-bepalingen zijn een aanvulling op, dan wel een afwijking van de overeenkomstige bepaling in bijlage 1.
Laad en Losleidingen 7.2.4.25.5 N
Het bij het laden naar buiten treden van de gas/luchtmengsels van de stoffen vindt aan de walzijde op een zodanige locatie ten opzichte van het schip plaats en wordt zo uitgevoerd, dat geen gevaar of schade kan ontstaan voor de schepen en de bemanning ervan. De opening naar de atmosfeer is voorzien van een inrichting die vlaminslag voorkomt.
Artikel 3. Routering
Het is verboden stofnummer 9000, Ammoniak, watervrij, sterk gekoeld, Klasse 2, 3TC, of brandbare gassen van de Klasse 2 te vervoeren met tankschepen langs Dordrecht, Zwijndrecht of Papendrecht, anders dan over de Dordtse Kil.
Het eerste lid is niet van toepassing op:
- a. tankschepen die minder dan 25 ton vervoeren;
- b. tankschepen die volledig voldoen aan randnummer 9.3.1.11.2 van het ADNR conform het Certificaat van Goedkeuring, of
- c. vervoer uitsluitend tussen de Volkeraksluizen en Amsterdam, mits het betrokken schip zich ten minste één uur voor het opvaren van de Oude Maas meldt bij de Regionale Verkeerscentrale Dordrecht.
Artikel 4. Binnenvaartpolitiereglement
Op het vervoer van gevaarlijke stoffen op de Westerschelde en haar mondingen, op het Kanaal van Gent naar Terneuzen en in de buitenvoorhavens te Terneuzen, op de Eems en op de Dollard zijn de voorschriften bij of krachtens de artikelen 3.14, 3.21, 3.32, 4.04 en 6.28, negende en tiende lid van het Binnenvaartpolitiereglement van overeenkomstige toepassing.
Bijlage 4. bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel d, van de Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen
Artikel 1
Bevoegde autoriteiten in bijlage 1 bij het Protocol bij het ADNR zijn op basis van:
- a. artikel 3: de Directeur-Generaal Goederenvervoer (Afdeling Lading en Risicobeleid);
- b. artikel 4: de Directeur-Generaal Goederenvervoer (Afdeling Lading en Risicobeleid);
- c. artikel 4: de Inspecteur-Generaal Inspectie Verkeer en Waterstaat.
Artikel 2
In de onderstaande tabel zijn de bevoegde autoriteiten opgenomen met betrekking tot de uitvoering van de voorschriften in de vermelde nummers van bijlage 1 voor zover bedoelde handelingen worden uitgevoerd door Nederlandse bevoegde autoriteiten.
| Nummer | Bevoegde autoriteit |
|---|---|
| 1.2.1 Toelating monstername-inrichting | IVW |
| 1.2.1 Erkende veilige elektrische inrichting | IVW |
| 1.2.1 Openingsdruk | IVW/Classificatiebureau |
| 1.5.1.1.1; 1.5.1.2.1; 1.5.1.2.2 | DGG/VL |
| 1.5.1.3.1; 1.5.1.3.2; 1.6.7.2.1 Tabel 2; 1.6.7.2.1 Tabel 2 | IVW |
| 1.8.1.1; 1.8.1.2 | IVW |
| 1.8.1.3 | in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 1.8.3.7; 1.8.3.8; 1.8.3.10; 1.8.3.14; 1.8.3.16; | SEV |
| 1.10.1.6 | KOFS |
| 2.2.1.1, voor zover het betreft de autoriteit in het Handboek beproevingen en criteria | TNO PML |
| 2.2.1.1.3; 2.2.1.3; Opmerking bij UN-nummer 0190 | TNO PML of Defensie, laatstgenoemde voor zover het betreft classificatie van uitsluitend voor de krijgsmacht bestemde munitie en toelating van de verpakking ervan |
| 2.2.41.1, voor zover het betreft de autoriteit in het Handboek beproevingen en criteria 2.2.41.13 2.2.51.1, voor zover het betreft de autoriteit in het Handboek beproevingen en criteria 2.2.52.1.8 | TNO PML |
| 2.2.62.1.8; 2.2.62.1.9, Opmerking | LNV of VWS |
| 2.2.9.1.12 | VROM |
| 3.1.2.6 | LR |
| 3.3.1, bijzondere bepaling 16 en 178 | TNO PML of Defensie, laatstgenoemde voor zover het betreft classificatie van uitsluitend voor de krijgsmacht bestemde munitie en toelating van de verpakking ervan |
| 3.3.1, bijzondere bepaling 181, 237, 239, 266, 271, 272 en 278 | TNO PML |
| 3.3.1, bijzondere bepaling 283 | LR |
| 3.3.1, bijzondere bepaling 288, 309 en 311 | TNO PML |
| 3.3.1, bijzondere bepaling 645 | IVW |
| 3.2.3, Kolom 20, aantekening 12, onder p) en q) | IVW |
| 3.2.3, Kolom 20, aantekening 28, onder b) | in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 5.2.2.1.9 | TNO PML |
| 5.5.1.2; 5.5.1.3 | LNV of VWS |
| 7.1.4.3.5 | VROM SZW |
| 7.1.4.3.6 | VROM SZW |
| 7.1.4.7 | in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 7.1.4.8 | in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 7.1.4.9 | IVW |
| 7.1.4.14.7.1.1, Opmerking; 7.1.4.14.7.3.2; 7.1.4.14.7.3.8; 7.1.4.14.7.5.1; 7.1.4.14.7.6.2; 7.1.4.14.7.7 | VROM SZW |
| 7.1.4.16 | IVW |
| 7.1.5.4.2 | in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 7.1.5.4.3; 7.1.5.4.4; 7.1.5.5; 7.1.6.14 voor HA06 | in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 7.2.2.6 | IVW |
| 7.2.3.7.1; 7.2.3.7.3 | in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 7.2.4.2 | Voor 7.2.4.2.1: IVW Voor 7.2.4.2.2 en 7.2.4.2.3: in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 7.2.4.7.1 | in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 7.2.4.9; 7.2.4.10.1 | IVW |
| 7.2.4.15.3 | SZW |
| 7.2.4.24; 7.2.5.4.2; 7.2.5.4.3; 7.2.5.4.4 | in havens: havenmeester/buiten havens: HID-RWS |
| 8.1.6.1; 8.1.6.2; 8.1.6.3; 8.1.7; 8.1.8.3; 8.1.8.7; 8.1.8.8; 8.1.8.9; 8.1.9.1; 8.1.10 | IVW |
| 8.2.1.2 | DGG/VL |
| 8.2.1.2; 8.2.1.3; 8.2.1.4 | KOFS |
| 8.2.1.5; 8.2.1.6; 8.2.1.7; 8.2.1.8 | KOFS |
| 8.2.1.9; 8.2.1.10 | IVW |
| 8.2.2.6.1; 8.2.2.6.4; 8.2.2.6.5; 8.2.2.6.7; 8.2.2.7; 8.2.2.8 | KOFS |
| 8.3.5 | IVW |
| 8.6.3 | IVW |
| 8.6.4.2.6 | IVW/Classificatiebureau |
| 9.2.0.94.4; | IVW |
| 9.3.1.23.1; | LR/Classificatiebureau |
| 9.3.1.50.2; 9.3.2.12.7 | IVW |
| 9.3.2.23.5; 9.3.2.50.2; 9.3.3.12.7; | IVW |
| 9.3.3.23.5; 9.3.3.50.2 | IVW |
Artikel 3
In tabel 1 wordt verstaan onder:
- a. Classificatiebureau: een classificatiebureau dat door alle Rijnoeverstaten en België is erkend;
- b. Defensie: Militaire Commissie Gevaarlijke Stoffen van het Ministerie van Defensie;
- c. DGG/VL: Minister, namens deze het hoofd van de afdeling Lading en Risicobeleid van het Directoraat-Generaal Goederenvervoer;
- d. HID-RWS: Minister, namens deze de betrokken hoofdingenieur-directeur van het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat;
- e. IVW: Minister, namens deze de Inspecteur-Generaal van de Inspectie Verkeer en Waterstaat;
- f. KOFS: het Koninklijk Onderwijsfonds voor de Scheepvaart;
- g. LR: Lloyds Register Nederland B.V.
- h. LNV: de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
- i. SEV: Stichting Exameninstituut Veiligheidsadviseur;
- j. SZW: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
- k. TNO PML: het Prins Maurits Laboratorium van de Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek;
- l. VROM: de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
- m. VWS: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Artikel 4
In dit artikel wordt verstaan onder:
- a. overeenstemming vooraf: het KOFS doet schriftelijk een voorstel aan de Minister, die, indien akkoord, instemt;
- b. informatie achteraf: het KOFS informeert schriftelijk achteraf de Minister door toezending van een jaarlijks verslag, houdende aantallen examens, aantallen geslaagden aan wie een ADNR verklaring is verstrekt, alsmede een evaluatie.
Bij het uitoefenen van zijn bevoegdheden als bedoeld in artikel 1 van deze bijlage geeft het KOFS toepassing aan tabel 2.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen 1 en 2, die ter inzage worden gelegd bij het Directoraat-Generaal Goederenvervoer van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Nieuwe Uitleg 1 te Den Haag.
Artikel 1
Bevoegde autoriteiten in bijlage 1 bij het Protocol bij het ADNR zijn op basis van:
Artikel 2
In de onderstaande tabel zijn de bevoegde autoriteiten opgenomen met betrekking tot de uitvoering van de voorschriften in de vermelde nummers van bijlage 1 voor zover bedoelde handelingen worden uitgevoerd door Nederlandse bevoegde autoriteiten.
Artikel 3
In tabel 1 wordt verstaan onder:
In tabel 1 wordt verstaan onder:
Artikel 4
1.
In dit artikel wordt verstaan onder:
- a. overeenstemming vooraf: het KOFS doet schriftelijk een voorstel aan de Minister, die, indien akkoord, instemt;
- b. informatie achteraf: het KOFS informeert schriftelijk achteraf de Minister door toezending van een jaarlijks verslag, houdende aantallen examens, aantallen geslaagden aan wie een ADNR verklaring is verstrekt, alsmede een evaluatie.
2.
Bij het uitoefenen van zijn bevoegdheden als bedoeld in artikel 1 van deze bijlage geeft het KOFS toepassing aan tabel 2.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen 1 en 2, die ter inzage worden gelegd bij het Directoraat-Generaal Goederenvervoer van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Nieuwe Uitleg 1 te Den Haag.
Artikel 4
1.
In dit artikel wordt verstaan onder:
- a. overeenstemming vooraf: het CBR doet schriftelijk een voorstel aan de Minister, die, indien akkoord, instemt;
- b. informatie achteraf: het CBR informeert schriftelijk achteraf de Minister door toezending van een jaarlijks verslag, houdende aantallen examens, aantallen geslaagden aan wie een ADNR verklaring is verstrekt, alsmede een evaluatie.
2.
Bij het uitoefenen van zijn bevoegdheden als bedoeld in artikel 1 van deze bijlage geeft het CBR toepassing aan tabel 2.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen 1 en 2, die ter inzage worden gelegd bij het Directoraat-Generaal Goederenvervoer van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Nieuwe Uitleg 1 te Den Haag.