← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling houdende regels met betrekking tot de verstrekking en het gebruik van tachograafkaarten (Regeling tachograafkaarten)

Geldende tekst a fecha 2021-01-01

Gelet op artikel 12.38, tweede lid, van de Arbeidstijdenwet, artikel 2.4:1, derde lid, artikel 2.4:12 en artikel 2.4:13, eerste lid, van het Arbeidstijdenbesluit vervoer, en artikel 4b, tweede lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994;

Besluiten:

Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 6 juli 2004 tot wijziging van de Arbeidstijdenwet en de Wegenverkeerswet 1994 in verband met de invoering van het digitale controleapparaat (Stb. 2004, 347) in werking treedt.

§ 1. Reikwijdte

Artikel 1

Vervallen

§ 2. Aanvraag en verlening

Artikel 2
1.

Als document, bedoeld in artikel 26, eerste lid, van verordening (EU) nr. 165/2014 wordt beschouwd een geldig rijbewijs voor het besturen van een voertuig als bedoeld in artikel 2.3:1 onder a en b, van het Arbeidstijdenbesluit vervoer.

2.

Een bedrijfskaart wordt op aanvraag verleend indien de aanvrager is ingeschreven in het handelsregister, bedoeld in artikel 2 van de Handelsregisterwet 1996, tot een maximum van 62 exemplaren per aanvrager.

3.

Een werkplaatskaart wordt op aanvraag verleend indien de aanvrager:

4.

Bij de aanvraag van een bestuurderskaart of werkplaatskaart overlegt de aanvrager een niet beschadigde, recente, goed gelijkende pasfoto van de aanvrager die voldoet aan alle acceptatiecriteria, opgenomen in de bij de Paspoortuitvoeringsregeling Nederland 2001 behorende fotomatrix.

Artikel 3

In afwijking van artikel 2, eerste lid, onder a, kan een bestuurderskaart worden verleend aan de aanvrager die zijn gewone verblijfplaats niet binnen de grenzen van de Europese Unie heeft en die onder gezag van een in Nederland gevestigde werkgever als bestuurder van een vrachtauto of bus werkzaamheden verricht of gaat verrichten, indien aan zijn werkgever voor hem is afgegeven:

Artikel 4
1.

De Minister van Infrastructuur en Milieu beslist op aanvraag van een tachograafkaart binnen vier weken nadat de vergoeding voor het in behandeling nemen van de aanvraag is ontvangen.

2.

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een Smart tachograafkaart wordt een vergoeding in rekening gebracht van € 93,– per Smart tachograafkaart.

Artikel 5
1.

In geval een bestuurderskaart of werkplaatskaart zoek raakt door verlies of diefstal, of defect of beschadigd is, vraagt de aanvrager binnen zeven kalenderdagen na het tijdstip van vaststelling daarvan een vervangende tachograafkaart aan.

2.

In afwijking van artikel 4, eerste lid, beslist de Minister van Infrastructuur en Milieu op de in het eerste lid bedoelde aanvraag van een bestuurderskaart of werkplaatskaart binnen vijf werkdagen nadat de vergoeding voor het in behandeling nemen van de aanvraag is ontvangen.

3.

In afwijking van artikel 4, eerste lid, beslist de Minister van Infrastructuur en Milieu op aanvraag van een bestuurderskaart of werkplaatskaart die in de plaats komt van een kaart met een resterende geldigheidsduur van ten minste twee weken, binnen de termijn, genoemd in artikel 25, tweede lid, van verordening (EU) Nr. 165/2014 gerekend vanaf het moment dat de vergoeding voor het in behandeling nemen van de aanvraag is ontvangen voorzover die termijn nog ten minste een week is.

§ 3. Inleverplicht tachograafkaart

Artikel 6
1.

De aanvrager levert zijn ingetrokken, defecte of beschadigde bestuurderskaart of werkplaatskaart in op de plaats van afgifte van de vervangende tachograafkaart.

2.

De aanvrager levert zijn verloren of gestolen geraakte bestuurderskaart of werkplaatskaart in op de plaats van afgifte van de vervangende tachograafkaart, indien deze na melding van verlies of diefstal weer in bezit van de aanvrager is gekomen, voordat de vervangende tachograafkaart is opgehaald.

3.

Indien een bestuurderskaart of werkplaatskaart na melding van verlies of diefstal weer in bezit van de aanvrager is gekomen, nadat de vervangende tachograafkaart is opgehaald, dient deze te worden teruggezonden aan de inspecteur-generaal van de Inspectie Leefomgeving en Transport.

§ 4. Intrekking en geldigheid

Artikel 7
1.

Een tachograafkaart kan worden ingetrokken in de gevallen genoemd in artikel 26, zevende lid, van verordening (EU) nr. 165/2014 of op verzoek van de aanvrager.

2.

Een bedrijfskaart of werkplaatskaart kan daarnaast worden ingetrokken:

Artikel 8
1.

Onverminderd artikel 2.4:11, eerste lid, van het Arbeidstijdenbesluit vervoer, verliest een bestuurderskaart of werkplaatskaart zijn geldigheid indien:

2.

De onderdelen a en b van het eerste lid zijn van overeenkomstige toepassing op de bedrijfskaart.

§ 5. Afgifte van de kaart

Artikel 9
1.

De wijze van afgifte van een tachograafkaart wordt schriftelijk aan de aanvrager gemeld.

2.

Afgifte van een bestuurderskaart geschiedt op vertoon door de aanvrager van een op zijn naam gesteld, geldig rijbewijs als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder b, alsmede de aan hem gezonden schriftelijke melding, bedoeld in het eerste lid.

3.

Afgifte van een werkplaatskaart geschiedt op vertoon door de aanvrager van een op zijn naam gesteld, geldig identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht, alsmede de aan hem gezonden schriftelijke melding, bedoeld in het eerste lid.

4.

Een bestuurderskaart of werkplaatskaart die is aangevraagd in verband met een defect of beschadiging of vernieuwing van de oude kaart wordt niet eerder afgegeven dan na inlevering van de te vervangen kaart op de plaats van afgifte.

5.

Bij afgifte van een bestuurderskaart aan een bestuurder die een geldig rijbewijs heeft zonder pasfoto en aan een bestuurder als bedoeld in artikel 3 toont de aanvrager naast de in het tweede lid genoemde documenten ook een geldig paspoort.

§ 6. Gebruik van de tachograafkaart en andere registratiemiddelen

Artikel 10

De bestuurder tekent, indien hij niet bij het voertuig is en hij zijn bestuurderskaart vanwege verlies, diefstal, een defect of beschadiging niet kan gebruiken, op de afdruk van de gegevens uit de tachograaf de in artikel 34, vijfde lid, onder II tot en met IV, van verordening (EU) nr. 165/2014 aangegeven tijdgroepen met de hand leesbaar op zonder dat die afdruk wordt bevuild, onmiddellijk nadat hij bij het voertuig aanwezig is.

Artikel 11
1.

De in de tachograaf geregistreerde gegevens worden door de werkgever of de persoon als bedoeld in artikel 2:7, eerste lid, van de Arbeidstijdenwet tenminste elke 90 dagen met behulp van de bedrijfskaart overgebracht naar de vestiging van die werkgever of die persoon.

2.

De gegevens op een bestuurderskaart worden door de werkgever of de persoon als bedoeld in artikel 2:7, eerste lid, van de Arbeidstijdenwet tenminste elke 28 dagen overgebracht naar de vestiging van die werkgever of die persoon.

3.

Indien de werkgever of de persoon als bedoeld in artikel 2:7, eerste lid, van de Arbeidstijdenwet vanwege verlies, diefstal, defect of beschadiging van de bedrijfskaart of vanwege een defect aan de tachograaf niet aan zijn verplichting op grond van het eerste lid kan voldoen, is hij verplicht een erkenninghouder als bedoeld in artikel 1:1, tweede lid, van de Regeling tachografen schriftelijk te verzoeken de gegevens over te brengen naar een computer of ander opslagmedium.

4.

De werkgever en de persoon, bedoeld in artikel 2:7, eerste lid van de Arbeidstijdenwet, bewaren aan hen door de erkenninghouder als bedoeld in artikel 1:1, tweede lid, van de Regeling tachografen verstrekte certificaten van onmogelijkheid van gegevensoverdracht ten minste 52 weken vanaf de datum van afgifte van het certificaat.

§ 7. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 12

Wijzigt de Regeling taken Dienst Wegverkeer.

Artikel 13

De Tijdelijke regeling verstrekking tachograafkaarten wordt ingetrokken.

Artikel 14
1.

Tachograafkaarten verleend ingevolge de Tijdelijke regeling verstrekking tachograafkaarten, worden gelijk gesteld met tachograafkaarten verleend op grond van deze regeling.

2.

Aanvragen van tachograafkaarten ingevolge de Tijdelijke regeling tachograafkaarten ingediend vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling worden aangemerkt als aanvragen ingediend na dat tijdstip.

Artikel 15

Deze regeling treedt in werking met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van de wet van 6 juli 2004 tot wijziging van de Arbeidstijdenwet en de Wegenverkeerswet 1994 in verband met de invoering van het digitale controleapparaat (Stb. 2004, 347).

Artikel 16

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling tachograafkaarten.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.