Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-01-17
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Handelende na overleg met de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Gelet op de artikelen 1.5, 2.2, 2.5, 2.14, 3.10, 3.13, 3.16, 3.17, 3.20, 3.27, 3.48, 3.49, 3.63, 3.83, 3.86, 3.87, 3.104, 3.138, 3.140, 3.141, 3.143, 3.145, 3.152, 3.154, 4.7, 4.14, 4.51, 5.14,5.15, 5.17, 5.18, 6.8, 6.14, 6.15, 6.17, 6.23, 6.26, 6.37 en 7.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001,

Besluit:

Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen (hoofdstuk 1 van de wet)

Artikel 1. Reikwijdte en definitie
2.

Deze regeling verstaat onder:

Artikel 2. In belangrijke mate onderhouden van kinderen

Een kind wordt in belangrijke mate op kosten van de ouder onderhouden indien de op de ouder drukkende bijdrage in de kosten van het onderhoud van het kind ten minste € 547 per kwartaal beloopt. De ouder wordt geacht een kind in belangrijke mate op zijn kosten te onderhouden indien hij voor het kind recht heeft op kinderbijslag ingevolge de Algemene Kinderbijslagwet of op een tegemoetkoming volgens een naar aard en strekking met de Algemene Kinderbijslagwet overeenkomende buitenlandse regeling.

Hoofdstuk 2. Raamwerk (hoofdstuk 2 van de wet)

Artikel 3. Woonplaatsfictie; aanwijzing mogendheid

Voor de toepassing van artikel 2.2, eerste lid, van de wet, worden, voorzover het niet gaat om lidstaten van de Europese Unie, als de in die bepaling bedoelde mogendheden aangewezen alle mogendheden waarmee Nederland een regeling ter voorkoming van dubbele belasting is overeengekomen, waarvan de bepalingen van toepassing zijn.

Artikel 4. Tijdsevenredige vermindering heffingskorting

Bij de tijdsevenredige vermindering, bedoeld in artikel 2.7, tweede lid, van de wet, van de heffingskorting voor de inkomstenbelasting wordt:

Hoofdstuk 3. Heffingsgrondslag bij werk en woning (hoofdstuk 3 van de wet)

Artikel 5. Belastbare winst uit onderneming; verliezen uit de aanloopfase van een onderneming

Bij het bepalen van de winst van het eerste kalenderjaar als ondernemer komt mede in aftrek het totale bedrag van de kosten en lasten die zijn gemaakt in de vijf daaraan voorafgaande kalenderjaren en die verband houden met het starten van de onderneming, voorzover:

Artikel 6. Belastbare winst uit onderneming; overige vrijstellingen; gedeeltelijke vrijstelling van bos en natuur
1.

Als regelingen ten behoeve van de ontwikkeling en instandhouding van bos en natuur of overeenkomsten die op die regelingen vooruitlopen als bedoeld in artikel 3.13, eerste lid, onderdeel g, van de wet worden aangewezen:

2.

Van de voordelen die worden genoten op grond van de in het eerste lid, onderdelen a, g en h, bedoelde regelingen en overeenkomsten behoort 90% niet tot de winst. Van de voordelen die worden genoten op grond van de in het eerste lid, onderdelen b tot en met f, bedoelde regelingen en overeenkomsten behoort 100% niet tot de winst.

Artikel 7. Belastbare winst uit onderneming; van aftrek uitgesloten kosten ten behoeve van de belastingplichtige; werkkleding

Voor de toepassing van artikel 3.16, tweede lid, onderdeel c, van de wet wordt kleding die niet uitsluitend of nagenoeg uitsluitend geschikt is om bij het behalen van de winst te dragen, slechts als werkkleding aangemerkt indien zij is voorzien van een of meer duidelijk zichtbare, aan de onderneming gebonden beeldmerken met een oppervlakte van tezamen ten minste 70 cm2.

Artikel 8. Belastbare winst uit onderneming; in aftrek beperkte kosten ten behoeve van de belastingplichtige; verhuizing in kader van onderneming
1.

Voor de toepassing van artikel 3.17, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van de wet verhuist de ondernemer in ieder geval in het kader van de onderneming ingeval hij binnen twee jaar na de verplaatsing van de onderneming door verhuizing de afstand tussen zijn woning en de vestigingsplaats van de onderneming met ten minste 60% verkleint terwijl tot die verhuizing de afstand tussen zijn woning en de vestigingsplaats van de onderneming ten minste 25 kilometer bedroeg.

2.

Onder afstand als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan de afstand gemeten langs de meest gebruikelijke weg.

Artikel 9. Belastbare winst uit onderneming; bijtelling privégebruik auto

De rittenregistratie, bedoeld in artikel 3.20 van de wet, bevat ten minste de volgende gegevens:

Artikel 10. Belastbare winst uit onderneming; loon- en prijswijzigingen na afloop jaar en betaling

Vervallen

Artikel 11. Aangewezen staten bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte

Voor de toepassing van de artikelen 3.55, tweede en vijfde lid, 3.56, tweede lid, 3.57, tweede lid, en 4.41, tweede en derde lid, van de wet en de artikelen 14, derde lid, en 14a, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 worden van de staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte aangewezen: IJsland, Noorwegen en Liechtenstein.

Artikel 12. Belastbare winst uit onderneming; scholingsaftrek; bijdragen aan een scholingsfonds

Vervallen

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.