Wet van 18 maart 1999, houdende bepalingen ter verbetering van de arbeidsomstandigheden (Arbeidsomstandighedenwet 1998)

Type Wet
Publication 2025-07-01
State In force
Source BWB
artikelen 74
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
1.

Tegen een beschikking op grond van deze wet van een ambtenaar als bedoeld in artikel 24, tweede lid, kan door een belanghebbende administratief beroep worden ingesteld bij Onze Minister, tenzij sprake is van een beschikking die blijkens het tweede lid namens Onze Minister wordt gegeven.

2.

Een beschikking op grond van deze wet van een ambtenaar als bedoeld in de artikelen 24, eerste lid, 28a, eerste lid, 28b, en 34, eerste lid, wordt gegeven namens Onze Minister.

Hoofdstuk 7. Sancties

Beroep

Artikel 32. Strafbepaling

Het is de werkgever verboden handelingen te verrichten of na te laten in strijd met deze wet of de daarop berustende bepalingen indien daardoor, naar hij weet of redelijkerwijs moet weten, levensgevaar of ernstige schade aan de gezondheid van een of meer werknemers ontstaat of te verwachten is.

Vrijstelling en ontheffing

Artikel 33. Overtredingen

2.

Als overtreding wordt tevens aangemerkt het niet naleven van de artikelen 6, eerste lid, tweede volzin, en 16, tiende lid, voor zover het niet naleven van de in die artikelleden bedoelde voorschriften en verboden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur is aangemerkt als overtreding.

3.

Geen bestuurlijke boete kan worden opgelegd ter zake van bij of krachtens deze wet strafbaar gestelde feiten of ter zake van deze wet in de Wet op de economische delicten strafbaar gestelde feiten, met uitzondering van de strafbare feiten, bedoeld in artikel 6, derde lid, van deze wet en artikel 1, onder 1°, van de Wet op de economische delicten ten aanzien van artikel 6, eerste lid, eerste volzin.

Vrijstelling en ontheffing

Artikel 34. Hoogte bestuurlijke boete en recidive

1.

Een daartoe door Onze Minister aangewezen, onder hem ressorterende ambtenaar legt de bestuurlijke boete op aan de overtreder op wie de verplichtingen rusten die voortvloeien uit deze wet en de daarop berustende bepalingen, voor zover het niet naleven daarvan is aangeduid als overtreding.

2.

De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, is niet reeds aangewezen als toezichthouder.

3.

De bestuurlijke boete die voor een overtreding kan worden opgelegd bedraagt ten hoogste het bedrag van de vijfde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.

4.

De bestuurlijke boete die voor een overtreding van artikel 6, eerste lid, of voor het niet naleven van een voorschrift of verbod bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 6, eerste lid, voor zover aangemerkt als overtreding, kan worden opgelegd bedraagt ten hoogste het bedrag van de zesde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.

5.

Onverminderd het derde en vierde lid verhoogt de op grond van het eerste lid aangewezen ambtenaar de op te leggen bestuurlijke boete met 100 procent van het boetebedrag, vastgesteld op grond van het tiende lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van constatering van de overtreding een eerdere overtreding, bestaande uit het niet naleven van eenzelfde wettelijke verplichting of verbod of het niet naleven van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen soortgelijke verplichtingen en verboden, is geconstateerd en de bestuurlijke boete wegens de eerdere overtreding onherroepelijk is geworden.

6.

De verhoging van de bestuurlijke boete, bedoeld in het vijfde lid, bedraagt 200 procent indien zowel de overtreding als de eerdere overtreding, bedoeld in dat lid, bij of krachtens algemene maatregel van bestuur zijn aangewezen als ernstige overtredingen.

7.

Onverminderd het derde en vierde lid verhoogt de op grond van het eerste lid aangewezen ambtenaar de op te leggen bestuurlijke boete met 200 procent van het boetebedrag, vastgesteld op grond van het tiende lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van constatering van de overtreding twee maal een eerdere overtreding, bestaande uit het niet naleven van eenzelfde wettelijke verplichting of verbod of het niet naleven van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen soortgelijke verplichtingen en verboden, is geconstateerd en de bestuurlijke boeten wegens de eerdere overtredingen onherroepelijk zijn geworden.

8.

Voor de toepassing van het vijfde en zevende lid wordt met een onherroepelijke bestuurlijke boete gelijkgesteld een onherroepelijke strafrechtelijke sanctie wegens een overtreding als bedoeld in artikel 6, derde lid.

9.

In afwijking van het vijfde en zevende lid is het tijdvak van vijf jaar in die leden tien jaar indien de onherroepelijke boetes, bedoeld in die leden, zijn opgelegd wegens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen ernstige overtredingen.

10.

Onze Minister stelt beleidsregels vast waarin de boetebedragen voor de overtredingen worden vastgesteld. Artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing indien een artikel gesteld bij of krachtens deze wet op grond waarvan een bestuurlijke boete kan worden opgelegd, niet is nageleefd.

11.

In afwijking van artikel 8:69 van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechter in beroep of hoger beroep de hoogte van de boete ook ten nadele van de belanghebbende wijzigen.

Beroep

Artikel 35

Vervallen

Strafbepaling

Artikel 36. Boeterapport

1.

Onverminderd artikel 5:48, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht vermeldt het rapport naast de overtreder in ieder geval de andere bij de overtreding betrokken persoon of personen.

2.

Het rapport wordt toegezonden aan de daartoe op grond van artikel 34, eerste lid, aangewezen ambtenaar.

3.

Een afschrift van het rapport wordt toegezonden of uitgereikt aan de andere bij de overtreding betrokken persoon of personen, bedoeld in het eerste lid.

Overtredingen

Artikel 37. Boetebeschikking

Een afschrift van de boetebeschikking wordt toegezonden of uitgereikt aan de andere bij de overtreding betrokken persoon of personen, bedoeld in artikel 36, eerste lid, en in voorkomend geval, desgevraagd aan zijn of hun nabestaande of nabestaanden.

Hoogte bestuurlijke boete en recidive

Artikel 38. Inlichtingenplicht jegens de boeteoplegger

Degene aan wie een bestuurlijke boete is opgelegd is verplicht desgevraagd aan de daartoe op grond van artikel 34, eerste lid, aangewezen ambtenaar de inlichtingen te verstrekken die voor de tenuitvoerlegging van de boete van belang zijn.

Hoogte bestuurlijke boete en recidive

Artikel 39

Vervallen

Boeterapport

Artikel 40

Vervallen

Boetebeschikking

Artikel 41

Vervallen

Inlichtingenplicht jegens de boeteoplegger

Artikel 42

Vervallen

Invordering

Artikel 43. Terugbetaling

Indien een bestuurlijke boete ten onrechte is opgelegd, wordt deze binnen zes weken nadat is vastgesteld dat de bestuurlijke boete ten onrechte is opgelegd, aan de rechthebbende terugbetaald.

Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen

Wijziging boetebedrag

Artikel 44. Kosten

De kosten die zijn verbonden aan de naleving van de regels die bij of krachtens deze wet zijn gesteld, worden niet ten laste van de werknemers gebracht.

Wijziging boetebedrag

Artikel 45. Overgangsbepaling

Op schriftelijke afspraken die zijn gemaakt overeenkomstig artikel 14, vierde lid, zoals dat artikellid luidde de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet van 25 januari 2017 tot wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet in verband met de versterking van de betrokkenheid van de werkgevers en werknemers bij de arbodienstverlening, de preventie in het bedrijf of de inrichting van de werkgever, en de randvoorwaarden voor het handelen van de bedrijfsarts (Stb. 2017, 22), blijft artikel 14, vierde lid, zoals dat artikellid luidde de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van die wet, van toepassing tot de datum waarop die afspraken expireren, doch uiterlijk tot een jaar na inwerkingtreding van die wet. Tot dat tijdstip is artikel 14, vijfde lid, niet van toepassing.

Terugbetaling

Artikel 46. Citeertitel

Deze wet wordt aangehaald als: Arbeidsomstandighedenwet.

Kosten

Artikel 47

Vervallen

Evaluatie

Artikel 48

De Arbeidsomstandighedenwet wordt ingetrokken.

Citeertitel

Artikel 49

Vervallen

Artikel 50

Vervallen

Artikel 51

Vervallen

Artikel 52

Vervallen

Artikel 53

Vervallen

Artikel 54

Vervallen

Overgang verzoeken en beroepen

Artikel 55

Vervallen

Overgangsrecht wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 in verband met een gewijzigde organisatie van de deskundige bijstand bij het arbeidsomstandighedenbeleid en de daarmee samenhangende bepalingen

Artikel 56

Vervallen

Arbeidstijdenwet

Artikel 57

Vervallen

Overgang verzoeken en beroepen

Artikel 58

Vervallen

Arbeidstijdenwet

Artikel 59

Vervallen

Invoeringswet Arbeidsvoorzieningswet

Artikel 60

Vervallen

Wet medezeggenschap onderwijs 1992

Artikel 61

Vervallen

Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten

Artikel 62

Vervallen

Wet op de ondernemingsraden

Artikel 63

Vervallen

Wet privatisering RBB

Artikel 64

Vervallen

Organisatiewet sociale verzekeringen

Artikel 65

Vervallen

Ziektewet

Artikel 66

Vervallen

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 33a

Vervallen

Invordering

Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen

Citeertitel

Burgerlijk Wetboek

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 14a. Vangnetregeling aanvullende deskundige bijstand op het gebied van preventie en bescherming

1.

Indien de bijstand bij de taken, bedoeld in artikel 14, eerste lid, niet is georganiseerd met toepassing van artikel 14, negende lid, wordt deze bijstand georganiseerd met inachtneming van dit artikel.

2.

De werkgever laat zich met betrekking tot de taken, bedoeld in artikel 14, eerste lid, bijstaan door een arbodienst, ten behoeve waarvan overeenkomstig artikel 20 een certificaat is afgegeven en die deel uitmaakt van de organisatie van het bedrijf of de inrichting.

3.

Voorzover de mogelijkheden onvoldoende zijn om de bijstand binnen het bedrijf of de inrichting te organiseren, wordt de bijstand verleend door een andere arbodienst ten behoeve waarvan, overeenkomstig artikel 20, een certificaat is afgegeven.

4.

De werknemers van een arbodienst werken nauw samen met en adviseren en verlenen medewerking aan de in artikel 13, eerste lid, genoemde deskundige personen, de ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging, of, bij het ontbreken daarvan, de belanghebbende werknemers, inzake te nemen, genomen en uit te voeren maatregelen gericht op een zo goed mogelijk arbeidsomstandighedenbeleid. Het niet naleven van deze verplichting door de werknemers van een arbodienst wordt aangemerkt als een overtreding.

5.

Artikel 13, vijfde en zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Deskundige bijstand op het gebied van bedrijfshulpverlening

Hoofdstuk 4. Bijzondere verplichtingen

Aanwijzingen

Hoofdstuk 5. Toezicht en ambtelijke bevelen

Stillegging van het werk

Hoofdstuk 6. Vrijstellingen, ontheffingen en beroep

Werkonderbreking

Hoofdstuk 6. Vrijstellingen, ontheffingen en beroep

Wijziging boetebedrag

Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen

Overgang

Overgangsrecht wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 in verband met een gewijzigde organisatie van de deskundige bijstand bij het arbeidsomstandighedenbeleid en de daarmee samenhangende bepalingen

Overgang verzoeken en beroepen

Arbeidstijdenwet

Invoeringswet Arbeidsvoorzieningswet

Wet medezeggenschap onderwijs 1992

Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten

Wet op de ondernemingsraden

Wet privatisering RBB

Organisatiewet sociale verzekeringen

Ziektewet

Burgerlijk Wetboek

Inwerkingtreding

Citeertitel

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 3a. Aanpassing arbeidsplaats werknemer met structurele functionele beperking

1.

In aanvulling op artikel 3, eerste lid, aanhef en onder c, past de werkgever uit hoofde van de uitoefening van zijn taak, bedoeld in artikel 7:658a van het Burgerlijk Wetboek en artikel 76e van de Ziektewet,

  • a. de inrichting van de arbeidsplaats, de werkmethoden en de bij de arbeid gebruikte arbeidsmiddelen, alsmede de arbeidsinhoud aan zijn werknemer, die in verband met ongeschiktheid ten gevolge van ziekte verhinderd is de bedongen arbeid te verrichten aan, en
  • b. de inrichting van het bedrijf aan die werknemer aan, voorzover de behoefte daaraan wordt opgeroepen door de deelneming van die werknemer aan de werkzaamheden of het daarmee samenhangende verblijf in het bedrijf.
2.

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder werkgever mede verstaan de eigenrisicodrager, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Ziektewet en wordt onder werknemer mede verstaan de persoon, bedoeld in artikel 63, eerste lid, van die wet aan wie de eigenrisicodrager ziekengeld moet betalen.

Aspecten van arbobeleid

Inventarisatie en evaluatie van risico's

Voorkoming en beperking van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken

Informatie aan het publiek

Voorlichting en onderricht

Melding arbeidsongevallen en beroepsziekten

Voorkomen van gevaar voor derden

Algemene verplichtingen van de werknemers

Hoofdstuk 3. Samenwerking, overleg, bijzondere rechten van de ondernemingsraad, de personeelsvertegenwoordiging en de belanghebbende werknemers en de regeling van de deskundige bijstand

Samenwerking en bijzondere rechten van de ondernemingsraad, de personeelsvertegenwoordiging en de belanghebbende werknemers

Bijstand deskundige werknemers op het gebied van preventie en bescherming

Maatwerkregeling aanvullende deskundige bijstand bij specifieke taken op het gebied van preventie en bescherming

Vangnetregeling aanvullende deskundige bijstand op het gebied van preventie en bescherming

Hoofdstuk 4. Bijzondere verplichtingen

Nadere regels met betrekking tot arbeidsomstandigheden alsmede uitzonderingen op en uitbreidingen van toepassingsgebied

Maatwerk door werkgevers en werknemers

Arbeidsgezondheidskundig onderzoek

Verschillende werkgevers

Certificatie

Informatievoorziening

Aanwijzingen

Hoofdstuk 5. Toezicht en ambtelijke bevelen

Ambtenaren belast met het toezicht

Toezicht op instellingen

Geheimhouding

Eis tot naleving

Stillegging van het werk

Hoofdstuk 6. Vrijstellingen, ontheffingen en beroep

Werkonderbreking

Hoofdstuk 6. Vrijstellingen, ontheffingen en beroep

Vrijstelling en ontheffing

Beroep

Strafbepaling

Strafbepaling

Overtredingen

Hoogte bestuurlijke boete en recidive

Boeterapport

Boeterapport

Boetebeschikking

Inlichtingenplicht jegens de boeteoplegger

Invordering

Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen

Kosten

Kosten

Evaluatie

Citeertitel

Intrekking

Overgang

Inwerkingtreding

Citeertitel

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Informatierechten deskundige werknemers en personen, bedrijfshulpverleners en arbodiensten

Artikel 15a. Informatierechten deskundige werknemers en personen, bedrijfshulpverleners en arbodiensten

De werkgever zorgt ervoor dat de deskundige werknemers en de andere deskundige personen, bedoeld in artikel 13, de personen, bedoeld in artikel 14, eerste lid, de bedrijfshulpverleners, bedoeld in artikel 15, en de arbodienst kennis kunnen nemen van:

  • a. de ongevalsrapportages en de lijst van arbeidsongevallen, bedoeld in artikel 9;
  • e. een beschikking tot oplegging van een last onder bestuursdwang of tot oplegging van een last onder dwangsom als bedoeld in artikel 28b;

Hoofdstuk 4. Bijzondere verplichtingen

Taakverwaarlozing

Hoofdstuk 5. Toezicht en ambtelijke bevelen

Last onder bestuursdwang

Artikel 28a. Bevel stillegging van werk in verband met recidive

1.

Een daartoe door Onze Minister aangewezen, onder hem ressorterende ambtenaar kan, nadat een overtreding van een voorschrift of verbod bij of krachtens deze wet is geconstateerd die bestuurlijk beboetbaar is gesteld of op grond van de Wet op de economische delicten strafbaar is gesteld, aan de werkgever of de zelfstandige een schriftelijke waarschuwing geven dat bij herhaling van de overtreding of bij een latere overtreding van eenzelfde in de waarschuwing aangegeven wettelijke verplichting of verbod of bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen soortgelijke verplichtingen of verboden, door hem een bevel kan worden opgelegd dat door hem aangewezen werkzaamheden voor ten hoogste drie maanden worden gestaakt dan wel niet mogen worden aangevangen. De artikelen 24, tweede lid, en 27, vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.

2.

Indien een waarschuwing als bedoeld in het eerste lid is gegeven en herhaling van de overtreding of een latere overtreding als bedoeld in het eerste lid is geconstateerd, kan door de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, aan de werkgever of de zelfstandige bij beschikking een bevel als bedoeld in het eerste lid worden opgelegd dat wordt opgevolgd met ingang van het in de beschikking aangeven tijdstip. Deze beschikking wordt niet gegeven zolang wegens de eerste overtreding, bedoeld in het eerste lid, nog niet een bestuurlijke boete is opgelegd of een proces-verbaal is opgemaakt.

3.

De constatering van de overtreding, bedoeld in het eerste of tweede lid, wordt vastgelegd in een boeterapport of proces-verbaal.

4.

De waarschuwing, bedoeld in het eerste lid, vervalt indien na de dagtekening van de waarschuwing vijf jaren zijn verstreken.

5.

De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, is bevoegd met betrekking tot het bevel, bedoeld in het tweede lid, de nodige maatregelen te treffen, de nodige aanwijzingen te geven en de hulp van de sterke arm in te roepen.

6.

Ieder wie zulks aangaat is verplicht zich te gedragen overeenkomstig een bevel als bedoeld in het tweede lid en een maatregel of aanwijzing als bedoeld in het vijfde lid.

7.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste en tweede lid.

Hoofdstuk 6. Vrijstellingen, ontheffingen en beroep

Vrijstelling en ontheffing

Hoofdstuk 7. Sancties

Terugbetaling

Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 29a. Gegevensuitwisseling

1.

Bestuursorganen en een instelling als bedoeld in artikel 20, tweede lid, zijn bevoegd uit eigen beweging en verplicht desgevraagd aan Onze Minister en de toezichthouder kosteloos alle gegevens en inlichtingen te verstrekken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering en het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet en dit noodzakelijk is ten behoeve van een samenwerkingsverband tussen twee of meer van de voornoemde instanties.

2.

Onze Minister en de toezichthouder verstrekken andere bestuursorganen en een instelling als bedoeld in artikel 20, tweede lid, kosteloos alle gegevens en inlichtingen, die zijn verkregen door de uitvoering of het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet, welke noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun wettelijke taak en dit noodzakelijk is ten behoeve van een samenwerkingsverband tussen twee of meer van de voornoemde instanties.

3.

Onze Minister, bestuursorganen, de toezichthouder en een instelling als bedoeld in artikel 20, tweede lid, kunnen bij het verwerken van persoonsgegevens gebruik maken van het burgerservicenummer.

4.

De gegevensverstrekking, bedoeld in het eerste en tweede lid, vindt niet plaats indien de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene daardoor onevenredig wordt geschaad.

5.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de gevallen waarin en de wijze waarop in ieder geval gegevens worden verstrekt.

Hoofdstuk 7. Sancties

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 28b. Last onder bestuursdwang

Onze Minister is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter zake van de naleving van de artikelen 24, negende lid, 28, eerste lid, en 28a, tweede lid, en de daartoe bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bepalingen krachtens deze wet. Artikel 24, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk 7. Sancties

Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 29b. Openbaarmaking van door toezicht op de naleving verkregen gegevens

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Hoofdstuk 6. Vrijstellingen, ontheffingen en beroep

Hoofdstuk 7. Sancties

Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Hoofdstuk 2. Arbeidsomstandighedenbeleid

Hoofdstuk 3. Samenwerking, overleg, bijzondere rechten van de ondernemingsraad, de personeelsvertegenwoordiging en de belanghebbende werknemers en de regeling van de deskundige bijstand

Hoofdstuk 4. Bijzondere verplichtingen

Hoofdstuk 5. Toezicht en ambtelijke bevelen

Hoofdstuk 6. Vrijstellingen, ontheffingen en beroep

Hoofdstuk 7. Sancties

Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)