Wijzigingsgeschiedenis

Besluit van 21 december 1999 tot vaststelling van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000

55 versions · 2026-02-01
2026-02-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 45
2026-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 45
2025-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 45
2024-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 45
2024-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 45
2023-10-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 45
2023-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 45
2022-09-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 45
2022-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 21, 45
2021-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 21, 45
2020-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 21, 45
2019-07-30
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 21, 45
2019-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 2, 6 y 5 más
2017-09-08
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 21, 45
2017-09-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 2, 6 y 5 más
2017-03-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 2, 6 y 5 más
2015-07-20
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 21, 45
2015-02-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000
2014-04-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 2, 6 y 5 más
2014-02-15
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 2, 6 y 5 más
2014-01-09
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 21, 45
2014-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000
2013-10-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 21, 45
2013-08-15
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 19 y 2 más
2013-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 19 y 2 más
2013-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 19 y 2 más
2012-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 19 y 2 más
2012-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 19 y 2 más
2011-11-15
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000
2011-09-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000

Wijzigingen op 2011-09-01

@@ -18,7 +18,9 @@
- a. wet: de [Wet op de rechtsbijstand](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006368);
- b. procedure: een zaak die aanhangig is gemaakt bij een bij wet ingesteld tuchtrechtelijk college alsmede een zaak op het terrein van het burgerlijk of bestuursrecht die aanhangig is gemaakt bij:
- b. procedure:
- 1. een zaak die aanhangig is gemaakt bij een bij wet ingesteld tuchtrechtelijk college alsmede een zaak op het terrein van het burgerlijk of bestuursrecht die aanhangig is gemaakt bij:
- –. de burgerlijke rechter,
@@ -36,13 +38,21 @@
- –. de instantie die oordeelt in een wettelijk geregelde klachtprocedure,
- –. de Minister van Justitie in het kader van het inbrengen van een zienswijze tegen het voornemen om een beslissing te nemen met betrekking tot een verblijfsvergunning, bedoeld in de [artikelen 39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=39) en [41 van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=41);
- –. de Minister voor Immigratie en Asiel in het kader van het inbrengen van een zienswijze op het voornemen om:
- 1. een beslissing te nemen met betrekking tot de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd als bedoeld in [artikel 33, onderdeel a, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=33);
- 2. een beslissing te nemen met betrekking tot de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in [artikel 28, eerste lid, onderdeel b, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=28); dan wel
- 3. een verblijfsvergunning als bedoeld in de artikelen [28, eerste lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=28), en [33, onderdeel b, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=33) in te trekken;
- 2. de behandeling door de Minister voor Immigratie en Asiel van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in [artikel 28, eerste lid, onderdeel a, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=28), waaronder mede wordt begrepen de aan de aanvraag voorafgaande termijn, bedoeld in [artikel 3.109, eerste lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011825&artikel=3.109);
- c. advieszaak: een zaak op het terrein van het tuchtrecht of het burgerlijk of bestuursrecht die geen procedure is;
- d. strafzaak: een strafzaak jegens een verdachte als bedoeld in [artikel 27 van het Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=27) en een andere zaak die in de bijlage als strafrechtelijke zaak is aangemerkt;
- e. piketzaak: een zaak waarin een rechtsbijstandverlener rechtsbijstand heeft verleend in het kader van een door het bestuur getroffen regeling voor het beurtelings verlenen van rechtsbijstand in de gevallen, bedoeld in het [eerste lid van artikel 23](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._3&artikel=23&z=2011-07-01&g=2011-07-01).
- e. piketzaak: een zaak waarin een rechtsbijstandverlener rechtsbijstand heeft verleend in het kader van een door het bestuur getroffen regeling voor het beurtelings verlenen van rechtsbijstand in de gevallen, bedoeld in het [eerste lid van artikel 23](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._3&artikel=23&z=2011-09-01&g=2011-09-01).
##### Artikel 2
@@ -56,17 +66,17 @@
- c. de omzetbelasting die is verschuldigd over de vergoedingen, bedoeld onder a en b.
3. Ten behoeve van de berekening van de vergoeding worden de krachtens dit besluit toegekende punten vermenigvuldigd met het basisbedrag, genoemd in het [eerste lid van artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=I&artikel=3&z=2011-07-01&g=2011-07-01).
3. Ten behoeve van de berekening van de vergoeding worden de krachtens dit besluit toegekende punten vermenigvuldigd met het basisbedrag, genoemd in het [eerste lid van artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=I&artikel=3&z=2011-09-01&g=2011-09-01).
##### Artikel 3
1. Het basisbedrag bedraagt € 95,21 Per 1 juli 2011: € 112,94.
2. Het basisbedrag en de vergoeding, bedoeld in [artikel 27, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&artikel=27&z=2011-07-01&g=2011-07-01), worden jaarlijks aangepast overeenkomstig het voor dat jaar vastgestelde percentage voor de bijdrage in de kosten van de arbeidsvoorwaardenontwikkeling aan niet VWS-gebonden gepremieerde en gesubsidieerde sectoren. Het basisbedrag wordt afgerond op eurocenten. Onze Minister maakt de vastgestelde bedragen bekend door publicatie in de Staatscourant.
3. De aanpassing van het basisbedrag en de vergoeding, bedoeld in [artikel 27, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&artikel=27&z=2011-07-01&g=2011-07-01), vindt plaats met ingang van de eerste dag van de maand volgend op de datum waarop de in het tweede lid bedoelde norm is vastgesteld. Indien de norm wordt vastgesteld op een eerder tijdstip dan de datum waarop zij in werking treedt, worden het basisbedrag en de vergoeding aangepast per laatstbedoelde datum.
4. De vaststelling van de vergoeding, bedoeld in het [eerste lid van artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=I&artikel=2&z=2011-07-01&g=2011-07-01), vindt plaats met toepassing van het basisbedrag en de vergoedingen, bedoeld in de [artikelen 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&artikel=25&z=2011-07-01&g=2011-07-01) en [27, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&artikel=27&z=2011-07-01&g=2011-07-01), die golden ten tijde van de afgifte van de toevoeging op grond waarvan de rechtsbijstand is verleend of het tijdstip waarop rechtsbijstand is verleend in een piketzaak.
2. Het basisbedrag en de vergoeding, bedoeld in [artikel 27, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&artikel=27&z=2011-09-01&g=2011-09-01), worden jaarlijks aangepast overeenkomstig het voor dat jaar vastgestelde percentage voor de bijdrage in de kosten van de arbeidsvoorwaardenontwikkeling aan niet VWS-gebonden gepremieerde en gesubsidieerde sectoren. Het basisbedrag wordt afgerond op eurocenten. Onze Minister maakt de vastgestelde bedragen bekend door publicatie in de Staatscourant.
3. De aanpassing van het basisbedrag en de vergoeding, bedoeld in [artikel 27, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&artikel=27&z=2011-09-01&g=2011-09-01), vindt plaats met ingang van de eerste dag van de maand volgend op de datum waarop de in het tweede lid bedoelde norm is vastgesteld. Indien de norm wordt vastgesteld op een eerder tijdstip dan de datum waarop zij in werking treedt, worden het basisbedrag en de vergoeding aangepast per laatstbedoelde datum.
4. De vaststelling van de vergoeding, bedoeld in het [eerste lid van artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=I&artikel=2&z=2011-09-01&g=2011-09-01), vindt plaats met toepassing van het basisbedrag en de vergoedingen, bedoeld in de [artikelen 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&artikel=25&z=2011-09-01&g=2011-09-01) en [27, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&artikel=27&z=2011-09-01&g=2011-09-01), die golden ten tijde van de afgifte van de toevoeging op grond waarvan de rechtsbijstand is verleend of het tijdstip waarop rechtsbijstand is verleend in een piketzaak.
##### Artikel 4
@@ -94,15 +104,15 @@
1. Aan een procedure wordt het aantal punten toegekend dat in de bijlage voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak is bepaald.
2. Indien de procedure is beëindigd voordat de in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=I&artikel=1&z=2011-07-01&g=2011-07-01) bedoelde instantie uitspraak of tussenuitspraak heeft gedaan of een beslissing heeft genomen dan wel voordat de rechtsbijstandverlener een zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=7&z=2011-07-01&g=2011-07-01) heeft bijgewoond, zijn de [artikelen 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=12&z=2011-07-01&g=2011-07-01) en [13, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=13&z=2011-07-01&g=2011-07-01), van overeenkomstige toepassing.
3. Indien ten tijde van de beëindiging van de procedure uitsluitend een bestuursrechtelijke uitspraak over de proceskosten is gedaan, zijn de [artikelen 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=12&z=2011-07-01&g=2011-07-01) en [13, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=13&z=2011-07-01&g=2011-07-01), van overeenkomstige toepassing.
2. Indien de procedure is beëindigd voordat de in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=I&artikel=1&z=2011-09-01&g=2011-09-01) bedoelde instantie uitspraak of tussenuitspraak heeft gedaan of een beslissing heeft genomen dan wel voordat de rechtsbijstandverlener een zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=7&z=2011-09-01&g=2011-09-01) heeft bijgewoond, zijn de [artikelen 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=12&z=2011-09-01&g=2011-09-01) en [13, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=13&z=2011-09-01&g=2011-09-01), van overeenkomstige toepassing.
3. Indien ten tijde van de beëindiging van de procedure uitsluitend een bestuursrechtelijke uitspraak over de proceskosten is gedaan, zijn de [artikelen 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=12&z=2011-09-01&g=2011-09-01) en [13, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=13&z=2011-09-01&g=2011-09-01), van overeenkomstige toepassing.
4. In de gevallen, bedoeld in het tweede en derde lid, zijn de overige bepalingen van deze paragraaf niet van toepassing.
##### Artikel 6
In afwijking van het [eerste lid van artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=5&z=2011-07-01&g=2011-07-01), worden aan een procedure die in cassatie is gevoerd vijftien punten toegekend. [Artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=8&z=2011-07-01&g=2011-07-01) is niet van toepassing.
In afwijking van het [eerste lid van artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=5&z=2011-09-01&g=2011-09-01), worden aan een procedure die in cassatie is gevoerd vijftien punten toegekend. [Artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=8&z=2011-09-01&g=2011-09-01) is niet van toepassing.
##### Artikel 7
@@ -124,13 +134,13 @@
##### Artikel 11
1. Als samenhangende procedures worden beschouwd zaken die gevoegd, gelijktijdig, aansluitend of nagenoeg aansluitend ter zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=7&z=2011-07-01&g=2011-07-01), zijn behandeld, en waarvoor één rechtsbijstandverlener is toegevoegd of meer dan één rechtsbijstandverlener mits zij deel uitmaken van hetzelfde samenwerkingsverband en voor zover de zaken naar hun aard verknocht zijn.
2. In samenhangende procedures waarin twee of meer rechtzoekenden een of meer procedures voeren, wordt in afwijking van het [eerste lid van artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=5&z=2011-07-01&g=2011-07-01), aan de procedures gezamenlijk het aantal punten toegekend dat wordt verkregen door het aantal punten dat in de bijlage is bepaald voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak met het hoogste aantal punten te vermenigvuldigen met de navolgende percentages, al naar gelang het aantal toevoegingen: 2–3: 150%; 4–6: 200%; 7–10: 300%; 11–15: 400%;16–21: 500%; elke volgende 10: 100% extra.
3. In samenhangende procedures waarbij één rechtzoekende meer dan één procedure voert, wordt in afwijking van het [eerste lid van artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=5&z=2011-07-01&g=2011-07-01), aan de procedures gezamenlijk het aantal punten toegekend dat wordt verkregen door het aantal punten dat in de bijlage is bepaald voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak met het hoogste aantal punten te verhogen met 50% voor elke procedure, met uitzondering van de eerste.
4. Indien samenhangende procedures gevoegd, gelijktijdig, aansluitend of nagenoeg aansluitend op een zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=7&z=2011-07-01&g=2011-07-01) zijn behandeld, wordt deze zitting voor de toekenning van de punten, bedoeld in het [tweede lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=7&z=2011-07-01&g=2011-07-01), aangemerkt als één zitting.
1. Als samenhangende procedures worden beschouwd zaken die gevoegd, gelijktijdig, aansluitend of nagenoeg aansluitend ter zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=7&z=2011-09-01&g=2011-09-01), zijn behandeld, en waarvoor één rechtsbijstandverlener is toegevoegd of meer dan één rechtsbijstandverlener mits zij deel uitmaken van hetzelfde samenwerkingsverband en voor zover de zaken naar hun aard verknocht zijn.
2. In samenhangende procedures waarin twee of meer rechtzoekenden een of meer procedures voeren, wordt in afwijking van het [eerste lid van artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=5&z=2011-09-01&g=2011-09-01), aan de procedures gezamenlijk het aantal punten toegekend dat wordt verkregen door het aantal punten dat in de bijlage is bepaald voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak met het hoogste aantal punten te vermenigvuldigen met de navolgende percentages, al naar gelang het aantal toevoegingen: 2–3: 150%; 4–6: 200%; 7–10: 300%; 11–15: 400%;16–21: 500%; elke volgende 10: 100% extra.
3. In samenhangende procedures waarbij één rechtzoekende meer dan één procedure voert, wordt in afwijking van het [eerste lid van artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=5&z=2011-09-01&g=2011-09-01), aan de procedures gezamenlijk het aantal punten toegekend dat wordt verkregen door het aantal punten dat in de bijlage is bepaald voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak met het hoogste aantal punten te verhogen met 50% voor elke procedure, met uitzondering van de eerste.
4. Indien samenhangende procedures gevoegd, gelijktijdig, aansluitend of nagenoeg aansluitend op een zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=7&z=2011-09-01&g=2011-09-01) zijn behandeld, wordt deze zitting voor de toekenning van de punten, bedoeld in het [tweede lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=7&z=2011-09-01&g=2011-09-01), aangemerkt als één zitting.
5. Op samenhangende procedures die in cassatie zijn gevoerd zijn het tweede, derde en vierde lid van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de berekening, bedoeld in het tweede en derde lid, wordt toegepast op vijftien punten.
@@ -140,17 +150,17 @@
1. Aan een advieszaak waarin minder dan zes uur rechtsbijstand wordt verleend, worden vier punten toegekend.
2. Aan een advieszaak waarin zes uur of meer rechtsbijstand wordt verleend, worden acht punten toegekend. [Artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=9&z=2011-07-01&g=2011-07-01) is van overeenkomstige toepassing.
2. Aan een advieszaak waarin zes uur of meer rechtsbijstand wordt verleend, worden acht punten toegekend. [Artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=9&z=2011-09-01&g=2011-09-01) is van overeenkomstige toepassing.
3. In afwijking van het eerste en tweede lid worden aan een zaak waarin eenvoudig rechtskundig advies wordt gegeven twee punten verleend.
##### Artikel 13
1. Indien in een procedure de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat in de bijlage voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak of op grond van [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=6&z=2011-07-01&g=2011-07-01) is bepaald, wordt voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-07-01&g=2011-07-01), heeft goedgekeurd.
2. Indien in een advieszaak de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven de 24 uur, wordt voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-07-01&g=2011-07-01), heeft goedgekeurd.
3. Indien in samenhangende procedures de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat op grond van het [tweede, derde en vijfde lid van artikel 11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=11&z=2011-07-01&g=2011-07-01) wordt toegekend wordt, voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend, mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-07-01&g=2011-07-01), heeft goedgekeurd.
1. Indien in een procedure de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat in de bijlage voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak of op grond van [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=6&z=2011-09-01&g=2011-09-01) is bepaald, wordt voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-09-01&g=2011-09-01), heeft goedgekeurd.
2. Indien in een advieszaak de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven de 24 uur, wordt voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-09-01&g=2011-09-01), heeft goedgekeurd.
3. Indien in samenhangende procedures de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat op grond van het [tweede, derde en vijfde lid van artikel 11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=11&z=2011-09-01&g=2011-09-01) wordt toegekend wordt, voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend, mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-09-01&g=2011-09-01), heeft goedgekeurd.
#### par. 2. strafzaken
@@ -160,21 +170,21 @@
##### Artikel 15
1. In afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-07-01&g=2011-07-01) worden aan een strafzaak, die bij de Hoge Raad aanhangig is gemaakt en die in eerste aanleg door de meervoudige kamer is behandeld, tien punten toegekend. Aan andere strafzaken die bij de Hoge Raad aanhangig zijn gemaakt, worden, in afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-07-01&g=2011-07-01), zes punten toegekend.
1. In afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-09-01&g=2011-09-01) worden aan een strafzaak, die bij de Hoge Raad aanhangig is gemaakt en die in eerste aanleg door de meervoudige kamer is behandeld, tien punten toegekend. Aan andere strafzaken die bij de Hoge Raad aanhangig zijn gemaakt, worden, in afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-09-01&g=2011-09-01), zes punten toegekend.
2. Onder andere strafzaken als bedoeld in het eerste lid, zijn begrepen de strafzaken waarin in eerste aanleg een beschikking is gegeven, alsmede de strafzaken betreffende herziening.
3. Indien de rechtsbijstandverlener in een strafzaak als bedoeld in het eerste en tweede lid, geen middelen heeft ingediend, wordt het aantal toe te kennen punten met 50% verminderd.
4. [Artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=19&z=2011-07-01&g=2011-07-01) is niet van toepassing op strafzaken als bedoeld in het eerste en tweede lid.
4. [Artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=19&z=2011-09-01&g=2011-09-01) is niet van toepassing op strafzaken als bedoeld in het eerste en tweede lid.
5. In afwijking van het eerste lid wordt aan een strafzaak, die bij de Hoge Raad aanhangig is gemaakt en die in de Nederlandse Antillen of Aruba in eerste aanleg is behandeld door een enkelvoudige kamer tien punten toegekend, indien deze zaak in Nederland in eerste aanleg door de meervoudige kamer zou zijn behandeld.
##### Artikel 16
1. Indien in een strafzaak in eerste aanleg of in hoger beroep over de gevangenhouding of gevangenneming van de rechtzoekende is geoordeeld, wordt, in afwijking van [artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-07-01&g=2011-07-01), het aantal toe te kennen punten met drie verhoogd.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op een zaak als bedoeld in [artikel 14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14a&z=2011-07-01&g=2011-07-01).
1. Indien in een strafzaak in eerste aanleg of in hoger beroep over de gevangenhouding of gevangenneming van de rechtzoekende is geoordeeld, wordt, in afwijking van [artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-09-01&g=2011-09-01), het aantal toe te kennen punten met drie verhoogd.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op een zaak als bedoeld in [artikel 14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14a&z=2011-09-01&g=2011-09-01).
##### Artikel 17
@@ -192,7 +202,7 @@
##### Artikel 19
Indien een strafzaak vóór het onderzoek ter terechtzitting of voor de behandeling in rechte van de hoofdzaak of hoofdvordering wordt beëindigd, worden in afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-07-01&g=2011-07-01) vijf punten toegekend, tenzij in de bijlage een lager puntenaantal is bepaald.
Indien een strafzaak vóór het onderzoek ter terechtzitting of voor de behandeling in rechte van de hoofdzaak of hoofdvordering wordt beëindigd, worden in afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-09-01&g=2011-09-01) vijf punten toegekend, tenzij in de bijlage een lager puntenaantal is bepaald.
##### Artikel 20
@@ -200,23 +210,23 @@
##### Artikel 21
1. Als samenhangende strafzaken worden beschouwd zaken die gevoegd, gelijktijdig, aansluitend of nagenoeg aansluitend ter zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-07-01&g=2011-07-01), zijn behandeld, en waarvoor één rechtsbijstandverlener is toegevoegd of meer dan één rechtsbijstandverlener mits zij deel uitmaken van hetzelfde samenwerkingsverband en voor zover de zaken naar hun aard verknocht zijn.
2. In samenhangende strafzaken waarbij twee of meer rechtzoekenden zijn betrokken bij een of meer zaken, wordt in afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-07-01&g=2011-07-01), aan de zaken gezamenlijk het aantal punten toegekend dat wordt verkregen door het aantal punten dat in de bijlage is bepaald voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak met het hoogste aantal punten te vermenigvuldigen met de navolgende percentages, al naar gelang het aantal zaken: 2–3: 150%; 4–6: 200%; 7–10: 300%; 11–15: 400%;16–21: 500%; elke volgende 10: 100% extra.
3. In samenhangende strafzaken waarbij één rechtzoekende is betrokken bij meer dan één zaak, wordt in afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-07-01&g=2011-07-01), aan de zaken gezamenlijk het aantal punten toegekend dat wordt verkregen door het aantal punten dat in de bijlage is bepaald voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak met het hoogste aantal punten te verhogen met 50% voor elke zaak, met uitzondering van de eerste.
4. Indien samenhangende strafzaken gevoegd, gelijktijdig, aansluitend of nagenoeg aansluitend op een zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-07-01&g=2011-07-01) zijn behandeld, wordt deze zitting voor de toekenning van de punten, bedoeld in het [tweede lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-07-01&g=2011-07-01), aangemerkt als één zitting.
5. Op samenhangende strafzaken die bij de Hoge Raad aanhangig zijn gemaakt zijn het tweede, derde en vierde lid van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat voor de berekening, bedoeld in het tweede en derde lid, wordt uitgegaan van de strafzaak waaraan op grond van [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=15&z=2011-07-01&g=2011-07-01) het hoogste aantal punten wordt toegekend.
1. Als samenhangende strafzaken worden beschouwd zaken die gevoegd, gelijktijdig, aansluitend of nagenoeg aansluitend ter zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-09-01&g=2011-09-01), zijn behandeld, en waarvoor één rechtsbijstandverlener is toegevoegd of meer dan één rechtsbijstandverlener mits zij deel uitmaken van hetzelfde samenwerkingsverband en voor zover de zaken naar hun aard verknocht zijn.
2. In samenhangende strafzaken waarbij twee of meer rechtzoekenden zijn betrokken bij een of meer zaken, wordt in afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-09-01&g=2011-09-01), aan de zaken gezamenlijk het aantal punten toegekend dat wordt verkregen door het aantal punten dat in de bijlage is bepaald voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak met het hoogste aantal punten te vermenigvuldigen met de navolgende percentages, al naar gelang het aantal zaken: 2–3: 150%; 4–6: 200%; 7–10: 300%; 11–15: 400%;16–21: 500%; elke volgende 10: 100% extra.
3. In samenhangende strafzaken waarbij één rechtzoekende is betrokken bij meer dan één zaak, wordt in afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-09-01&g=2011-09-01), aan de zaken gezamenlijk het aantal punten toegekend dat wordt verkregen door het aantal punten dat in de bijlage is bepaald voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak met het hoogste aantal punten te verhogen met 50% voor elke zaak, met uitzondering van de eerste.
4. Indien samenhangende strafzaken gevoegd, gelijktijdig, aansluitend of nagenoeg aansluitend op een zitting als bedoeld in het [eerste lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-09-01&g=2011-09-01) zijn behandeld, wordt deze zitting voor de toekenning van de punten, bedoeld in het [tweede lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-09-01&g=2011-09-01), aangemerkt als één zitting.
5. Op samenhangende strafzaken die bij de Hoge Raad aanhangig zijn gemaakt zijn het tweede, derde en vierde lid van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat voor de berekening, bedoeld in het tweede en derde lid, wordt uitgegaan van de strafzaak waaraan op grond van [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=15&z=2011-09-01&g=2011-09-01) het hoogste aantal punten wordt toegekend.
##### Artikel 22
1. Indien in een strafzaak de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat in de bijlage voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak of op grond van [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=15&z=2011-07-01&g=2011-07-01) is bepaald, wordt voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-07-01&g=2011-07-01), heeft goedgekeurd.
2. Indien in een strafzaak die is beëindigd in de situaties, bedoeld in [artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=19&z=2011-07-01&g=2011-07-01), de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand is uitgegaan boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat wordt toegekend op grond van [artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=19&z=2011-07-01&g=2011-07-01), wordt voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand is verleend, één punt toegekend mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de verrichte werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-07-01&g=2011-07-01), heeft goedgekeurd.
3. Indien in samenhangende strafzaken de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat op grond van het [tweede, derde en vijfde lid van artikel 21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=21&z=2011-07-01&g=2011-07-01) wordt toegekend wordt, voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend, mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-07-01&g=2011-07-01), heeft goedgekeurd.
1. Indien in een strafzaak de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat in de bijlage voor het desbetreffende rechtsterrein of soort zaak of op grond van [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=15&z=2011-09-01&g=2011-09-01) is bepaald, wordt voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-09-01&g=2011-09-01), heeft goedgekeurd.
2. Indien in een strafzaak die is beëindigd in de situaties, bedoeld in [artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=19&z=2011-09-01&g=2011-09-01), de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand is uitgegaan boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat wordt toegekend op grond van [artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=19&z=2011-09-01&g=2011-09-01), wordt voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand is verleend, één punt toegekend mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de verrichte werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-09-01&g=2011-09-01), heeft goedgekeurd.
3. Indien in samenhangende strafzaken de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven het aantal uren dat gelijk is aan drie maal het aantal punten dat op grond van het [tweede, derde en vijfde lid van artikel 21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=21&z=2011-09-01&g=2011-09-01) wordt toegekend wordt, voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend, mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld in het [eerste lid van artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-09-01&g=2011-09-01), heeft goedgekeurd.
#### par. 3. piketzaken
@@ -232,7 +242,7 @@
- d. op grond van [artikel 22 van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005700&artikel=22),
- e. aan personen die krachtens de Vreemdelingenwet in hun vrijheid zijn beperkt of wier vrijheid krachtens de Vreemdelingenwet is ontnomen.
- e. aan personen die krachtens de [Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823) in hun vrijheid zijn beperkt of wier vrijheid krachtens de Vreemdelingenwet 2000 is ontnomen.
2. Indien rechtsbijstand wordt verleend aan personen die op grond van [artikel 154a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005416&artikel=154a) of [176a van de Gemeentewet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005416&artikel=176a) tijdelijk worden opgehouden wordt voor de verlening van rechtsbijstand, met uitzondering van het doen van een verzoek om een voorlopige voorziening, aan alle personen gezamenlijk 1,5 punt toegekend.
@@ -244,24 +254,28 @@
##### Artikel 24
1. Voor het tijdverlet in verband met reizen ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand in een andere zaak dan een piketzaak wordt, uitgaande van de totale afstand die is afgelegd bij reizen naar de zitting, bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-07-01&g=2011-07-01) en het [eerste lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-07-01&g=2011-07-01), en naar rechtzoekenden wier vrijheid is ontnomen of beperkt, per volle gereisde 60 kilometer een halve punt toegekend. Onder reizen naar de zitting is mede begrepen het reizen in verband met de behandeling van de gevangenhouding of gevangenneming, bedoeld in [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=16&z=2011-07-01&g=2011-07-01), alsmede in verband met het verhoor, bedoeld in [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=17&z=2011-07-01&g=2011-07-01).
2. Voor het tijdverlet in verband met reizen van een rechtsbijstandverlener die met toestemming van het bestuur in een onderzoeks- of opvangcentrum aan een vreemdeling in de zin van de [Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823) rechtsbijstand verleent, is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.
1. Voor het tijdverlet in verband met reizen ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand in een andere zaak dan een piketzaak wordt, uitgaande van de totale afstand die is afgelegd bij reizen naar de zitting, bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-09-01&g=2011-09-01) en het [eerste lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-09-01&g=2011-09-01), en naar rechtzoekenden wier vrijheid is ontnomen of beperkt, per volle gereisde 60 kilometer een halve punt toegekend. Onder reizen naar de zitting is mede begrepen het reizen in verband met de behandeling van de gevangenhouding of gevangenneming, bedoeld in [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=16&z=2011-09-01&g=2011-09-01), alsmede in verband met het verhoor, bedoeld in [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=17&z=2011-09-01&g=2011-09-01).
2. Voor het tijdverlet in verband met reizen van een rechtsbijstandverlener die met toestemming van het bestuur aan een vreemdeling in de zin van de [Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823) rechtsbijstand verleent, is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.
3. Indien naar en in het buitenland wordt gereisd per vliegtuig wordt per volle gereisde 500 kilometer een halve punt toegekend.
4. Het bestuur bepaalt de reisafstand op gestandaardiseerde wijze.
5. Indien een reis wordt afgelegd ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand aan meerdere rechtzoekenden op dezelfde locatie, wordt het tijdverlet in verband met deze reis slechts eenmaal vergoed.
##### Artikel 25
1. Voor de kosten die worden gemaakt voor reizen naar de zitting, bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-07-01&g=2011-07-01) en het [eerste lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-07-01&g=2011-07-01), alsmede naar rechtzoekenden wier vrijheid is ontnomen of beperkt, wordt een kilometervergoeding toegekend overeenkomstig de vergoeding die krachtens [artikel 8 van het Reisbesluit binnenland](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005889&artikel=8) wordt verleend. Dezelfde kilometervergoeding wordt toegekend voor de kosten die worden gemaakt voor reizen in verband met de behandeling van de gevangenhouding of gevangenneming, bedoeld in [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=16&z=2011-07-01&g=2011-07-01), alsmede in verband met het verhoor, bedoeld in [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=17&z=2011-07-01&g=2011-07-01).
2. Een rechtsbijstandverlener die met toestemming van het bestuur in een onderzoeks- of opvangcentrum aan een vreemdeling in de zin van [Vreemdelingenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823) rechtsbijstand verleent, ontvangt overeenkomstig het eerste lid een vergoeding voor de kosten die worden gemaakt voor reizen naar het onderzoeks- of opvangcentrum.
1. Voor de kosten die worden gemaakt voor reizen naar de zitting, bedoeld in het [eerste lid van artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-09-01&g=2011-09-01) en het [eerste lid van artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=18&z=2011-09-01&g=2011-09-01), alsmede naar rechtzoekenden wier vrijheid is ontnomen of beperkt, wordt een kilometervergoeding toegekend overeenkomstig de vergoeding die krachtens [artikel 8 van het Reisbesluit binnenland](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005889&artikel=8) wordt verleend. Dezelfde kilometervergoeding wordt toegekend voor de kosten die worden gemaakt voor reizen in verband met de behandeling van de gevangenhouding of gevangenneming, bedoeld in [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=16&z=2011-09-01&g=2011-09-01), alsmede in verband met het verhoor, bedoeld in [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=17&z=2011-09-01&g=2011-09-01).
2. Een rechtsbijstandverlener die met toestemming van het bestuur aan een vreemdeling in de zin van [Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823) rechtsbijstand verleent, ontvangt overeenkomstig het eerste lid een vergoeding voor de kosten die worden gemaakt voor reizen naar de vreemdeling.
3. Voor de kosten die in piketzaken worden gemaakt voor reizen naar de rechtzoekende wordt een kilometervergoeding toegekend overeenkomstig de vergoeding die krachtens [artikel 7 van het Reisbesluit binnenland](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005889&artikel=7) wordt verleend. Indien de rechtzoekende zich ten tijde van de piketmelding buiten het ressort van de rechtsbijstandverlener bevond, is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.
4. Ten behoeve van de berekening van de kilometervergoeding, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, bepaalt het bestuur de reisafstand op gestandaardiseerde wijze.
5. Indien een reis wordt afgelegd ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand aan meerdere rechtzoekenden op dezelfde locatie, wordt in verband met deze reis slechts eenmaal een kilometervergoeding toegekend.
##### Artikel 26
De kosten die de rechtsbijstandverlener heeft moeten maken doordat hij zich bij de verlening van rechtsbijstand in een strafzaak of een piketzaak van een tolk heeft moeten bedienen, worden vergoed tot ten hoogste het bedrag waarop een tolk ingevolge het [Besluit tarieven in strafzaken 2003](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0015481) aanspraak heeft.
@@ -270,7 +284,7 @@
1. Voor de administratieve kosten die in het kader van de rechtsbijstandverlening worden gemaakt, wordt per toevoeging een vergoeding van € 16,33 Per 1 juli 2011: € 18,61 toegekend.
2. Het eerste lid is niet van toepassing in gevallen waarin op grond van de [wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006368) aan een rechtzoekende op last van de rechter een raadsman wordt toegevoegd door het bestuur.
2. Het eerste lid is niet van toepassing in gevallen waarin op grond van de [wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006368) aan een rechtzoekende op last van de rechter een raadsman wordt toegevoegd door het bestuur, alsmede in geval van een procedure in het kader van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in [artikel 28, eerste lid, onderdeel a, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=28).
### Hoofdstuk IV. Toepassing
@@ -286,7 +300,7 @@
1. Het bestuur kan de juistheid of volledigheid van de door de rechtsbijstandverlener verstrekte informatie of overgelegde bescheiden bij de desbetreffende instantie controleren.
2. Het bestuur stelt de vergoeding vast op grond van de door de rechtsbijstandverlener verstrekte informatie en met inachtneming van [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=I&artikel=2&z=2011-07-01&g=2011-07-01).
2. Het bestuur stelt de vergoeding vast op grond van de door de rechtsbijstandverlener verstrekte informatie en met inachtneming van [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=I&artikel=2&z=2011-09-01&g=2011-09-01).
3. Indien de bij de aanvraag verstrekte informatie onjuist of onvolledig is, kan het bestuur de vergoeding vaststellen met inachtneming van de beschikbare juiste informatie.
@@ -298,7 +312,7 @@
##### Artikel 31
1. In afwijking van het [eerste lid van artikel 28](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=28&z=2011-07-01&g=2011-07-01) dient de rechtsbijstandverlener bij het bereiken van de in de [artikelen 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=13&z=2011-07-01&g=2011-07-01) en [22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=22&z=2011-07-01&g=2011-07-01) bedoelde tijdgrens een aanvraag in bij het bestuur tot vaststelling van de vergoeding voor de verrichte werkzaamheden. Tegelijkertijd legt hij een begroting over met betrekking tot de tijdsbesteding van de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden.
1. In afwijking van het [eerste lid van artikel 28](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=28&z=2011-09-01&g=2011-09-01) dient de rechtsbijstandverlener bij het bereiken van de in de [artikelen 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=13&z=2011-09-01&g=2011-09-01) en [22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=22&z=2011-09-01&g=2011-09-01) bedoelde tijdgrens een aanvraag in bij het bestuur tot vaststelling van de vergoeding voor de verrichte werkzaamheden. Tegelijkertijd legt hij een begroting over met betrekking tot de tijdsbesteding van de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden.
2. Het bestuur stemt geheel of gedeeltelijk in met de begroting, bedoeld in het eerste lid, indien het van oordeel is dat de rechtsbijstand doelmatig wordt verleend.
@@ -308,7 +322,7 @@
##### Artikel 32
1. Het bestuur betaalt overeenkomstig de vaststelling, bedoeld in het [tweede lid van artikel 29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=29&z=2011-07-01&g=2011-07-01), de vergoeding met inachtneming van het bepaalde in [artikel 37, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006368&artikel=37).
1. Het bestuur betaalt overeenkomstig de vaststelling, bedoeld in het [tweede lid van artikel 29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=29&z=2011-09-01&g=2011-09-01), de vergoeding met inachtneming van het bepaalde in [artikel 37, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006368&artikel=37).
2. In zaken, waarin krachtens een besluit van het bestuur als bedoeld in [artikel 33, eerste lid, onder c van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006368&artikel=33) de verlening van rechtsbijstand tussentijds is beëindigd, is het voorgaande lid slechts van toepassing voor zover de rechtzoekende het van hem verlangde voorschot, of de verhoging daarvan, heeft voldaan.
@@ -350,7 +364,7 @@
##### Artikel 38
1. Het bestuur kan een vordering jegens een advocaat als bedoeld in [artikel 37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._3&artikel=37&z=2011-07-01&g=2011-07-01) overdragen aan een door Onze Minister voor dit doel erkende rechtspersoon indien de advocaat niet voldoet aan zijn betalingsverplichting.
1. Het bestuur kan een vordering jegens een advocaat als bedoeld in [artikel 37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._3&artikel=37&z=2011-09-01&g=2011-09-01) overdragen aan een door Onze Minister voor dit doel erkende rechtspersoon indien de advocaat niet voldoet aan zijn betalingsverplichting.
2. De advocaat die een voorschot ontvangt, is jaarlijks een nader door Onze Minister te bepalen bedrag verschuldigd aan de in het eerste lid bedoelde rechtspersoon.
@@ -358,13 +372,13 @@
##### Artikel 39
1. In afwijking van de [hoofdstukken II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&z=2011-07-01&g=2011-07-01) en [III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&z=2011-07-01&g=2011-07-01) kan het bestuur de vergoeding bepalen met inachtneming van nader vast te stellen kwaliteitscriteria, mits de desbetreffende rechtsbijstandverlener of rechtsbijstandverleners daarmee instemmen.
2. Het bestuur kan met instemming van de rechtsbijstandverlener afwijken van het bepaalde in [hoofdstuk IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&z=2011-07-01&g=2011-07-01) over de wijze van aanvragen en de overige procedureregels inzake de vaststelling van de vergoeding.
1. In afwijking van de [hoofdstukken II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&z=2011-09-01&g=2011-09-01) en [III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=III&z=2011-09-01&g=2011-09-01) kan het bestuur de vergoeding bepalen met inachtneming van nader vast te stellen kwaliteitscriteria, mits de desbetreffende rechtsbijstandverlener of rechtsbijstandverleners daarmee instemmen.
2. Het bestuur kan met instemming van de rechtsbijstandverlener afwijken van het bepaalde in [hoofdstuk IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&z=2011-09-01&g=2011-09-01) over de wijze van aanvragen en de overige procedureregels inzake de vaststelling van de vergoeding.
3. Het bestuur stelt beleidsregels vast voor de toepassing van het eerste en tweede lid en vermeldt deze beleidsregels in het jaarplan, bedoeld in [artikel 7a, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006368&artikel=7a).
### Hoofdstuk VI. Overgangs- en slotbepalingen
### Hoofdstuk V. Afwijkende vergoedingen
##### Artikel 40
@@ -394,7 +408,7 @@
1. Het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 1994 blijft van toepassing op toevoegingen afgegeven vóór het moment van inwerkingtreding van dit besluit.
2. Het Besluit vergoedingen rechtsbijstand, met uitzondering van de [hoofdstukken V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=V&z=2011-07-01&g=2011-07-01) en [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=VI&z=2011-07-01&g=2011-07-01), blijft van toepassing op toevoegingen afgegeven vóór 1 januari 1994.
2. Het Besluit vergoedingen rechtsbijstand, met uitzondering van de [hoofdstukken V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=V&z=2011-09-01&g=2011-09-01) en [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=VI&z=2011-09-01&g=2011-09-01), blijft van toepassing op toevoegingen afgegeven vóór 1 januari 1994.
3. Het Besluit vergoedingen rechtsbijstand in strafzaken, met uitzondering van de hoofdstukken VII en VIII, blijft van toepassing op toevoegingen afgegeven vóór 1 januari 1994.
@@ -483,7 +497,7 @@
##### Artikel 14a
1. In afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-07-01&g=2011-07-01) en de bijlage wordt in een zaak betreffende vreemdelingenbewaring drie punten toegekend indien de rechtsbijstand wordt verleend in een zaak op grond van [artikel 96 van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=96), waarbij aan de betrokken vreemdeling reeds een raadsman is toegevoegd in een zaak op grond van [artikel 94](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=94), [95](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=95) of 96 van de Vreemdelingenwet 2000.
1. In afwijking van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._2&artikel=14&z=2011-09-01&g=2011-09-01) en de bijlage wordt in een zaak betreffende vreemdelingenbewaring drie punten toegekend indien de rechtsbijstand wordt verleend in een zaak op grond van [artikel 96 van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=96), waarbij aan de betrokken vreemdeling reeds een raadsman is toegevoegd in een zaak op grond van [artikel 94](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=94), [95](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=95) of 96 van de Vreemdelingenwet 2000.
2. Indien in een zaak als bedoeld in het eerste lid geen zitting plaatsvindt, of indien wel een zitting plaatsvindt doch deze niet wordt bijgewoond door een raadsman, wordt het in het eerste lid bedoelde aantal toe te kennen punten met twee verlaagd.
@@ -577,3 +591,114 @@
| – overige strafzaken | 4 |
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
##### Artikel 5a
1. In afwijking van [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=5&z=2011-09-01&g=2011-09-01) wordt aan een procedure in het kader van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in [artikel 28, eerste lid, onderdeel a, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=28) een vergoeding toegekend van:
- a. vier punten, voor verleende rechtsbijstand gedurende de in [artikel 3.109 van het Vreemdelingenbesluit 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011825&artikel=3.109) bedoelde termijn tot en met het in [artikel 3.113, derde lid, van dat besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011825&artikel=3.113) bedoelde ter kennis brengen van een afschrift van het verslag nader gehoor;
- b. vier punten, voor verleende rechtsbijstand gedurende de in [artikel 3.113, vierde lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011825&artikel=3.113) bedoelde verstrekking van nadere gegevens tot en met het in [artikel 3.114, eerste lid, van dat besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011825&artikel=3.114) bedoelde uitreiken van het schriftelijk voornemen tot afwijzen;
- c. vier punten, voor verleende rechtsbijstand gedurende de in [artikel 3.114, tweede lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011825&artikel=3.114) bedoelde zienswijze tot en met de in artikel 3.114, zesde lid, van dat besluit bedoelde bekendmaking van de beschikking.
2. Indien toepassing wordt gegeven aan [artikel 3.116, eerste lid, onderdeel a, van het Vreemdelingenbesluit 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011825&artikel=3.116) is het eerste lid van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat een aanvullende vergoeding wordt toegekend van twee punten.
3. De vergoeding op grond van het eerste lid wordt telkens met twee punten verlaagd, indien de in de onderdelen a, b of c van dat lid bedoelde rechtsbijstand geheel of gedeeltelijk is verleend in de vorm van rechtshulp door een ander dan de toegevoegde rechtsbijstandverlener.
4. Indien de procedure in het kader van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in [artikel 28, eerste lid, onderdeel a, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=28) wordt beëindigd door een beslissing op grond van [artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=30) wordt in afwijking van het eerste en tweede lid een vergoeding van vier punten toegekend.
5. In afwijking van het eerste tot en met vierde lid worden aan een procedure in het kader van een tweede of volgende aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in [artikel 28, eerste lid, onderdeel a, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=28) zeven punten toegekend. Indien deze procedure wordt beëindigd door een beslissing op grond van [artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=30), worden hieraan evenwel twee punten toegekend.
6. In afwijking van [artikel 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=II&paragraaf=par._1&artikel=13&z=2011-09-01&g=2011-09-01) wordt in een procedure als bedoeld in het eerste, tweede en vierde lid, waarin de tijdsbesteding aan de verlening van rechtsbijstand uitgaat boven de 24 uur, voor elk uur waarin boven voornoemde grens rechtsbijstand wordt verleend, één punt toegekend mits het bestuur de begroting van de tijdsbesteding voor de naar verwachting nog te verrichten werkzaamheden, bedoeld [artikel 31, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011018&hoofdstuk=IV&paragraaf=par._1&artikel=31&z=2011-09-01&g=2011-09-01), heeft goedgekeurd.
#### par. 2. strafzaken
#### par. 3. piketzaken
### Hoofdstuk III. Vergoedingen in verband met reistijdverlet en overige kosten
### Hoofdstuk IV. Toepassing
#### par. 1. vaststelling van de vergoeding
#### par. 2. betaling en verrekening
#### par. 3. bevoorschotting
### Hoofdstuk VI. Overgangs- en slotbepalingen
## Bijlage
De punten geven het gewicht per rechtsterrein of soort zaak aan:
| | punten |
| --- | --- |
| | |
| **Zaken op het terrein van het burgerlijk recht** | |
| | |
| **– arbeidsrecht** | |
| | |
| – arbeidsrecht algemeen | 11 |
| – ontslagvergunning | 7 |
| – ontbinding arbeidsovereenkomst | 8 |
| | |
| **– personen/familierecht** | |
| | |
| – echtscheiding | 10 |
| – echtscheiding, gemeenschappelijk verzoek | 7 |
| – alimentatie/levensonderhoud | 7 |
| – ouderlijk gezag/omgangsregeling | 7 |
| – boedelscheiding/erfrecht | 12 |
| – overige | 7 |
| | |
| **– verbintenissenrecht** | 11 |
| | |
| – huurrecht | |
| – huurrecht algemeen | 9 |
| – wet huurprijzen woonruimte | 5 |
| – onderhoud door verhuurder | 12 |
| | |
| **– goederenrecht** | 12 |
| | |
| **overige zaken burgerlijk recht** | 9 |
| | |
| **Bestuursrechtelijke zaken** | |
| | |
| – bestuurszaken algemeen | 8 |
| – uitkering vervolgingsslachtoffers | 11 |
| – vreemdelingenrecht algemeen | 8 |
| – asiel | |
| – voornemen | 7 |
| – beroep | 8 |
| – hoger beroep | 5 |
| – ambtenarenrecht | 10 |
| – tijdelijk huisverbod | |
| – voorlopige voorziening | 4 |
| – beroep | 4 |
| – hoger beroep | 4 |
| | |
| **Strafrechtelijke zaken** | |
| | |
| – strafrecht verdachten | |
| – zaken waarvan de kennisneming in eerste aanleg heeft of zou hebben plaatsgevonden door de kantonrechter | 5 |
| – jeugdstrafzaken | 6 |
| – rijden onder invloed | 5 |
| – zaken betreffende misdrijven waarvan de kennisneming in eerste aanleg heeft of zou hebben plaatsgevonden door de enkelvoudige kamer | 6 |
| – zaken betreffende misdrijven waarvan de kennisneming in eerste aanleg heeft of zou hebben plaatsgevonden door de meervoudige kamer | 8 |
| | |
| – strafrecht niet-verdachten | |
| – Uitleveringswet | 9 |
| – Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen (Wots) | 8 |
| – Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Bopz) | 4 |
| – vreemdelingenbewaring | 4 |
| – terbeschikkingstelling (Tbs) | 7 |
| – geschillen/klachtzaken gedetineerden | 5 |
| – vordering benadeelde partij | 5 |
| – beklag niet-vervolging | 5 |
| – ontnemingsvordering | 3 |
| – tenuitvoerlegging voorwaardelijke straf | 3 |
| – bezwaarschrift DNA-profiel | 3 |
| – overige strafzaken | 4 |
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
2011-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 19 y 2 más
2010-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 6, 19 y 2 más
2010-04-23
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000
2009-08-26
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 8 más
2009-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 2, 5 y 19 más
2009-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 2, 5 y 29 más
2008-09-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2008-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2008-06-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2008-02-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2007-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2006-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2006-05-15
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2006-04-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2005-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2004-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2004-05-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 13 más
2004-01-23
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 15 más
2004-01-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 2, 5 y 33 más
2003-10-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 15 más
2003-07-24
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 15 más
2003-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 2, 5 y 33 más
2002-07-01
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 5, 6 y 15 más
2002-04-03
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 — arts. 2, 3, 1 y 44 más
2002-04-03
Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000
original version Tekst op deze datum