← Geldende tekst · Geschiedenis

Besluit landelijk overleg milieuwethandhaving

Geldende tekst a fecha 2003-01-01

In overeenstemming met de Ministers van Justitie, van Verkeer en Waterstaat, van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit, van Economische Zaken en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

Besluit:

§ 1. Het Bestuurlijk landelijk overleg milieuwethandhaving

Artikel 1

Er is een Bestuurlijk landelijk overleg milieuwethandhaving, verder te noemen BLOM.

Artikel 2
1.

Het BLOM heeft tot taak:

2.

Het BLOM kan daartoe de met de handhaving van milieuregelgeving belaste overheidsorganen gevraagd of ongevraagd adviseren over:

Artikel 3
1.

Het BLOM stelt eenmaal per twee jaar een beleidsplan vast, waarin afspraken op strategisch niveau worden vastgelegd met betrekking tot de uitvoering van zijn taak.

2.

Het BLOM stelt na afloop van de periode waarop een beleidsplan betrekking heeft, een verslag vast over de wijze waarop daaraan uitvoering is gegeven en de resultaten die daarmee zijn bereikt.

3.

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer zendt het beleidsplan en het verslag aan de Tweede Kamer.

Artikel 4
1.

De leden van het BLOM bevorderen dat de afspraken die zijn neergelegd in het beleidsplan, doorwerken in het handhavingsbeleid zoals dat tot stand komt door de instanties die zij vertegenwoordigen of waarvoor zij verantwoordelijk zijn.

2.

De leden van het BLOM bevorderen dat de instanties die zij vertegenwoordigen, de gegevens aanleveren, die nodig zijn voor het verslag, bedoeld in artikel 3, tweede lid.

Artikel 5
1.

De Minister van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer is voorzitter, tevens lid van het BLOM. De Staatssecretaris van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer is plaatsvervangend voorzitter, tevens lid.

2.

In het BLOM hebben, naast de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter, zitting:

3.

De in het tweede lid genoemde ministers kunnen de vergaderingen van het BLOM doen bijwonen door daartoe door hen aangewezen ambtenaren.

4.

Het BLOM kan andere personen uitnodigen bij een vergadering aanwezig te zijn.

5.

Elk lid kan zich door een plaatsvervanger laten vertegenwoordigen.

§ 2. Het Ambtelijk landelijk overleg milieuwethandhaving

Artikel 6

Er is een Ambtelijk landelijk overleg milieuwethandhaving, verder te noemen ALOM.

Artikel 7

Het ALOM heeft tot taak de werkzaamheden van het BLOM voor te bereiden en door het BLOM verstrekte opdrachten uit te voeren.

Artikel 8
1.

Het ALOM stelt jaarlijks een werkprogramma vast, waarin de maatregelen worden aangegeven ter uitvoering van het op het eerstvolgende jaar betrekking hebbende beleidsplan.

2.

Het ALOM stelt na afloop van het jaar waarop het werkprogramma betrekking heeft, een verslag vast over de wijze waarop daaraan uitvoering is gegeven en over de resultaten die daarmee zijn bereikt.

Artikel 9
1.

De leden van het ALOM bevorderen dat de afspraken die zijn neergelegd in het werkprogramma doorwerken in het handhavingsbeleid zoals dat tot stand komt door de instanties die zij vertegenwoordigen of waarvoor zij verantwoordelijk zijn.

2.

De leden van het ALOM bevorderen dat de instanties die zij vertegenwoordigen, de gegevens aanleveren, die nodig zijn voor het verslag, bedoeld in artikel 8, tweede lid.

Artikel 10
1.

De inspecteur-generaal VROM is voorzitter, tevens lid, van het ALOM. De plaatsvervangend inspecteur-generaal is plaatsvervangend voorzitter, tevens lid.

2.

In het ALOM hebben naast de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter zitting:

3.

De in het tweede lid genoemde ministeries kunnen de vergaderingen van het ALOM doen bijwonen door daartoe door hen aangewezen ambtenaren van vergelijkbaar niveau;

4.

Het ALOM kan andere personen uitnodigen bij een vergadering aanwezig te zijn.

5.

Voor elk lid kan een plaatsvervanger met een functie van vergelijkbaar niveau worden aangewezen.

Artikel 11

Het ALOM kan werkgroepen instellen voor bepaalde onderwerpen, waarin ook niet-leden of plaatsvervangende leden van het ALOM zitting hebben.

§ 3. Overige bepalingen

Artikel 12
1.

Het Interprovinciaal Overleg voegt aan het BLOM een secretaris toe, die tevens secretaris is van het ALOM.

2.

De secretaris is geen lid van het BLOM en het ALOM.

3.

De handhavingspartners voorzien in voldoende capaciteit voor het secretariaat en de daarbij behorende werkzaamheden, dat onder leiding staat van de secretaris en hem terzijde staat bij de uitvoering van zijn taak.

Artikel 13
1.

Het BLOM stelt jaarlijks een begroting op van de kosten, verbonden aan de uitvoering van zijn werkzaamheden en die van het ALOM. Het zendt de begroting ter goedkeuring aan de Minister van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. De kosten worden, voor zover ze door de minister zijn goedgekeurd, gedragen door de Rijksoverheid.

2.

In afwijking van het eerste lid worden de kosten voor de secretaris en de locatie van het secretariaat gedragen door de provincies.

Artikel 14

Het BLOM stelt bij reglement van orde regels over zijn werkwijze en die van het ALOM.

Artikel 15

Het besluit van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 11 februari 1999, nr. LCCM/051198006L, tot instelling van de Landelijke Coördinatiecommissie Milieuwethandhaving (Stcrt. 41) wordt ingetrokken.

Artikel 16

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 januari 2003.

Artikel 17

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit landelijk overleg milieuwethandhaving.

Dit besluit wordt met de daarbij behorende toelichting in de Staatscourant geplaatst.