Regeling beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2007
Gelet op de artikelen 32, 33 en 34 van de Zorgverzekeringswet en Hoofdstuk 3 van het Besluit zorgverzekering en Hoofdstuk 3 van de Regeling zorgverzekering;
Gelezen de brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 26 september 2006 (kenmerk Z/F-2717188);
Heeft in zijn vergadering van 28 september 2006 besloten:
Hoofdstuk I. Algemene Bepalingen
Artikel 1
Deze regeling verstaat onder:
- a. college: Het College voor zorgverzekeringen;
- b. risicoklasse naar leeftijd en geslacht: Een vijfjaarsklasse, verdeeld naar geslacht, overeenkomstig tabel B4.1 van Bijlage 4 en tabelB5.1 van Bijlage 5 van de Regeling zorgverzekering;
- c. aard van het inkomenklasse: Een klasse gebaseerd op de aard van het inkomen en de leeftijd van een verzekerde, overeenkomstig tabel B4.4 van Bijlage 4 en overeenkomstig tabel B5.4 van Bijlage 5 van de Regeling zorgverzekering;
- d. regioklasse: Een klasse gebaseerd op de postcode van het adres waar een verzekerde woonachtig is en op de verzekeringsgerechtigdheid van de verzekerde op grond van de Ziekenfondswet op de datum 1 december 2005 overeenkomstig tabel B4.5 van Bijlage 4 en overeenkomstig tabel B5.5 van Bijlage 5 van de Regeling zorgverzekering;
- e. morbiditeitsrisicoklasse: Een vijftienjaarsklasse per geslacht, gebaseerd op morbiditeitsrisico, te rekenen vanaf nul tot en met vijfenzeventig jaar en ouder;
- f. voormalig ziekenfonds verzekerde: Een verzekerde die op 1 december 2005 verzekerd was op grond van de Ziekenfondswet;
- g. voormalig particulier verzekerde: Een verzekerde die op 1 december 2005 niet verzekerd was op grond van de Ziekenfondswet;
- h. ‘0–1’ jarige: Een verzekerde die geboren is na 1 december 2005;
- i. overige vaste kosten ziekenhuisverpleging: Het totaal van de vaste kosten ziekenhuisverpleging met uitzondering van de academische component.
Artikel 2
Het college gaat bij de verdeling van de macro-deelbedragen 2007 en de berekening van de normatieve bedragen en de bijdragen ervan uit dat alle zorgverzekeraars die gedurende 2006 actief zijn geweest ook in 2007 als zorgverzekeraar actief zullen zijn, tenzij zij voor 1 augustus 2006 aan het college hebben aangegeven dat zulks niet het geval zal zijn.
Wanneer in deze regeling sprake is van zorgverzekeraars in de periode voor inwerkingtreding van de Zorgverzekeringswet, wordt onder zorgverzekeraars verstaan de ziekenfondsen en de privaatrechtelijke en publiekrechtelijke ziektekostenverzekeraars.
Artikel 3. Samenloop van criteria aard van het inkomen
Voor de indeling in de aard van het inkomenklasse deelt het college een verzekerde, die onder meerdere criteria valt in te delen, in op basis van de hierna genoemde volgorde:
-
- 0 tot en met 14 jaar of 65 jaar en ouder;
-
- arbeidsongeschikten;
-
- bijstandsgerechtigden;
-
- WW, ANW (AWW) en overige uitkeringsgerechtigden;
-
- zelfstandigen, voor zover zij ook geen inkomsten uit arbeid in loondienst hebben ontvangen;
-
- referentiegroep aard van het inkomen, die alle verzekerden omvat die niet zijn ingedeeld bij een van de eerdergenoemde groepen 1 tot en met 5.
Artikel 4. Indeling in FKG’s 2007 en DKG’s 2007
Het college baseert de indeling in FKG’s 2007 op bijlage 5 bij de brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 26 september 2006 (kenmerk Z/F-2717188).
Bij de berekening en herberekening van de FKG’s zijn de volgende farmaceutische middelen uitgesloten:
- a. middelen die in de G-standaard van Z-Index zijn aangemerkt als niet voor vergoeding in aanmerking komend op grond van artikel 2.8 Besluit zorgverzekering;
- b. middelen die in de G-standaard van Z-Index zijn aangemerkt als kliniekverpakkingen;
- c. middelen die in de G-standaard van Z-Index zijn aangemerkt als grond- en hulpstoffen.
Aan een verzekerde kunnen meerdere FKG’s toegewezen worden, met uitzondering van de samenloop bij FKG’s Diabetes I, Diabetes IIa, Diabetes IIb, Cholesterol en Hypertensie. In de tabel in bijlage 2 bij deze regeling beleidsregels staat weergegeven welke FKG’s het college aan een verzekerde toewijst, indien de verzekerde onder één of meer van de voornoemde FKG’s zou kunnen vallen.
Bij de berekening van de normatieve bedragen baseert het college de indeling in DKG’s 2007 op bijlage 6, bij de brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 26 september 2006 (kenmerk Z/F-2717188).
Bij de herberekening van de normatieve bedragen baseert het college de indeling in DKG’s 2007 op bijlage 6, DBC-diagnosecodes en DBC-behandelcodes, bij de brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 26 september 2006 (kenmerk Z/F2717188).
Artikel 5. Indeling in regioklasse 2007
Wanneer van een verzekerde geen Nederlandse postcode bekend is zal het college als gewicht van de regioklasse de waarde nul hanteren.
Artikel 6
Het college past de regels die in het Besluit zorgverzekering en de Regeling zorgverzekering zijn gesteld met betrekking tot de toekenning en vaststelling van de bijdragen aan de zorgverzekeraars voor het jaar 2007 toe met inachtneming van het bepaalde in deze regeling.
Hoofdstuk II. Toekenning van de bijdrage 2007
Artikel 7. Verzekerdenraming 2007
Het college baseert zich bij de raming van de verzekerdenaantallen naar risicoklasse leeftijd en geslacht 2007, naar regioklasse 2007 en van de verzekerden aantallen van 18 jaar en ouder 2007, op de opgaven van de zorgverzekeraars van de verzekerdenaantallen op 1 juni 2006 naar geslacht, leeftijd en viercijferige postcode.
Het college raamt het aantal verzekerden 2007 per FKG 2007 per zorgverzekeraar als volgt, waarbij het college per zorgverzekeraar een afzonderlijke berekening uitvoert voor voormalig ziekenfondsverzekerden en voormalig particulier verzekerden:
- a. Uitgangspunt is het aantal verzekerden 2005 met een FKG per FKG 2007 naar morbiditeitsrisicoklasse.
- b. De verzekerdenaantallen in onderdeel a worden per FKG 2007 gedeeld door het overeenkomstige totaal aantal verzekerden per morbiditeitsrisicoklasse 2005. Dit resulteert in de zorgverzekeraarspecifieke FKG 2007-prevalentie 2005 per morbiditeitsrisicoklasse.
- c. Het college vermenigvuldigt voor alle morbiditeitsrisicoklassen de zorgverzekeraarspecifieke FKG 2007-prevalentie 2005 per morbiditeitsrisicoklasse met de overeenkomstige prevalentieontwikkeling 2005–2006. Dit resulteert in de geraamde zorgverzekeraarspecifieke FKG 2007-prevalentie 2006 per morbiditeitsrisicoklasse.
- d. Het college bepaalt de geraamde landelijke FKG 2007-prevalentie 2006 per morbiditeitsrisicoklasse door de stappen in de onderdelen a, b en c uit te voeren met de overeenkomstige landelijke verzekerdenaantallen, waarbij op landelijk niveau onderscheid wordt gemaakt in voormalig particulier verzekerden en voormalig ziekenfondsverzekerden.
- e. Het college vormt per FKG 2007 en per morbiditeitsrisicoklasse een landelijke pool met het aantal verzekerden dat per saldo bij een verzekeraar is vertrokken en met het aantal verzekerden met een specifieke FKG dat per saldo bij een verzekeraar is vertrokken. De poolberekening die in de onderdelen f tot en met i staat beschreven wordt afzonderlijk uitgevoerd voor voormalig particulier verzekerden per zorgverzekeraar en voor voormalig ziekenfondsverzekerden per zorgverzekeraar.
- f. Wanneer voor een zorgverzekeraar in een morbiditeitsrisicoklasse het geraamde totaal aantal verzekerden 2007 kleiner dan of gelijk is aan het totaal aantal verzekerden 2005 in die morbiditeitsrisicoklasse, wordt het aantal verzekerden 2007 per FKG 2007 als volgt berekend:
- 1°. Per zorgverzekeraar en per morbiditeitsrisicoklasse wordt het aantal verzekerden per FKG 2007 berekend door de geraamde verzekerdenaantallen 2007 te vermenigvuldigen met de geraamde zorgverzekeraarspecifieke FKG 2007-prevalentie 2006 per morbiditeitsrisicoklasse. Dit resulteert in het geraamde aantal verzekerden met een FKG per FKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse.
- 2°. Per zorgverzekeraar en per morbiditeitsrisicoklasse berekent het college per saldo de daling van het aantal verzekerden en brengt deze in in een pool per morbiditeitsrisicoklasse. Deze daling in het aantal verzekerden wordt per morbiditeitsrisicoklasse vermenigvuldigd met de geraamde zorgverzekeraarspecifieke FKG 2007-prevalentie 2006 en ingebracht in de eerdergenoemde pool per FKG per morbiditeitsrisicoklasse. Dit resulteert in het door een zorgverzekeraar ingebrachte aantal verzekerden met een FKG per FKG 2007 in de pool.
- g. Het college sommeert het resultaat van onderdeel f, sub 2 voor alle zorgverzekeraars zodat per FKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse een landelijke pool met het totaal aantal ingebrachte verzekerden per morbiditeitsrisicoklasse en het totaal aantal ingebrachte verzekerden met een FKG per FKG 2007 onstaat.
- h. De landelijke pool met het totaal aantal ingebrachte verzekerden, bedoeld in onderdeel g, wordt daarna als volgt opnieuw berekend:
- 1°. Het aantal verzekerden in de pool per morbiditeitsrisicoklasse wordt opnieuw berekend door het verschil per morbiditeitsrisicoklasse van het landelijk geraamde aantal verzekerden 2007 met het aantal verzekerden 2005 toe te voegen aan het aantal verzekerden in de pool per morbiditeitsrisicoklasse.
- 2°. Het aantal verzekerden in de pool per FKG per morbiditeitsrisicoklasse wordt opnieuw berekend door het verschil per morbiditeitsrisicoklasse van het landelijk geraamde aantal verzekerden 2007 met het aantal verzekerden 2005 te vermenigvuldigen met de landelijke relatieve FKG 2007-prevalentie 2006 en toe te voegen aan het aantal verzekerden in de pool per FKG per morbiditeitsrisicoklasse.
- 3°. Na de herberekening van het aantal verzekerden in de pool per FKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse wordt per FKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse de geraamde relatieve prevalentie FKG 2007-prevalentie 2006 van de pool bepaald door de som van aantal verzekerden met die FKG in de pool te delen door de som van het totaal aantal verzekerden in de pool per bijbehorende morbiditeitsrisicoklasse.
- i. Wanneer voor een zorgverzekeraar in een morbiditeitsrisicoklasse het geraamde aantal verzekerden 2007 groter is dan het aantal verzekerden 2005 in die morbiditeitsrisicoklasse, wordt het aantal verzekerden 2007 per FKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse als volgt berekend:
- 1°. Het college vermenigvuldigt het aantal verzekerden 2005 per morbiditeitsrisicoklasse met de geraamde zorgverzekeraarspecifieke FKG 2007-prevalentie 2006 per FKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse.
- 2°. Het college voegt per FKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse aan het resultaat van onderdeel i, sub 1 toe de geraamde groei van het aantal verzekerden van 2007 op 2005, vermenigvuldigd met de geraamde relatieve prevalentie van de betreffende pool, zoals bepaald in onderdeel h, sub 3.
- j. Vervolgens worden per verzekeraar de verzekerdenaantallen 2007 per morbiditeitsrisicoklasse per FKG 2007 over de morbiditeitsrisicoklassen gesommeerd en afgerond op nul decimalen.
- k. Tot slot worden per zorgverzekeraar per FKG 2007 de verzekerdenaantallen voormalig particulier verzekerden gesommeerd met de verzekerdenaantallen voormalig ziekenfondsverzekerden.
Het college raamt het aantal verzekerden per DKG 2007 per zorgverzekeraar als volgt:
- a. Uitgangspunt is het totaal aantal verzekerden 2004 per DKG 1 tot en met 13 2007 per zorgverzekeraar, zoals de Stichting Prismant, gevestigd te Utrecht, deze aan het CVZ heeft aangeleverd, waarbij onderscheid wordt gemaakt naar voormalig ziekenfondsen en niet ziekenfondsen. De hierna volgende berekeningen worden afzonderlijk uitgevoerd voor voormalig particulier verzekerden per zorgverzekeraar en voor voormalig ziekenfondsverzekerden per zorgverzekeraar.
- b. Het college bepaalt landelijke DKG 2007-prevalenties 2004 per morbiditeitsrisicoklasse per DKG 2007 door het totaal aantal verzekerden 2004 per DKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse te delen door de som van de aantallen verzekerden 2004 per morbiditeitsrisicoklasse over alle zorgverzekeraars.
- c. Het college berekent het verwachte totaal aantal verzekerden 2004 per DKG 2007 per zorgverzekeraar door de verzekerdenaantallen per morbiditeitsrisicoklasse per zorgverzekeraar 2004 te vermenigvuldigen met de overeenkomstige landelijke DKG 2007-prevalenties 2004 per DKG 2007 morbiditeitsrisicoklasse, bedoeld in onderdeel b, en deze vervolgens over de morbiditeitsrisicoklassen te sommeren.
- d. Het college bepaalt een zorgverzekeraarspecifieke DKG 2007-factor per DKG 2007 door de verzekerdenaantallen bedoeld in onderdeel a, te delen door de verwachte aantallen verzekerden 2004 per DKG 2007, bedoeld in onderdeel c.
- e. Het college vormt per DKG 2007 en per morbiditeitsrisicoklasse een landelijke pool met het aantal verzekerden dat per saldo bij een verzekeraar is vertrokken en met het aantal verzekerden met een specifieke DKG dat per saldo bij een verzekeraar is vertrokken. De poolberekening die hierna in de onderdelen f, g, h en i staat beschreven wordt afzonderlijk uitgevoerd voor voormalig particulier verzekerden per zorgverzekeraar en voor voormalig ziekenfondsverzekerden per zorgverzekeraar.
- f. Wanneer voor een zorgverzekeraar in een morbiditeitsrisicoklasse het geraamde totaal aantal verzekerden 2007 kleiner dan of gelijk is aan het totaal aantal verzekerden 2004 in die morbiditeitsrisicoklasse, wordt het aantal verzekerden 2007 per morbiditeitsrisicoklasse per DKG 2007 berekend door de aantallen verzekerden 2007 per morbiditeitsrisicoklasse te vermenigvuldigen met de in onderdeel b berekende landelijke DKG 2007-prevalentie per morbiditeitsrisicoklasse en dat resultaat weer te vermenigvuldigen met de onder d berekende zorgverzekeraarspecifieke DKG 2007-factor per DKG 2007.
- g. Per verzekeraar en per morbiditeitsrisicoklasse berekent het college per saldo de daling van het aantal verzekerden en brengt deze in in een pool per morbiditeitsrisicoklasse. Deze daling in het aantal verzekerden wordt per morbiditeitsrisicoklasse vermenigvuldigd met de landelijke relatieve DKG 2007-prevalentie 2004 en de zorgverzekeraarspecifieke DKG factor en ingebracht in de pool per DKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse. Dit resulteert in het door een zorgverzekeraar ingebrachte aantal verzekerden met een DKG per DKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse in de pool.
- h. Het college voert de berekening onder g uit voor alle zorgverzekeraars en de sommeert de resultaten, waardoor per DKG 2007 per morbiditeitsrisicoklasse een landelijke pool ontstaat met het totaal aantal ingebrachte verzekerden per morbiditeitsrisicoklasse en het totaal aantal ingebrachte verzekerden met een DKG per DKG 2007.
- i. Het aantal verzekerden in de pool, bedoeld in onderdeel g, wordt als volgt opnieuw berekend:
- 1°. Het aantal verzekerden in de pool per morbiditeitsrisicoklasse wordt opnieuw berekend door het verschil per morbiditeitsrisicoklasse van het landelijk geraamde aantal verzekerden 2007 met het aantal verzekerden 2004 toe te voegen aan het aantal verzekerden in de pool per morbiditeitsklasse.
- 2°. Het aantal verzekerden in de pool per DKG per morbiditeitsrisicoklasse wordt opnieuw berekend door het verschil per morbiditeitsrisicoklasse van het landelijk geraamde aantal verzekerden 2007 met het aantal verzekerden 2004 te vermenigvuldigen met de landelijke relatieve DKG 2007-prevalentie 2004 en toe te voegen aan het aantal verzekerden in de pool per DKG per morbiditeitsklasse.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)