← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling specifieke uitkering Incodelta Zuid-Nederland

Geldende tekst a fecha 2002-01-01

Gelet op artikel 17, vijfde lid, van de Financiële-verhoudingswet;

Besluit:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

Aan de zuidelijke provincies wordt een specifieke uitkering verstrekt voor de uitvoering van Incodelta Zuid-Nederland, de communicatie hierover en de instandhouding van de projectorganisatie.

2.

Ten aanzien van Incodelta Zuid-Nederland wordt door de zuidelijke provincies duidelijk gemaakt op welke wijze en op welke termijn het een bijdrage levert aan de realisatie van een of meer van de beleidsdoelstellingen voor goederenvervoer gebaseerd op het Nationaal Verkeers- en Vervoersplan, te weten:

3.

De deelprojecten passen binnen een of meer van de volgende thema's:

4.

De zuidelijke provincies dragen zorg voor een maximale betrokkenheid in Incodelta Zuid-Nederland van:

Artikel 3
1.

De uitkering ten behoeve van Incodelta Zuid-Nederland door de minister bedraagt maximaal € 673.110,40.

2.

De zuidelijke provincies leveren een eigen bijdrage ter grootte van € 839.493,40.

3.

De provincie Limburg is belast met het financieel beheer van de aanwending van de uitkering.

4.

Artikel 4:48 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van het eerste lid, onderdeel c.

5.

Alleen uitgaven die zijn verricht na publicatie van deze regeling in de Staatscourant komen in aanmerking voor een vergoeding krachtens deze regeling.

Artikel 4
1.

Binnen vier weken na de bekendmaking van deze regeling wordt op grond van aantoonbare kasbehoefte een maximumvoorschot betaald ter grootte van f 1.188.000,-.

2.

De betaling van het voorschot vindt plaats aan de provincie Limburg en wordt overgemaakt aan deze provincie.

Artikel 5
1.

De provincie Limburg legt aan de minister over:

2.

De verantwoording, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, bevat in elk geval:

3.

De verantwoording, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, wordt voorzien van een accountantsverklaring over de gemaakte kosten verbonden aan activiteiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid.

4.

De in het derde lid bedoelde accountantsverklaring wordt vastgesteld aan de hand van een door de minister vast te stellen controleprotocol.

5.

De minister stelt de uitkering vast voor 15 juli 2004.

Artikel 6
1.

De uitkering wordt overeenkomstig de vaststelling betaald, onder verrekening van het betaalde voorschot.

2.

De uitkering wordt binnen vier weken na de vaststelling betaald.

3.

De betaling vindt plaats aan de provincie Limburg en wordt overgemaakt aan deze provincie.

Artikel 7
1.

Artikel 4:57 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.

2.

In geval van terugvordering als bedoeld in artikel 4:57 van de Algemene wet bestuursrecht wordt het onverschuldigde bedrag dan wel voorschot binnen 8 weken na de vaststelling van de uitkering, wijziging of intrekking daarvan terugbetaald.

Artikel 8
1.

Het in artikel 3, eerste lid, genoemde bedrag van ‘f 1.483.340,-' wordt met ingang van 1 januari 2002 vervangen door: € 673.110,40.

2.

Het in artikel 3, tweede lid, genoemde bedrag van ‘f 1.850.000,-' wordt met ingang van 1 januari 2002 vervangen door: € 839.493,40.

Artikel 9

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 10

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling specifieke uitkering Incodelta Zuid-Nederland.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.