Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 22 september 2005, Directie Sociale Verzekeringen, nr. SV/R&S/2005/73174, houdende regels met betrekking tot de financiering van scholing van jonggehandicapten met ernstige scholingsbelemmeringen (Subsidieregeling scholing jonggehandicapten met ernstige scholingsbelemmeringen)

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 50a van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen
1.

In deze regeling wordt verstaan onder:

2.

In afwijking van het eerste lid, aanhef en onderdeel e, geldt:

Artikel 2. Subsidie scholingsinstellingen
1.

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekt één keer per drie jaar op aanvraag, telkens voor de duur van vijf kalenderjaren en zeven maanden, subsidie ten behoeve van een scholingsinstelling die beroepsonderwijs voor personen met ernstige scholingsbelemmeringen verzorgt als bedoeld in artikel 7.2.2 van de Wet educatie en beroepsonderwijs en dat onderwijs is gericht op het verwerven van arbeidsmarktgerichte diploma’s of deelcertificaten.

2.

De beschikking tot verlening van subsidie als bedoeld in het eerste lid vermeldt de verhouding tussen het bedrag van de subsidie en de door de subsidieontvanger te verrichten activiteiten.

Artikel 3. Subsidieplafond

Het subsidieplafond bedraagt voor het cohort van:

Artikel 4. Verdeling beschikbare subsidie over aanvragers
1.

Na het verstrijken van de periode van indiening, bedoeld in artikel 6, vijfde lid, worden de aanvragen per cohort ingedeeld naar de ernst van de handicap of de behoefte aan scholing van de cursisten op wie de aanvraag betrekking heeft.

2.

Per cohort worden de aanvragen in een rangorde geplaatst. Daarbij worden de aanvragen beoordeeld naar de verhouding tussen de kosten van de opleiding en het percentage personen dat naar verwachting na afronding van de door de scholingsinstelling verzorgde scholing een dienstbetrekking aangaat, waarbij de aanvraag met de gunstigste verhouding als eerste in de rangorde wordt geplaatst.

3.

Indien het subsidiebedrag dat verleend kan worden aan de subsidieaanvrager wiens aanvraag als eerste in de rangorde is geplaatst, lager is dan het subsidieplafond per cohort, bedoeld in artikel 3, verleent het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen dat subsidiebedrag. Indien aan de aanvrager van de volgende aanvraag een subsidiebedrag kan worden verleend dat lager is dan het bedrag dat na beslissing op de eerste aanvraag resteert, verleent het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ook aan die aanvrager dat subsidiebedrag, en zo vervolgens.

4.

Indien in de rangorde een aanvraag aan de orde is waarop een hoger bedrag kan worden verleend dan het bedrag dat van het subsidieplafond per cohort resteert wordt het subsidiebedrag bepaald gelijk aan het van het subsidieplafond per cohort resterende bedrag.

5.

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen wijst resterende aanvragen af.

Artikel 5. Subsidieaanvrager
1.

De subsidie wordt aangevraagd door een natuurlijk persoon of een rechtspersoon die gemachtigd is om de scholingsinstelling ten behoeve waarvan de subsidie wordt aangevraagd, in rechte te vertegenwoordigen.

2.

De subsidie wordt verstrekt aan de subsidieaanvrager.

Artikel 6. Subsidieaanvraag
1.

De aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.

2.

De subsidieaanvrager maakt bij de indiening van de aanvraag gebruik van het daartoe door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen te verstrekken formulier.

3.

Bij de aanvraag wordt overgelegd:

4.

Indien de subsidieaanvrager voor de kosten, bedoeld in artikel 7, subsidie van een ander bestuursorgaan heeft aangevraagd of ontvangt, dan wel in verband daarmee van anderen inkomsten verwerft, doet hij daarvan mededeling in de aanvraag.

5.

Een aanvraag om subsidie wordt een zodanig tijdstip verzonden dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen deze ontvangt voor 1 november van het jaar voorafgaand aan het eerste kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen geeft een beschikking binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag.

6.

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen neemt een aanvraag tot subsidieverlening voor een bedrag van minder dan € 125.000,– niet in behandeling.

Artikel 7. Subsidiabele kosten

Voor subsidie kunnen slechts in aanmerking worden gebracht de volgende noodzakelijke, rechtstreeks aan de voorbereiding en de feitelijke uitvoering van de scholing of opleiding van personen met ernstige scholingsbelemmeringen toe te rekenen en ten laste van de scholingsinstelling ten behoeve waarvan de subsidie is aangevraagd, begrote kosten van:

Artikel 8. Omvang subsidie
1.

De subsidie voor de kosten, bedoeld in artikel 7, bedraagt maximaal het in de beschikking tot subsidieverlening overeenkomstig artikel 4 vastgestelde bedrag.

2.

Indien voor de kosten uit anderen hoofde subsidie of anderszins inkomsten worden verworven, wordt de omvang van de subsidie zodanig vastgesteld dat het totaal van alle subsidies en inkomsten ten hoogste 100% van de subsidiabele kosten bedraagt.

Artikel 9. Weigering subsidie

Subsidie wordt geweigerd, indien:

Artikel 10. Beschikking subsidieverlening/voorschot
1.

Indien de gevraagde subsidie geheel of gedeeltelijk wordt verleend, geeft het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de subsidieaanvrager een beschikking tot subsidieverlening, waarbij per cohortperiode voor ieder cohort ambtshalve een voorschot van 60% van de verleende subsidie voor dat specifieke cohort kan worden verleend.

2.

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is bevoegd in de cohortperiode ten hoogste één keer een tweede voorschot toe te kennen, waarbij de hoogte van het eerste en tweede voorschot tezamen ten hoogste 60% van de verleende subsidie voor dat specifieke cohort bedragen.

Artikel 11. Administratie
1.

De subsidieaanvrager draagt zorg voor een inzichtelijke en controleerbare administratie. Deze administratie bestaat uit een leerlingenadministratie en een financiële administratie, waarin alle voor de subsidieverlening en de subsidievaststelling noodzakelijke gegevens tijdig, juist en volledig zijn vastgelegd en zijn te verifiëren met bewijsstukken.

2.

De administratie biedt voldoende mogelijkheden voor een goede accountantscontrole.

3.

De subsidieaanvrager draagt er zorg voor dat voor de subsidieverlening en de subsidievaststelling noodzakelijke bescheiden bewaard blijven tot en met zeven jaren na het jaar waarin de subsidie is vastgesteld.

Artikel 12. Verantwoording en subsidievaststelling
1.

De subsidieaanvrager dient na afloop van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend een aanvraag tot subsidievaststelling in. Het verzoek tot subsidievaststelling wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangen uiterlijk dertien weken na afloop van de cohortperiode waarvoor subsidie is verleend. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen geeft een beschikking binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag.

2.

De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, wordt ingediend onder gebruikmaking van het door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekte formulier, dat is ingericht overeenkomstig een door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vast te stellen model, vergezeld van een opgave van werkelijk opgeleide en geplaatste personen met ernstige scholingsbelemmeringen.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.