Besluit van 24 september 2004 tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur ter uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening alsmede de bepalingen betreffende de indicatie en herindicatie in het kader van genoemde wet in de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (Besluit uitvoering sociale werkvoorziening en begeleid werken)

Type AMvB
Publication 2018-07-28
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 14 juni 2004, nr. ABG/GA/04/40953;

Gelet op de artikelen 1, derde lid, 6, tweede lid, onderdeel a, 7, derde lid, 8, derde, vijfde en zevende lid, 9, derde lid, 11, vijfde lid, en 15, derde lid, van de Wet sociale werkvoorziening alsmede artikel 21a, tweede lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;

De Raad van State gehoord (advies van 29 juli 2004, nummer W12.04.0246/IV);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 21 september 2004, Directie Arbeidsmarktbeleid Bijzondere Groepen, nr. ABG/GA/04/63309;

Hebben goed gevonden en verstaan:

Hoofdstuk 1. Indicatie en herindicatie

Artikel 1. Begripsbepalingen

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Artikel 2. De aanvraag
1.

Telkens uiterlijk 16 weken voor het verstrijken van de geldigheidsduur van een indicatie vraagt het college van de gemeente waar de geïndiceerde woont namens de geïndiceerde een herindicatie aan bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.

2.

Bij de aanvraag voor een herindicatie verstrekt het college aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in ieder geval recente gegevens betreffende:

3.

Bij de aanvraag voor een herindicatie op grond van artikel 11, tweede lid, van de wet verstrekt het college in ieder geval tevens een re-integratieverslag als bedoeld in artikel 25, derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.

4.

Onverminderd het eerste lid vraagt het college van de gemeente waar de geïndiceerde woont op verzoek van of namens de geïndiceerde een herindicatie aan bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op een eerder tijdstip dan bedoeld in het eerste lid. Het tweede lid is van toepassing.

5.

In de aanvraag wordt aangegeven of de geïndiceerde toestemming geeft tot het zo nodig raadplegen van behandelend artsen of psychologen en het gebruik maken van bij dezen aanwezige medische of psychologische gegevens.

6.

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen betrekt bij een besluit over de herindicatie de op grond van het tweede lid van het college verkregen gegevens.

Artikel 3. Het onderzoek
1.

In het kader van de aanvraag tot herindicatie verricht het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, met inachtneming van de bijlage behorend bij dit besluit, onderzoek naar:

2.

Het onderzoek wordt op adequate wijze verricht door personen die over voldoende deskundigheid beschikken.

3.

Bij ministeriële regeling wordt bepaald wanneer bij het onderzoek een arbeidsdeskundige, een arts en een psycholoog wordt betrokken. Daarbij worden ook regels gesteld met betrekking tot de onverenigbaarheid van andere functies met die van deskundige als bedoeld in dit lid.

4.

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen het onderzoek uitvoert.

Artikel 4. De herindicatie
1.

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen deelt de geïndiceerde in de arbeidshandicapcategorie matig of ernstig in, op grond van de noodzakelijke aanpassingen en van het prestatieniveau volgens de bijlage behorend bij dit besluit.

2.

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt van de geïndiceerde de geldigheidsduur van de indicatie vast. Deze bedraagt minimaal een en maximaal 50 jaar.

3.

De herindicatiebeschikking bevat bij een geïndiceerde tevens:

4.

Indien de geïndiceerde niet meer tot de doelgroep behoort, omdat hij ook onder normale omstandigheden tot regelmatige arbeid in staat wordt geacht, bevat de indicatie tevens het advies, bedoeld in artikel 30d, eerste lid, onderdeel c, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.

5.

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de geldigheidsduur van de indicatie.

Artikel 5. Mededeling herindicatie en intrekking beschikking
1.

De herindicatiebeschikking wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen zo spoedig mogelijk na vaststelling toegezonden aan de geïndiceerde aan het college van de gemeente waar de geïndiceerde woonachtig is en, voor zover van toepassing, aan de in artikel 2, tweede lid, van de wet bedoelde rechtspersoon.

2.

Indien de geïndiceerde niet meer tot de doelgroep behoort wordt dat besluit door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen zo spoedig mogelijk na vaststelling toegezonden aan hem, het college van de gemeente waar de aanvrager woonachtig is.

3.

Indien de indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking is ingetrokken of vervallen op grond van artikel 12, eerste lid, of tweede lid, onderdeel a, van de wet bericht het college van de gemeente waar de voormalig geïndiceerde woont in afschrift het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.

4.

Bij de toepassing van het derde lid wordt de werknemer die buiten Nederland woont als inwoner aangemerkt van de gemeente waarin hij laatstelijk in Nederland woonde.

Artikel 6. Herindicatie

Vervallen

Artikel 7. Advies bij voorgenomen opzegging van de dienstbetrekking

Vervallen

Artikel 8. Arbeidsinpassing door de gemeente
1.

Bij het tot stand doen brengen van begeleid werken, draagt het college zorg voor de arbeidsinpassing met inbegrip van de begeleiding van de geïndiceerde op zijn werkplek.

2.

Het college kan bij de taak op grond van het eerste lid een begeleidingsorganisatie inschakelen en deelt dit, indien hij daartoe wil overgaan, mee aan de geïndiceerde. Het college biedt daarbij de geïndiceerde de keuze uit ten minste twee begeleidingsorganisaties.

3.

Indien het college niet binnen zes maanden na de mededeling, bedoeld in het tweede lid, voor de geïndiceerde begeleid werken tot stand heeft gebracht, kan de geïndiceerde verzoeken een door hem aangewezen begeleidingsorganisatie in te schakelen ten behoeve van de totstandkoming van een dienstbetrekking. Het college willigt het verzoek van de geïndiceerde in, tenzij het verzoek kennelijk onredelijk is.

Artikel 9. Wijziging begeleidingsorganisatie
1.

Indien de geïndiceerde begeleid werkt kan hij het college gemotiveerd verzoeken een andere begeleidingsorganisatie in te schakelen voor begeleiding op zijn werkplek, dan wel het college gemotiveerd verzoeken voor arbeidsinpassing ten behoeve van ander begeleid werk en begeleiding op zijn werkplek zorg te dragen. Het college willigt het verzoek van de geïndiceerde in, tenzij het verzoek kennelijk onredelijk is.

2.

Indien de geïndiceerde begeleid werkt kan het college met instemming van de geïndiceerde een andere begeleidingsorganisatie inschakelen voor begeleiding op zijn werkplek. De instemming van de geïndiceerde kan achterwege blijven indien de wijziging van begeleidingsorganisatie noodzakelijk is voor een adequate begeleiding op de werkplek of zonder de wijziging de kosten van de begeleiding niet in een redelijke verhouding staan tot het resultaat.

Hoofdstuk 2. Begeleid werken

Artikel 10. Overgangsrecht financiële indeling oude populatie
1.

Personen die op 31 december 1997 al in de sociale werkvoorziening werkzaam waren, worden, zolang die dienstbetrekking voortduurt, ingedeeld in de arbeidshandicapcategorie matig.

2.

Personen met beperkingen ten gevolge van stoornissen, zoals gekwalificeerd in de internationale classificatie van stoornissen, beperkingen en handicaps onder punt 50.0 tot en met 50.5, 51 en 52 en die op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van de wet werkzaam zijn bij de blindenwerkplaats Blizo, behorend tot de bestuurlijke eenheid WSD te Boxtel, en de Blindenwerkplaats Proson, behorende tot de bestuurlijke eenheid DSW, te Nunspeet, worden, zolang die dienstbetrekking voortduurt, ingedeeld in de arbeidshandicapcategorie ernstig.

Artikel 11. Intrekking besluiten
2.

De in het eerste lid genoemde besluiten, zoals deze luidden op 31 december 2004, blijven van toepassing op de subsidievaststelling over perioden die gelegen zijn vóór 1 januari 2005, met dien verstande dat artikel 11 van het Besluit vaststelling subsidie Wet sociale werkvoorziening bij de subsidievaststelling over de subsidiejaren 2003 en 2004 niet wordt toegepast.

Artikel 12. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2005.

Artikel 13. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit uitvoering sociale werkvoorziening en begeleid werken.

Artikel 14

Door vernummering vervallen.

Hoofdstuk 3. FINANCIERING

Artikel 15. Arbeidsjaren

Vervallen

Artikel 16. Berekening taakstelling

Vervallen

Artikel 17. Berekening uitkering

Vervallen

Artikel 18. Stimuleringsuitkering begeleid werken

Vervallen

Artikel 19. Gegevens ten behoeve van de uitvoering van de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten
1.

Het college verstrekt gegevens uit de administratie aangelegd voor uitvoering van de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, voor zover deze noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten.

2.

Bij ministeriële regeling worden de gegevens, bedoeld in het eerste lid, nader bepaald en kan een daartoe aangewezen verwerker worden gemachtigd deze gegevens aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen te verstrekken.

Artikel 20. Opschorting betaalbaarstelling

Vervallen

Artikel 21. Wijziging uitvoering

Vervallen

Hoofdstuk 4. Subsidievaststelling

Artikel 22. Definitie maatregel

Vervallen

Artikel 23. Vaststelling subsidie

Vervallen

Artikel 24. Werknemers die niet meer tot de doelgroep behoren

Vervallen

Artikel 25. Handelen in strijd met de wet

Vervallen

Artikel 26. Vaststelling percentage

Vervallen

Artikel 27. Realisatie begeleid werken

Vervallen

Hoofdstuk 5. Slot- en overgangsbepalingen

Artikel 28. Overgangsrecht voorrangsgarantie

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.