Beleidsregels near shore windpark

Type Beleidsregel
Publication 2001-10-28
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 4:81, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht,

Besluiten:

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

§ 2. Van selectie naar overeenkomst

Artikel 2
1.

De Staatssecretaris van Financiën en de Minister van Economische Zaken sluiten de overeenkomst met de deelnemer die door de Adviescommissie near shore windpark het hoogst gerangschikt wordt, overeenkomstig de in artikel 6 opgenomen selectiecriteria.

2.

De Staatssecretaris van Financiën en de Minister van Economische Zaken kunnen afwijken van het eerste lid, indien een advies van de commissie in strijd is met deze beleidsregels dan wel niet op zorgvuldige wijze tot stand is gekomen.

3.

Indien de deelnemer een samenwerkingsverband is, wordt de overeenkomst aangegaan met alle deelnemers in het samenwerkingsverband.

§ 3. Adviescommissie near shore windpark

Artikel 3
1.

Er is een Adviescommissie near shore windpark die tot taak heeft de Minister van Economische Zaken op zijn verzoek te adviseren omtrent de deelnemingen in de selectieprocedure.

2.

De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee en ten hoogste vier andere leden. De leden zijn deskundig op het terrein waarop de commissie een taak heeft en zijn geen ambtenaren, werkzaam bij de Ministeries van Economische Zaken, Financiën, Verkeer en Waterstaat, of Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu.

3.

De voorzitter en de leden worden door de Minister van Economische Zaken voor een termijn van ten hoogste 2 jaar benoemd.

4.

De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.

5.

Een lid van de commissie neemt niet deel aan de voorbereiding en vaststelling van een advies, indien hij een persoonlijk belang heeft bij de uitslag van de selectie.

6.

De Minister van Economische Zaken kan waarnemers aanwijzen, die het recht hebben de vergaderingen van de commissie bij te wonen.

7.

In het secretariaat van de commissie wordt door de Minister van Economische Zaken voorzien.

8.

Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de commissie geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de commissie opgeborgen in het archief van dat ministerie.

9.

De commissie verstrekt desgevraagd aan de Minister van Economische Zaken de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. Deze minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.

10.

De commissie stelt uiterlijk binnen twee maanden nadat zij advies als bedoeld in het eerste lid heeft uitgebracht een verslag op van haar werkzaamheden in het kader van deze beleidsregels, waarin zij aandacht besteedt aan de doelmatigheid en doeltreffendheid van haar taakvervulling. Het verslag wordt aan de Minister van Economische Zaken toegezonden en algemeen verkrijgbaar gesteld.

§ 4. Selectieprocedure

Artikel 4
1.

Deelnemingen aan de selectie op grond van deze beleidsregels moeten zijn ontvangen in de periode van 1 november 2001 tot en met 11 januari 2002.

2.

Een deelneming aan de selectie wordt ingediend met gebruikmaking van het origineel van een ondertekend formulier, dat is opgenomen in de bij deze beleidsregels behorende bijlage 2.

3.

De deelneming gaat vergezeld van een projectplan en een begroting voor het project alsmede van andere bescheiden, overeenkomstig hetgeen in het formulier is vermeld.

4.

Indien de deelneming is ingediend door een samenwerkingsverband, dient een der deelnemers in het samenwerkingsverband de deelneming mede namens de andere deelnemers in en gaat de deelneming vergezeld van de samenwerkingsovereenkomst waarin de samenwerking tussen de deelnemers in het samenwerkingsverband is geregeld, overeenkomstig hetgeen in het formulier is vermeld.

Artikel 5

Een deelneming wordt in ieder geval uitgesloten van de selectie indien:

Artikel 6
1.

De Minister van Economische Zaken wint omtrent de deelnemingen die niet op grond van artikel 5 zijn uitgesloten van de selectie het advies in van de Adviescommissie near shore windpark.

2.

De adviescommissie geeft aan de Minister van Economische Zaken in ieder geval een negatief advies indien:

3.

De commissie rangschikt de deelnemingen waaromtrent een positief advies wordt gegeven zodanig, dat een deelneming hoger gerangschikt wordt naarmate het hoger wordt gewaardeerd, gelet op de volgende criteria, met inachtneming van de per criterium maximaal te behalen punten:

met dien verstande dat op de totale waardering op de onderdelen a tot en met d steeds 3 punten in aftrek gebracht worden voor iedere € 907.560,43 subsidie die nodig is boven een subsidiebedrag van € 9.075.604,32 om het windpark overeenkomstig het projectplan te realiseren en exploiteren.

Artikel 7
1.

Het resultaat van de selectie wordt binnen dertien weken na het einde van de in artikel 4, eerste lid, genoemde termijn bekend gemaakt door de Minister van Economische Zaken.

2.

Indien het resultaat van de selectie niet binnen deze termijn kan worden gegeven, stelt de Minister van Economische Zaken de deelnemers daarvan in kennis en noemt hij daarbij een redelijke termijn waarop het resultaat alsnog bekend wordt gemaakt.

§ 5. Overgangsbepaling

Artikel 8

Tot en met 31 december 2001 geldt het volgende:

in afwijking van artikel 6, derde lid, onder d, bedragen de bedragen: f 2.000.000,00 en f 20.000.000,00.

§ 6. Slotbepalingen

Artikel 9

Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij worden geplaatst.

Artikel 10

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels near shore windpark.

Bijlage 1

Bijlage ligt ter inzage bij het Ministerie van Economische Zaken te Den Haag.

Bijlage 2

Bijlage ligt ter inzage bij het Ministerie van Economische Zaken te Den Haag.

Deze beleidsregels zullen met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd. Van deze terinzagelegging wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.