Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Gewasbescherming vanaf 1945 (Minister van Verkeer en Waterstaat)

Type Archiefselectielijst
Publication 2006-12-13
State In force
Source BWB
artikelen 2
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 5, tweede lid, onder b, van de Archiefwet 1995;

De Raad voor Cultuur gehoord (advies van de Raad voor Cultuur van 28 februari 2006, nr. arc-2006.02763/2);

Besluiten:

Artikel 1

De bij dit besluit gevoegde ‘selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Minister van Verkeer en Waterstaat en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Gewasbescherming over de periode vanaf 1945’ en de daarbij behorende toelichting worden vastgesteld.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Selectielijst beleidsterrein gewasbescherming 1945–1995

Dit document is geldig voor de zorgdragers:

Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV)

Minister van Financiën

Minister van Justitie

Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)

Minister van Verkeer en Waterstaat (V&W)

Versie: november 2006

Contactpersoon:

Gerben Stiemsma LNV/IFZ

Tel: 070-3784313

Inleiding

Voor u ligt de Selectielijst voor het beleidsterrein Gewasbescherming. Een onderzoek naar het handelen van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit op het beleidsterrein Gewasbescherming 1945–1995.

Doel en werking van de Selectielijst

De voorliggende selectielijst geldt voor alle actoren onder de archiefzorg van de Minister van LNV. Elke actor selecteert de neerslag van zijn handelen binnen het beleidsterrein Gewasbescherming voortaan met deze lijst. Voor handelingen op andere beleidsterreinen gelden andere selectielijsten.

Enkele in het oog springende kenmerken van een selectielijst zijn de volgende.

Intrekking van bestaande vernietigingslijsten

De volgende bestaande selectielijsten worden (gedeeltelijk) ingetrokken:

Lijst houdende opgaaf van voor vernietiging in aanmerking komende stukken in de archieven van het Ministerie van Landbouw en Visserij en in de archieven van de onder dat ministerie ressorterende commissies en ambtenaren vastgesteld bij beschikking van de Minister van Landbouw en Visserij en de Minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk, resp. d.d. 29 december 1966, No. PAZ 400, afdeling Post- en Archiefzaken, en d.d. 3 februari 1967, No. 133349, afdeling Oudheidkunde en Natuurbescherming

– categorie 81

Vernietigingslijst voor de Plantenziektenkundige Dienst en van de onder deze dienst ressorterende districtskantoren, commissies en ambtenaren (beschikking van Staatssecretaris van CRM en de Minister van LV van 5 april 1982)

– categorie 34 t/m 42 (Taak)

Lijst van voor vernietiging in aanmerking komende archiefbescheiden van de commissie toelating bestrijdingsmiddelen (tot 1 januari 1981 commissie voor fytopharmacie) en het bureau bestrijdingsmiddelen, ingesteld door de Ministers van Landbouw en Visserij, Volksgezondheid en Milieuhygiëne en Sociale Zaken en Werkgelegenheid’ vastgesteld bij beschikking van de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en de Minister van Landbouw en Visserij d.d. 15 april 1983, MMA/Ar.6255 en MZ 83/1898.

Het beleidsterrein Gewasbescherming

In het Rapport Institutioneel Onderzoek (RIO) inzake het beleidsterrein Gewasbescherming wordt het handelen van de rijksoverheid beschreven m.b.t.:

Met betrekking tot het laatste punt is er sprake van een duidelijk raakvlak met de beschreven beleidsterreinen Landbouwkwaliteit en Voeding (RIO-nummer 157) en Voedings- en productveiligheid (RIO-nummer 117). In beide rapporten wordt het thema voedselveiligheid beschreven waarbij de veiligheid onder andere wordt nagestreefd door het tegengaan van overmatig gebruik van bestrijdingsmiddelen. Ook het RIO Milieubeheer (RIO-nummer 94) gaat in op bestrijdingsmiddelen, omdat het gebruik ervan gevaar oplevert voor bodem, oppervlaktewater, grondwater en drinkwater.

De actoren op het beleidsterrein

In deze selectielijst wordt de neerslag beschreven van de handelingen van de volgende actoren:

Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV)

Actoren die onder het zorgdragerschap vallen van de Minister van LNV

Bestrijdingsmiddelencommissie

College Toelating Bestrijdingsmiddelen (CTB)

Commissie Toelating Bestrijdingsmiddelen

Commissie van Fytofarmacie

Interdepartementale werkgroep gebruik herbiciden in watergangen

Landbouwadviescommissie milieukritische stoffen (LAC)

Plantenziektenkundige Dienst (PD)

Overige actoren

Amtenaren van de Invoerrechten en Accijnzen

Minister van Justitie

Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)

Minister van Verkeer en Waterstaat (V&W)

Archiefselectiebeleid en selectiecriteria

Het selectiebeleid van de rijksoverheid en dus ook van LNV is enkele jaren geleden drastisch veranderd. Voorheen vond selectie plaats op documentniveau aan de hand van vernietigingslijsten, en daarnaast kon toestemming gevraagd worden voor incidentele vernietiging. Cultuurhistorisch waardevolle gedeelten van archieven moesten binnen 50 jaar overgebracht worden naar de Rijksarchiefdienst.

Na invoering van de nieuwe Archiefwet (1996) is de selectiepraktijk als volgt veranderd:

Handelingen en hun cultuurhistorische waarde

Tot voor kort bestonden er voor de archiefselectie alleen negatieve criteria, want vernietigingslijsten gaven per overheidsinstelling slechts aan welke bestanden niet in aanmerking kwamen voor overbrenging naar een Rijksarchief. Deze criteria werden toegepast op documentniveau. Afgezien van de bewerkelijkheid van deze microselectie bestonden de voornaamste nadelen van deze werkwijze uit de onoverzichtelijkheid van datgene dat wel overgebracht zou moeten worden, het gebrek aan inzicht in de grondslagen van het handelen waaruit die bestanden resulteren, en het gebrek aan inzicht in de samenhang tussen de taken van actoren die op eenzelfde beleidsterrein actief zijn.

Om deze bezwaren te ondervangen werd de methode institutioneel onderzoek ontwikkeld, waarmee de beleidsontwikkelingen en het handelen van alle relevante actoren over de hele bandbreedte van een beleidsterrein beschreven worden. Op deze basis kan een effectievere (macro)selectie plaatsvinden aan de hand van positieve criteria.

Een selectielijst beschrijft het handelen van overheidsactoren op een bepaald beleidsterrein. De handelingen worden vervolgens beoordeeld op de mate waarin ze cultuurhistorische waarden weerspiegelen. Zodoende kan de Rijksarchiefdienst de gegevensbestanden overnemen die een reconstructie mogelijk maken van het overheidshandelen op hoofdlijnen in relatie tot haar omgeving.

De cultuurhistorische waarde van een handeling wordt bepaald aan de hand van zes algemene criteria, die in het volgende schema genoemd worden. Een handeling die voldoet aan een van de criteria wordt aangemerkt met B (bewaren). De neerslag van die handeling wordt dan volgens de archiefwettelijke normen van goede, geordende en toegankelijke staat overgebracht naar de Rijksarchiefdienst. Daar blijven de archieven onder klimatologisch verantwoorde condities voor onbepaalde tijd bewaard als onderdeel van het nationale culturele erfgoed, openbaar voor raadpleging en historisch onderzoek.

De handelingen die niet voldoen aan een van de selectiecriteria worden aangemerkt met V, wat staat voor vernietigen. De neerslag van ieder van deze handelingen krijgt een vernietigingstermijn. De archiefvormende organisatie bepaalt daarvan zelf de duur, die afhankelijk van de belangen van verantwoording en bedrijfsvoering doorgaans uiteenloopt van 1 tot 20 jaar.

Wanneer een handeling geselecteerd wordt voor overbrenging naar de Rijksarchiefdienst, dan wordt in principe de complete neerslag van die handeling bewaard. Een reconstructie van het overheidshandelen zou immers niet lukken wanneer alleen de eindproducten bewaard werden. Zo is van bv. regelingen en beleidsnota’s juist de totstandkomingsfase interessant, vanwege de aanvankelijke bedoelingen, de discussies en de afgekeurde versies.

Algemene selectiecriteria

1.

Handelingen die betrekking hebben op de voorbereiding en bepaling van het beleid op hoofdlijnen

Toelichting: Agendavorming, analyse van informatie, beleidsadvisering, beleidsvoorbereiding of -planning, besluitvorming over de inhoud van beleid, terugkoppeling van beleid. Zowel de keuze als de specificatie van de doeleinden en instrumenten.

2.

Handelingen die betrekking hebben op de evaluatie van het beleid op hoofdlijnen

Toelichting: Beschrijving en beoordeling van de inhoud, het proces of de effecten van beleid, toetsing van en toezicht op beleid. Niet perse leidend tot consequenties zoals bij terugkoppeling van beleid.

3.

Handelingen die betrekking hebben op de verantwoording aan andere actoren van de hoofdlijnen van het beleid

Toelichting: Ook verslaglegging ten aanzien van de beleidsmatige hoofdlijnen.

4.

Handelingen die betrekking hebben op de (her)inrichting van organisaties belast met het beleid op hoofdlijnen

Toelichting: Instelling, wijziging, opheffing en werkwijze van organen, organisaties of onderdelen daarvan.

5.

Handelingen die bepalend zijn voor de wijze waarop beleidsuitvoering op hoofdlijnen plaatsvindt

Toelichting: Onder beleidsuitvoering wordt de toepassing verstaan van instrumenten om de gekozen doeleinden te bereiken.

6.

Handelingen die betrekking hebben op beleidsuitvoering op hoofdlijnen, voor zover die in direct verband staan met voor Nederland bijzondere tijdsomstandigheden en incidenten.

Toelichting: Zoals wanneer de ministeriële verantwoordelijkheid is opgeheven en/of in noodsituaties.

Naast de algemene selectiecriteria kunnen in overleg met de RAD, eveneens binnen het kader van de selectiedoelstelling, beleidsterreinspecifieke criteria worden geformuleerd. Deze criteria worden doorlopen genummerd, waarbij wordt aangesloten bij de zes algemene selectiecriteria.

Conform het Archiefbesluit 1995, artikel 5, onder d 1° worden in het BSD de algemene criteria en eventuele beleidsterreinspecifieke criteria opgesomd om verantwoording te geven van de wijze waarop toepassing is gegeven aan het selectiebeleid van de RAD.

Overigens verlangt artikel 5, onder e, van het Archiefbesluit 1995 dat selectielijsten de mogelijkheid bieden om neerslag die met een V is gewaardeerd in speciale gevallen te bewaren op grond van een uitzonderingscriterium. Hiertoe moet de volgende formule in het BSD worden opgenomen.

Ingevolge artikel 5, onder e, van het Archiefbesluit kan neerslag van bepaalde, als te vernietigen gewaardeerde handelingen betreffende personen en/of gebeurtenissen van bijzonder cultureel of maatschappelijk belang, van vernietiging worden uitgezonderd.

Verslag vaststellingsprocedure

Op 6 juni 2005 is het ontwerp-BSD door de Ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, van Financiën, van Justitie, van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Verkeer en Waterstaat aan de Staatssecretaris van OCW aangeboden, waarna deze het ter advisering heeft ingediend bij de Raad voor Cultuur (RvC). Van het gevoerde driehoeksoverleg over de waarderingen van de handelingen is een verslag gemaakt, dat tegelijk met het BSD naar de RvC is verstuurd. Vanaf 2 januari 2006 lag de selectielijst gedurende zes weken ter publieke inzage bij de registratiebalie van het Nationaal Archief evenals in de bibliotheken van de betrokken zorgdragers, het Ministerie van OCW en de rijksarchieven in de provincie/regionaal historische centra, hetgeen was aangekondigd in de Staatscourant en in het Archievenblad.

Op 28 februari bracht de RvC advies uit (kenmerk arc-2006.02763/2), hetwelk [naast enkele tekstuele correcties] aanleiding heeft gegeven tot de volgende wijzigingen in de ontwerp-selectielijst:

Daarop werd het BSD op 4 juli 2006 door de algemene rijksarchivaris, namens de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, en de Ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (kenmerk besluit C/S&A/06/1527), van Financiën (C/S&A/06/1528), van Justitie (C/S&A/06/1529), van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (C/S&A/06/1530) en van Verkeer en Waterstaat (C/S&A/06/1531) vastgesteld.

Leeswijzer

Deze leeswijzer maakt duidelijk welke informatie in een handelingenblok te vinden is.

(X): Dit is het volgnummer van de handeling. Dit nummer is overgenomen uit het RIO.

Handeling: Dit is een complex van activiteiten die een actor verricht ter vervulling van een taak of op grond van een bevoegdheid. In de praktijk komt een handeling meestal overeen met een procedure of een werkproces.

Periode: Hier staat het tijdvak vermeld gedurende welke jaren de handeling is verricht. Wanneer er geen eindjaar staat vermeld wordt de handeling nog steeds uitgevoerd.

Grondslag: Dit is de wettelijke basis op grond waarvan de actor de handeling verricht.

Vermeld worden:

Een voorbeeld:

Reclasseringsregeling 1947, art. 9, lid 2 (Stb. 1947, H 423), Reclasseringsregeling 1970, art. 8, lid, lid 3 (Stb. 1969, 598), gewijzigd 1978 (Stb. 1978, 254), vervallen in 1986 (Stb. 1986, 1)

Wanneer er geen wettelijke grondslag voor een handeling bestaat, kan de bron worden genoemd waarin de betreffende handeling staat vermeld.

Opmerking: Deze aanvullende informatie wordt slechts vermeld wanneer de strekking van de handeling toelichting behoeft.

Waardering: Waardering van de handeling in B (bewaren) of V (vernietigen).

Indien vernietigen, dan vermelding van de vernietigingstermijn.

Indien bewaren, dan vermelding van het gehanteerde selectiecriterium.

Eventueel een nadere toelichting op de waardering.

Gewasbescherming

Deel 1. Handelingen van de Minister van LNV en taakvoorgangers

Handeling: Het voorbereiden, vaststellen en evalueren van beleid op fytosanitairgebied

Periode: 1945–

Grondslag: begrotingen

Waardering: B 1

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van wetgeving op fytosanitair gebied

Periode: 1945–

Bron: interview

Product: Wet van 6 december 1883, Stb. 181, betreffende de uitvoering van het op 3 november 1881 te Bern gesloten internationale overeenkomst tot wering der druifluis. Wet van 17 juli 1911, houdende bepalingen tot wering en bestrijding van ziekten van cultuurgewassen en van voor cultuurgewassen schadelijke dieren (de Plantenziektenwet). Wet van 5 april 1951, Stb. 96, houdende nieuwe bepalingen tot wering en bestrijding van organismen, schadelijk voor de Landbouw (Plantenziektenwet 1951)

Wet van 24 februari 1955, Stb. 87

Wet van 20 mei 1955, Stb. 213

Wet van 12 juli 1962, Stb. 288

Wet van 23 februari 1987, Stb. 28

Wet van 25 oktober 1989, Stb. 490

Wet van 4 juni 1992, Stb. 422

Wet van 22 juni 1994, Stb. 573

Wet van 10 juli 1995, Stb. 355

Waardering: B 1

Handeling: Het instellen en opheffen van vaste commissies ter voorbereiding van beleid op fytosanitairgebied

Periode: 1945–

Waardering: B 1

Handeling: Het instellen en opheffen van ad-hoc commissies en werkgroepen ter voorbereiding van beleid op fytosanitairgebied

Periode: 1945–

Waardering: B 1

Handeling: Het benoemen, schorsen en ontslaan van leden van commissies en werkgroepen ter voorbereiding van beleid op fytosanitairgebied

Periode: 1945–

Grondslag: begrotingen

Waardering: V, 2 jaar na einde benoeming (documenten waaruit pensioenaanspraken volgen: 75 jaar na geboorte)

Handeling: Het opstellen van periodieke verslagen inzake fytosanitair beleid

Periode: 1945–

Grondslag: begrotingen

Waardering: B 3

Handeling: Het beantwoorden van Kamervragen en het anderszins op verzoek incidenteel informeren van de Kamers der Staten-Generaal inzake het beleid op fytosanitairgebied

Periode: 1945–

Waardering: B 2, 3

Handeling: Het informeren van de Nationale Ombudsman en parlementaire onderzoekscommissies naar aanleiding van klachten over de gevolgen of de uitvoering van het beleid op fytosanitairgebied

Periode: 1945–

Waardering: B 3

Handeling: Het beslissen op bezwaarschriften naar aanleiding van beschikkingen inzake het beleidsterrein Gewasbescherming

Periode: 1945–

Product: Beschikkingen en verweerschriften

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het voeren van verweer in beroepsschriftprocedures voor administratief rechtelijke organen naar aanleiding van beschikkingen inzake het beleidsterrein Gewasbescherming

Periode: 1945–

Product: verweerschriften

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het beantwoorden van vragen van burgers, bedrijven en instellingen inzake het beleid op fytosanitairgebied

Periode: 1945–

Waardering: V, 3 jaar

Handeling: Het geven van voorlichting over schade en het gezond houden van gewassen

Periode: 1963–

Grondslag: begroting 1963

Opmerking: Uitgevoerd door de voorlichtingsdiensten voor land- en tuinbouw in samenwerking met de Plantenziektenkundige Dienst

Waardering: V, 5 jaar De eindproducten dienen bewaard te blijven

Handeling: Het voorbereiden en begeleiden van intern (wetenschappelijk) onderzoek en het vaststellen van onderzoeksrapporten op fytosanitairgebied

Periode: 1945–

Waardering: B 1,2

Handeling: Het voorbereiden en begeleiden van extern (wetenschappelijk) onderzoek op fytosanitairgebied

Periode: 1945–

Waardering: V, 5 jaar

Handeling: Het verstrekken van opdrachten en het vaststellen van eindrapportages van extern (wetenschappelijk) onderzoek op fytosanitair gebied

Periode: 1945–

Waardering: B 1,2

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.