Regeling geluidemissie buitenmaterieel
Gelet op richtlijn 2000/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 8 mei 2000 betreffende de geluidsemissie in het milieu door materieel voor gebruik buitenshuis (PbEG L 162) en op artikel 2, eerste lid, tweede lid, onder d, en derde lid, van de Wet geluidhinder en artikel 15.31, onder b, van de Wet milieubeheer;
Besluit:
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. aanbieder van diensten van de informatiemaatschappij: aanbieder van een dienst zoals gedefinieerd in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, van Richtlijn (EU) 2015/1535 van het Europees Parlement en de Raad van 9 september 2015 betreffende een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij (PbEU 2015, L 241); b. CE-markering: op het materieel voor gebruik buitenshuis op zichtbare, leesbare en onuitwisbare wijze overeenkomstig het in bijlage IV van richtlijn 2000/14 gegeven model aangebrachte CE-markering als omschreven in Besluit 93/465, vergezeld van de vermelding van het gewaarborgde geluidsvermogensniveau overeenkomstig het in bijlage IV van richtlijn 2000/14 gegeven model; c. certificaat van overeenstemming: certificaat volgens het model van bijlage X van richtlijn 2000/14, dat een keuringsinstantie verstrekt indien het materieel voor gebruik buitenshuis voldoet aan de overeenstemmingsbeoordelingsprocedure van bijlage VII van richtlijn 2000/14; d. EG-verklaring van overeenstemming: verklaring van de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde dat het materieel voor gebruik buitenshuis in overeenstemming is met de voorschriften van richtlijn 2000/14, welke verklaring in ieder geval bevat de in bijlage II van richtlijn 2000/14 vermelde gegevens; e. fabrikant: fabrikant als bedoeld in artikel 3, onderdeel 8. van de EU-verordening markttoezicht; f. fulfilmentdienstverlener: fulfilmentdienstverlener als bedoeld in artikel 3, onderdeel 11, van de EU-verordening markttoezicht; g. geluidsvermogensniveau LWA: A-gewogen geluidsvermogensniveau in dB, betrokken op 1 pW als omschreven in EN ISO 3744:1995 en EN ISO 3746:1995; h. gemachtigde: gemachtigde als bedoeld in artikel 3, onderdeel 12, van de EU-verordening markttoezicht; i. Gemeenschap: de gebieden waarop het Verdrag betreffende de Europese Unie van toepassing is; j. gemeten geluidsvermogensniveau: geluidsvermogensniveau dat is bepaald aan de hand van metingen die worden verricht overeenkomstig bijlage III van richtlijn 2000/14; k. gewaarborgd geluidsvermogensniveau: geluidsvermogensniveau dat is bepaald overeenkomstig de voorschriften van bijlage III van richtlijn 2000/14, met inbegrip van de onzekerheden ten gevolge van variaties in de productie en de meetmethoden, en waarvan de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde verzekert dat het volgens de gebruikte, in de technische documentatie genoemde, technische instrumenten niet wordt overschreden; l. importeur: importeur als bedoeld in artikel 3, onderdeel 9, van de EU-verordening markttoezicht; m. in de handel brengen: in de handel brengen als bedoeld in artikel 3, onderdeel 2, van de EU-verordening markttoezicht; n. keuringsinstantie: instantie onder wier verantwoordelijkheid de overeenstemmingsbeoordelingsprocedures van de bijlagen VI, VII en VIII van richtlijn 2000/14 worden uitgevoerd respectievelijk een instantie die door een andere lidstaat is aangewezen als instantie om die overeenstemmingsbeoordelingsprocedures uit te voeren. o. marktdeelnemer: marktdeelnemer als bedoeld in artikel 3, onderdeel 13, van de EU-verordening markttoezicht; i. materieel voor gebruik buitenshuis: 1. machines, gedefinieerd in artikel 1, tweede lid, van richtlijn 98/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 juni 1998 betreffende machines, die zelfrijdend zijn dan wel kunnen worden verplaatst en die ongeacht het gebruikte aandrijfmechanisme zijn bedoeld om naar gelang van hun type buitenshuis te worden gebruikt en bijdragen tot geluidhinder (PbEG L 207), en 2. niet-aangedreven machines voor industriële of milieutoepassingen van een type dat bestemd is voor gebruik buitenshuis en dat bijdraagt tot geluidhinder; p. minister: Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; q. op de markt aanbieden: op de markt aanbieden als bedoeld in artikel 3, onderdeel 1, van de EU-verordening markttoezicht; r. overeenstemmingsbeoordelingsprocedures: procedures die zijn vastgelegd in de bijlagen V tot en met VII van richtlijn 2000/14 en die zijn gebaseerd op Besluit 93/465 van de Raad van de Europese Unie van 22 juli 1993 (PbEG L 220) betreffende de modules voor de verschillende fasen van de overeenstemmingsprocedures en de voorschriften inzake het aanbrengen en het gebruik van de CE-markering van overeenstemming; s. richtlijn 2000/14: richtlijn 2000/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 8 mei 2000 betreffende de geluidsemissie in het milieu door materieel voor gebruik buitenshuis (PbEG L 162).
Voor de toepassing van deze regeling wordt het gebruik van het in het eerste lid, onder q, bedoelde materieel in een omgeving waar de geluidsoverdracht niet of nauwelijks wordt gedempt als gebruik buitenshuis beschouwd.
Artikel 2
Deze regeling is niet van toepassing op:
- a. niet-aangedreven hulpstukken die afzonderlijk op de markt worden gebracht of in gebruik worden genomen, met uitzondering van met de hand geleide betonbrekers, trilhamers en hydraulische hamers;
- b. materieel voor gebruik buitenshuis dat primair bestemd is voor het vervoer van goederen of personen over de weg, per spoor, door de lucht of over waterwegen;
- c. speciaal voor militaire of politiedoeleinden of voor noodhulpdiensten ontworpen en geconstrueerd materieel voor gebruik buitenshuis.
Artikel 3
Indien noch de fabrikant, noch zijn gemachtigde in de Gemeenschap gevestigd is, moet een ieder, die het materieel voor gebruik buitenshuis in de Gemeenschap in de handel brengt of in gebruik neemt, voldoen aan de verplichtingen van de richtlijn 2000/14.
Artikel 4
Het is verboden materieel voor gebruik buitenshuis, als bedoeld in artikel 12 van richtlijn 2000/14 in de handel te brengen of te gebruiken:
- a. waarvoor niet een van de overeenstemmingsbeoordelingsprocedures van de bijlagen VI, VII of VIII van die richtlijn is voltooid,
- b. dat niet door de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde is voorzien van de CE-markering,
- c. dat niet vergezeld gaat van een EG-verklaring van overeenstemming, of
- d. waarvan het gewaarborgde geluidsvermogensniveau vanaf 3 januari 2002 respectievelijk vanaf 3 januari 2006 hoger is dan het toelaatbare geluidsvermogensniveau vermeld in onderstaande tabel. (1) Pel voor lasaggregaten: genormaliseerde lasstroom vermenigvuldigd met de genormaliseerde lasspanning voor de laagste waarde van de inschakelduur die door de fabrikant wordt opgegeven. Pelvoor vermogensaggregaten: primair vermogen overeenkomstig ISO 8528-1:1993, punt 13.3.2. (2) De waarden voor fase II zijn voor de volgende typen materieel louter indicatief: – trilwalsen met begeleider; – trilplaten (> 3kW); – trilstampers; – dozers (op stalen rupsbanden); – laadmachines (op stalen rupsbanden > 55 kW); – heftrucks met verbrandingsmotor en contragewicht; – bestratingsafwerkmachines met een verdichtingsbalk; – met de hand geleide betonbrekers en trilhamers met een inwendige verbrandingsmotor (15 < m < 30); – grasmaaiers, grastrimmers/graskantensnijders. De definitieve waarden zijn afhankelijk van de wijziging van de richtlijn ingevolge het krachtens artikel 20, lid 1, vereiste verslag. Bij gebreke van een dergelijke wijziging blijven de waarden voor fase I van toepassing voor fase II. (3) Voor eenmotorige mobiele kranen blijven de cijfers voor fase I tot 3 januari 2008 van toepassing. Na deze datum zijn de cijfers van fase II van toepassing. Het toelaatbaar geluidsvermogensniveau wordt naar boven of beneden afgerond op het naaste gehele getal (bij minder dan 0,5 naar beneden, vanaf 0,5 naar boven).
| Type materieel | Netto geïnstalleerd vermogen P in kW | Toelaatbaar geluidsvermogensniveau in dB/1 pW | Toelaatbaar geluidsvermogensniveau in dB/1 pW |
|---|---|---|---|
| Elektrisch vermogen Pel(1) in kW | |||
| Massa m van het materieel in kg | |||
| Maaibreedte L in cm | |||
| Fase I vanaf | Fase II vanaf | ||
| 3 januari 2002 | 3 januari 2006 | ||
| Verdichtingsmachines (trilwalsen, trilplaten, trilstampers) | P ≤ 8 | 108 | 105(2) |
| 8 < P ≤ 70 | 109 | 106(2) | |
| P > 70 | 89 + 11 lg P | 86 + 11 lg P(2) | |
| Rupsdozers, rupslaad- en graaflaadmachines | P ≤ 55 | 106 | 103(2) |
| P > 55 | 87 + 11 lg P | 84 + 11 lg P(2) | |
| Dozers op wielen, laad- en graaflaadmachines op wielen, dumpers, egaliseermachines, vuilnisverdichters van het ladertype, heftrucks met verbrandingsmotor en contragewicht, mobiele kranen, verdichtingsmachines (niet-vibrerende walsen), bestratingsafwerkmachines, hydraulische aggregaten | P ≤ 55 | 104 | 101(2) (3) |
| Dozers op wielen, laad- en graaflaadmachines op wielen, dumpers, egaliseermachines, vuilnisverdichters van het ladertype, heftrucks met verbrandingsmotor en contragewicht, mobiele kranen, verdichtingsmachines (niet-vibrerende walsen), bestratingsafwerkmachines, hydraulische aggregaten | P > 55 | 85 + 11 lg P | 82 + 11 lg P (2) (3) |
| Graafmachines, goederenliften, bouwlieren, motorhakfrezen | P ≤ 15 | 96 | 93 |
| P > 15 | 83 + 11 lg P | 80 + 11 lg P | |
| Met de hand geleide betonbrekers en trilhamers | m ≤ 15 | 107 | 105 |
| 15 < m < 30 | 94 + 11 lg m | 92 + 11 lg m(2) | |
| m ≥ 30 | 96 + 11 lg m | 94 + 11 lg m | |
| Torenkranen | 98 + lg P | 96 + lg P | |
| Las- en vermogensaggregaten | Pel ≤ 2 | 97 + lg Pel | 95 + lg Pel |
| 2 < Pel ≤ 10 | 98 + lg Pel | 96 + lg Pel | |
| 10 > Pel | 97 + lg Pel | 95 + lg Pel | |
| Compressoren | P ≤ 15 | 99 | 97 |
| P > 15 | 97 + 2 lg P | 95 + 2 lg P | |
| Grasmaaiers, grastrim- mers/graskantensnijders | L ≤ 50 | 96 | 94(2) |
| 50 > L ≤ 70 | 100 | 98 | |
| 70 < L ≤ 120 | 100 | 98(2) | |
| L > 120 | 105 | 103(2) |
Het gewaarborgde geluidsvermogensniveau wordt afgerond op het naast gelegen gehele getal, bij minder dan 0,5 naar beneden en vanaf 0,5 naar boven.
Het in het eerste lid vervatte verbod geldt niet voor materieel voor gebruik buitenshuis dat wordt tentoongesteld op evenementen als beurzen, tentoonstellingen of demonstraties, indien:
- a. duidelijk wordt aangegeven dat het materieel voor gebruik buitenshuis niet in overeenstemming is met de bepalingen van deze regeling;
- b. het materieel voor gebruik buitenshuis niet in de handel wordt gebracht of in gebruik wordt genomen totdat het door de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde in overeenstemming is gebracht met de bepalingen van deze regeling, en
- c. bij demonstraties alle passende veiligheidsmaatregelen worden genomen om de bescherming van personen te waarborgen.
Artikel 5
De minister wijst een of meer instanties aan tot keuringsinstantie.
De minister wijst uitsluitend instanties aan die voldoen aan de eisen van bijlage IX van richtlijn 2000/14 en door de Raad voor Accreditatie zijn geaccrediteerd ten behoeve van het uitvoeren van de overeenstemmingsbeoordelingsprocedures van de bijlagen VI, VII en VIII van richtlijn 2000/14.
De keuringsinstantie stelt het tarief vast voor de vergoeding die de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde is verschuldigd voor de werkzaamheden van de keuringsinstantie.
De minister kan voor het tarief, bedoeld in het derde lid, een door hem vast te stellen tarief in de plaats stellen.
Artikel 6
Indien van de overeenstemmingsbeoordelingsprocedures de procedure van bijlage VI van richtlijn 2000/14 wordt gevolgd, stelt de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde de onder 3 van bijlage VI van die richtlijn beschreven technische documentatie op en bewaart die alsmede een exemplaar van de EG-verklaring van overeenstemming na de fabricage van het laatste product ten minste tien jaar.
De fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde kan een andere natuurlijke of rechtspersoon belasten met het bewaren van de technische documentatie. In dat geval vermeldt hij naam en adres van die persoon in de EG-verklaring van overeenstemming.
De fabrikant treft de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat het fabricageproces waarborgt dat het vervaardigde materieel voor gebruik buitenshuis in overeenstemming is met de onder 2 en 3 van bijlage VI van richtlijn 2000/14 bedoelde technische documentatie en de voorschriften van deze regeling.
Artikel 7
Indien van de overeenstemmingsbeoordelingsprocedure de procedure van bijlage VI van richtlijn 2000/14 wordt gevolgd, verstrekt de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde, voordat het eerste exemplaar van het materieel voor gebruik buitenshuis in de handel wordt gebracht of in gebruik wordt genomen, een afschrift van zijn technische documentatie aan een keuringsinstantie als bedoeld in artikel 5, eerste lid.
Nadat de keuringsinstantie een verslag heeft opgesteld, waarin zij bevestigt dat de technische documentatie voldoet aan de bepalingen van deze regeling, kan de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde de CE-markering op het materieel voor gebruik buitenshuis aanbrengen en een EG-verklaring van overeenstemming vaststellen. De EG-verklaring van overeenstemming is gesteld in het Nederlands, het Engels, het Frans en het Duits.
Artikel 8
Indien van de overeenstemmingsbeoordelingsprocedures de procedure van bijlage VI van richtlijn 2000/14 wordt gevolgd, betrekt de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde een keuringsinstantie als bedoeld in artikel 5, eerste lid, bij het fabricageproces overeenkomstig één van de twee procedures van bijlage VI, punt 6, van die richtlijn.
Bij de procedures, bedoeld in het eerste lid, wordt de frequentie van de controles door de keuringsinstantie, bedoeld in dat lid, bepaald op grond van de resultaten van de voorgaande beoordelingen, de noodzaak toezicht te houden op bijsturingen en nadere richtsnoeren voor de frequentie van de controles op basis van de jaarlijkse productie en de algemene betrouwbaarheid van de fabrikant bij het handhaven van de gewaarborgde waarden. Er wordt in elk geval ten minste om de drie jaar een controle uitgevoerd.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.