Selectielijst handelingen Minister van Financiën en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen 1945-1962

Type Archiefselectielijst
Publication 2001-02-04
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 5, tweede lid, onder b, van de Archiefwet 1995;

De Raad voor Cultuur gehoord (advies van de Raad voor Cultuur van 24 oktober 2000, nr. arc-2000.1594/2),

Besluiten:

Artikel 1

De bij dit besluit gevoegde `selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Financiën en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen over de periode 1945-1962' en de daarbij behorende toelichting worden vastgesteld.

Artikel 2

De volgende lijsten worden ingetrokken, voor zover ze betrekking hebben op het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen:

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende selectielijst en toelichting in de Staatscourant zal worden geplaatst.

Bijlage

Basis Selectie Document invoerrechten en accijnzen, periode 1945-1962 (1965)

Inleiding

1. Algemeen

In het kader van het Project Invoering Verkorting Overbrengings Termijn (PIVOT) werd tussen de secretaris-generaal van het ministerie van Financiën en de Algemene Rijksarchivaris op 25 juni 1992 een convenant afgesloten. Hierin werd onder meer afgesproken dat een institutioneel onderzoek naar de taakontwikkeling en de daaraan gekoppelde organisatorische ontwikkeling van het ministerie in de periode na 1940' zou plaatsvinden. Dit onderzoek leidde tot o.a. het rapportDe grens verlegd'; dit rapport vormt de basis voor dit Basis Selectie Document (BSD).

Het doel van dit rapport is een instrument te bieden dat leidt tot het formuleren van selectiecriteria ten aanzien van de handelingen van de minister van Financiën en andere actoren op het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen over de periode 1945 - 1962.

2. Taken van de Rijksoverheid op het beleidsterrein

De doelstelling van de Rijksoverheid met het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen was drieledig, te weten:

Voor wat betreft de heffing van invoerrecht diende te worden onderscheiden:

Handelingen voortvloeiende uit bovenvermelde doelstellingen zijn in het rapport 'De grens verlegd' opgenomen. Hiertoe behoorden ook handelingen betreffende invoerrechten op platina, gouden en zilveren werken maar ook de zgn. Waarborgbelasting en het essaailoon. Deze handelingen zijn echter verwoord in een afzonderlijk rapport.

Het beleidsterrein is dermate omvattend dat besloten is om het onderzoek en de selectielijst in twee gedeelten op te delen; bovendien werd in 1962 de wet- en regelgeving inzake invoerrechten en accijnzen volledig herzien bij het tot stand komen van de Algemene wet inzake de douane en accijnzen, welke in 1962 in werking trad.

3. Overzicht van actoren werkzaam op het beleidsterrein

In dit BSD zijn handelingen van onderstaande actoren opgenomen:

Op het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen is daarnaast een aantal internationale organisaties actief, te weten: de Benelux, de Europese Economische Gemeenschap (EEG), de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS), de Europese Vrijhandels Associatie (EVA), de General Agreement on Tariffs and Trade (GATT), de Internationale Douaneraad (IDR), en de Rijnvaartcommissie. Voor wat betreft de periode tot 1962 zijn de Benelux de Europese Gemeenschap, en de Rijnvaartcommissie het belangrijkst. De Benelux streeft naar unificatie van de invoerrechten en accijnzen terwijl de EG een harmonisatie van wetgeving op het gebied van de invoerrechten en accijnzen nastreeft.

4. Uitgangspunten bij de selectie

De selectie richt zich op de neerslag van het handelen van die overheidsorganen welke vallen onder de werking van de Archiefwet 1995.

Het uitgangspunt hierbij is het maken van een onderscheid tussen 'te bewaren' en 'te vernietigen' neerslag van handelingen; met als doel het mogelijk maken van een reconstructie van het overheidshandelen op hoofdlijnen'. Door het convent van rijksarchivarissen werd deze doelstelling vertaald alshet selecteren van handelingen van de overheid om bronnen voor de kennis van de Nederlandse samenleving en cultuur veilig te stellen voor blijvende bewaring.'

5. Selectiecriteria

Door PIVOT zijn selectiecriteria opgesteld welke het mogelijk maken de in het rapport institutioneel onderzoek verwoorde handelingen te wegen en zo de doelstelling van de selectie te realiseren. De door PIVOT ontwikkelde criteria zijn:

Algemene selectiecriteria

Handelingen die worden gewaardeerd met B(ewaren)

6. Uitzonderingscriterium

Ingevolge artikel 5, onder e, van het Archiefbesluit 1995 kan neerslag van bepaalde, als te vernietigen gewaardeerde handelingen betreffende personen en/of gebeurtenissen van bijzonder cultureel of maatschappelijk belang, van vernietiging worden uitgezonderd.

7. Selectielijst

De handelingen zoals in dit BSD zijn opgenomen komen grotendeels overeen met het rapport institutioneel onderzoek `De grens verlegd'. De handelingen zijn per actor gegroepeerd. De handelingen zijn overeenkomstig de handelingen in het rapport genummerd.

Handeling nummer 5.1 is omgenummerd en wordt nu handeling nummer 321. Daarnaast zijn enkele algemene handelingen gewijzigd. De algemene handelingen, die in vrijwel alle BSD's worden toegepast, zijn inmiddels gewijzigd. De algemene handelingen in dit BSD zijn daarom aangepast. Handeling 54 is vervallen omdat deze identiek was aan handeling 53.

Het BSD gaat over de periode 1945-1962 (1965). Er is gekozen voor 1962 als einddatum omdat toen de nieuwe wet inzake de douane en de accijnzen werd ingevoerd. Vervolgens werden geleidelijk een groot aantal wetten en regelingen ingetrokken. De laatste oude accijnswet werd in 1965 ingetrokken.

Hoewel dit oorspronkelijk wel de bedoeling was, is besloten is om de neerslag uit de periode 1940-1945, de Tweede Wereldoorlog, buiten het BSD te laten vallen. Dit conform de opzet die tegenwoordig voor alle BSD's wordt toegepast. De handelingen die exclusief slaan op de periode 1940-1945 zijn vervallen. De handelingen die in het BSD beginnen in 1940 zijn aangepast. Dergelijke handelingen beginnen nu in 1945. Dit heeft tot gevolg dat de volgende actoren vervallen:

Aan iedere handeling is een waardering toegekend. Deze waardering kan zijn een B(ewaren) of een V(ernietigen). Wanneer een B is toegekend, wordt tevens het desbetreffende selectiecriterium opgenomen.

Overzicht van handelingen die met een B(ewaren) zijn gewaardeerd.
Actor 1 2 3 4 5 6 7 8 9
Minister van Financiën 1, 3, 4, 11, 12, 13, 15 2, 9 14, 145, 194 16, 17, 19, 20, 22, 24, 27, 31, 32, 35, 36, 38, 39, 40, 42, 43, 46, 49, 51, 56, 57, 58, 59, 60, 62, 64, 66, 67, 68(d), 69, 71, 72, 73, 81, 82, 84, 87, 90, 91, 93, 94, 98, 109, 113, 114, 115, 121, 122, 126, 127, 129, 131, 132, 138, 140, 142, 143 (d), 144, 149, 151, 152, 153, 154, 156, 157, 167, 170, 173, 175, 177(d), 178, 181, 193, 198, 199, 200, 201, 202, 203, 207, 210, 211, 212, 227, 228, 229, 230(d), 234, 239, 243,244, 245 (d), 254(d), 257, 258, 259, 260, 261, 262, 268, 270, 271, 277, 278(d), 293, 294, 295(d), 297, 299, 300, 309, 310, 312, 313, 314, 317, 318, 319 10 133 5
Inspecteur der belastingen 82, 121, 273, 293, 297, 301
Dienst douane en accijnzen
Ambtenaren der invoerrechten en accijnzen
Ambtenaren v.d. Rijksbelastingdienst
Aangewezen ambtenaar Fin.
Commissie van deskundigen voor de tabaksaccijns 322
8. Vaststelling BSD

Op 25 februari 2000 is het ontwerp-BSD door het Hoofd Algemene Secretarie van het Ministerie van Financiën aan de Staatssecretaris van OCenW aangeboden, voor wat betreft de handelingen van de onder dit ministerie ressorterende actoren. Hierna heeft de Staatssecretaris het ontwerp-BSD ter advisering heeft ingediend bij de Raad voor Cultuur (RvC). Van het gevoerde driehoeksoverleg over de waarderingen van de handelingen is een verslag gemaakt, dat tegelijk met het ontwerp-BSD naar de RvC is verstuurd. Vanaf 15 maart 2000 lag de selectielijst gedurende acht weken ter publieke inzage bij de registratiebalie van het Algemeen Rijksarchief evenals in de bibliotheken van de betrokken zorgdragers, het Ministerie van OCenW en de rijksarchieven in de provincie, hetgeen was aangekondigd in de Staatscourant nr. 52 van 14 maart 2000.

Tijdens het driehoeksoverleg was, op verzoek van het Koninklijk Nederlands Historisch Genootschap, ook een deskundige op het beleidsterrein aanwezig. Van andere (historische) organisaties of individuele burgers is geen commentaar ontvangen.

In de vergadering van de Bijzondere Commissie Archieven van de RvC van 27 juni 2000 is het ontwerp-BSD behandeld, waarbij ook het verslag van het driehoeksoverleg bij de voorbereiding van het advies is meegenomen.

Op 24 oktober 2000 bracht de RvC advies uit (nr. arc-2000.1594/2), hetwelk behoudens enkele tekstuele correcties geen aanleiding heeft gegeven tot wijzigingen in de ontwerp-selectielijst.

Handelingen

Actor: De Minister van Financiën

1. Algemeen

(1)

Handeling: Het (mede-) voorbereiden, wijzigen, en intrekken van wetten en besluiten betreffende het tarief van rechten op de invoer, uitvoer en doorvoer en de accijnzen.

Grondslag: Grondwet 1938, art. 181.

Grondwet 1946, art. 181.

Grondwet 1948, art. 181.

Grondwet 1953, art. 188.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.