Besluit van 24 december 1998, tot vaststelling van een maatregel van bestuur als bedoeld in de artikelen 6, derde lid, van de Algemene Ouderdomswet, 13, derde lid, van de Algemene nabestaandenwet, 6, derde lid, van de Algemene Kinderbijslagwet en 5, derde en vierde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999)
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.F. Hoogervorst, van 20 november 1998 SV/GSV/98/35098 mede namens Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
Gelet op artikel 6, derde lid, van de Algemene Ouderdomswet, artikel 13, derde lid, van de Algemene nabestaandenwet,artikel 6, derde lid, van de Algemene Kinderbijslagwet en artikel 5, derde en vierde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
De Raad van State gehoord (advies van 17 december 1998, nr W12.98.0549);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.F. Hoogervorst, van 18 december 1998, nr. SV/GSV/98/42566, uitgebracht mede namens Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
Hebben goedgevonden en verstaan:
§ 1. Algemeen
Artikel 1. Begripsbepalingen
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- a. de volksverzekeringen: de Algemene Ouderdomswet, de Algemene nabestaandenwet, de Algemene Kinderbijslagwet en de Wet langdurige zorg;
- b. kind: het eigen kind, het aangehuwde kind, of het pleegkind, bedoeld in artikel 4 van de Algemene Kinderbijslagwet, jonger dan 27 jaar, dat in belangrijke mate door de ouders wordt onderhouden;
- c. Onze Ministers: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
- d. arbeid: arbeid verricht in het economisch verkeer en gericht op het verwerven van inkomen;
- e. Nederlandse socialeverzekeringsuitkering: een uitkering op grond van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, artikel 4:2b of 6:3 van de Wet arbeid en zorg, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, de Algemene Ouderdomswet, de Algemene nabestaandenwet en de Algemene Kinderbijslagwet;
- f. in Nederland arbeid verrichten: in Nederland of op het continentaal plat arbeid verrichten;
- g. buiten Nederland arbeid verrichten: buiten Nederland en het continentaal plat arbeid verrichten.
§ 2. Uitbreiding van de kring van verzekerden
Artikel 2. Diplomatiek en consulair personeel en hun gezinsleden in het buitenland
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen is de persoon die niet in Nederland woont en die uit hoofde van een privaatrechtelijke dienstbetrekking naar Nederlands recht met een overheidswerkgever als bedoeld in artikel 2 van de Ambtenarenwet 2017, dan wel een publiekrechtelijke dienstbetrekking met een bestuursorgaan dat daar deel van uitmaakt, als ambtenaar van Aruba, Curaçao of Sint Maarten of anderszins uit hoofde van een uitzending door of met instemming met de Minister van Buitenlandse Zaken tijdelijk werkzaam is bij een vertegenwoordiging van het Koninkrijk der Nederlanden in het buitenland, tenzij hij:
- a. buiten Nederland arbeid verricht anders dan de werkzaamheden, bedoeld in de aanhef; of
- b. een uitkering ontvangt op grond van een buitenlandse wettelijke regeling inzake sociale zekerheid.
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen zijn de echtgenoot en kinderen van de in het eerste lid bedoelde verzekerde, tenzij zij:
- a. buiten Nederland arbeid verrichten en de inkomsten uit deze arbeid meer bedragen dan het bedrag, genoemd in artikel 8.14a, eerste lid, onderdeel a, van de Wet inkomstenbelasting 2001; of
- b. een uitkering ontvangen op grond van een buitenlandse wettelijke regeling inzake sociale zekerheid.
De echtgenoot en kinderen die op grond van het tweede lid zijn verzekerd, blijven verzekerd op grond van de volksverzekeringen gedurende de periode van een jaar, te rekenen vanaf de datum van overlijden van de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, tenzij zij:
- a. buiten Nederland arbeid verrichten en de inkomsten uit deze arbeid meer bedragen dan het bedrag, genoemd in artikel 8.14a, eerste lid, onderdeel a, van de Wet inkomstenbelasting 2001; of
- b. een uitkering ontvangen op grond van een buitenlandse wettelijke regeling inzake sociale zekerheid.
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen is de niet in Nederland wonende particuliere bediende die in dienst is van de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, tenzij hij:
- a. onderdaan is van de ontvangende staat;
- b. ten tijde van aanwerving niet in Nederland woonde;
- c. buiten Nederland arbeid verricht anders dan uit hoofde van vorenbedoelde dienstbetrekking; of
- d. een uitkering ontvangt op grond van een buitenlandse wettelijke regeling inzake sociale zekerheid.
Artikel 3. Personeel van de Nederlandse overheid en hun gezinsleden in het buitenland
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen is de persoon die niet in Nederland woont, voor zover niet reeds begrepen onder artikel 2, en die uit hoofde van een privaatrechtelijke dienstbetrekking naar Nederlands recht met een overheidswerkgever als bedoeld in artikel 2 van de Ambtenarenwet 2017, dan wel een publiekrechtelijke dienstbetrekking met een bestuursorgaan dat daar deel van uitmaakt, buiten Nederland arbeid verricht ten behoeve van die overheidswerkgever of dat bestuursorgaan, tenzij hij:
- a. ten tijde van aanwerving niet in Nederland woonde;
- b. buiten Nederland arbeid verricht anders dan uit hoofde van de vorenbedoelde dienstbetrekking;
- c. een uitkering ontvangt op grond van een buitenlandse wettelijke regeling inzake sociale zekerheid; of
- d. werkzaam is bij een door Onze Ministers en Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan te wijzen volkenrechtelijke organisatie en op hem een regeling inzake sociale zekerheid van die organisatie van toepassing is.
In afwijking van het eerste lid, onderdeel b, is verzekerd op grond van de volksverzekeringen de persoon die in dienst is van een publiekrechtelijke rechtspersoon in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba indien hij door de Nederlandse overheid is uitgezonden.
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen zijn de echtgenoot, kinderen en overige inwonende gezinsleden van de verzekerde, bedoeld in het eerste en tweede lid, tenzij het gezinslid:
- a. buiten Nederland arbeid verricht en de inkomsten uit deze arbeid meer bedragen dan het bedrag, genoemd in artikel 8.14a, eerste lid, onderdeel a, van de Wet inkomstenbelasting 2001; of
- b. een uitkering ontvangt op grond van een buitenlandse wettelijke regeling inzake sociale zekerheid.
De echtgenoot, kinderen en overige inwonende gezinsleden die op grond van het derde lid zijn verzekerd, blijven verzekerd op grond van de volksverzekeringen gedurende de periode van een jaar, te rekenen vanaf de datum van overlijden van de verzekerde, bedoeld in het eerste en tweede lid, tenzij het gezinslid:
- a. buiten Nederland arbeid verricht en de inkomsten uit deze arbeid meer bedragen dan het bedrag, genoemd in artikel 8.14a, eerste lid, onderdeel a, van de Wet inkomstenbelasting 2001; of
- b. een uitkering ontvangt op grond van een buitenlandse wettelijke regeling inzake sociale zekerheid.
Artikel 4. Rijdend, vliegend of varend personeel, buiten Nederland wonend
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen is de persoon die niet in Nederland woont en behoort tot het rijdend, vliegend of op de binnenwateren varend personeel van een in Nederland wonende of gevestigde werkgever die internationaal vervoer verricht, tenzij hij:
- a. in hoofdzaak in het land waarin hij woont arbeid verricht; of
- b. werkt bij een filiaal of een vaste vertegenwoordiging van die werkgever buiten Nederland.
Artikel 5. Gezinsleden van varend personeel
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen zijn de aan boord van een schip wonende echtgenoot en kinderen van de persoon die op grond van de volksverzekeringen of van artikel 4 verzekerd is.
Artikel 6. Tijdelijke onderbreking van arbeid in Nederland
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen blijft de persoon die niet in Nederland woont, maar die uitsluitend in Nederland arbeid verricht en van wie de arbeid tijdelijk wordt onderbroken:
- a. wegens ziekte, gebreken, zwangerschap, bevalling of werkloosheid; of
- b. wegens verlof, staking of uitsluiting.
Artikel 7. AWBZ-verzekerden
Vervallen
Artikel 8. Tijdelijk buiten Nederland studerenden en verpleegden
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen blijft de persoon die een periode uitsluitend niet in Nederland woont wegens studieredenen indien die periode:
- a. aansluitend is op het wonen in Nederland;
- b. aansluitend is op een periode van wonen in het buitenland waarin hij op grond van artikelen 2, 3, 3a, 4 of 5 verzekerd was op grond van de volksverzekeringen.
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen blijft de persoon die aansluitend op het wonen in Nederland, uitsluitend omdat hij wordt verpleegd in een door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan te wijzen instelling, die overeenkomt met een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel f, van de Wet toelating zorginstellingen die zorg levert waarop aanspraak bestaat ingevolge de Wet langdurige zorg, niet meer in Nederland woont.
Artikel 9. Niet in Nederland wonende zelfstandigen
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen is de persoon die niet in Nederland woont en die belastbare winst uit Nederlandse onderneming als bedoeld in afdeling 7.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 geniet, mits hij in Nederland arbeid verricht voor die onderneming.
Artikel 9a. Vreemdelingen met een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd asiel
Een vreemdeling die rechtmatig in Nederland verblijft, in de zin van artikel 8, onder c, van de Vreemdelingenwet 2000, is, ongeacht of hij als ingezetene kan worden beschouwd, niet eerder verzekerd op grond van de volksverzekeringen dan met ingang van de dag waarop positief op de verblijfsvergunningsaanvraag wordt beschikt.
Artikel 10. Vreemdelingen in Nederland wonend
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen is de in Nederland wonende vreemdeling die na rechtmatig in Nederland verblijf te hebben gehouden in de zin van artikel 8, onder a tot en met e, of l, van de Vreemdelingenwet 2000:
- a. voor de beëindiging van dit verblijf een aanvraag heeft ingediend om voortgezette toelating; of
- b. binnen de termijn, genoemd in artikel 69, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, of, buiten die termijn, ingeval artikel 6.11 van de Algemene wet bestuursrecht toepassing heeft gevonden, bezwaar heeft gemaakt of beroep heeft ingesteld tegen intrekking van de toelating in de zin van artikel 8, onder a tot en met e, of l, van de Vreemdelingenwet 2000.
De verzekering op grond van het eerste lid eindigt zodra:
- a. onherroepelijk op de aanvraag, het bezwaar of het beroep is beslist; of
- b. de uitzetting van de vreemdeling is gelast, tenzij die uitzetting op grond van de Vreemdelingenwet 2000 of op grond van een rechterlijke beslissing achterwege dient te blijven.
Artikel 11. Vreemdelingen rechtmatig verblijf houdend in Nederland
Verzekerd op grond van de volksverzekeringen is de vreemdeling die rechtmatig in Nederland verblijf houdt in de zin van artikel 8, onder f tot en met k, van de Vreemdelingenwet 2000
indien hij:
- a. in Nederland, met uitzondering van het continentaal plat, in overeenstemming met de Wet arbeid vreemdelingen arbeid in dienstbetrekking verricht uit hoofde waarvan hij aan de loonbelasting is onderworpen;
- b. op het continentaal plat arbeid in dienstbetrekking verricht uit hoofde waarvan hij aan de loonbelasting is onderworpen.
De vreemdeling, bedoeld in het eerste lid, blijft verzekerd op grond van de volksverzekeringen indien hij uit hoofde van het verrichten van arbeid als bedoeld in het eerste lid recht heeft op betaling van loon als bedoeld in artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of recht heeft op een uitkering op grond van de Ziektewet, de Werkloosheidswet, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet arbeid en zorg of de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, alsmede indien de arbeid, bedoeld in het eerste lid, tijdelijk is onderbroken als gevolg van verlof, staking of uitsluiting.
§ 3. Beperking van de kring van verzekerden
Artikel 12. Wonen in Nederland, werken buiten Nederland
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.