Besluit van 7 januari 2002, houdende vaststelling van de materialen waaruit de bijzondere munten met de hoedanigheid van wettig betaalmiddel zijn vervaardigd, de gewichten en afmetingen, alsmede de bedragen tot welke deze munten de hoedanigheid van wettig betaalmiddel hebben (Besluit bijzondere euromunten)

Type AMvB
Publication 2008-10-15
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Financiën van 26 november 2001, FM 2001-01944 M, Generale Thesaurie, Directie Financiële Markten, Afdeling Algemeen beleid en Integriteit;

Gelet op artikel 4, eerste lid, van de Muntwet 2002;

De Raad van State gehoord (advies van 13 december 2001, no. W06.01.0634/IV);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Financiën van 21 december 2001, FM 2001-02102 U,:

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1
1.

De materialen, de gewichten en de afmetingen van de bijzondere munten met de hoedanigheid van wettig betaalmiddel die zijn uitgegeven van 2002 tot en met 2007, zijn als volgt vastgesteld:

Muntsoort Metaal Gehalte Gewicht Middellijn
nominaal tolerantie nominaal tolerantie nominaal tolerantie
+ of - + of - + of -
% %-punt gram % millimeter millimeter
vijftig-euromunt goud Au 90,0 0,50 13,44 0,70 27,00 0,10
twintig-euromunt goud Au 90,0 0,50 8,50 0,70 25,00 0,10
tien-euromunt goud Au 90,0 0,50 6,72 0,70 22,50 0,10
zilver Ag 92,5 0,50 17,80 0,70 33,00 0,10
vijf-euromunt zilver Ag 92,5 0,50 11,90 0,70 29,00 0,10
2.

De materialen, de gewichten en de afmetingen van de bijzondere munten met de hoedanigheid van wettig betaalmiddel die worden uitgegeven met ingang van 2008, worden als volgt vastgesteld:

Muntsoort Metaal Gehalte Gewicht Middellijn
nominaal tolerantie laagdikte nominaal tolerantie nominaal tolerantie
+ of - + of - + of -
% %-punt gram % millimeter millimeter
Goud:
vijftig-euromunt Au 90,0 0,5 n.v.t. 13,44 0,7 27,00 0,10
twintig-euromunt Au 90,0 0,5 n.v.t. 8,50 0,7 25,00 0,10
tien-euromunt Au 90,0 0,5 n.v.t. 6,72 0,7 22,50 0,10
Zilver:
tien-euromunt Ag 92,5 0,5 n.v.t. 25,00 0,7 38,00 0,10
vijf-euromunt Ag 92,5 0,5 n.v.t. 15,50 0,7 33,00 0,10
Verzilverd koper:
tien-euromunt Cu 99,9/
Ag 99,9 n.v.t. 9–11 micron
samengesteld 15,50 1,9 33,00 0,10
vijf-euromunt Cu 99,9/
Ag 99,9 n.v.t. 9–11 micron
samengesteld 10,50 1,9 29,00 0,10
Artikel 2

De bijzondere munten, bedoeld in artikel 2 van de Muntwet 2002, hebben in Nederland de hoedanigheid van wettig betaalmiddel tot een bedrag van € 2 500 voor vijftig-euromunten, € 1 000 voor twintig-euromunten, € 500 voor tien-euromunten en € 250 voor vijf-euromunten.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waarop de Muntwet 2002 in werking treedt.

Artikel 4

Dit besluit kan worden aangehaald als: Besluit bijzondere euromunten.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.