Besluit van 18 september 2003, nr. 03.003838 houdende vaststelling van een selectielijst van de Raad van State in verband met de advisering door de Raad over wet- en regelgeving in hoogste en laatste instantie

Type Archiefselectielijst
Publication 2003-10-05
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, M.C. van der Laan, van 12 september 2003, nr. WJZ/2003/41696(8139), directie Wetgeving en Juridische Zaken, gedaan in overeenstemming met de Raad van State;

Gelet op artikel 5, tweede lid, aanhef en onder a, van de Archiefwet 1995;

Gezien het advies van de Raad voor cultuur van 13 augustus 2001, nr. arc-2001.2806/2;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1

De bij dit besluit gevoegde ‘Selectielijst Raad van State inzake advisering over wet- en regelgeving in hoogste en laatste instantie’ en de daarbij behorende toelichting worden vastgesteld.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Selectielijst Raad van State. inzake advisering over wet- en regelgeving in hoogste en laatste instantie

De handelingen zijn genummerd overeenkomstig de volgorde die in het RIO is aangehouden. Daardoor is eenduidigheid gewaarborgd en wordt het naast elkaar gebruiken van RIO en BSD vergemakkelijkt.

Een handeling is een complex van activiteiten, gericht op het tot stand brengen van een product, dat een actor verricht ter vervulling van een taak of op grond van een bevoegdheid. De formulering van de handelingen is in de regel toegespitst op het product. Echter, een handeling als zodanig omvat alle activiteiten die leiden tot het product. Dientengevolge is de neerslag van een handeling niet beperkt tot het (eind)product, maar omvat ze alle archiefbescheiden die in verband daarmee zijn voortgebracht.

Een periode is in beginsel het tijdvak waarbinnen de handeling (ongeacht de frequentie) is of kan zijn uitgevoerd, gelet op de wettelijke grondslag daarvoor of gezien de gebruikte bronnen.

De grondslag betreft de formele wettelijke basis op grond waarvan een handeling binnen een bepaalde periode wordt of kan worden verricht.

Zie onder b. De handeling resulteert in een product.

De afkorting ‘B’ staat voor ‘bewaren’, dat wil zeggen het na afloop van de wettelijke overbrengingstermijn overdragen aan de Algemene Rijksarchiefbewaarplaats van de documentaire neerslag (ongeacht de gegevensdrager) van de handeling, in overeenstemming met de geldende archiefwettelijke bepalingen en conform de normen van de Rijksadviesdienst voor de goede en geordende staat. Bij een B-handeling is achter de selectiebeslissing aangegeven welk selectiecriterium is toegepast.

De afkorting ‘V’ staat voor ‘vernietigen (op termijn)’ oftewel ‘niet overbrengen’. Bij de desbetreffende handelingen wordt de vernietigingstermijn vermeld. Deze termijn betreft het aantal volle jaren dat – sinds het einde van het jaar waarin een archiefbestanddeel (dossier) dat de neerslag van de handeling bevat, is afgesloten – dient te zijn verlopen voordat tot vernietiging wordt overgegaan.

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het adviseren over alle voorstellen van wet door de regering aan de Staten-Generaal te doen of door de Staten-Generaal aan de regering gedaan.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Advies

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het adviseren over ontwerpen van algemene maatregelen van bestuur.

Opmerking: Hieronder zijn met name te verstaan de koninklijke besluiten ter nadere uitvoering van wetten, waarin algemeen verbindende voorschriften worden afgekondigd.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Advies

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het adviseren in gevallen waarin de wet of een algemene maatregel van bestuur dit voorschrijft.

Opmerking: Als voorbeeld kunnen hier worden genoemd koninklijke besluiten betreffende onteigening.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Advies

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het adviseren in zaken van algemeen of bijzonder belang waaromtrent de regering het nodig oordeelt.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Advies

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het adviseren over overeenkomsten met andere mogendheden en volkenrechtelijke organisaties.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Advies

Opmerking: Sedert 1989 wordt ook geadviseerd over het voornemen tot opzegging van een verdrag. Sedert 1989 kan het adviseren van de Raad van State achterwege blijven, indien het verdrag of het voornemen tot opzegging van het verdrag eerder ter stilzwijgende goedkeuring aan de Staten-Generaal was voorgelegd (wet van 21 juni 1989, Stb. 293).

Waardering B 1

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het adviseren inzake ontwerpen van krachtens enige wet te nemen besluiten tot vernietiging.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Advies

Opmerking: De Afdeling Geschillen van Bestuur is belast met de voorbereiding van de uit te brengen adviezen omtrent vernietiging van besluiten. Zie RIO betreffende het taakgebied van de administratieve rechtsbescherming.

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het doen van voordrachten betreffende onderwerpen van wetgeving of bestuur waaromtrent de Raad van State het doen van voorstellen aan de Staten-Generaal of uitvaardiging van algemene maatregelen van bestuur nodig acht.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Voordracht

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het doen van voordrachten aan de Koning inzake deskundigen die door de Koning kunnen worden opgeroepen om de volle raad of één der afdelingen van advies en voorlichting te voorzien.

Periode: 1945–1962

Grondslag: artikel 14 van de Wet van den 21sten December 1861 (Stb. 129)

Product: Voordracht

Opmerking: Bij de vaststelling van de nieuwe Wet op de Raad van State in 1962 is het voordragen door de volle raad komen te vervallen. Het oproepen kan sinds 1962, bij machtiging van de Koning, door de vice-president. Zie actor vice-president, handeling 19.

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het adviseren aan de Koning inzake de benoeming van de vice-president van de Raad van State.

Periode: 1976–

Grondslag: artikel 3, eerste lid, van de Wet op de Raad van State, zoals gewijzigd bij artikel I, onderdeel B van de wet van 1 mei 1975 (Stb. 283)

Product: Advies

Waardering: B 4

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het doen van een aanbeveling inzake de benoeming van staatsraden.

Periode: 1976–

Grondslag: artikel 3, eerste lid, van de Wet op de Raad van State, zoals gewijzigd bij artikel I, onderdeel B, van de wet van 1 mei 1975 (Stb. 283)

Product: Advies

Waardering: B 4

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het regelen van de werkzaamheden van de algemene vergadering en de afdelingen met betrekking tot overige aangelegenheden.

Periode: 1962–

Grondslag: artikel 19 van de Wet op de Raad van State

Product: Regels

Opmerking: Voorgaande heeft zijn beslag gekregen in de regeling, bedoeld in artikel 19 van de Wet op de Raad van State. Die regeling is opgenomen in Stcrt. 1963, 35.

Waardering: B 4

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het verdelen van de Raad van State in afdelingen die ieder betrekking hebben op een departement.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Afdeling/ regels

Opmerking: De regeling en indeling naar departementen van de afdelingen van de Raad van State is opgenomen in Stcrt. 1963, 35.

Waardering: B 4

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het adviseren aan de Koning met betrekking tot de aanwijzing van de leden der afdelingen.

Periode: 1945–1962

Grondslag: artikel 13, derde lid, van de Wet van den 21sten December 1861 (Stb. 129)

Product: Advies

Opmerking: Sedert de Wet op de Raad van State is deze bepaling vervallen en wijst de volle raad zelf de leden aan.

Waardering: B 4

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het ‘met Onze magtiging’ opdragen van het voorbereidend onderzoek aan staatsraden of staatsraden in buitengewone dienst, die niet behoren tot de afdeling die met het onderzoek zou zijn belast.

Periode:1945–

Grondslag: artikelen 13, vijfde lid, en 29, vierde lid, van de Wet van den 21sten December 1861 (Stb. 129)

Product: Opdracht

Opmerking: Aan de staatsraden in buitengewone dienst worden sedert 1962 alleen nog werkzaamheden gedelegeerd door de vice-president. Tot 1975 met ‘Onze machtiging’, na 1975 zonder ‘Onze machti-ging’. Zie actor vice-president, handeling 24.

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (volle raad)

Handeling: Het benoemen van afgevaardigden naar internationale bijeenkomsten.

Periode: 1945–

Bron: Jaaroverzichten en jaarverslagen van de Raad van State

Product: Benoeming, besluit

Waardering: V, 10 jaar na benoeming

Actor: Raad van State (afdeling van de Raad)

Handeling: Het uitbrengen van een verslag in de volle raad.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Verslag

Waardering: B 3

Actor: Raad van State (afdeling van de Raad)

Handeling: Het uitbrengen van een advies aan de volle raad.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Advies

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (afdeling van de Raad)

Handeling: Het geven van voorlichting aan ministers in zaken van wetgeving en bestuur.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Voorlichting

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (vice-president)

Handeling:Het oproepen van deskundigen teneinde de Raad van State of één van zijn afdelingen van voorlichting en advies te voorzien.

Periode: 1962–

Grondslag:artikel 21, derde lid, van de Wet op de Raad van State

Product: Oproep

Opmerking: Deze handeling heeft in de praktijk nooit plaatsgevonden.

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (vice-president)

Handeling: Het geven van toestemming aan staatsraden om zich buiten de gemeente te vestigen.

Periode: 1945-1962

Grondslag: artikel 11, eerste lid, van de Wet van den 21sten December 1861 (Stb. 129)

Product: Toestemming

Opmerking: Vanaf 1962 tot 1976 verleende de Koning deze toestemming. In 1976 verviel dit voorschrift.

Waardering: V, 10 jaar na toestemming

Actor: Raad van State (vice-president)

Handeling: Het geven van toestemming aan staatsraden om zich langer dan één maand buitenlands te begeven.

Periode: 1962–

Grondslag: artikel 9, derde lid, van de Wet op de Raad van State

Product: Toestemming

Waardering: V, 10 jaar na toestemming

Actor: Raad van State (vice-president)

Handeling: Het aanwijzen van staatsraden tot het doen van voorbereidend onderzoek, verslag en advies, uit de afdeling van de Raad van State, welke een zaak betreft.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Aanwijzing, benoeming

Waardering: B 4

Actor: Raad van State (vice-president)

Handeling: Het aanwijzen van staatsraden tot deelname aan een onderzoek bij een andere afdeling dan de afdeling waar de desbetreffende staatsraad deel van uitmaakt.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Aanwijzing, benoeming

Waardering: B 4

Actor: Raad van State (vice-president)

Handeling: Het oproepen van staatsraden in buitengewone dienst om deel te nemen aan werkzaamheden van de Raad van State.

Opmerking: Wettelijk bestaat de mogelijkheid om staatsraden in buitengewone dienst deel te laten nemen aan de wetgevende arbeid van de afdelingen of de volle raad. In de praktijk roept de vice-president de staatsraden in buitengewone dienst voornamelijk op om deel te nemen aan de werkzaamheden van de Afdeling Geschillen van Bestuur of de Afdeling Rechtspraak van de Raad van State. Zie het PIVOT-rapport betreffende het taakgebied van de administratieve rechtsbescherming.

Periode: 1962–

Grondslag:

Product: Oproep

Opmerking: Bij de wet van 1 mei 1975 (Stb. 283) zijn de woorden ‘door Ons of krachtens door Ons te verlenen machtiging’ komen te vervallen. Het oproepen van staatsraden in buitengewone dienst om deel te nemen aan bepaalde werkzaamheden gebeurde voor 1962 door de Koning, of bij machtiging, door de volle raad. Zie handeling 14.

Waardering: V, 10 jaar

Actor: Raad van State (vice-president)

Handeling: Het bijeenroepen van de Raad van State in een buitengewone vergadering.

Periode: 1963–

Grondslag: artikel 2 van de regeling, bedoeld in artikel 19 van de Wet op de Raad van State. Die regeling is opgenomen in Stcrt. 1963, 35

Product: Correspondentie

Waardering: B 6

Actor: Raad van State (vice-president)

Handeling: Het uitbrengen van advies als persoonlijk (constitutioneel) adviseur van de Koning en de regering.

Opmerking: Hoewel de vice-president zowel als adviseur van het staatshoofd als van de regering kan optreden, ligt het accent bij deze taak het meest op het adviseren van het staatshoofd. Zo zijn diverse vice-presidenten door de Koning geconsulteerd terzake kabinetsformaties en kabinetscrises alsook inzake persoonlijke aangelegenheden van het staatshoofd. De adviezen die gegeven worden als persoonlijk adviseur zijn ‘interne adviezen’ en dus ook na 1980 (Wet openbaarheid van bestuur) niet openbaar.

Periode: 1982–

Bron: Jaarverslag 1982; G. Beelen, ‘De Raad van State, de Vice-President, de kabinetsformatie. Het einde van een Beeliaanse traditie?’ Doctoraalscriptie staatsrecht (Amsterdam: 1984)

Product: Advies

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (vice-president)

Handeling: Het, in overleg met de president van de Hoge Raad der Nederlanden en de president van de Algemene Rekenkamer, doen van een aanbeveling aan de Tweede Kamer betreffende de benoeming van een Nationale ombudsman.

Periode: 1981–

Grondslag: artikel 2, tweede lid, van de Wet Nationale ombudsman

Product: Advies

Opmerking: In 1981 is bij wet het ambt van Nationale Ombudsman ingesteld. De Nationale ombudsman wordt benoemd door de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Voorafgaand aan deze benoeming is een adviserende functie voor de vice-president van de Raad van State vastgelegd.

Waardering: B 4

Acto: Raad van State (staatsraden)

Handeling: Het uitbrengen van advies aan de volle raad.

Periode: 1945–

Grondslag:

Product: Advies

Waardering: B 1

Actor: Raad van State (staatsraden)

Handeling: Het uitbrengen van een minderheidsadvies, toegevoegd aan het advies van de Raad van State.

Periode: 1945–

Grondslag:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.