Regeling tot vaststelling van regels ter uitvoering van de Wet op het financieel toezicht, de Invoerings- en aanpassingswet Wet op het financieel toezicht en tot wijziging van enige andere regelingen (Uitvoeringsregeling Wft)
Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen
Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen
§ 2.1. Algemene bepalingen
§ 2.2. Berekening effectief kredietvergoedingspercentage voor consumptief krediet
Artikel 4
Voor overeenkomsten inzake hypothecair krediet wordt het effectief kredietvergoedingspercentage berekend als volgt:
p = [1 + im)m – 1] • 100,
waarbij de waarde van im wordt berekend met de volgende formule:
In deze formules is:
p: het effectief kredietvergoedingspercentage;
im: het honderdste deel van het kredietvergoedingspercentage per betalingstermijn;
m: het aantal betalingstermijnen per jaar;
K: de kredietsom;
A: de kosten die de aanbieder van hypothecair krediet bij het afsluiten van de overeenkomst inzake hypothecair krediet in rekening brengt;
t: het volgnummer van de onderscheidenlijke termijnbedragen en van de onderscheidenlijke betalingstermijnen;
n: de economische looptijd, berekend over maximaal dertig jaren, uitgedrukt in het aantal betalingstermijnen;
Tt: het termijnbedrag met volgnummer t; en
Rn: de (eventuele) (restant-)schuld aan het eind van de economische looptijd of, indien de looptijd langer is dan dertig jaren, na dertig jaren.
Indien de termijnbedragen aan het begin van elke betalingstermijn worden betaald, wordt K in de formule in het eerste lid (K –T(1)), en wordt n in de formule in het eerst lid (n – 1).
Artikel 5
In de informatie die een aanbieder op grond van artikel 59aa, eerste lid, onderdelen a en b, van het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft aan een consument verstrekt, worden de componenten waaruit de variabele debetrentevoet is opgebouwd, met gebruikmaking van de volgende aanduidingen benoemd:
- a. basistarief;
- b. opslagen in verband met ontwikkelingen op de kapitaalmarkten en kapitaalkosten;
- c. individuele risico-opslagen;
- d. doorlopende kosten;
- e. winst.
Artikel 6
De Nederlandsche Bank maakt met betrekking tot het prudentieel toezicht op banken en beleggingsondernemingen de informatie, bedoeld in de artikelen 143, eerste lid, en 144 van de richtlijn kapitaalvereisten openbaar, met inachtneming van artikel 143, tweede en derde lid, van de richtlijn.
Artikel 7
Vervallen
§ 2.3. Berekening effectief kredietvergoedingspercentage voor hypothecair krediet
Hoofdstuk 3. Inrichting begroting toezichthouder
Hoofdstuk 2a. Door de toezichthouder te publiceren informatie
Hoofdstuk 3. Inrichting begroting toezichthouder
Hoofdstuk 3. Inrichting begroting toezichthouder
Hoofdstuk 4. Lichte ontheffingen
Hoofdstuk 3. Inrichting begroting toezichthouder
Hoofdstuk 4a. Verhoging minimumbedrag solvabiliteitsmarge verzekeraars als bedoeld in artikel 68, eerste lid, van het Besluit prudentiële regels Wft
Hoofdstuk 4. Lichte ontheffingen
Hoofdstuk 5. Vertrouwenscommissie opvangregeling leven
Hoofdstuk 4a. Betrouwbaarheid
Bijlage A. behorend bij artikel 16
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Bijlage B. behorend bij artikel 17
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Gelet op richtlijn nr. 87/102/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 22 december 1986 betreffende de harmonisatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen der lidstaten inzake het consumentenkrediet (PbEG 1987 L 42), richtlijn nr. 2002/92/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 9 december 2002 betreffende verzekeringsbemiddeling (PbEG L 9), de artikelen 1:1, 1:32, 1:105, tweede lid, 3:150, tweede en derde lid, 4:75, derde lid, 4:76, derde lid, 4:79, eerste lid, en 5:26, vierde lid, van de Wet op het financieel toezicht, artikel 31, tweede lid, van de Invoerings- en aanpassingswet Wet op het financieel toezicht en artikel 6c van de Wet toezicht effectenverkeer 1995;
Besluit:
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
economische looptijd: periode waarna een hypothecair krediet overeenkomstig de bij het aangaan van de overeenkomst inzake krediet vastgestelde hoogte van de termijnbedragen en lengte en aantal van de betalingstermijnen geheel afgelost zal zijn;
exploitatiesaldo: verschil tussen de aan het eind van een jaar gerealiseerde baten en lasten van de toezichthouder;
kredietvergoedingspercentage per betalingstermijn: kredietvergoeding die over een betalingstermijn op grond van een overeenkomst inzake krediet in rekening wordt gebracht, uitgedrukt in een percentage van het uitstaand saldo aan het begin van die betalingstermijn;
wet: Wet op het financieel toezicht.
Hoofdstuk 1a. Consumptief krediet
§ 2.1. Algemene bepalingen
Artikel 2. Bepalingen ter uitvoering van artikel 1 van het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft
Bij de berekening van het effectief kredietvergoedingspercentage voor hypothecair krediet wordt ervan uitgegaan dat:
- a. de overeenkomst inzake krediet overeenkomstig de bij het aangaan daarvan vastgestelde hoogte van de termijnbedragen en lengte en aantal van de betalingstermijnen wordt afgewikkeld; en
- b. de kredietvergoeding gedurende de looptijd van de overeenkomst gelijk blijft, tenzij bij het aangaan van de overeenkomst is vastgesteld wanneer de kredietvergoeding zal wijzigen en wat de hoogte van de kredietvergoeding door die wijziging zal worden.
Artikel 3
Het effectief kredietvergoedingspercentage wordt afgerond op één decimaal. Indien de tweede decimaal vijf of meer bedraagt, vindt afronding naar boven plaats. In de overige gevallen vindt afronding naar beneden plaats.
§ 2.2. Berekening effectief kredietvergoedingspercentage voor consumptief krediet
§ 2.3. Berekening effectief kredietvergoedingspercentage voor hypothecair krediet
Artikel 8
Vervallen
Artikel 9
De posten waarin de begroting, bedoeld in artikel 1:30 van de wet, wordt ingedeeld, worden ingedeeld naar toezichttaak, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen directe en indirecte toezichtactiviteiten, en naar kostensoort en zijn voorzien van een toelichting. Het onderdeel dat betrekking heeft op de door de rijksoverheid te verstrekken bijdrage wordt ingedeeld naar toezichttaak en is voorzien van een toelichting.
Artikel 10
De toezichthouder verbindt aan een ontheffing als bedoeld in artikel 2:5, derde lid, 2:7 derde lid, 2:12, zesde lid, 2:17, derde lid, 2:21, derde lid, 2:26b, vijfde lid, 2:26e, derde lid, 2:31, vijfde lid, 2:37, derde lid, 2:41, derde lid, 2:49, derde lid, 2:51, derde lid, 2:54e, derde lid, 2:58, derde lid, 2:63, derde lid, 2:78, derde lid, 2:83, derde lid, 2:89, derde lid, 2:94, derde lid, of 2:99, zesde lid, van de wet uitsluitend voorschriften die noodzakelijk zijn met het oog op het bereiken van de beoogde doeleinden van de artikelen waarnaar in het eerste lid van de hiervoor genoemde artikelen wordt verwezen.
De toezichthouder verbindt aan een ontheffing als bedoeld in artikel 3:2, derde lid, 3:10, vierde lid, 3:15, derde lid, 3:17, vierde lid, 3:19, derde lid, 3:47, vierde lid, 3:53, zevende lid, 3:57, zesde lid, 3:63, vierde lid, 3:67, zesde lid, 3:68a, derde lid, 3:70, tweede lid, 3:71, derde lid, 3:72, achtste lid, 3:106, derde lid, 4:9, vierde lid, 4:11, vijfde lid, 4:14, vierde lid, 4:15, vierde lid, 4:20, zevende lid, 4:22, derde lid, 4:23, vierde lid, 4:25, tweede lid, 4:37j, derde lid, 4:44, tweede lid, 4:47, zesde lid, 4:48, derde lid, 4:49, zesde lid, 4:50, tweede lid, 4:51, zesde lid, 4:52, vierde lid, 4:72, zesde lid, 4:73, zesde lid, 4:75, vijfde lid, 4:76, vijfde lid, 4:77, vijfde lid, 4:85, zesde lid, 4:88, vijfde lid, 4:89a, vierde lid, 4:90d, 4:93, derde lid, 4:99, derde lid, 4:100a, derde lid, 5:68, derde lid, van de wet uitsluitend voorschriften die noodzakelijk zijn met het oog op de doeleinden die het desbetreffende artikel beoogt te bereiken.
De Nederlandsche Bank verbindt aan een ontheffing als bedoeld in artikel 3:60, eerste lid, van de wet uitsluitend voorschriften die noodzakelijk zijn met het oog op de doelstelling van dat artikel.
De Nederlandsche Bank verbindt aan een ontheffing als bedoeld in artikel 3:156, achtste lid, van de wet uitsluitend voorschriften die noodzakelijk zijn met het oog op de solvabiliteit van de desbetreffende levensverzekeraars.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.