Beleidsregel Educatieve master en verlenging studiefinanciering
Gelet op artikel 11.5 Wet studiefinanciering 2000 (WSF 2000);
Besluit:
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
- –. WSF 2000: Wet studiefinanciering 2000
- –. Educatieve masteropleiding: een opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in vakken van voortgezet onderwijs als bedoeld in art. 7.4a, derde lid, WHW.
Artikel 2. Doelgroep
Deze beleidsregel is van toepassing op de student, die een educatieve masteropleiding volgt en reeds in het bezit is van het afsluitend diploma van een masteropleiding in het wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7.4a WHW.
Artikel 3. Het verzoek
De student bedoeld in artikel 2 kan op verzoek in aanmerking komen voor een verlenging van de prestatiebeurs van maximaal 12 maanden.
Artikel 4. Reikwijdte
Deze beleidsregel is niet van toepassing op studenten, die reeds een opleiding hebben gevolgd als bedoeld in artikel 7.4a, derde lid, WHW, als bedoeld in artikel 7.4b, tweede lid, WHW voor zover opleidend tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in algemene vakken, dan wel als bedoeld in 16.10 WHW en daarvoor in aanmerking zijn gekomen voor studiefinanciering.
Artikel 5. Bekendmaking
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 september 2005.
Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.