← Geldende tekst · Geschiedenis

Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar sector Stadstoezicht van de Dienst Milieu en Beheer van de gemeente Leiden 2001

Geldende tekst a fecha 2002-03-28

Handelende in overeenstemming met de Ministers die het aangaat;

Gelezen het verzoek van de sector Stadstoezicht van de Dienst Milieu en Beheer van de gemeente Leiden, d.d. 12 oktober 2000 en de daarop volgende adviezen van de korpschef van de politieregio Hollands Midden en de hoofdofficier van justitie te Den Haag;

Gelet op: artikel 142, eerste lid, onder b en c, van het Wetboek van Strafvordering, artikel 8, zevende lid, van de Politiewet 1993, het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar;

Besluit:

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder de buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar bedoeld in artikel 2.

Artikel 2

De personen, werkzaam als parkeercontroleur/reinigingsagent bij de sector Stadstoezicht van de Dienst Milieu en Beheer van de gemeente Leiden, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.

Artikel 3
1.

De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot de opsporing van feiten strafbaar gesteld bij of krachtens:

2.

De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van de gemeenten Leiden, Voorschoten en Oegstgeest.

Artikel 4
1.

Het college van procureurs-generaal is bevoegd tot de beëdiging van de buitengewoon opsporingsambtenaar.

2.

Op grond van dit besluit kunnen maximaal 40 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar beëdigd worden.

Artikel 5
1.

Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de Hoofdofficier van Justitie bij het arrondissementsparket te Den Haag.

2.

Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het politiekorps Hollands Midden.

Artikel 6

De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd bij de opsporing van de in artikel 3, eerste lid, genoemde strafbare feiten gebruik te maken van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993. Hij gedraagt zich overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk 7 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke Marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar.

Artikel 7

Het hoofd van de sector Stadstoezicht van de Dienst Milieu en Beheer van de gemeente Leiden brengt jaarlijks, voor 1 april, met betrekking tot de bij die dienst werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren verslag uit over:

Artikel 8

Het besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Dienst Parkeerbeheer gemeente Leiden 1995 wordt ingetrokken.

Artikel 9

De op naam gestelde akten van beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, welke zijn uitgevaardigd op het in artikel 8 van dit besluit omschreven besluit, zijn van kracht tot de aan de in die akten en overige benoemingsbescheiden vermelde geldigheidsdatum.

Artikel 10

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na publicatie van de Staatscourant waarin het is geplaatst en werkt terug tot 27 december 2000 en vervalt op 27 december 2005.

Artikel 11

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar van de sector Stadstoezicht van de Dienst Milieu en Beheer van de gemeente Leiden 2001.

Dit besluit zal in de Staatscourant en het Algemeen Politieblad worden geplaatst.