Besluit van 5 november 2003, houdende nadere aanpassing van besluiten aan de modernisering van de rechterlijke organisatie (Veegbesluit modernisering rechterlijke organisatie)

Type AMvB
Publication 2004-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
Artikel I

Wijzigt het Besluit beëdiging en vergoeding buitengriffiers en waarnemend griffiers.

Artikel II

Wijzigt het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenaren.

Artikel III

Wijzigt het Besluit buitengewone rechtspleging.

Artikel IV

Wijzigt het Besluit financiering rechtspraak.

Artikel V

Wijzigt het Besluit nevenvestigings- en nevenzittingsplaatsen.

Artikel VI

Wijzigt het Besluit opleiding rechterlijke ambtenaren.

Artikel VII

Wijzigt het Besluit orde van dienst gerechten.

Artikel VIII

Wijzigt het Besluit privaatrechtelijke rechtshandelingen 1996.

Artikel IX

Wijzigt het Besluit rechtspositie leden gerechtsbesturen en Raad voor de rechtspraak.

Artikel X

Wijzigt het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren.

Artikel XI

Wijzigt het Wijzigingsbesluit Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren (bovenwettelijke regeling ziekte en arbeidsongeschiktheid sector rechterlijke macht).

Artikel XII

Wijzigt het Kostuum- en titulatuurbesluit rechterlijke organisatie.

Artikel XIII

Wijzigt het Reglement voor de grondkamers en de Centrale Grondkamer.

Artikel XIV

Wijzigt het Sociaal beleidskader reorganisaties zittende magistratuur.

Artikel XV

Wijzigt het Tramwegreglement.

Artikel XVI

Wijzigt het Transactiebesluit milieudelicten.

Artikel XVII

Wijzigt het Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet.

Artikel XVIII

Wijzigt het Vreemdelingenbesluit 2000.

Artikel XIX

Indien een of meer besturen van gerechten met een of meer onderdelen van het openbaar ministerie vanaf 1 januari 2002 gezamenlijk een gemeenschappelijke facilitaire dienst in stand houden, treden de besturen van de betrokken gerechten en de hoofden van de betrokken onderdelen van het openbaar ministerie op als bevoegd gezag van het personeel werkzaam bij die dienst.

Artikel XX
1.

De artikelen I, onderdelen C en D, II tot en met IV, VI, onderdelen A, B en I, X, onderdelen A, C, E tot en met K, XI, XIII tot en met XV en XVII, treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst.

2.

De artikelen I, onderdelen A en B, V, VII, VIII, X, onderdelen B, D en L, XII, XVI en XVIII, treden in werking op het tijdstip waarop het bij koninklijke boodschap van 5 juni 2003 ingediende voorstel van wet tot partiële wijziging van de Wet op de rechterlijke organisatie, de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, de Wet op de rechterlijke indeling, de Beroepswet, de Wet op de economische delicten en enige andere wetten (Veegwet modernisering rechterlijke organisatie) Kamerstukken II 2002–2003, 28 958, nrs. 1–2) indien het tot wet is verheven, in werking treedt.

3.

De artikelen VI, onderdelen C tot en met H, IX en XIX treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst en werken terug tot en met 1 januari 2002.

Artikel XXI

Dit besluit wordt aangehaald als: Veegbesluit modernisering rechterlijke organisatie.

Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 26 maart 2003, nr. 5217867/03/6;

Gelet op de artikelen 125 van de Ambtenarenwet, 74c, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, 37 van de Wet op de Economische Delicten, 11, 16, zesde lid, 25, derde lid, 41, 59, 73, derde lid, en 145 van de Wet op de rechterlijke organisatie, 1g, 12, 14 tot en met 16, 54 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, 87 van de Pachtwet, 5, derde lid van de Locaalspoor- en Tramwegwet, en 13, derde lid van de Landbouw-kwaliteitswet;

De Raad van State gehoord (advies van 21 juli 2003, nr. W03.03.0116/I);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 29 oktober 2003, nr. 5247506/03/6;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.