Besluit van de Minister van Justitie van 14 januari 2004, kenmerk 5263663/DBZ/04, strekkende tot wijziging van het besluit buitengewoon opsporingsambtenaren parkeercontroleurs Dienst Stadstoezicht Amsterdam 2000
Gelezen het verzoek van de directeur van de Dienst Stadstoezicht van de gemeente Amsterdam;
Gelet op:
– artikel 8, zevende lid, van de Politiewet 1993;
– artikel 142, eerste lid, onder b en c, en het derde lid, van het Wetboek van Strafvordering;
– het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar;
Besluit:
Artikel 1
Wijzigt het het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar.
Artikel 2
De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden van de buitengewoon opsporingsambtenaren die in dienst van de dienst Stadstoezicht Amsterdam de functie van parkeercontroleurs vervullen, worden voor de duur van hun geldigheid of tot daarover nader zal zijn beslist, geacht te zijn akten en overige benoemingsbescheiden afgegeven mede op basis van onderhavige besluit.
Artikel 3
Dit besluit treed in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant en het Algemeen Politieblad worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.