Besluit van 17 oktober 2005, houdende nadere regels betreffende de kennisgeving van gerechtelijke mededelingen in strafzaken (Besluit kennisgeving gerechtelijke mededelingen)

Type AMvB
Publication 2020-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 16 september 2005, nr. 5374604/05/6;

Gelet op de artikelen 532, 588, eerste lid, onderdeel a, en vierde lid, en 588a, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering;

De Raad van State gehoord (advies van 5 oktober 2005, nr. W03.05.0410/I);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 10 oktober 2005, nr. 5379369/05/6;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Wijzigingswet Wetboek van Strafvordering (betekening van gerechtelijke mededelingen in strafzaken) in werking treedt.

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder de wet: het Wetboek van Strafvordering.

Artikel 2
1.

De in artikel 36e, eerste lid, onderdeel a, van de wet bedoelde uitreiking in persoon geschiedt mede ingeval aan een verdachte een dagvaarding of oproeping om op de terechtzitting of nadere terechtzitting te verschijnen wordt betekend en aan deze persoon blijkens raadpleging van de strafrechtsketendatabank anders dan in verband met de strafzaak waarop de mededeling betrekking heeft, in Nederland rechtens zijn vrijheid is ontnomen dan wel aan deze persoon ingevolge een machtiging als bedoeld in artikel 28 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften in Nederland rechtens zijn vrijheid is ontnomen. Dit vereiste geldt niet indien de strafzaak wordt vervolgd voor de kantonrechter.

2.

Uitreiking in persoon geschiedt voorts ingeval aan een persoon ingevolge artikel 511b van de wet een vordering van het openbaar ministerie als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht wordt betekend en aan deze persoon blijkens raadpleging van de strafrechtsketendatabank in Nederland rechtens zijn vrijheid is ontnomen.

Artikel 3
1.

Voor de uitreiking aan het openbaar ministerie, bedoeld in de artikelen 36e, tweede lid, onderdeel b, en 36l, van de wet, kan in bij ministeriële regeling aan te wijzen gevallen worden volstaan met toezending van de mededeling of een afschrift van de mededeling aan het desbetreffende arrondissementsparket.

2.

Degene die met de uitreiking is belast tekent op de akte van uitreiking, bedoeld in artikel 36h van de wet, aan dat is gehandeld overeenkomstig het eerste lid, alsmede het arrondissementsparket waaraan en de dag waarop de mededeling of het afschrift is verzonden.

Artikel 4

Vervallen

Artikel 5

Artikel 36g van de wet is van overeenkomstige toepassing ingeval aan een persoon ingevolge artikel 511b van de wet een vordering van het openbaar ministerie als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht wordt betekend.

Artikel 6

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Wet van 23 maart 2005 tot wijziging en aanvulling van een aantal bepalingen in het Wetboek van Strafvordering met betrekking tot de betekening van gerechtelijke mededelingen in strafzaken (Stb. 175) in werking treedt.

Artikel 7

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit kennisgeving gerechtelijke mededelingen.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 5a

Dit besluit berust op de artikelen 36e, eerste lid, onderdeel a, en vierde lid, 36g, vijfde lid, en 36m van de wet.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.