Besluit van 12 april 2000, houdende de toekenning van een vaste beloning aan de (plaatsvervangend) voorzitter en de niet-ambtelijke leden van de commissie, bedoeld in artikel 2 van het Besluit V.W.S.-commissie bezwaarschriften Awb (Besluit vaste beloning V.W.S.-commissie bezwaarschriften Awb)

Type Koninklijk besluit
Publication 2002-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 7 april 2000, kenmerk DWJZ-U-2052757;

Gelet op artikel 3 van het Vacatiegeldenbesluit 1988;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Werkt terug tot en met 1 maart 2000.

Artikel 1

Aan de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter en de commissie voor de bezwaarschriften, bedoeld in artikel 3, eerste lid , onderdeel a en b van het Besluit V.W.S.-commissie bezwaarschriften Awb wordt in plaats van een vacatiegeld een vaste beloning ten bedrage van € 658 per zitting toegekend.

Artikel 2

Aan de leden van de commissie voor de bezwaarschriften, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit V.W.S.-commissie bezwaarschriften Awb, wordt in plaats van vacatiegeld een vaste beloning van € 545 per zitting toegekend.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 maart 2000.

Artikel 4

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vaste beloning V.W.S-commissie bezwaarschiften Awb.

Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is belast met de uitvoering van dit besluit, dat in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.