Beschikking van de Minister van Justitie, van 5 april 2005, inhoudende de aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren bij de Scheepvaart- en Luchtvaartinspectie
Handelende in overeenstemming met de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Minister van Verkeer en Waterstaat;
Gelet op de artikelen 1, onder ten vierde, en 17, eerste lid, onder ten tweede, van de Wet op de economische delicten;
Besluit:
Artikel 1
De ambtenaren van de divisie Scheepvaart van Inspectie Verkeer en Waterstaat, bedoeld in artikel 10 van de Schepenwet, worden aangewezen als ambtenaren belast met de opsporing van overtredingen van voorschriften, gesteld bij of krachtens de Arbeidsomstandighedenwet, voor zover deze overtredingen economische delicten zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de economische delicten.
Artikel 2
De ambtenaren van de divisie Luchtvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat, aangewezen op grond van artikel 71 van de Luchtvaartwet en bedoeld in artikel 102 van de Regeling Toezicht Luchtvaart, worden aangewezen als ambtenaren belast met de opsporing van overtredingen van voorschriften, gesteld bij of krachtens de Arbeidsomstandighedenwet, voor zover deze overtredingen economische delicten zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de economische delicten.
Artikel 3
Het besluit van de Minister van Justitie van 20 december 1991, nr. 175864/91/Pol houdende de aanwijzing van bijzonder opsporingsambtenaren Scheepvaart- en Luchtvaartinspectie wordt ingetrokken.
Artikel 4
Deze beschikking treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot 1 november 2004.
Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.