Regeling van 20 april 2005, nr. 5348913/505, houdende het verlenen van militaire bijstand ten behoeve van de bewaking van het Nederlandse luchtruim en de inzet van defensiemiddelen tegen terroristische dreigingen vanuit de lucht (Regeling bijstand bestrijding luchtvaartterrorisme)

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-06-18
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Gelet op artikel 59, tweede lid, van de Politiewet 1993;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepaling

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Terbeschikkingstelling van defensiemiddelen in het kader van militaire bijstand

In aangelegenheden waarin sprake is van een terroristische dreiging vanuit de lucht verleent de krijgsmacht bijstand op de wijze als bepaald in deze regeling. De Minister van Defensie stelt daartoe de QRA en het AOCS NM, voorzover dit station als schakel in de uitvoering van de militaire bijstand fungeert, ter beschikking aan de Minister van Justitie en Veiligheid.

Artikel 3. Terroristische dreiging vanuit de lucht
1.

De NAVO, de Master Controller, dan wel de Minister van Justitie en Veiligheid kan een civiel luchtvaartuig aanmerken als een terroristische dreiging vanuit de lucht.

2.

Voor het aanmerken van een civiel luchtvaartuig als een terroristische dreiging vanuit de lucht zijn de criteria van de NAVO van toepassing. Deze criteria zijn opgenomen in het Nationaal Actieplan.

3.

De Minister van Justitie en Veiligheid kan ook op andere gronden een civiel luchtvaartuig aanmerken als een terroristische dreiging vanuit de lucht.

4.

Van een terroristische dreiging vanuit de lucht is in ieder geval sprake indien wordt voldaan aan ten minste twee van de in het tweede lid bedoelde criteria.

Artikel 4. Alarmering van de Minister van Justitie en Veiligheid door het AOCS NM
1.

De Master Controller is uit hoofde van zijn taak ter zake van de bewaking van het luchtruim en onder verantwoordelijkheid van de Minister van Defensie bevoegd tot het geven van een opdracht aan de QRA:

2.

De Master Controller alarmeert de Minister van Justitie en Veiligheid zodra de QRA het luchtruim kiest en hij informeert hem onverwijld en voortdurend over:

3.

De Master Controller informeert na de alarmering van de Minister van Justitie en Veiligheid terstond de Minister van Defensie.

Artikel 5. Overgang van de verantwoordelijkheid van de Minister van Defensie naar de Minister van Justitie en Veiligheid
1.

Vanaf het moment dat de NAVO, de Master Controller, dan wel de Minister van Justitie en Veiligheid, overeenkomstig artikel 3, een civiel luchtvaartuig aanmerkt als een terroristische dreiging vanuit de lucht, is de Minister van Justitie en Veiligheid bevoegd via de Master Controller aanwijzingen te geven aan de QRA. Alsdan vindt inzet van de QRA plaats onder verantwoordelijkheid van de Minister van Justitie en Veiligheid.

2.

De Minister van Justitie en Veiligheid kan via de Master Controller de QRA, naast de opdrachten genoemd in artikel 4, eerste lid, met inachtneming van de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit, opdracht geven tot:

3.

Op de inzet van de QRA voor de bestrijding van luchtvaartterrorisme is een specifieke geweldsinstructie van toepassing. Deze geweldsinstructie is gerubriceerd.

Artikel 6. Verslaglegging

Van iedere inzet van de QRA in geval van een terroristische dreiging vanuit de lucht wordt zowel door de Minister van Justitie en Veiligheid als door de Minister van Defensie een verslag opgemaakt ten behoeve van een gezamenlijke evaluatie. Deze verslagen zijn gerubriceerd.

Artikel 7. Vergoeding van de kosten van de bijstand

De additionele kosten van de inzet van de QRA onder verantwoordelijkheid van de Minister van Justitie en Veiligheid komen voor vergoeding in aanmerking conform de vigerende afspraken tussen de Minister van Defensie en de Minister van Justitie en Veiligheid.

Artikel 8. Slotbepaling

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling bijstand bestrijding luchtvaartterrorisme.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 7a

Deze regeling berust op artikel 58, eerste lid, van de Politiewet 2012.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.