Besluit van 15 maart 2003, houdende regels met betrekking tot voedingssupplementen (Warenwetbesluit voedingssupplementen)

Type AMvB
Publication 2014-12-13
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 29 november 2002, VGB/VL 2335168 gedaan in overeenstemming met Onze Ministers van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, van Economische Zaken, en van Justitie;

Gelet op:

richtlijn nr. 2002/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 10 juni 2002 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake voedingssupplementen (PbEG L 183), alsmede

artikel 4, eerste lid, onder a en c, artikel 6, onder d, artikel 8, eerste lid, onder a en c, artikel 13, onder a, artikel 14, en artikel 32b, eerste lid, van de Warenwet;

De Raad van State gehoord (advies van 6 februari 2003, No. W13.02.0549/III);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 11 maart 2003 met nummer VGB/VL 2361770, uitgebracht in overeenstemming met Onze Ministers van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, van Economische Zaken, en van Justitie;

Hebben goedgevonden en verstaan:

§ 1:. Algemene bepalingen

Artikel 1
1.

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

2.

Dit besluit is niet van toepassing op geneesmiddelen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Geneesmiddelenwet.

Artikel 2
1.

Het is verboden voedingssupplementen te bereiden of te verhandelen die niet voldoen aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen met betrekking tot hun samenstelling.

2.

Het is verboden voedingssupplementen aan de eindverbruiker te koop aan te bieden, te verkopen of af te leveren anders dan als voorverpakt levensmiddel als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder e, van verordening (EU) 1169/2011.

3.

Het is verboden voedingssupplementen te verhandelen anders dan met inachtneming van de bij dit besluit gestelde voorschriften met betrekking tot hun aanduiding.

4.

Het is verboden voedingssupplementen te verhandelen anders dan met inachtneming van de bij of krachtens dit besluit gestelde voorschriften met betrekking tot het bezigen van vermeldingen of voorstellingen betreffende de aard, samenstelling, hoedanigheid, eigenschappen of bestemming van de waar.

§ 2:. Bereiding en samenstelling

Artikel 3
1.

Bij regeling van Onze Minister worden ter uitvoering van artikel 4, eerste lid, van richtlijn 2002/46/EG, de microvoedingsstoffen en de verbindingen daarvan aangewezen die uitsluitend gebruikt mogen worden bij de bereiding van voedingssupplementen.

2.

Bij regeling van Onze Minister worden ter uitvoering van krachtens richtlijn 2002/46/EG vastgestelde maatregelen de zuiverheidseisen vastgesteld voor de in het eerste lid bedoelde microvoedingsstoffen.

3.

Krachtens de Warenwet vastgestelde zuiverheidseisen voor in het eerste lid bedoelde microvoedingsstoffen die gebruikt worden bij de bereiding van andere eet- en drinkwaren dan voedingssupplementen, zijn van overeenkomstige toepassing bij de bereiding van voedingssupplementen.

Artikel 4

Bij regeling van Onze Minister worden ter uitvoering van krachtens artikel 5, vierde lid, van richtlijn 2002/46/EG getroffen maatregelen, de hoeveelheden vitaminen en mineralen vastgesteld, die in voedingssupplementen:

§ 3:. Etikettering

Artikel 5

De aanduiding voedingssupplement mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor voedingssupplementen.

Artikel 6
1.

Onverminderd verordening (EU) 1169/2011 worden bij voedingssupplementen vermeldingen gebezigd inzake:

2.

Bij de vaststelling van de aanbevolen dagelijkse portie wordt rekening gehouden met de in artikel 4 bedoelde hoeveelheden.

3.

Bij voedingssupplementen worden geen vermeldingen gebezigd die beweren of suggereren dat een evenwichtige en gevarieerde voeding in het algemeen geen passende hoeveelheden aan microvoedingsstoffen kan bieden.

4.

Bij regeling van Onze Minister worden ter uitvoering van krachtens artikel 7 van richtlijn 2002/46/EG getroffen maatregelen nadere regels vastgesteld inzake het tweede en derde lid.

Artikel 7
1.

De hoeveelheid in een voedingssupplement aanwezige microvoedingsstoffen of stoffen met een voedingskundig of fysiologisch effect wordt in de etikettering van de waar vermeld in een getal. Deze vermelding;

2.

De in de aanhef van het eerste lid bedoelde hoeveelheid is een gemiddelde op basis van de analyse van de waar door de desbetreffende fabrikant.

3.

Onverminderd het eerste lid, onder b, mag het daar bedoelde percentage van de referentiewaarden voor vitaminen en mineralen ook grafisch worden weergegeven.

4.

Bij regeling van Onze Minister worden ter uitvoering van krachtens artikel 8, eerste lid, en artikel 9, eerste en tweede lid, van richtlijn 2002/46/EG getroffen maatregelen, nadere regels vastgesteld inzake het eerste, tweede, of derde lid.

§ 4:. Slotbepalingen

Artikel 8

Wijzigt Warenwetbesluit bestuurlijke boeten.

Artikel 9
1.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

2.

In afwijking van het eerste lid treden artikel 2 en artikel 8 in werking met ingang van 1 augustus 2005.

3.

Artikel 3, vierde lid, vervalt met ingang van 31 december 2009.

Artikel 10

Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit voedingssupplementen.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.