Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Voeding- en productveiligheid vanaf 1945 (Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid)

Type Archiefselectielijst
Publication 2007-03-09
State In force
Source BWB
artikelen 2
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

– Vaststelling vergoeding voor de kosten der kosten der keuring in het algemeen (Stcrt. 1957, 164)

– Besluit houdend vaststelling van het rijksinvoerkeurloon van vlees (Stcrt. 1957, 164)

– Besluit inzake regelen voor de keuring van gesmolten vetten, afkomstig van slachtdieren (Stcrt. 1957, 167)

– Beschikking merken (Stcrt. 1957, 222)

– Regeling voorschriften inzake elektrische bedwelming van slachtdieren (Stcrt. 1957, 253)

– Voorschriften keuring toestellen en installaties met wisselstroom van 50 Hertz en aanwijzing van deskundige bureaus voor controle van installaties (Stcrt. 1958, 33)

– Voorschriften voor het vervoer, de aflevering en de behandeling van voorwaardelijk goedgekeurd vlees (Stcrt. 1958, 5)

– Voorschriften ten aanzien van slachtdieren en vlees (Stcrt. 1958, 19)

– Beschikking slachtdieren en vlees bestemd voor wetenschappelijk onderzoek (Stcrt. 1958, 19)

– Regeling andere bouwtechnische eisen (Stcrt. 1960, 154)

– Nadere voorschriften ten aanzien van hetgeen in vleeswinkels aanwezig mag zijn (Stcrt. 1961, 155)

– Regeling nadere voorschriften ten aanzien van het vervoer van vlees (Stcrt. 1961, 121);

– Regeling verkoop van uit het buitenland ingevoerd geslacht pluimvee in vleeswinkels (Stcrt.1962, 226)

– Beschikking merking van vleeswaren bij invoer uit het buitenland (Stcrt. 1964, 25)

– Voorwaarden bij overbrenging van uit lidstaten van de EEG ingevoerde vlees naar een eerste kantoor (Stcrt.1966, 210)

– Nadere voorschriften voor de invoer van vlees uit de lidstaten van de EEG (Stcrt. 1966, 226)

– Besluit houdende vaststelling van rijksinvoerkeurloon voor vlees (Stcrt. 1966, 226)

– Bijzondere voorwaarden bij overbrenging van ingevoerd nog te keuren vlees en vleeswaren naar een eerste kantoor (Stcrt. 1968, 82)

– Besluit houdende vaststelling van het rijksinvoerkeurloon voor vlees en vleeswaren (Stcrt. 1968, 47)

– Rijksinvoerkeurloon voor bevroren darmen, organen voor bereiding van farmaceutische producten en vleeswaren (Stcrt. 1968, 47)

– Beschikking invoer van ortherapeutische doeleinden bestemde organen of delen van slachtdieren uit België of Luxemburg (Stcrt. 1970, 85)

– Regeling vaststelling van de keuringsstaten (Stcrt. 1972, 244)

– Aanwijzing gedroogde bloedcellen als verduurzaamd vlees (Stcrt. 1976, 74)

– Invoer organen bestemd voor de bereiding van orgaanpreparaten (Stcrt. 1976, 95)

– Regeling nadere bouwtechnische voorschriften op grond van het Eisenbesluit (Stcrt. 1977, 25)

– Regeling bekleding van wanden (Stcrt. 1977, 28)

– Regeling nadere voorschriften t.a.v. luchtoverdruk en luchtcirculatie als bedoeld in artikel 1 van het Eisenbesluit (Stcrt. 1977, 28)

– Regeling keuringsregulatief (Stcrt. 1978, 201)

– Regeling vaststelling modellen (Stcrt. 1979, 251)

– Invoer vlees (art. 4 van het KB. Stb. 225/1922) (Stb. 1980, 222)

– Invoer van vlees uit andere landen dan de lidstaten van de Europese Gemeenschap (Stcrt. 1981, 137, 189)

– Regeling eisen verpakking voorverpakt vlees (Stcrt. 1981, 155)

– Regeling aanwijzing gemeenten waarheen voorwaardelijk goedgekeurd vlees mag worden vervoerd (Stcrt. 1981, 198)

– Regeling invoer- en afleveringsverbod stoffen met hormonale en thyreostatische werking (Stcrt. 1981, 221)

– Regeling aanwijzing ambtenaren (Stcrt. 1984, 124)

– Besluit aanwijzing ambtenaren (Stcrt. 1984, 125)

– Invoer vleesproducten uit lidstaten van de EG (Stcrt. 1985, 116)

– Besluit verbod stoffen, niet eigen aan vlees, in te voeren stoffen (Stcrt. 1986, 159)

– Aanwijzing eerste kantoor voor keuring van vlees en/of vleeswaren, gesmolten vetten afkomstig van slachtdieren, gedroogd vlees, bloedplasmapoeder en gedroogde bloedcellen en aanwijzing percelen van keuring (Stcrt. 1986, 177)

– Regeling opslag en vervoer voorwaardelijk goedgekeurd vlees (Stcrt. 1987, 31, 90, 147)

– Regeling vlees goedgekeurd onder voorwaarde van sterilisatie (Stcrt. 1987, 79)

– Regeling gezondheidsverklaring voor personen werkzaam in de vleesindustrie (Stcrt. 1987, 198)

– Besluit tarieven vlees en vleesproducten (Stcrt. 1993, 99)

– Regeling invoer van vleeswaren uit lidstaten en derde landen (Stcrt. 1993, 121)

– Regeling aanwijzing personen die kunnen worden belast met de controle van veterinaire documenten voor vlees en vleesproducten verzonden uit derde landen (Stcrt. 1993, 76)

– Besluit aanwijzing autoriteit belast met het in kennis stellen van de Europese Commissie van onregelmatigheden bij de invoer uit derde landen van vlees en vleesproducten (Stcrt. 1993, 80)

– Regeling kalverlebmagen afkomstig uit andere lidstaten van de EG en uit derde landen bestemd voor de bereiding van stremsel (Stcrt. 1993, 81)

– Regeling identificatie en registratie slachtdieren (Stcrt. 1993, 87)

– Regeling nadere voorwaarden voor vlees uit lidstaten van de EG (Stcrt. 1993, 146)

– Regeling nadere voorwaarden voor vleesproducten en vleesbereidingen verzonden uit lidstaten van de EG (Stcrt. 1993, 146)

– Regeling vlees uit andere lidstaten van de EG en uit derde landen, bestemd voor ander gebruik dan menselijke consumptie (Stcrt. 1993, 183)

– Beschikking merken 1994 (Stcrt. 1994, 10)

– Besluit toepassing productie en in handel brengen vers vlees (Stcrt. 1994, 10)

– Regeling aanwijzing inspectieposten aan de grens (Stcrt. 1994, 23)

– Regeling vervoer niet volledig gekoeld varkensvlees (Stcrt. 1994, 39)

– Regeling voorwaarden waaronder wordt verstaan dat rund- en varkensvlees wordt uitgesneden (Stcrt.1994, 39)

– Regeling inzake de invoer van vlees, bestemd voor ander gebruik dan menselijke consumptie (Stcrt. 1994, 127)

– Regeling houdende vaststelling formulier speciale noodslachtingen (Stcrt. 1994, 200)

– Regeling nadere voorwaarden voor vlees uit andere lidstaten (Stcrt. 1994, 209)

– Regeling aanwijzing van bedrijven voor het verwerken, het opslaan, het drogen of het sorteren van vlees niet bestemd voor menselijk consumptie (Stcrt. 1994, 231)

– Regeling invoer vlees bestemd voor ander gebruik dan menselijke consumptie (Stcrt. 1994, 239)

– Regeling nadere voorwaarden inzake vlees uit andere lidstaten (Stcrt. 1995, 77)

– Regeling nadere voorwaarden inzake vleesproducten, vleesbereiding en bepaalde andere producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten (Stcrt. 1995, 77)

Opmerking: Deel van deze handeling maakt uit:

– het aanwijzen van onderscheidings- en herkenningstekens voor daarbij aangewezen categorieën van ter slachting aangeboden slachtdieren. (Vleeskeuringbesluit, art. 17a, lid 1 (Stb. 1957, 29), Besluit betreffende de productie van ven de handel in vers vlees, art. 10, lid 4 (Stb. 1994, 12));

– het stellen van nadere regels met betrekking tot kennisgevingen inzake vlees en vleeswaren;

– het aanwijzen van eerste kantoren, inspectieposten en douane entreedepot alwaar de Rijkskeurmeester (eventueel) vlees controleert.

Waardering: B 1

Handeling: Het aanwijzen van landen van waaruit (geen) vlees mag worden ingevoerd.

Periode: 1945–

Grondslag: Besluit invoer vleeswaren, art. 2 (Stb. 1922, 395)

Product: o.a.:

– Besluit invoer van vleeswaren uit lidstaten en derde landen (Stcrt. 1921, 121)

– Beschikking landen, waaruit vleeswaren mogen worden ingevoerd (Stcrt. 1957, 164)

– Beschikking invoer van vlees uit o.a.: Argentinië (Stcrt. 1985, 218), Australië (Stcrt. 1985, 233), Uruguay (Stcrt. 1985, 233), Zwitserland (Stcrt. 1986, 220)

Waardering: B 1

(62)

Handeling: Het toelaten van ambtenaren die (her-)keuringen van vlees verrichten en het stellen van nadere regels inzake de werkzaamheden van deze ambtenaren en diensten.

Periode: 1957–

Grondslag: Vleeskeuringswet, art. 20 onder a (Stb. 1919, 524), Vleeskeuringbesluit, art. 51, lid 1, art. 2 (Stb. 1957, 29), Regeling Keuringsdienst 1984 (Stcrt. 1984, 125)

Product:

– Besluit aanwijzing ambtenaren vleeskeuring (Stcrt. 1984, 125)

– Regeling keuringsdienst 1984 (Stcrt. 1984, 125)

– Regeling tot aanwijzing RVV-ambtenaren (Stcrt. 1989, 3)

– Regeling kringindeling RVV 1995 (Stcrt. 1995, 164)

Waardering: B 4

Handeling: Het – eventueel in overeenstemming met andere ministers – toelaten/aanwijzen van diensten en ambtenaren die toezicht houden op de naleving van de Vleeskeuringswet het stellen van nadere regels inzake de werkwijze van de diensten en ambtenaren.

Periode: 1945–

Grondslag: Vleeskeuringswet, art. 31 (Stb. 1919, 524)

Product:

– KB houdende aanwijzing van ambtenaren als bedoeld in artikel 27, lid 1, van de Vleeskeuringswet (Stcrt. 1952, 218);

– Aanwijzing opsporingsambtenaren Vleeskeuringswet en Destructiewet (Stcrt. 1992, 242);

– Besluit werkzaamheden hoofdinspecteur Veterinaire Inspectie (Stcrt. 1993, 34);

– Regeling aanwijzing ambtenaren belast met toezicht op naleving Vleeskeuringswet (Stcrt. 139);

– Besluit houdende aanwijzing van ambtenaren als bedoeld in artikel 27, lid 1, van de Vleeskeuringswet (Stb. 1995, 551)

Waardering: B 4

Handeling: Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van de Wet op de Voedingsraad.

Periode: 1952–

Product: Wet op de Voedingsraad (Stb. 1952, 350)

Opmerking: De wet is bij KB (Stb. 1954, 94) inwerking getreden.

Waardering: B 1

Handeling: Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van het Destructiebesluit 1942.

Periode: 1945–1957

Grondslag: Verordening No 3/1940, art. 2 en 3; Verordening No 23/1940, art. 1

Product: Destructiebesluit 1942 (Stcrt. 1942, 48)

Waardering: B 1

Handeling: Het vaststellen, wijzigen of intrekken van ministeriële regelingen inzake de destructie van vlees en vleeswaren.

Periode: 1945–1957

Grondslag: Destructiebesluit 1942, art. 2 lid 5, art. 3, art. 10 lid 2 (Stcrt. 1942, 48)

Waardering: B 1

Handeling: Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van de Destructiewet.

Periode: 1957–

Product: Destructiewet (Stb. 1957, 84)

Waardering: B 1

Handeling: Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van algemene maatregelen van bestuur inzake de destructie van voor menselijke consumptie ondeugdelijk vlees en vleeswaren.

Periode: 1957–

Grondslag: Destructiewet, art. 7, art. 9 lid 1, art. 13 lid 3, art. 10 lid 6, art. 13 lid 5, art. 14 (Stb. 1957, lid 84)

Product:

– Destructiebesluit (Stb. 1958, 71)

– Besluit van 30 maart 1978, houdende uitvoering van artikel 2, derde lid, onder c, van de Destructiewet (Stb. 222)

– Destructiebesluit 1996 (Stb. 1996, 126)

Waardering: B 1

Handeling: Het vaststellen, wijzigen en intrekken van ministeriële regelingen inzake (de houders van) destructiemateriaal, de verwerkers en het eindproduct van de verwerking.

Periode: 1957–

Grondslag: Destructiewet, art. 2 lid 2, art. 3 lid 4, art. 4a lid 4, art. 4b lid 1–2, art. 7, art. 12 lid 1 en 3–4 (Stb. 1957, 84, zoals gewijzigd Stb. 1994, 784); Destructiebesluit, art. 16 lid 2, art. 18 lid 1 en 3, art. 20 lid 1, 22 lid 4, art. 26 lid 1, art. 27, art. 28 lid 1, art. 30 lid 5, 7 -8 en 11, art. 31 lid 3 en 5 (Stb. 1958, 710); Destructiebesluit 1996, art. 16 lid 1, art. 18 lid 2, art. 28 lid 1 (Stb. 1996, 126)

Product: o.a.:

– Regeling eisen eigenaar of hinder van hoog- en laagrisico materiaal (Stcrt. 1995, 77)

– Regeling aanwijzing hoog-risico materiaal (Stb. 1996, 68)

Opmerking: Deel van deze handeling maakt uit:

– het stellen van (nadere) regels inzake het begraven en verbranden van destructiemateriaal en de invoer van het eindproduct van verwerking in Nederland;

– het stellen van (nadere) regels aan de eigenaar of houder van laag- en hoog-risico materiaal;

– het stellen van regels inzake de invoer en uitvoer van laag-risico destructie materiaal;

– het stellen van het (nadere) regels inzake het verhalen van de extra kosten door de verwerker op degene van wie het destructiemateriaal afkomstig is (het destructiemateriaal wat hier wordt bedoeld is vermengd met ander materiaal of zodanig verpakt dat de kosten van destructie aanmerkelijk hoger zijn dan normaal);

– het aanwijzen van dierlijk afval als hoog-risico materiaal.

Waardering: B 1

Handeling: Het – eventueel in overeenstemming met andere ministers – toelaten/aanwijzen van diensten en ambtenaren die toezicht houden op de naleving van de Destructiewet en het stellen van nadere regels inzake de werkwijze van de diensten en ambtenaren.

Periode: 1957–

Grondslag: Destructiewet, art. 24 (Stb. 1957, lid 84); Destructiewet, art. 24 lid 2 (Stb. 1994, lid 784)

Product: Regeling aanwijzing toezichthoudende ambtenaren Destructiewet (Stcrt. 1995, 82)

Waardering: B 4

Handeling: Het ordonneren aan een product-, een hoofdbedrijf- of een bedrijfsschap van het opstellen van verordeningen inzake destructiemateriaal en het eindproduct van de verwerking van destructiemateriaal.

Periode: 1994–

Grondslag: Destructiewet, art. 4d lid 1, art. 9 lid 2 (Stb. 1994, 784)

Waardering: B 1

Handeling: Het goedkeuren van verordeningen van een product-, een hoofdbedrijf- of een bedrijfsschap inzake destructiemateriaal en het eindproduct van de verwerking van destructiemateriaal.

Periode: 1994–

Grondslag: Destructiewet, art 4d lid 2, art. 9 lid 3 (Stb. 1994, 784)

Waardering: V, 5 jaar na intrekken, wijziging, vervallen of soortgelijk van de verordening.

Handeling: Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van de Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen

Periode: 1978–

Product: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen (Stb. 1978, 430)

Waardering: B 1

Handeling: Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van algemene maatregelen van bestuur inzake het grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen.

Periode: 1978–

Grondslag: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen, art. 12 (Stb. 1978, 430)

Waardering: B 1

Handeling: Het aanwijzen van instanties die voor de minister de machtigingen verlenen inzake het in verkeer brengen van levensmiddelen die niet voldoen aan de voor schriften zoals die staan in Bijlage II en III van de ATP-overeenkomst (Trb. 1972, 112).

Periode: 1978–

Grondslag: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen, art. 7 lid 2 (Stb. 1978, 430)

Product: Beschikking van 3 juni 1980, nr. 65613 (Stcrt. 1986, 11)

Opmerking: Door de ministers zijn de Keuringsdienst van Waren en de AID aangewezen.

Waardering: V, 10 jaar na intrekking aanwijzing

Handeling: Het stellen van nadere regels (aan aangewezen instanties) bij het verlenen van een machtiging inzake het in verkeer brengen van levensmiddelen die niet vol doen aan de voorschriften zoals die staan in Bijlage II en III van de ATP-overeenkomst (Trb. 1972, 112).

Periode: 1978–

Grondslag: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen art. 7, lid 2–3 (Stb. 1978, 430)

Opmerking: Het vaststellen van de vergoeding voor de aanvraag van een machtiging maakt deel uit van deze handeling.

Waardering: B 1

Handeling: Het – eventueel in overeenstemming met andere ministers – verlenen, wijzigen, schorsen of intrekken van vergunningen/toelatingen/erkenningen inzake het bereiden, vervaardigen, behandelen, bewerken, verwerken, verpakken, bewaren of vervoeren van waren behorend tot een bij AMvB angewezen categorie.

Periode: 1945–

Grondslag: Warenwet, art. 14b lid 1 sub 2 onder b, art. 5, lid 1, onder b (Stb. 1988, 358, zoals gewijzigd bij Stb. 1994, 573); Zie AMvB’s Warenwet Bijlage I

Product: o.a. erkenning natuurlijk mineraal- en bronwater (Stcrt. 1986, 34 )

Opmerking: Deze handeling kan ook worden verricht door een ander bij AMvB aangewezen overheidsorgaan zoals bijvoorbeeld de Keuringsdienst van Waren/ zie handeling 100. Deel van deze handeling maakt uit:

– het weigeren, verlenen, wijzigen of intrekken van vergunningen voor het invoeren/bereiden van radioactieve stoffen (Besluit radioactieve stoffen, art. 2, lid 1–2, art. 3, lid 1, art. 4, lid 4 (Stb. 1958, 317), Besluit radioactieve stoffen, art. 3, lid 1, art. 4, lid 1 (Stb. 1963, 233)).

– het geven van toestemming aan de vervoerder om in een collo een radioactieve stof te vervoeren die een hogere waarde heeft dan staat omschreven in het Besluit radioactieve stoffen 1958/1963 (Besluit radioactieve stoffen, art. 2, lid 1 (Stb. 1958, 317), Besluit radioactieve stoffen, art. 10, lid 4 (Stb. 1963, 233)).

– het toelaten van natuurlijke personen of rechtspersonen die in het bezit mogen zijn van radioactieve stoffen (Besluit radioactieve stoffen, art. 2, lid 1, art. 3, lid 1 (Stb.1958, 317), Besluit radioactieve stoffen, art. 3, lid 1, art. 4, lid 1 (Stb.1963, 233)).

– het toelaten van (namen op) waren die naar aard en samenstelling gelijk zijn aan de waren zoals genoemd in AMvB‘s op grond van de Warenwet (Warenwet, art. 14, lid 3 (Stb. 1935, 793), zie ook AMvB’s Warenwet);

– het opstellen van voorschriften die worden verbonden aan een vergunning;

– het verzoeken aan de regionaal inspecteur voor de Gezondheidsbescherming om een centraal melkdepot of centrum voor standaardisering te erkennen als melkbehandelingsinrichting of melkverwerkingsinrichting (- Regeling zuivelbereiding, art. 3, lid 1 en 2 (Stcrt. 1994, 243));

– het erkennen een onderneming – waaraan krachtens de Kernenergiewet een vergunning is verleend inzake ioniserende straling uitzendende toestellen – voor het mogen uitvoeren van behandelingen van drink- en eetwaren met oniserende straling (Besluit doorstraalde waren, art. 3, lid 2 (Stb.1992, 205));

– het erkennen van bronnen van natuurlijk mineraal en bronwater (Natuurlijk mineraal- en bron waterbesluit, art. 2, lid 4–5 (Stb. 1985, 422)).

Waardering: V, 5 jaar na afloop vergunning

Handeling: Het verlenen (eventueel ook wijzigen of intrekken) van een ontheffing aan een bedrijf ten aanzien van verplichtingen of verboden welke zijn gesteld op grond van de Warenwet.

Periode: 1945–

Grondslag: Warenwet, art. 16 lid 2 (1935, 793)

Product:

– Beschikking ontheffing met het oog op het pellen van garnalen en huisarbeid (Stcrt. 1979, 43)

– Beschikking houdende ontheffing aan Vroom & Dreesman inzake marktrestaurant (Stcrt. 1993, 199)

– Beschikking ontheffing warenwetregeling nieuwe voedingsstoffen (Stcrt. 1994, 145)

– Beschikking houdende ontheffing warenwetbesluit doorstraalde waren (Stcrt. 1994, 173)

– Beschikking ontheffing warenwetregeling nieuwe voedingsstoffen (Stcrt. 1994, 215)

– Beschikking ontheffing warenwetregeling nieuwe voedingsstoffen (Stcrt. 1994, 217)

Opmerking: Bij AMvBkan deze handeling worden overgedragen aan een daarbij aangewezen instelling (art. 22, lid 4, WW).

Waardering: V, 5 jaar na wijziging en intrekking van ontheffing

Handeling: Het behandelen van klachten inzake onregelmatigheden met betrekking tot specificiteitcertificaten.

Periode: 1992–

Grondslag: EEG-Verordening inzake de specificiteitcertificering voor landbouwproducten en levensmiddelen,, art. 10 en 11 (nr. 2082/92)

Opmerking: De klacht wordt onderzocht en stelt de betrokken lidstaat op de hoogte van zijn bevindingen. Mochten de betrokken lidstaten niet tot overeenstemming kunnen komen, dan wordt de klacht gericht aan de Europese Commissie.

Waardering: V, 5 jaar na afhandeling

Handeling: Het vaststellen van een tarief/keurloon voor de keuring van vlees.

Periode: 1957–

Grondslag: Besluit vaststelling van de vergoeding voor de kosten der keuring in het algemeen, art. 3 (Stcrt. 1957, 34); Vleeskeuringswet, art. 26a lid 1 (Stb. 1984, 109); Besluit invoer van vleesproducten uit derde landen, art. 10 lid 4 (Stb. 1991, 557); Besluit betreffende productie van en de handel in vers vlees, art. 13a (Stb. 1994, 12)

Product:

– Beschikking van 9 augustus 1957, nr. 11942 (Stcrt. 1957, 166)

– Beschikking van 11 september 1957, nr. 12769 (Stcrt. 1957, 179)

– Beschikking van 24 september 1957, (Stcrt. 1957, 186)

– Besluit rijksinvoerkeurloon voor vlees en vleesproducten uit andere landen dan de lidstaten van de EG (Stcrt. 1968, 50)

– Regeling tarieven keuring vee en vleesproducten (Stcrt. 1993, 99)

Waardering: V, 5 jaar na een hernieuwde vaststelling

Handeling: Het vaststellen van het maximum aantal keurmeesters.

Periode: 1994–

Grondslag: Besluit betreffende de productie van en het in de handel brengen van vers vlees, art. 8 onder d sub 4 (Stb. 1994, 12)

Waardering: V, 2 jaar

Handeling: Het opstellen van leerplannen, cursusschema’s e.d. voor de opleiding van (aankomende) keurmeesters van vee en vlees.

Periode: 1945–

Grondslag: Besluit opleiding keurmeester vee en vlees, art. 6 en 9 (Stb. 1920, 314

Opmerking: Deel van deze handeling maakt uit: het aanwijzen van examens die dienen te worden afgelegd door de keurmeesters.

Het Ministerie van Landbouw was de bevoegde autoriteit voor het inhoudelijk bepalen van de examens (opstellen ervan) en het uitgeven van diploma’s.

Waardering: V, 5 jaar

Handeling: Het afgeven, intrekken en eventueel schorsen van erkenningen en vergunningen voor inrichtingen zoals slachthuizen, uitsnijderijen en koel- en vrieshuizen.

Periode: 1945–

Grondslag: Besluit algemene voorwaarden gesteld bij de invoer van vleeswaren, art. 4 onder d (Stb. 1922, 395); Vleeskeuringbesluit, art. 9 lid 4, art. 54 lid 1 onder b (Stb. 1957, 29); Besluit invoer van vlees uit het buitenland, art. 6 lid 2 (Stb. 1965, 345); Regeling vlees uit andere lidstaten van de EG en uit derde landen, bestemd voor ander gebruik dan menselijke consumptie, art. 2 onder a sub 1-3 (Stcrt. 1993, 183); Regeling kalverleb-magen afkomstig uit andere lidstaten van EG en uit derde landen bestemd voor de bereiding van stremsel, art. 2 (Stcrt. 1993, 81); Besluit betreffende de productie van en de handel in vers vlees, art. 7 lid 1, art. 9 lid 1 en 3–4, art. 10 (Stcrt. 1994, 12); Regeling productie en handel vlees vrij wild, art. 10 lid 1 (Stb. 1994, 563)

Product:

– Regeling aanwijzing bedrijven voor de opslag en verwerking van vlees niet bestemd voor menselijk consumptie (Stcrt. 1993, 78)

– Regeling aanwijzing bedrijven voor opslag of het drogen van vlees niet bestemd voor menselijk consumptie (Stcrt. 1994, 160)

– Regeling aanwijzing van bedrijven voor het verwerken, het opslaan, het drogen of het sorteren van vlees voor menselijke consumptie (Stcrt. 1994, 165)

– Regeling aanwijzing bedrijven voor opslag of verwerking van vlees niet bestemd voor menselijke consumptie (Stcrt. 1994, 210)

– Regeling aanwijzing bedrijven voor opslag of verwerking van vlees niet bestemd voor menselijke consumptie (Stcrt. 1994, 252)

Opmerking: Zie voor vergunningen inzake ritueel slachten, bedwelming en sterilisatie van vlees de hier opvolgende sub-paragrafen. Deel van deze handeling maakt onder andere uit:

– het afgeven/opschorten/intrekken van erkenningen van inrichtingen die voldoen aan het eisen die zijn gesteld in het Besluit betreffende de productie van en de handel in vers vlees;

– het aanwijzen van bedrijven waar de verwerking of opslag plaatsvindt van vlees niet bestemd voor consumptie en afkomstig uit landen van buiten de Europese Unie;

– het aanwijzen van bedrijven waar de verwerking van vlees plaats vindt tot voeder voor gezelschapsdieren, een farmaceutisch product of een technisch product;

– het erkennen van inrichtingen als vrij wildinrichtingen.

Waardering: V, 5 jaar na afloop erkenning/vergunning

Handeling: Het aanwijzen van slachthuizen waar ritueel geslacht mag worden.

Periode: 1957–

Grondslag: Vleeskeuringbesluit, art. 12 lid 1 (Stb.1957, 29)

Product:

– Beschikking van 17 november 1948 nr. 440E/doss. 3 (Stcrt. 224)

– Regeling inzake de aanwijzing van slachthuizen waar volgens de Israëlische ritus geslacht mag worden (Stcrt.1957, 252)

– Besluit aanwijzing slachthuizen waar volgens Islamitische ritus mag worden geslacht (Stcrt. 1988,149)

– Besluit aanwijzing slachthuizen waar volgens Islamitische ritus mag worden geslacht (Stcrt.1992, 97)

Waardering: V, 5 jaar na afloop aanwijzing

Handeling: Het verlenen van vergunningen inzake het mogen toepassen van bedwelming.

Periode: 1954–

Grondslag: Besluit tot uitvoering van artikel 18 en 25 van de Vleeskeuringswet, art. 8 (Stcrt. 1919, 424); Vleeskeuringbesluit (Stb. 1957, 29)

Waardering: V, 5 jaar na afloop vergunning

Handeling: Het toelaten van destructoren voor de destructie van vee, vlees of vleeswaren.

Periode: 1945–1957

Grondslag: Destructiebesluit 1942, art. 2 lid 2, art. 4, art. 6 lid 1–2, art. 7, art. 8 (Stcrt. 1942, 48)

Product: Vaststelling werkgebied en toelating van Destructoren (Stcrt. 1951, 85).

Opmerking: Deel van deze handeling maakt uit:

– de schadeloosstelling die bij de intrekking van een toelating wordt uitbetaald;

– het vaststellen/wijzigen van de gebiedsindeling.

Na toelating mogen de destructoren contracten met gemeenten sluiten. Dit contract kan worden ontbonden als gevolg van een wijziging van de gebiedsindeling. Een gemeente kan namelijk dan in een gebied komen te liggen van een andere destructor.

Waardering: V, 5 jaar na afloop contract tussen destructor en gemeente

Handeling: Het goedkeuren van de contracten die destructoren met de gemeenten hebben gesloten.

Periode: 1945–1957

Grondslag: Destructiebesluit 1942, art. 9 lid 2 (Stcrt. 1942, 48)

Waardering: V, 5 jaar na afloop goedkeuring

Handeling: Het verlenen van ontheffingen van de verplichting om vee, vlees of vleeswaren te laten behandelen door een destructor.

Periode: 1945–1957

Grondslag: Destructiebesluit 1942, art. 2 lid 3 (Stcrt. 1942, 48)

Waardering: V, 5 jaar na afloop ontheffing

Handeling: Het verlenen van ontheffingen aan verboden of verplichtingen gesteld in de Destructiewet.

Periode: 1957–

Grondslag: Destructiewet, art. 3 lid 1, art. 13 lid 1–3 (Stb. 1957, 84); Destructiewet, art. 4a lid 2 (Stb. 1994, 784)

Product: o.a.. Regeling ontheffing ex artikel 13, eerste lid, Destructiewet

Opmerking: Deel van deze handeling maakt onder andere uit:

– het verlenen van ontheffingen aan verplichtingen gesteld in de gemeentelijke verordeningen aan de gemeenten en de eigenaren of houders van laag- en hoog-risico materiaal;

– het verlenen van ontheffingen – aan de houder, eigenaar of bedrijf dat voeder voor edelpelsdieren bereidt – aan verplichting om laag-risico materiaal volgens bij deze wet bepaalde te verwerken tot ingrediënten van diervoeder;

– het aanwijzen van inrichtingen – welke wetenschappelijk onderzoek verrichten op hoog-risico materiaal – die de verplichtingen, gesteld aan de eigenaars of houders van hoog-risico materiaal, niet hoeven toe te passen.

Waardering: V, 5 jaar na afloop ontheffing

Handeling: Het vaststellen van een tarief voor de vergoeding van de kosten inzake keuringen of controles van (verwerkt) destructiemateriaal.

Periode: 1994–

Grondslag: Destructiewet, art. 4c (Stb. 1994, 784)

Waardering: V, 3 jaar

Handeling: Het verlenen van een machtiging aan de transporteur inzake het in het verkeer brengen van levensmiddelen welke niet voldoen aan de voorschriften zoals die staan in Bijlage II en III van de ATP-overeenkomst (Trb. 1972, 112)..

Periode: 1978–

Grondslag: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen, art. 12 (Stb. 1978, 430)

Waardering: V, 1 jaar na afloop machtiging

Handeling: Het overeenstemmen met de Minister van Economische Zaken en de minister onder wie Volksgezondheid ressorteert inzake de vervanging van de aanduidingen ‘produkt met x%’ vlees’ met andere aanduidingen

Periode: 1987–

Grondslag: Vlees- en Vleeswarenbesluit (Warenwet) 1987, art. 7 lid 3 (Stb.1987, 242)

Waardering: B 1

Actoren die onder de Minister van Landbouw ressorteren

Actor: de Algemene Inspectie Dienst (AID)

Handeling: Het verlenen van een machtiging aan de transporteur inzake het in het verkeer brengen van levensmiddelen welke niet voldoen aan de voorschriften zoals die staan in Bijlage II en III van de ATP-overeenkomst (Trb. 1972, 112).

Periode: 1978–

Grondslag: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen, art. 12 (Stb. 1978, 430)

Waardering: V, 1 jaar na afloop machtiging

Handeling: Het opstellen en evalueren van projecten inzake het preventief en repressief controleren van de houders van waren.

Periode: 1945–

Bron: Interview

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het preventief en repressief controleren van de houders van waren.

Periode: 1945–

Grondslag: Warenwet, art. 5, artt. 18, 19 (Stb.1935, 793), art. 25 (Stb.1988, 360); Vleeskeuringswet, artt. 10 art. 2, 17, 31–45 (Stb.1919, 524); Destructiewet, art. 24 (Stb. 1957, 84 en Stb. 1994, 784); Kernenergiewet, art. 58 t/m 66 (Stb. 1963, 82)

Opmerking: Deze handeling kan een activiteit vormen onder de hierop volgende handelingen, waaronder die inzake het bestuursrechtelijk en strafrechtelijk handhaven van de wetgeving inzake voedsel- en productveiligheid.

Deel van deze handeling maakt uit: het tijdens de controle en/of in een eindbrief gelasten aan de houders van waren die, naar oordeel van controleurs van de Keuringsdienst van Waren, een gevaar opleveren voor de gezondheid of veiligheid van de mens, om op doeltreffende wijze maatregelen te nemen om dit gevaar tot het minimum te beperken.

Waardering: V, 10 jaar na controle

Handeling: Het leveren van een bijdrage aan het bestuursrechtelijk handhaven van de wet- en regelgeving op het beleidsterrein voedings- en productveiligheid.

Periode: 1945–

Waardering: V, 10 jaar na afloop zaak

Handeling: Het leveren van een bijdrage aan het strafrechtelijk handhaven van de wet- en regelgeving inzake voedsel- en productveiligheid.

Periode: 1945–

Waardering: V, 10 jaar na afloop zaak

Actor: de Commissie Herstructurering Openbare Slachthuizen

Handeling: Het onderzoeken welke herstructurering van de openbare slachthuizen zal plaatsvinden, en welke maatregelen het Rijk eventueel in dit verband dient te nemen.

Periode: 1975–1976

Grondslag: Instellingsbeschikking (Stcrt. 1975, 41)

Product: Rapport (Stcrt. 1976, 134)

Opmerking: De genoemde herstructurering zou plaatsvinden mede als gevolg van een voorgenomen afschaffing van de nadere keuring van vlees bij ‘invoer’ in een gebied van een andere vleeskeuringskring.

Waardering: B 1

Actor: de Commissie Tarieven Keuring Vlees

Handeling: Het ontwerpen van een stelsel van heffingen voor de financiering van de gehele vleeskeuring.

Periode: 1975–

Grondslag: Instellingsbeschikking (Stcrt. 1975, 41)

Product: Interimrapport (Stcrt. 1976, 32), Rapport (Stcrt. 1977, 61)

Waardering: B 1

Handeling: Het ontwerpen van een stelsel van tijdelijke toeslagen, bestemd voor herstructureringsmaatregelen t.b.v. openbare slachthuizen.

Periode: 1975–

Grondslag: Instellingsbeschikking (Stcrt. 1975, 41)

Product: Interimrapport (Stcrt. 1976, 32), Rapport (Stcrt. 1977, 61)

Waardering: B 1

Actor: de Commissie van advies voor de Rijksdienst voor Vee en Vlees

Handeling: Het adviseren van de Minister van Landbouw en Volksgezondheid inzake de uitvoerende werkzaamheden van de Rijksdienst voor Vee en Vlees.

Periode: 1983–

Grondslag: Instellingsbeschikking Rijksdienst voor de keuring van vee en vlees (Stcrt. 1983, 181)

Waardering: V, 5 jaar

Actor: de Examencommissie veeartsen

Handeling: Het afnemen van examens van (aankomende) keurmeesters van vee en vlees.

Periode: 1945–1995

Grondslag: Besluit opleiding keurmeester vee en vlees, art. 17 (Stb. 1920, 314)

Waardering: V, 10 jaar

Actor: de minister onder wie Sociale Zaken ressorteren

Handeling: Het – eventueel in overeenstemming met ministers die het mede aangaat – voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van AMvB’s op basis van de Warenwet.

Periode: 1945–

Grondslag: Warenwet, art. 1, artt. 4–7, artt. 11–17, art. 19, art. 22, art. 24, art. 30, art. 31, art. 33 (Stb. 1935, 793)

Product: o.a.

– Besluit van 5 januari 1921 tot uitvoering van artikel 6, 3de lid en artikel 23, 3de lid der Warenwet (Stb. 1921, 5)

– Besluit waren in zin van de wet (Stb. 1921, 638)

– Besluit papier (Stb. 1922, 109)

– Besluit suiker en stroop (Stb. 1924, 96)

– Besluit behangsel (Stb. 1924, 213)

– Besluit specerijen (Stb. 1924, 251)

– Besluit deegwaren (Stb. 1924, 313)

– Besluit vleesextracten (Stb. 1924, 428)

– Besluit wasmiddelen (Stb. 1925, 34)

– Besluit margarine (Stb. 1925, 417)

– Besluit vet (Stb. 1925, 421)

– Besluit brood (Stb. 1925, 478)

– Besluit azijn (Stb. 1926, 214)

– Besluit bier (Stb. 1926, 280)

– Besluit oliën en vetten (Stb. 1926, 339)

– Besluit kaas (Stb. 1927, 396)

– Besluit wijn (Stb. 1929, 137)

– Besluit kapok (Stb. 1930, 22)

– Besluit kapok en beddengoed (Stb. 1930, 65)

– Besluit ansjovis (Stb. 1930, 220)

– Besluit vaste melkproducten (Stb. 1932, 57)

– Besluit margarinekaas (Stb. 1932, 327)

– Besluit maanzaadbesluit (Stb. 1933, 514)

– Besluit houdende vaststelling van voorwaarden voor de erkenning van provinciale keuringsdiensten van waren (Stb. 1936, 881)

– Besluit jam en limonade (Stb. 1937, 854)

– Besluit vlees- en vleeswaren(Stb. 1938, 865)

– Besluit houdende vaststelling van een – Regeling betreffende de verbindende kracht van enige bezettingsregelingen tot uitvoering van de Warenwet (Stb. 1945, 326)

– Besluit aroma, jus en soep (Stb. 1947, 635)

– Besluit peulvruchten (Stb. 1948, I 399)

– Algemeen besluit (Stb. 1949, J. 306)

– Besluit Warenwetrecht (Stb. 1951, 8)

– Besluit meelbesluit (Stb. 1953, 232)

– Besluit likeurbesluit (Stb. 1953, 466)

– Besluit consumptie-ijs (Stb. 1954, 257)

– Besluit melk (Stb. 1955, 155)

– Besluit vulsel (Stb. 1957, 339)

– Besluit radioactieve stoffen (Stb. 1958, 317)

– Besluit kleurstoffen (Stb. 1958, 407)

– Besluit honing (Stb. 1959, 218)

– Besluit wasmiddelen (Stb. 1959, 381)

– Besluit smeltkaas (Stb. 1959, 438)

– Besluit kaas (Stb. 1959, 439)

– Besluit honingmerken (Stb. 1959, 509);

– Besluit margarine (Stb. 1961, 398)

– Besluit kleurstoffen (Stb. 1964, 582)

– Besluit honing (Stb. 1965, 431)

– Besluit vaste melkproducten (Stb. 1965, 437)

– Besluit houdende aanwijzing van opsporingsambtenaren op grond van de Warenwet (Stb. 1967, 690)

– Besluit conserveermiddelen (Stb. 1967, 691)

– Besluit peulvruchten (Stb. 1968, 227)

– Besluit cosmetica (Stb. 1968, 615)

– Besluit zout (Stb. 1968, 421)

– Besluit specerijen (Stb. 1969, 214);

– Besluit radioactieve stoffen (Stb. 1969, 514)

– Besluit mayonaise en slasaus (Stb. 1971, 78)

– Besluit mosterd (Stb. 1971, 256)

– Besluit gebruik aminozuren preparaat voor de broodbereiding (Stb. 1971, 411)

– Besluit glasartikelen (Stb. 1972, 688)

– Besluit anti-oxydanten (Stb. 1973, 142)

– Besluit textielartikelen (Stb. 1974, 512)

– Besluit melk (Stb. 1974, 669)

– Besluit helmen (Stb. 1975, 517)

– Besluit zetmeel (Stb. 1975, 660)

– Besluit houdende vaststelling van voorwaarden voor de erkenning van provinciale – Keuringsdiensten van Waren (Stb. 1976, 3)

– Besluit speelgoed (Stb. 1976, 101)

– Besluit emulgatoren (Stb. 1976, 153)

– Besluit helmen (Stcrt. 1976, 366)

– Besluit jus (Stb. 1976, 664)

– Besluit vleesextract-, aroma en bouillon (Stb. 1976, 665)

– Besluit soep (Stb. 1976, 666)

– Besluit wasmiddelen (Stb. 1977, 41)

– Besluit puddingpoeder (Stb. 1977, 140)

– Besluit suiker en stroop (Stb. 1977, 141)

– Besluit aërosolen (Stb. 1978, 116)

– Besluit consumptie-ijs 1978 (Stb. 1978, 238)

– Besluit honing (Stb. 1978, 655)

– Besluit frisdranken en siropen (Stb. 1979, 100)

– Besluit jam en- geconserveerde vruchten (Stb. 1979, 102)

– Besluit inzake verpakking voor koolzuurhoudende niet-alcoholische verpakkingen (Stb.1979, 112)

– Besluit geconserveerde aardappelen (Stb. 1979. 176)

– Besluit geconserveerde groenten (Stb. 1979, 219)

– Besluit verpakking- en gebruiksartikelen (Stb. 1979, 558)

– Besluit kokswaren (Stb. 1979, 563)

– Besluit hoeveelheidaanduidingen (Stb. 1980, 223)

– Besluit cosmetica (Stb. 1980, 256);

– Besluit aanduidingen voor bijzondere voeding (Stb. 1980, 658)

– Besluit aanduidingen sigaretten en shag (Stb. 1981, 329)

– Besluit vlees en vleeswaren (Stb. 1981, 506)

– Besluit algemene aanduidingen (Stb. 1981, 621)

– Besluit siervoorwerpen (Stb. 1981, 684)

– Besluit kwark (Stb. 1982, 219)

– Besluit kaas (Stb. 1982, 227)

– Besluit vuurwerk (Stb. 1982, 488)

– Besluit reddings- en zwemvesten (Stb. 1982, 469)

– Besluit jam- en geconserveerde vruchten (Stb. 1982, 693)

– Besluit hulpstoffen smeltkaas (Stb. 1983, 106)

– Besluit vulsel (Stb. 1983, 556)

– Besluit kinderveilige verpakkingen huishoudchemicaliën (Stb. 1984, 688)

– Besluit garnalen (Stb. 1985, 85)

– Besluit natuurlijk mineraal- en bronwater (Stb. 1985, 422)

– Besluit speelgoed (Stb. 1985, 751)

– Besluit meel (Stb. 1985, 757)

– Besluit brood (Stb. 1985, 758)

– Besluit draagbaar klimmateriaal (Stb. 1986, 86)

– Besluit spaanplaat (Stb. 1986, 517)

– Besluit toelating van citroensap in margarine en halvarine (Stb. 1986, 555)

– Besluit vlees en vleeswaren (Stb. 1987, 243)

– Besluit aanduidingen voedingswaarden (Stb. 1988, 162)

– Besluit eiwitproducten (Stb. 1988, 339)

– Besluit tot toelating van johannesbroodpitmeel en xanthaangom aan halvarine (Stb. 1988, 398)

– Besluit imitatieproducten (Stb.1989, 253)

– Besluit zoetstoffen (Stb. 1989, 548)

– Besluit kinderbedden en -boxen (Sb 1990. 106);

– Besluit speelgoed (Stb. 1991, 269);

– Besluit verduurzaamde vruchtenproducten (Stb. 1992, 12);

– Besluit etikettering van levensmiddelen (Stb. 1992, 14);

– Besluit aroma’s (Stb. 1992, 95)

– Besluit veilige verpakkingen van huishoudchemicaliën (Stb. 1992, 106)

– Besluit gastoestellen (Stb. 1992, 124)

– Besluit levensmiddelenadditieven (Stb. 1992, 204)

– Besluit doorstraalde waren (Stb. 1992, 205)

– Besluit producten voor bijzondere voeding (Stb. 992, 222)

– Besluit benzine (Stb. 1992, 339)

– Besluit machines (Stb. 1992, 379)

– Besluit elektrotechnische producten (Stb. 1992, 385)

– Besluit persoonlijke beschermingsmiddelen (Stb. 1992, 396)

– Besluit brandveiligheid nachtkleding (Stb. 1992, 600)

– Besluit warmtebehandelde melk (Stb. 1992, 639)

– Besluit eiproducten (Stb. 1992, 660)

– Besluit bereiding en behandeling van levensmiddelen (Stb. 1992, 678)

– Besluit uitvoer van waren (Stb. 1993, 314)

– Besluit thee (Stb. 1993, 470)

– Besluit koffie en cichorei (Stb. 1993, 471)

– Besluit voedingswaarde informatie levensmiddelen (Stb. 1993, 483)

– Besluit algemene productveiligheid (Stb. 1993, 499)

– Besluit invoer levensmiddelen uit derde landen (Stb. 1993, 698)

– Besluit producten visserij (Stb. 1994, 46)

– Besluit algemene chemische productveiligheid (Stb. 1994, 105)

– Besluit veilige verpakking van huishoudchemicaliën (Stb. 1994, 106)

– Besluit asbest (Stb. 1994, 674)

– Besluit zuivel (Stb. 1994, 813)

– Besluit gezondheidscontroles levensmiddelen van dierlijke oorsprong (Stb. 1994, 872)

– Besluit etikettering schoeisel (Stb. 1995, 324)

– Besluit motor- en bromfietshelmen (Stb. 1995, 424)

– Besluit cosmetische producten (Stb. 1995, 519)

– Besluit deponering informatie preparaten (Stb. 1996, 38)

– Besluit puddingpoeders (Stb. 1996, 48)

– Besluit soep, vleesextract en bouillon (Stb. 1996, 118)

– Besluit houdende regels inzake de veiligheid van verpakkingen onder druk (Stb. 1996, 251)

– Besluit toevoeging microvoedingsstoffen aan levensmiddelen (Stb. 1996, 311)

Waardering: B 1

Handeling: Het aanwijzen van (overheids-) instanties die voor de betrokken ministers Warenwetbeschikkingen afgeven (w.o. vergunningen, ontheffingen, certificaten etc.) en het stellen van (nadere) regels inzake de werkzaamheden van deze instanties.

Grondslag: Warenwet, art. 14b lid 2, 14 lid 3 en 5, art. 14i lid 4, art. 14n lid 2–3, art. 3, art. 7 lid 3 en 5, art. 11 lid 4, art. 14n lid 2–3, art. 16 lid 2–3, art 17 lid 4 (Stb. 1988, 358, zoals gewijzigd bij Stb. 1994, 573); EEG-Verordening inzake de specificiteitcertificering voor landbouwproducten en levensmiddelen (nr. 2082/92) art. 7 lid 4; zie ook Warenwet-AMvB’s bijlage I

Periode: 1945–

Product: o.a.:

– warenwetregeling aanwijzing normalisatie- en keuringsinstituten producten (Stcrt. 1992, 164)

– Beschikking houdende aanwijzing TNO-certificatie voor verkeershelmen (Stcrt. 1993, 77)

– Beschikking houdende aanwijzing TNO-certificatie reddings- en zwemvesten (Stcrt. 1993, 121)

– Beschikking houdende aanwijzing keuringsinstantie (Stcrt. 1994, 137)

– Beschikking aanwijzing instantie onderzoek veiligheid kinderspeelgoed (Stcrt. 1994, 203)

Opmerking: Het stellen van (nadere) regels m.b.t. de manier waarop aangewezen instanties hun werkzaamheden verrichten kan een activiteit vormen, onder de andere handelingen in het hoofdstuk Wet- en regelgeving Warenwet in het RIO. Deel van deze handeling maakt uit:

– het stellen van regels inzake de wijze van betaling van gelden ter bestrijding van de kosten van de keuring van waren, niet zijnde eet- of drinkwaren, die bij aanwending schadelijk kunnen zijn voor veiligheid of gezondheid;

– het stellen van (nadere) regels aan overheidsinstanties die de door de minister overgedragen bevoegdheid uitoefenen inzake het verlenen van ontheffingen van regels gesteld in de Warenwet (Warenwet (Stb. 1994, 573), art. 16, lid 2);

– het stellen van regels inzake de betaling voor het verlenen van ontheffingen van regels gesteld in de Warenwet;

– het aanwijzen van normalisatie en keuringsinstellingen inzake keuringen van waren, niet zijnde eet- of drinkwaren, die bij aanwending schadelijk kunnen zijn voor veiligheid of gezondheid;

– het aanwijzen van instanties die EG-type-onderzoeksverklaringen voor beschermingsmiddelen afgeven zoals bedoeld in artikel 10 van de Richtlijn 89/686/EEG (Besluit beschermingsmiddelen, art. 5, lid 2, sub 3 (Stb. 1992, 376));

– het aanwijzen van een instantie die de registratieaanvraag voor een specificiteitcertificaat behandelt;

– het aanwijzen van een instantie die een bewijs van oorsprong afgeeft inzake wijn;

– het aanwijzen van instanties die certificaten afgeven inzake voor de uitvoer bestemde garnalen die voldoen aan bepalingen zoals die staan in de Recommended Code of Practice for Shrimps and Prawns (Recommended Code of Practice for Shrimps and Prawns is uitgegeven door de FAO/WHO en bevat onder andere regels ter identificatie van garnalen);

– het aanwijzen van instanties die bedrijfscontrolesystemen erkennen;

het aanwijzen van instanties die technische constructiedossiers registreren en die EG-type- onderzoeksverklaringen afgeven zoals bedoeld in Bijlage VI van de Richtlijn 89/368/EEG.

Waardering: B 4: richtlijnen en regelingen

V, 10 jaar: overige neerslag

Handeling: Het erkennen van instellingen die toestellen en installaties voor elektrische bedwelming testen.

Periode: 1957–

Grondslag: Beschikking, art. 3 (Stcrt. 1957, 105)

Waardering: V, 5 jaar na afloop erkenning

Handeling: Het goedkeuren van type toestellen en installaties voor elektrische bedwelming.

Periode: 1957–

Grondslag: Beschikking van 10 december 1954, 18395, art. 3 (Stcrt. 1954, 242)

Waardering: V, 10 jaar na afloop geldigheid goedkeuring

Handeling: Het maken van bezwaar indien andere dan internationale organen of nationale overheidsorganen inlichtingen uit het register inzake radioactieve stoffen krijgen.

Periode: 1969–2002

Grondslag: Besluit registratie radioactieve stoffen en kosten keuringsdiensten Kernenergiewet, art. 2 lid 5 (Stb. 1969, 472)

Waardering: V, 2 jaar na uitspraak

Handeling: Het jaarlijks registreren van verslagen inzake de handelingen en bevindingen van Colleges van B&W met betrekking tot de uitoefening van hun taken inzake het registreren voor invoer, aflevering of bereiding van radioactieve stoffen.

Periode: 1969–2002

Grondslag: Besluit registratie radioactieve stoffen en kosten keuringsdiensten Kernenergiewet, art. 13 (Stb. 1969, 472)

Waardering: B 3 (verslagen zelf)

V, 5 jaar: overige neerslag

Actor: de Minister van Verkeer en Waterstaat

Handeling: Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van de Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen

Periode: 1978–

Product: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen (Stb. 1978, 430)

Waardering: B 1

Handeling: Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van algemene maatregelen van bestuur inzake het grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen.

Periode: 1978–

Grondslag: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen, art. 12 (Stb. 1978, 430)

Waardering: B 1

Handeling: Het aanwijzen van een keuringsinstelling die bevoegd is keuringscertificaten af te geven aan de eigenaar van een voertuig dat voldoet aan de normen die staan in Bijlage I van de ATP-overeenkomst (Trb. 1972, 112) en het vaststellen van nadere voorschriften voor deze instellingen.

Periode: 1978–

Grondslag: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen,art. 8 lid 2, art. 9, lid 2 en 5, art. 10 onder b (Stb. 1978, 430)

Product: Beschikking van 1 juni 1979, nr. A-1/V26 140 (Stcrt. 1978, 430)

Opmerking: Deel van deze handelingen maakt uit: het aanwijzen van een keuringsinstelling in een land dat geen deel uitmaakt van de ATP-overeenkomst.

Waardering: B 4

Handeling: Het – eventueel in overeenstemming met andere ministers – toelaten/aanwijzen van diensten en ambtenaren die toezicht houden op de naleving van de Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen (Stb. 1978, 430) en het stellen van nadere regels inzake de werkwijze van de diensten en de ambtenaren

Periode: 1978–

Grondslag: Wet grensoverschrijdend vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen, art. 6 lid 1 (Stb. 1978, 430)

Product: Ministeriële beschikking van 21 mei 1979, nr. J 1862 (Stcrt. 1980, 126)

Waardering: B 4

Handeling: Het beslissen op een beroep tegen een besluit van de Rijksdienst voor het Weg verkeer/de NV Nederlandse Spoorwegen inzake het al dan niet toekennen van een keuringscertificaat.

Periode: 1978–

Grondslag: Beschikking nr. A-1/V26 140, art. 5 lid 1 (Stcrt. 1978, 430)

Waardering: V, 5 jaar na uitspraak

Actor: de vakminister

Handeling: Het – eventueel in overeenstemming met ministers die het mede aangaat – voor bereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van AMvB’s op basis van de Warenwet.

Periode: 1945–

Grondslag: Warenwet, art. 1, artt. 4–7, artt. 11–17, art. 19, art. 22, art. 24, art. 30, art. 31, art. 33 (Stb. 1935, 793)

Product: o.a.

– Besluit van 5 januari 1921 tot uitvoering van artikel 6, 3de lid en artikel 23, 3de lid der Warenwet (Stb. 1921, 5)

– Besluit waren in zin van de wet (Stb. 1921, 638)

– Besluit papier (Stb. 1922, 109)

– Besluit suiker en stroop (Stb. 1924, 96)

– Besluit behangsel (Stb. 1924, 213)

– Besluit specerijen (Stb. 1924, 251)

– Besluit deegwaren (Stb. 1924, 313)

– Besluit vleesextracten (Stb. 1924, 428)

– Besluit wasmiddelen (Stb. 1925, 34)

– Besluit margarine (Stb. 1925, 417)

– Besluit vet (Stb. 1925, 421)

– Besluit brood (Stb. 1925, 478)

– Besluit azijn (Stb. 1926, 214)

– Besluit bier (Stb. 1926, 280)

– Besluit oliën en vetten (Stb. 1926, 339)

– Besluit kaas (Stb. 1927, 396)

– Besluit wijn (Stb. 1929, 137)

– Besluit kapok (Stb. 1930, 22)

– Besluit kapok en beddengoed (Stb. 1930, 65)

– Besluit ansjovis (Stb. 1930, 220)

– Besluit vaste melkproducten (Stb. 1932, 57)

– Besluit margarinekaas (Stb. 1932, 327)

– Besluit maanzaadbesluit (Stb. 1933, 514)

– Besluit houdende vaststelling van voorwaarden voor de erkenning van provinciale keuringsdiensten van waren (Stb. 1936, 881)

– Besluit jam en limonade (Stb. 1937, 854)

– Besluit vlees- en vleeswaren(Stb. 1938, 865)

– Besluit houdende vaststelling van een regeling betreffende de verbindende kracht van enige bezettingsregelingen tot uitvoering van de Warenwet (Stb. 1945, 326)

– Besluit aroma, jus en soep (Stb. 1947, 635)

– Besluit peulvruchten (Stb. 1948, I 399)

– Algemeen besluit (Stb. 1949, J. 306)

– Besluit Warenwetrecht (Stb. 1951, 8)

– Besluit meelbesluit (Stb. 1953, 232)

– Besluit likeurbesluit (Stb. 1953, 466)

– Besluit consumptie-ijs (Stb. 1954, 257)

– Besluit melk (Stb. 1955, 155)

– Besluit vulsel (Stb. 1957, 339)

– Besluit radioactieve stoffen (Stb. 1958, 317)

– Besluit kleurstoffen (Stb. 1958, 407)

– Besluit honing (Stb. 1959, 218)

– Besluit wasmiddelen (Stb. 1959, 381)

– Besluit smeltkaas (Stb. 1959, 438)

– Besluit kaas (Stb. 1959, 439)

– Besluit honingmerken (Stb. 1959, 509);

– Besluit margarine (Stb. 1961, 398)

– Besluit kleurstoffen (Stb. 1964, 582)

– Besluit honing (Stb. 1965, 431)

– Besluit vaste melkproducten (Stb. 1965, 437)

– Besluit houdende aanwijzing van opsporingsambtenaren op grond van de Warenwet (Stb. 1967, 690)

– Besluit conserveermiddelen (Stb. 1967, 691)

– Besluit peulvruchten (Stb. 1968, 227)

– Besluit cosmetica (Stb. 1968, 615)

– Besluit zout (Stb. 1968, 421)

– Besluit specerijen (Stb. 1969, 214);

– Besluit radioactieve stoffen (Stb. 1969, 514)

– Besluit mayonaise en slasaus (Stb. 1971, 78)

– Besluit mosterd (Stb. 1971, 256)

– Besluit gebruik aminozuren preparaat voor de broodbereiding (Stb. 1971, 411)

– Besluit glasartikelen (Stb. 1972, 688)

– Besluit anti-oxydanten (Stb. 1973, 142)

– Besluit textielartikelen (Stb. 1974, 512)

– Besluit melk (Stb. 1974, 669)

– Besluit helmen (Stb. 1975, 517)

– Besluit zetmeel (Stb. 1975, 660)

– Besluit houdende vaststelling van voorwaarden voor de erkenning van provinciale Keuringsdiensten van Waren (Stb. 1976, 3)

– Besluit speelgoed (Stb. 1976, 101)

– Besluit emulgatoren (Stb. 1976, 153)

– Besluit helmen (Stcrt. 1976, 366)

– Besluit jus (Stb. 1976, 664)

– Besluit vleesextract-, aroma en bouillon (Stb. 1976, 665)

– Besluit soep (Stb. 1976, 666)

– Besluit wasmiddelen (Stb. 1977, 41)

– Besluit puddingpoeder (Stb. 1977, 140)

– Besluit suiker en stroop (Stb. 1977, 141)

– Besluit aërosolen (Stb. 1978, 116)

– Besluit consumptie-ijs 1978 (Stb. 1978, 238)

– Besluit honing (Stb. 1978, 655)

– Besluit frisdranken en siropen (Stb. 1979, 100)

– Besluit jam en- geconserveerde vruchten (Stb. 1979, 102)

– Besluit inzake verpakking voor koolzuurhoudende niet-alcoholische verpakkingen (Stb.1979, 112)

– Besluit geconserveerde aardappelen (Stb. 1979. 176)

– Besluit geconserveerde groenten (Stb. 1979, 219)

– Besluit verpakking- en gebruiksartikelen (Stb. 1979, 558)

– Besluit kokswaren (Stb. 1979, 563)

– Besluit hoeveelheidaanduidingen (Stb. 1980, 223)

– Besluit cosmetica (Stb. 1980, 256);

– Besluit aanduidingen voor bijzondere voeding (Stb. 1980, 658)

– Besluit aanduidingen sigaretten en shag (Stb. 1981, 329)

– Besluit vlees en vleeswaren (Stb. 1981, 506)

– Besluit algemene aanduidingen (Stb. 1981, 621)

– Besluit siervoorwerpen (Stb. 1981, 684)

– Besluit kwark (Stb. 1982, 219)

– Besluit kaas (Stb. 1982, 227)

– Besluit vuurwerk (Stb. 1982, 488)

– Besluit reddings- en zwemvesten (Stb. 1982, 469)

– Besluit jam- en geconserveerde vruchten (Stb. 1982, 693)

– Besluit hulpstoffen smeltkaas (Stb. 1983, 106)

– Besluit vulsel (Stb. 1983, 556)

– Besluit kinderveilige verpakkingen huishoudchemicaliën (Stb. 1984, 688)

– Besluit garnalen (Stb. 1985, 85)

– Besluit natuurlijk mineraal- en bronwater (Stb. 1985, 422)

– Besluit speelgoed (Stb. 1985, 751)

– Besluit meel (Stb. 1985, 757)

– Besluit brood (Stb. 1985, 758)

– Besluit draagbaar klimmateriaal (Stb. 1986, 86)

– Besluit spaanplaat (Stb. 1986, 517)

– Besluit toelating van citroensap in margarine en halvarine (Stb. 1986, 555)

– Besluit vlees en vleeswaren (Stb. 1987, 243)

– Besluit aanduidingen voedingswaarden (Stb. 1988, 162)

– Besluit eiwitproducten (Stb. 1988, 339)

– Besluit tot toelating van johannesbroodpitmeel en xanthaangom aan halvarine (Stb. 1988, 398)

– Besluit imitatieproducten (Stb.1989, 253)

– Besluit zoetstoffen (Stb. 1989, 548)

– Besluit kinderbedden en -boxen (Sb 1990. 106);

– Besluit speelgoed (Stb. 1991, 269);

– Besluit verduurzaamde vruchtenproducten (Stb. 1992, 12);

– Besluit etikettering van levensmiddelen (Stb. 1992, 14);

– Besluit aroma’s (Stb. 1992, 95)

– Besluit veilige verpakkingen van huishoudchemicaliën (Stb. 1992, 106)

– Besluit gastoestellen (Stb. 1992, 124)

– Besluit levensmiddelenadditieven (Stb. 1992, 204)

– Besluit doorstraalde waren (Stb. 1992, 205)

– Besluit producten voor bijzondere voeding (Stb. 992, 222)

– Besluit benzine (Stb. 1992, 339)

– Besluit machines (Stb. 1992, 379)

– Besluit elektrotechnische producten (Stb. 1992, 385)

– Besluit persoonlijke beschermingsmiddelen (Stb. 1992, 396)

– Besluit brandveiligheid nachtkleding (Stb. 1992, 600)

– Besluit warmtebehandelde melk (Stb. 1992, 639)

– Besluit eiproducten (Stb. 1992, 660)

– Besluit bereiding en behandeling van levensmiddelen (Stb. 1992, 678)

– Besluit uitvoer van waren (Stb. 1993, 314)

– Besluit thee (Stb. 1993, 470)

– Besluit koffie en cichorei (Stb. 1993, 471)

– Besluit voedingswaarde informatie levensmiddelen (Stb. 1993, 483)

– Besluit algemene productveiligheid (Stb. 1993, 499)

– Besluit invoer levensmiddelen uit derde landen (Stb. 1993, 698)

– Besluit producten visserij (Stb. 1994, 46)

– Besluit algemene chemische productveiligheid (Stb. 1994, 105)

– Besluit veilige verpakking van huishoudchemicaliën (Stb. 1994, 106)

– Besluit asbest (Stb. 1994, 674)

– Besluit zuivel (Stb. 1994, 813)

– Besluit gezondheidscontroles levensmiddelen van dierlijke oorsprong (Stb. 1994, 872)

– Besluit etikettering schoeisel (Stb. 1995, 324)

– Besluit motor- en bromfietshelmen (Stb. 1995, 424)

– Besluit cosmetische producten (Stb. 1995, 519)

– Besluit deponering informatie preparaten (Stb. 1996, 38)

– Besluit puddingpoeders (Stb. 1996, 48)

– Besluit soep, vleesextract en bouillon (Stb. 1996, 118)

– Besluit houdende regels inzake de veiligheid van verpakkingen onder druk (Stb. 1996, 251)

– Besluit toevoeging microvoedingsstoffen aan levensmiddelen (Stb. 1996, 311)

Warenwetbesluit drukapparatuur (Stb.1999, 311)

Warenwetbesluit containers (Stb.1983, 177)

Warenwetbesluit liften (Stb.1996, 444)

Waardering: B 1

Handeling: Het – eventueel in overeenstemming met andere ministers – aanwijzen van toezichthoudende diensten/personen en stellen van nadere regels inzake (de werkwijze van) deze diensten en personen.

Periode: 1945–

Grondslag: Warenwet, art. 18 (Stb. 1935, 793, zoals gewijzigd bij Stb. 1988, 358 en Stb. 1994, 573)

Product:

– Regeling monsterneming (Stcrt. 1921, 87)

– Beschikking van 29 juli 1926 (Stcrt. 1926, 216)

– Besluit uitvoering artikelen 2 en 33 der Warenwet (Stcrt. 1936, 18)

– Vaststelling vergoeding aan gemeenten van kosten voor inning van Waren-wetrecht (Stcrt. 1974, 96)

– Instelling Rijkskeuringsdienst van Waren (Stcrt. 1985, 251)

– Besluit gebiedsindeling Keuringsdiensten van Waren (Stcrt. 1986, 251/Stcrt. 1989, 114)

– Regeling specialisatie Rijkskeuringsdienst van Waren (Stcrt. 1989, 9)

– Regeling monsterneming (Stcrt. 1989, 89)

– Regeling van specialisatie Rijkskeuringsdiensten (Stcrt. 1989, 179)

– Beschikking aanwijzing nieuwe deskundigen (Stcrt. 1990, 64)

– Regeling aanwijzing toezichthoudende ambtenaren Warenwet en Vleeskeuringswet (Stcrt.1990, 180)

– Besluit aanwijzing toezichthoudende ambtenaren Warenwet en Destructiewet (Stcrt. 1990, 180)

– Regeling houdende vaststelling warenwetregeling monsterneming (Stcrt. 1992, 86)

– Regeling houdende aanwijzing controlerend orgaan naleving Warenwetbesluit benzine (Stcrt. 1992, 128)

– Beschikking houdende aanwijzing toezichthoudende ambtenaren artikel 25 Warenwet (Stcrt. 1994, 46)

– Regeling gezondheidscontroles van dierlijke oorsprong (derde landen)/(Stcrt. 1994, 245)

– Regeling gezondheidscontroles van dierlijke oorsprong (intraverkeer)/(Stcrt. 1994, 245)

Opmerking: Deel van deze handeling maakt uit het: het regelen van de taakverdeling van de ambtenaren die toezicht houden op de naleving van de Warenwet, art. 2, lid 1, sub. 1 (Stb. 1935, 793).

Waardering: B 4

Handeling: Het goedkeuren van door bedrijfsorganisaties opgestelde verordeningen en daarop gebaseerde besluiten en andere voorschriften voor zover deze betrekking hebben op waren.

Periode: 1965–

Grondslag: Warenwet, art. 22 lid 1 (Stb. 1965, 368, zoals gewijzigd bij Stb. 1994, 573)

Waardering: V, 5 jaar na intrekken verordening

Handeling: Het – in overeenstemming met de ministers die het mede aangaat – voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van AMvB’s betreffende vlees en vleeswaren voor zover deze voortkomen uit de Vleeskeuringswet

Periode: 1945–

Grondslag: Vleeskeuringswet, art. 1 lid 2, art. 2 lid 2, art. 5 lid 2, art. 18, lid 1–3 art. 19 en 19 onder a, art. 20 lid 2, art. 25, art. 27 lid 2, art. 28, art. 30, art. 30a, c –d (Stb. 1919, 524)

Product:

– Besluit uitvoering artikel 18 en 25 Vleeskeuringswet (Stb. 1920, 285)

– Besluit opleiding keurmeester vee en vlees (Stb. 1920, 314)

– Besluit betreffende het verlenen van rentedragende voorschotten aan gemeenten (Stb. 1921, 637)

– Besluit tot uitvoering van artikel 19 (Stb. 1921, 754)

– Besluit algemene voorwaarden gesteld bij de invoer van vlees (Stb. 1922, 225)

– Besluit tot uitvoering van artikel 2, lid 2, onder a (Stb. 1922, 379)

– Besluit algemene voorwaarden gesteld bij de invoer van vleeswaren (Stb. 1922, 395)

– Besluit voorschriften voor het verwerken van vlees tot vleeswaren (Stb. 1924, 448)

– Besluit eisen (Stb. 1926, 233)

– Besluit tot vernietiging raadsbesluit benoeming van W. Graafsma tot hoofd van de vleeskeuringsdienst (Stb. 1955, 79)

– Besluit vleeskeuring (Stb. 1957, 29)

– Besluit wat niet onder vleeswaren moet worden verstaan (Stb. 1957, 513)

– Besluit tot uitvoering van artikel 2, lid 2, van de Vleeskeuringswet (Stb. 1958, 92)

– Besluit eisen (Stb. 1960, 71)

– Besluit invoer vlees uit het buitenland (Stb. 1965, 345)

– Besluit toepassing op buffels en rendieren (Stb. 1974, 423)

– Besluit aanwijzing ambtenaren belast met keuring (Stb. 1976, 330)

– Besluit vergoeding kosten vleeskeuringdiensten (Stb. 1979, 629)

– Besluit voorwaarden voor vlees verzonden uit andere landen dan de lidstaten van de Europese Gemeenschap (Stb. 1985, 174);

– Besluit invoer van vleesproducten en vleesbereiding uit andere lidstaten van de EEG (Stb. 1985, 175)

– Besluit bijzondere slachtplaatsen (Stb. 1985, 421)

– Besluit invoer van vleesproducten uit derde landen (Stb. 1991, 557)

– Besluit betreffende de productie van en de handel in vleesproducten (Stb. 1994, 11)

– Besluit betreffende de productie van en de handel in vers vlees (Stb. 1994, 12)

– Besluit productie en handel vlees van vrij wild (Stb. 1994, 563)

– Besluit aanwijzing ambtenaren als bedoeld in artikel 27, lid 1 van de Vleeskeuringswet (Stb. 1995, 551)

Waardering: B 1

Handeling: Het – in overeenstemming met de ministers die het mede aangaat – vaststellen wijzigen en intrekken van ministeriële regelingen inzake de veiligheid van vlees en vleeswaren ter bescherming van de volksgezondheid.

Periode: 1945–

Grondslag: Zie AMvB’s VleeskeuringswetBijlage I van het RIO.

Product:

– Voorwaarden bij de overbrenging van ingevoerd nog te keuren vlees naar een eerste kantoor (Stcrt. 1922, 103)

– Voorschriften omtrent verpakking, bewaring, vervoer en merking van door afkoeling verduurzaamd vlees (Stcrt. 1922, 104)

– Beschikking vaststelling van stempelwerk voor niet door afkoeling verduurzaamd vlees (Stcrt. 1922, 136)

– Beschikking betreffende de invoer van monsters vleeswaren (Stcrt. 1929, 143)

– Beschikking betreffende de keuring van per post ingevoerde vleeswaren (Stcrt. 1930, 2)

– Beschikking ontheffing van het verbod van invoer van darmen bestemd voor uitvoer (Stcrt. 1947, 66)

– Beschikking aanwijzing van inrichtingen, waarvan het diploma wordt geëist voor toelating tot een cursus voor opleiding tot keurmeester van vee en vlees (Stcrt. 1949, 64)

– Beschikking invoer van afgekeurde levers voor farmaceutische doeleinden (Stcrt. 1949, 85)

– Beschikking vaststelling van een leerplan (Stcrt. 1952, 18)

– Besluit aanwijzing ambtenaren belast met de keuring (Stcrt. 1952, 218)

– Beschikking van 10 december 1954, nr. 18395 (Stcrt. 1954, 242)

– Regeling onderzoeksregulatief (Stcrt. 1957, 23, 55)

– Besluit vaststelling van de vergoeding voor de kosten der keuring in het algemene (Stcrt. 1957, 34)

– Beschikking (Stcrt. 1957, 105)

– Vaststelling vergoeding voor de kosten der kosten der keuring in het algemeen (Stcrt. 1957, 164)

– Besluit houdend vaststelling van het rijksinvoerkeurloon van vlees (Stcrt. 1957, 164)

– Besluit inzake regelen voor de keuring van gesmolten vetten, afkomstig van slachtdieren (Stcrt. 1957, 167)

– Beschikking merken (Stcrt. 1957, 222)

– Regeling voorschriften inzake elektrische bedwelming van slachtdieren (Stcrt. 1957, 253)

– Voorschriften keuring toestellen en installaties met wisselstroom van 50 Hertz en aanwijzing van deskundige bureaus voor controle van installaties (Stcrt. 1958, 33)

– Voorschriften voor het vervoer, de aflevering en de behandeling van voorwaardelijk goedgekeurd vlees (Stcrt. 1958, 5)

– Voorschriften ten aanzien van slachtdieren en vlees (Stcrt. 1958, 19)

– Beschikking slachtdieren en vlees bestemd voor wetenschappelijk onderzoek (Stcrt. 1958, 19)

– Regeling andere bouwtechnische eisen (Stcrt. 1960, 154)

– Nadere voorschriften ten aanzien van hetgeen in vleeswinkels aanwezig mag zijn (Stcrt. 1961, 155)

– Regeling nadere voorschriften ten aanzien van het vervoer van vlees (Stcrt. 1961, 121);

– Regeling verkoop van uit het buitenland ingevoerd geslacht pluimvee in vleeswinkels (Stcrt.1962, 226)

– Beschikking merking van vleeswaren bij invoer uit het buitenland (Stcrt. 1964, 25)

– Voorwaarden bij overbrenging van uit lidstaten van de EEG ingevoerde vlees naar een eerste kantoor (Stcrt.1966, 210)

– Nadere voorschriften voor de invoer van vlees uit de lidstaten van de EEG (Stcrt. 1966, 226)

– Besluit houdende vaststelling van rijksinvoerkeurloon voor vlees (Stcrt. 1966, 226)

– Bijzondere voorwaarden bij overbrenging van ingevoerd nog te keuren vlees en vleeswaren naar een eerste kantoor (Stcrt. 1968, 82)

– Besluit houdende vaststelling van het rijksinvoerkeurloon voor vlees en vleeswaren (Stcrt. 1968, 47)

– Rijksinvoerkeurloon voor bevroren darmen, organen voor bereiding van farmaceutische producten en vleeswaren (Stcrt. 1968, 47)

– Beschikking invoer van ortherapeutische doeleinden bestemde organen of delen van slachtdieren uit België of Luxemburg (Stcrt. 1970, 85)

– Regeling vaststelling van de keuringsstaten (Stcrt. 1972, 244)

– Aanwijzing gedroogde bloedcellen als verduurzaamd vlees (Stcrt. 1976, 74)

– Invoer organen bestemd voor de bereiding van orgaanpreparaten (Stcrt. 1976, 95)

– Regeling nadere bouwtechnische voorschriften op grond van het Eisenbesluit (Stcrt. 1977, 25)

– Regeling bekleding van wanden (Stcrt. 1977, 28)

– Regeling nadere voorschriften t.a.v. luchtoverdruk en luchtcirculatie als bedoeld in artikel 1 van het Eisenbesluit (Stcrt. 1977, 28)

– Regeling keuringsregulatief (Stcrt. 1978, 201)

– Regeling vaststelling modellen (Stcrt. 1979, 251)

– Invoer vlees (art. 4 van het KB. Stb. 225/1922) (Stb. 1980, 222)

– Invoer van vlees uit andere landen dan de lidstaten van de Europese Gemeenschap (Stcrt. 1981, 137, 189)

– Regeling eisen verpakking voorverpakt vlees (Stcrt. 1981, 155)

– Regeling aanwijzing gemeenten waarheen voorwaardelijk goedgekeurd vlees mag worden vervoerd (Stcrt. 1981, 198)

– Regeling invoer- en afleveringsverbod stoffen met hormonale en thyreostatische werking (Stcrt. 1981, 221)

– Regeling aanwijzing ambtenaren (Stcrt. 1984, 124)

– Besluit aanwijzing ambtenaren (Stcrt. 1984, 125)

– Invoer vleesproducten uit lidstaten van de EG (Stcrt. 1985, 116)

– Besluit verbod stoffen, niet eigen aan vlees, in te voeren stoffen (Stcrt. 1986, 159)

– Aanwijzing eerste kantoor voor keuring van vlees en/of vleeswaren, gesmolten vetten afkomstig van slachtdieren, gedroogd vlees, bloedplasmapoeder en gedroogde bloedcellen en aanwijzing percelen van keuring (Stcrt. 1986, 177)

– Regeling opslag en vervoer voorwaardelijk goedgekeurd vlees (Stcrt. 1987, 31, 90, 147)

– Regeling vlees goedgekeurd onder voorwaarde van sterilisatie (Stcrt. 1987, 79)

– Regeling gezondheidsverklaring voor personen werkzaam in de vleesindustrie (Stcrt. 1987, 198)

– Besluit tarieven vlees en vleesproducten (Stcrt. 1993, 99)

– Regeling invoer van vleeswaren uit lidstaten en derde landen (Stcrt. 1993, 121)

– Regeling aanwijzing personen die kunnen worden belast met de controle van veterinaire documenten voor vlees en vleesproducten verzonden uit derde landen (Stcrt. 1993, 76)

– Besluit aanwijzing autoriteit belast met het in kennis stellen van de Europese Commissie van onregelmatigheden bij de invoer uit derde landen van vlees en vleesproducten (Stcrt. 1993, 80)

– Regeling kalverlebmagen afkomstig uit andere lidstaten van de EG en uit derde landen bestemd voor de bereiding van stremsel (Stcrt. 1993, 81)

– Regeling identificatie en registratie slachtdieren (Stcrt. 1993, 87)

– Regeling nadere voorwaarden voor vlees uit lidstaten van de EG (Stcrt. 1993, 146)

– Regeling nadere voorwaarden voor vleesproducten en vleesbereidingen verzonden uit lidstaten van de EG (Stcrt. 1993, 146)

– Regeling vlees uit andere lidstaten van de EG en uit derde landen, bestemd voor ander gebruik dan menselijke consumptie (Stcrt. 1993, 183)

– Beschikking merken 1994 (Stcrt. 1994, 10)

– Besluit toepassing productie en in handel brengen vers vlees (Stcrt. 1994, 10)

– Regeling aanwijzing inspectieposten aan de grens (Stcrt. 1994, 23)

– Regeling vervoer niet volledig gekoeld varkensvlees (Stcrt. 1994, 39)

– Regeling voorwaarden waaronder wordt verstaan dat rund- en varkensvlees wordt uitgesneden (Stcrt.1994, 39)

– Regeling inzake de invoer van vlees, bestemd voor ander gebruik dan menselijke consumptie (Stcrt. 1994, 127)

– Regeling houdende vaststelling formulier speciale noodslachtingen (Stcrt. 1994, 200)

– Regeling nadere voorwaarden voor vlees uit andere lidstaten (Stcrt. 1994, 209)

– Regeling aanwijzing van bedrijven voor het verwerken, het opslaan, het drogen of het sorteren van vlees niet bestemd voor menselijk consumptie (Stcrt. 1994, 231)

– Regeling invoer vlees bestemd voor ander gebruik dan menselijke consumptie (Stcrt. 1994, 239)

– Regeling nadere voorwaarden inzake vlees uit andere lidstaten (Stcrt. 1995, 77)

– Regeling nadere voorwaarden inzake vleesproducten, vleesbereiding en bepaalde andere producten van dierlijke oorsprong uit andere lidstaten (Stcrt. 1995, 77)

Opmerking: Deel van deze handeling maakt uit:

– het aanwijzen van onderscheidings- en herkenningstekens voor daarbij aangewezen categorieën van ter slachting aangeboden slachtdieren. (Vleeskeuringbesluit, art. 17a, lid 1 (Stb. 1957, 29), Besluit betreffende de productie van ven de handel in vers vlees, art. 10, lid 4 (Stb. 1994, 12));

– het stellen van nadere regels met betrekking tot kennisgevingen inzake vlees en vleeswaren;

– het aanwijzen van eerste kantoren, inspectieposten en douane entreedepot alwaar de Rijkskeurmeester (eventueel) vlees controleert.

Waardering: B 1

Handeling: Het – in overeenstemming met de ministers die het mede aangaat – al dan niet verlenen en intrekken van vergunningen voor het inwerking hebben en uitbreiden van een verwerkingsbedrijf voor destructiemateriaal.

Periode: 1957–

Grondslag: Destructiewet, art. 5 lid 1–4, art. 6, art. 8 lid 1 (Stb. 1957, 84); Destructiewet, art. 5a 1–2, art. 7, art. 13 lid 1 onder b (Stb. 1979, 443); Destructiebesluit 1996, art. 13 lid 3 (Stb. 1996, 126)

Product: o.a. Besluit van 29 juli 1972, houdende de beslissing waarbij een vergunning als bedoeld in artikel 5 van de Destructiewet is geweigerd (Stb. 1972, 435).

Opmerking: Deel uit van deze handeling maakt uit:

– het verlenen van een vergunning voor de opslag en voorbewerking van risicomateriaal;

– het voor vervallen verklaren van een vergunning.

Waardering: V, 5 jaar na intrekken vergunning

Actor: de Minister-president

Handeling: Het – ten tijde van bijzondere omstandigheden – bij KB inwerking stellen van artikel 2a van de Warenwet inzake het aanwijzen van gebieden waar de Warenwet niet van toepassing is op voor militair gebruik bestemde waren.

Periode: 1996–

Grondslag: Warenwet, art. 2 en 2a (Stb. 1996, 366)

Waardering: B 6

Actor: de officier van justitie

Handeling: Het geven van goedkeuring tot het in beslag nemen en onbruikbaar maken/teruggeven van vlees door een toezichthouder.

Periode: 1945–

Grondslag: Vleeskeuringswet, art. 17 lid 2–4 (Stb. 1919, 524)

Opmerking: Handelingen inzake strafrechtelijke vervolging komen in een apart RIO te staan.

Waardering: V, 10 jaar na afloop zaak

Actor: het College van Beroep voor het bedrijfsleven

Handeling: Het beslissen op een beroep – aangespannen door een bedrijf – tegen een door een productschap op grond van de Warenwet genomen besluit.

Periode: 1992–

Grondslag: Wet van 4 juni houdende aanpassing van een aantal wetten aan de eerste tranche van de Algemene Wet bestuursrecht (Stb. 1993, 650)

Waardering: B 5

Actor: het Centraal Orgaan voor Zuivelcontrole (COZ)

Handeling: het door middel van het uitoefenen van toezicht en keuring bevorderen van een goede hoedanigheid, sortering, verzorging, verpakking, vorm, afwerking of aanduiding van melk en melk- en zuivelproducten.

Periode: 1975–1994

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet, art. 8 (Stb.1971, 371)

Opmerking: in deze wet is het COZ niet met name genoemd.

Waardering: V, 10 jaar

Actor: het Centraal Orgaan Melkhygiene (COM)

Handeling: Het bevorderen van de goede kwaliteit van melk, betrokken van veehouders, vooral door het coördineren van de werkzaamheden van de ROM’s.

Periode: 1945–1994

Grondslag: tot 1958 privaatrechtelijk o.b.v. contracten en vanaf 1958 op basis van de Zuivelverordening 1958 m.b.t. levering van melk door veehouders aan fabrieken (verordening van het Productschap Zuivel)

Waardering: V, 10 jaar

Actor: de Stichting Centraal Orgaan voor Kwaliteitsaangelegenheden in de Zuivel (COKZ)

Handeling: het bevorderen van de afzet d.m.v. het handhaven van de door de overheid in artikel 2 van de Landbouwkwaliteitswet gestelde regelen.

Periode: 1992–

Grondslag: Goedkeuring statuten Stichting COKZ, art. 3 (Stcrt.1992, 63)

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het verlenen, wijzigen, schorsen of intrekken van vergunningen/toelatingen/erkenningen inzake het bereiden, vervaardigen, behandelen, bewerken, verwerken, verpakken, bewaren of vervoeren van waren behorend tot een bij AMvBaangewezen categorie.

Periode: 1945–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet, art. 3 (Stb.1971, 371), Landbouwkwaliteitsbesluit rauwe melk en zuivelbereiding, art. 7b (Stb.1994, 63)

Opmerking: COKZ is bij of krachtens de Landbouwkwaliteitswet (Landbouwkwaliteitsbesluit rauwe melk en zuivelbereiding) belast met het toezicht op het gestelde in de Richtlijn 92/46/EEG bij de aangeslotenen van het COKZ, althans voorzover deze richtlijn in Nederland is geïmplementeerd. In dat kader draagt COKZ zorg voor het erkennen van de zuivelinrichtingen. Bij niet-aangesloten zuivelinrichtingen heeft het COKZ deze bevoegdheid op basis van een mandaat van het ministerie van VWS, derhalve niet op basis van de Warenwet.

Waardering: B 5

Handeling: Het verlenen, wijzigen of intrekken van ontheffingen inzake regels welke zijn gesteld op grond van de Landbouwkwaliteitswet.

Periode: 1945–

Grondslag: Landbouwkwaliteitswet, art. 3 (Stb.1971, 371)

Waardering: V, 5 jaar na afloop ontheffing

Actor: het Productschap pluimvee en eieren

Handeling: Het opstellen van verordeningen en daarop gebaseerde besluiten en andere voorschriften op het beleidsterrein voedings- en productveiligheid.

Periode: 1965–

Grondslag: Warenwet, art. 22 lid 1 (Stb. 1965, 368, zoals gewijzigd bijStb. 1994, 573)

Opmerking: Eventueel kunnen andere productschappen bij deze handeling betrokken zijn.

Waardering: B 1

Concordantie BSD – RIO

Opmerking vooraf: bij een aantal handelingen wordt verwezen naar de eigen selectielijst van de Voedsel- en Warenautoriteit (VWA). De actoren uit het RIO Voedings- en productveiligheid waarvan de handelingen in het BSD van de VWA zullen worden opgenomen zijn:

Bijlage: Aangewezen en aangemelde (keurings-)instanties1VWA-informatieblad 59/7 oktober 2005

Inleiding

Op veel gebieden zijn in Nederland certificatie-instellingen actief. Deze instellingen geven kwaliteitsverklaringen af in de vorm van keurmerken. Dit kunnen private keurmerken zijn, of verklaringen met een publiek karakter. Private keurmerken zijn het initiatief van certificatie-instellingen, branche organisaties of belangen organisaties. De keuringen met een publiek karakter gaan uit van de overheid of worden namens de overheid uitgevoerd. Voor deze keuringen worden keuringsinstanties door de overheid aangewezen.

Daarnaast zijn er instanties waarvan de certificaten zijn gelijkgesteld.

In deze bijlage wordt een en ander toegelicht en wordt weergegeven welke instanties zijn aangewezen of van welke instanties certificaten zijn gelijkgesteld.

De Voedsel en Waren Autoriteit houdt een overzicht van aangewezen instanties bij.

Aangewezen, aangemeld, gelijkgesteld

Aangewezen instellingen (bekend onder de vroegere aanduiding aangewezen keuringsinstanties) zijn certificatie-instellingen die zijn aangewezen op basis van Nederlandse wetgeving, die niet is gebaseerd op Europese richtlijnen. In dit kader is dat het Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen van 1 september 2003.

Aangemelde instanties (in het internationale spraakgebruik Notified Bodies) worden aangewezen op basis van Europese richtlijnen die zijn geïmplementeerd in de Nederlandse wetgeving. Het verschil is dat deze instellingen niet alleen worden aangewezen, maar ook worden genotificeerd bij de EU in Brussel. De keuringen van Notified Bodies worden in principe in alle EU landen geaccepteerd.

De productveiligheidsregelingen waaraan Europese richtlijnen ten grondslag liggen en op basis waarvan de minister van VWS Notified Bodies heeft aangewezen, zijn de volgende:

De aanwijzing vindt plaats door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Ook voor andere Europese richtlijnen dan de bovengenoemde zijn er Notified Bodies aangewezen, maar voor die richtlijnen zijn veelal andere Ministeries dan het Ministerie van VWS verantwoordelijk. Een voorbeeld is de Europese richtlijn voor liften, waarvoor het Ministerie van Sociale zaken en Werkgelegenheid Notified Bodies heeft aangewezen.

Gelijkgestelde certificaten worden afgegeven door certificatie-instellingen in het buitenland. Deze Regeling is tot stand gekomen om handelsbelemmering te voorkomen en is ingesteld ten tijde van de publicatie van het Besluit Veiligheid Attractie- en Speeltoestellen (BVAS) in 1997, wat inmiddels is vervangen door het warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen(WAS). Omdat dit nationale wetgeving is, zou dit een mogelijke handelsbelemmering kunnen opwerpen in het verenigde Europa.

De gelijkstelling houdt in dat alle toestellen met een geldig certificaat van een instelling, waarvan de certificaten zijn gelijkgesteld (en waar nodig een merk van goedkeuring), vermoed worden te voldoen aan de voorschriften van het Warenwetbesluit Attractie- en speelstoestellen.

Tot 1 mei 2005 zijn voor het warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen zijn de volgende instellingen aangewezen voor zowel attracties als speeltoestellen:

Voor alleen speeltoestellen zijn aangewezen:

De volgende instellingen zijn aangewezen als Notified Bodies:

Voor het warenwetbesluit Gastoestellen: Gastec Certification B.V. in Apeldoorn.

Voor het warenwetbesluit Speelgoed: SGS Laboratory Services B.V. in Spijkennisse.

Voor het warenwetbesluit Elektrotechnische Producten:

Voor het warenwetbesluit Persoonlijke beschermingsmiddelen: TNO-Certification B.V. in Apeldoorn.

Van de volgende instituten zijn de certificaten gelijkgesteld. In dit kader betreft het alleen certificaten ten behoeve van het warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen. Ze worden afgegeven door de volgende instituten voor speeltoestellen:

Tot 3 mei 2005 hadden eveneens een zelfde positie:

Certificaten uitgeschreven na de datum van de beschikking tot gelijkstelling en voor 3 maart 2005 blijven geldig gedurende de geldigheidsduur van het certificaat.

Tot 16 juni 2005 hadden eveneens eenzelfde positie:

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende selectielijst en toelichting in de Staatscourant zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)